De stem van de goede Herder…

(…) 3 …De schapen luisteren naar zijn stem, hij roept zijn eigen schapen bij name en leidt ze naar buiten. 4 Wanneer hij al zijn schapen naar buiten gebracht heeft, loopt hij voor ze uit en de schapen volgen hem omdat ze zijn stem kennen. 5 Iemand anders volgen ze niet, ze lopen juist van hem weg omdat ze de stem van een vreemde niet kennen.’ (Uit Johannes 10)

De goede Herder en Zijn schapen

(1) (…) “Het is de bijzondere eigenschap en karaktertrek van een schaapje dat het meer dan een ander dier een zuiver en scherp gehoor heeft. Want al zouden duizend mensen proberen het schaapje te roepen, dan slaat het op de vlucht, alleen als de herder roept, is het zonder vrees, want het kent de stem van de herder uit duizend andere en loopt hem na.

Zo is het ook als er duizend schapen in één kudde bij elkaar zijn, en al de moederschapen blaten, dan kent toch ieder lammetje de stem van zijn eigen moeder, het volgt deze stem, totdat het lammetje het moederschaap weer heeft gevonden – zó precies en scherp kan het horen!

Op deze eigenschap en karaktertrek ziet Christus hier en zegt: ‘Zulke diertjes heb Ik ook, want Ik ben een Herder, en het is ook de eigenschap van Mijn schaapjes dat zij Mijn stem zeer nauwkeurig en precies kennen. Daarom, als ze Mijn stem niet horen, gaan ze niet met iemand anders mee.’

Op deze manier wil Hij ons leren: als wij Zijn schapen willen zijn, dan moeten we ook goede oren hebben, die de stem van Christus van aller andere stemmen kunnen onderscheiden, al klinken ze nog zo helder, zo lieflijk en zo vriendelijk als het maar kan.

Daarom moeten wij hier leren, en ons daarin vlijtig oefenen, dat wij Gods Woord horen en dat alleen voor zeker en gewis houden, opdat wij de ingevingen van de duivel – die de verzoeker is tot alle kwaad en ons probeert te verslinden – geen ruimte geven en ons verder ook voor valse leer behoeden.

Want de wolf heeft zijn streken niet verloren: kan hij u niet door een valse leer laten vallen en gevangen nemen, dan zal hij dat inwendig in het hart doen door het inwerpen van zondige gedachten. In dat geval moet u doen als een schaapje en zeggen: ‘Ik trek mij van deze stem niets aan – het is de stem van de wolf en niet de stem van mijn Herder. De stem van mijn Herder zegt: ‘Ik ben de goede Herder en geef Mijn leven voor Mijn schapen.’”

Maarten Luther: Predigt über Johannis 10: 12-16, 1534, vgl. WA 52, 279, 6 ff. Weergave: Doctor Martin Luther, Lehrreiche und erbauliche Gleichnisse, Erstes Bändchen, Leipzig und Dresden bei Justus Naumann’s Buchhandlung,1863, S.15 / S.16

(1) Op de tweede zondag na Pasen in het jaar 1534 preekte Luther thuis aan tafel uit Johannes 10 vers 12 tot 16 over de goede Herder en Zijn schapen. Uit ons citaat blijkt wel dat Luther weleens een praatje gemaakt heeft met een schaapherder. Hij is tenminste goed op de hoogte van sommige karaktertrekken van schapen. Vooral dat een lammetje in een volle schaapskooi moeiteloos zijn moeder weer terugvindt als het wil drinken, moet Luther met eigen ogen gezien hebben.

Wilt u deze Luthercitaten ter kennismaking doorsturen aan uw vrienden. Er zijn geen kosten aan verbonden. Voor het aanmelden/afmelden van deze wekelijkse citaten kunt u gebruikmaken van dit e-mailadres info@maartenluther.com

Bron afbeelding:  Pinterest

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Israël, Persoonlijk | Plaats een reactie

‘Onderwijs over de goede werken’ – 1519 (VII)

Gij zult geen andere goden voor Mijn aangezicht hebben.
(Uit Exodus 20)

Het werk van het eerste gebod (I)

Dit nu is het werk van het eerste gebod, dat gebiedt: “Gij zult geen andere goden hebben.” Het betekent: “Aangezien ik alleen God ben, zult u al uw geloof, vertrouwen en hoop in Mij alleen stellen, en in geen enkel opzicht in iemand anders.” Want je hebt geen God wanneer je hem enkel met je lippen God noemt of Hem slechts aanbidt met uiterlijk vertoon van knielen of met ander lichamelijke vertoon en misbaar.

Alleen dan heb je een God wanneer je Hem vertrouwt met heel je hart en naar Hem opziet voor alle goeds, genade en gunst, hetzij in werken of lijden, in leven of dood, in vreugde of verdriet. Zoals de Heer Jezus Christus tegen de heidense vrouw zei: ‘Ik zeg u: wie God wil aanbidden, moet hem aanbidden in geest en waarheid‘ (Johannes 4 : 24). En dit geloof, dit vertrouwen, deze hoop uit het diepst van ons hart is de ware vervulling van het eerste gebod.

Zonder genoemd Godsvertrouwen kan geen enkel werk aan dit gebod voldoen. En omdat dit gebod het allereerste van alle geboden is en het hoogste en het beste, waar alle andere werken uit voortkomen, waarin zij bestaan ​​en waardoor zij worden geoordeeld en beoordeeld, dus haar werk – dat is: het geloof of vertrouwen dat God te allen tijde genadig is – is het allereerste, hoogste en beste werk waaruit alle andere werken moeten voortkomen, waarbinnen zij hun bestaansrecht vinden, en waardoor zij moeten worden geoordeeld en beoordeeld.

Vergeleken met het werk van het eerste gebod: alle andere goede werken zouden zijn zoals alle andere geboden zouden zijn wanneer ze zonder de eerste waren alsof er geen (enig) God is.”

Maarten Luther:  Dr. Martin Luthers Werke (Weimarer Ausgabe) WA 6, S.209 / 210 (gebruikte vertaling: Luthers Works, American Edition, deel 44, blz. 30)

NB. Deze Luther-quote is een vertaling van de eerder in de Engelse taal gepubliceerde versie.

Bron tekst: If you would like to have these Luther Quotes sent to family or friends you can send (with their permission) the email address to: info@martinluther-quotes.com
Or, you can use the web-form located on the homepage of the website www.maartenluther.com. There you can find both options to subscribe and unsubscribe from our weekly quotes. The emails are free of charge and you are not asked for donations.

(…) 2 Ik zeg – tot de HEER: ‘U bent mijn Heer,
mijn geluk, niemand gaat U te boven.’
3 Maar tot de ​goden​ in dit land,
de machten die ik vereerd heb, zeg ik:
4 ‘Wie u volgt, wacht veel verdriet.’
Ik pleng voor hen geen ​bloed​ meer,
niet langer ligt hun naam op mijn lippen.
(Uit Psalm 16)

Bron afbeelding:  Zie Afbeelding

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Israël, Persoonlijk | Plaats een reactie

Zonde…

(…) 5 Mijn schuld steekt hoog boven mij uit,
als een zware last, te zwaar om te dragen.
6 Mijn wonden zweren en stinken
vanwege mijn lichtzinnig leven…
(Uit Psalm 38)

Let goed op! Dit is de eerste kleur waarmee je de zonde moet schilderen: in het begin schijnt het een makkelijk, eenvoudig en ongevaarlijk ding te zijn. Daarbij maak je je ook geen zorgen over de toorn van God – je vreest voor geen kwaad! Het schijnt dan geen zware last te zijn, maar de zonde is zo licht als een veertje, zodat je die zonder moeite met de adem van je mond meent weg te kunnen blazen.

Daarom, als de zonde je eerst aanpakt, dan vrees je er niet voor, ja, de zonde wordt je lust en je leven, je denkt dat er geen beter ding bestaat, dan naar hartenlust zondigen.

Echter de zonde blijft niet slapen, en wanneer ze wakker wordt, gaat ze een ondragelijke last worden, een last die zó zwaar is dat het onmogelijk voor je is om die te dragen – tenzij dan dat God je daarin op een bijzondere manier bijstaat!

Waar dat gebeurt, dat de zonde in het geweten niet ophoudt met preken, daar hoef je niet lang op de duivel te wachten, die pookt en blaast in het vuur, zodat alles in lichterlaaie gaat en het totaal onmogelijk schijnt om ooit nog gered te worden.

De zonde heeft het karakter dat zij vriendelijk en zacht met de oude-Adam omgaat, daardoor komt het dat de zonde je zo lief en dierbaar is! Het duurt echter niet langer dan dat de zonde levend wordt. Daar begint dan de moeite, de arbeid, de angst, de nood, de schrik, het zuchten, de vertwijfeling en tenslotte de eeuwige dood.”

Maarten Luther:  Predigt über Matth. 27:1-10, ohne Datierung, vgl. WA 52, 772, 27 ff. (Selektion). Weergave: Doctor Martin Luthers Glaubenslehre, Zweites Buch, Leipzig und Dresden bei Justus Naumann’s Buchhandlung,1863, S.160 / S.161

Bron tekst: Wilt u deze Luthercitaten ter kennismaking doorsturen aan uw vrienden. Er zijn geen kosten aan verbonden. Voor het aanmelden/afmelden van deze wekelijkse citaten kunt u gebruikmaken van dit e-mailadres info@maartenluther.com

(…) 6 Ontzagwekkend is Uw antwoord,
U doet recht en redt ons, God
(Uit Psalm 65)

Bron afbeelding:  Bible Verses

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Persoonlijk | Plaats een reactie

De sabbat als instelling voor christenen…

(…) 24 En laten wij op elkander acht geven om elkaar aan te vuren tot ​liefde​
en goede werken.  (Uit Hebreeën 10)

Gij zult de rustdag heiligen

(1) Met de naam ‘rustdag’ hebben wij die dag genoemd naar het Hebreeuwse woordje sabbat, dat eigenlijk ‘rusten’ betekent, dat is het werk laten rusten. Daarom zijn wij gewend te zeggen ‘het werk neerleggen’ of ‘een vrije avond hebben’.

Nu heeft God in het Oude Testament de zevende dag afgezonderd (geheiligd) en ingesteld om te rusten en Hij heeft geboden deze dag boven alle andere heilig te houden (vgl. Genesis 2 : 3). Wat het uitwendige betreft, is dit gebod alleen aan de Joden [Israël] gegeven, zodat zij met hun gewone werk mochten ophouden en rusten, waardoor zowel mens als beest op verhaal kwam en niet door voortdurende arbeid verzwakt zou worden (vgl. Exodus 23 : 12).

Zij hebben het echter later te nauw begrensd en op grove manier misbruikt, zo zelfs dat zij Christus om Zijn goede werken lasterden en deze werken niet van Hem konden verdragen, terwijl zij die zelf op de sabbat toch ook deden, zoals men in het Evangelie kan lezen (vgl. Mattheüs 12 : 1-13). Net alsof het gebod daarmee vervuld zou zijn, wanneer men in het geheel geen uiterlijk werk deed, wat toch niet de bedoeling was.

Daarom gaat dit gebod volgens de uitwendige betekenis ons christenen niets aan. Want het is slechts een ‘uiterlijk doen’ van het gebod, zoals andere instellingen van het Oude Testament aan bepaalde gewoonten, personen, tijden en plaatsen zijn gebonden waarvan wij nu door Christus zijn vrijgesteld (vgl. Kolossenzen 2 : 16-17).

Maar om een christelijke uitleg te geven voor de eenvoudige mensen over wat God in dit gebod van ons eist, moet men opmerken dat wij rustdagen niet zozeer voor de kundige en geleerde christenen houden, want zij hebben deze uitwendige rust nergens voor nodig, maar vooral ook om lichamelijke redenen en omdat het noodzakelijk is voor de werkende stand. Want de natuur leert en eist voor de gewone mensen en knechten en dienstmeiden die de hele week hun werk en ambacht met hard werken verricht hebben, dat ook zij een keer het werk mogen neerleggen om te rusten en bij te komen.

Hiermee is echter niet alles gezegd! Allermeest is de rustdag ingesteld om op deze dag – want anders kan men er niet toe komen – gelegenheid en tijd te hebben om de kerkdiensten bij te wonen. Met andere woorden: dat dan iedereen samenkomt om Gods Woord te horen en daarover te handelen en bovendien God te loven, te zingen en te bidden.

(1) Grote Catechismus, 1529
Maarten Luther: Deudsch Katechismus (Der Große Katechismus), 1529, vgl. WA 30.1,143,15-144,16

(…) 25 Wij moeten onze eigen bijeenkomst niet verzuimen, zoals sommigen dat gewoon zijn, maar elkander aansporen, en dat des te meer, naarmate gij de dag ziet naderen. (Uit Hebreeën 10)

Bron tekst: “Mijn enige troost – 365 dagen met de Heidelberger – Maarten Luther”  – “Zondag 38 – ‘Vierde gebod: Gij zult de rustdag heiligen‘) samengesteld door H.C. van Woerden, Den Hertog uitgeverij.

Bron afbeelding:  real as the street.org

Hebreeën 10 24-25 - Let us not forsake - RealAsTheStreetorg

Geplaatst in Bijbel, Catechismus, Gemeente, Geschiedenis, Israël, Politiek | Plaats een reactie

Een lichaam heeft maar één hoofd…

(…) 31 Daarom zal een man zijn vader en moeder verlaten en zich aan zijn vrouw hechten, en die twee zullen tot één vlees zijn. 32 Dit geheimenis is groot; maar ik spreek met het oog op ​Christus​ en de ​gemeente. (Uit Efeziërs 5)

Zondag 19 HC – Waarom wordt daarbij gezet: Zittende ter rechterhand Gods?

De ware kerk of geestelijke christenheid mag en kan hier op aarde geen hoofd hebben en kan door niemand op aarde, ook niet door een bisschop of paus, geregeerd worden. Alleen Christus in de hemel is het Hoofd van de kerk en alleen Christus regeert haar. (1)

Dat bewijst zichzelf in de eerste plaats zo: hoe kan iemand hier een mens regeren die hij niet weet of kent? Wie kan weten of iemand echt gelooft of niet? Ja, als het gezag van de paus zich zover zou uitstrekken, dan zou hij het geloof van de christenen kunnen nemen, regeren, vermeerderen, veranderen zoals hijzelf wilde – echter alleen Christus kan dat.

In de tweede plaats bewijst het zichzelf uit de eigenschap en de natuur van het hoofd. Want een met het lichaam verbonden hoofd heeft de eigenschap dat het de ledematen regeert, zodat hierdoor bewezen wordt dat alle leven, wil en werk uit het hoofd voortkomt. Wie heeft ooit iemand gezien die levend was met een dood hoofd? Vanuit het hoofd moet het leven komen, daarom is het duidelijk dat de geestelijke christenheid op aarde geen ander hoofd heeft dan alleen Christus. En hoewel iemand zou menen dat dit beeld en gezegde geen steek houdt, dan is het toch gegrond in de Schrift en staat vast en onbeweeglijk.

Paulus zegt dat de christenheid alleen één Hoofd heeft: ‘Laten wij waar worden (dat is, niet uitwendig, maar oprechte, ware christenen zijn) en groeien in alle dingen in Hem, Die het Hoofd is, namelijk Christus. Uit Wie alle leden en het hele lichaam is samengevoegd, en het ene lid van het andere afhankelijk is in alle bewegingen, waardoor het ene het andere dient en helpt – zodat het ene lid voor het andere hoe langer hoe meer toeneemt in de liefde (vgl. Efeze 4 : 15 w).
Hier zegt de apostel duidelijk dat de verbetering en bevordering van de christenheid, die het lichaam van Christus is, alleen komt van Christus, Die haar Hoofd is. Christus is wel Heere over alle dingen, over rechtvaardigen en onrechtvaardigen, over engelen en duivelen, over maagden en hoeren, maar Hij is niet het Hoofd van allen – dat is Hij alleen van rechtvaardige en gelovige christenen. (2)

(1) Luther over het pausdom in Rome, tegen pausgezinden in Leipzig, 1520.

(2) Opmerking AJ: Christus is Hoofd van Zijn gemeente(n), en op die gemeenten en hun leden kan heel wat aan te merken zijn – ze is nog niet ‘zonder vlek of rimpel’, zie de inhoud van diverse brieven en lees bijvoorbeeld ook wat er over en naar een aantal gemeenten opgeschreven moest worden in het Bijbelboek Openbaring.

Maarten Luther: Von dem Papstthiim zu Rom wider den hochberühmten Romanisten zu Leipzig, 15Z0, vgl. WA 6,297.

Bron tekst: “Maarten Luther – Mijn enige troost – 365 dagen met de Heidelbergse Catechismus” samengesteld door H.C. van Woerden, drukwerk Den Hertog uitgeverij.

Bron afbeelding:  Bible Verse of the Day

 

Geplaatst in Bijbel, Catechismus, Gemeente, Geschiedenis, Huwelijk en gezin | Plaats een reactie

Je toevertrouwen aan God… (V)

Verkrijg wijsheid, verkrijg verstand; vergeet niet en wijk niet
van de redenen mijns monds.
(Spreuken 4 : 5)

Bidden en studeren

WIJ MOETEN EERBIEDIG en nederig met de Heilige Schrift omgaan en ze meer door vurige en hartelijke gebeden openen dan door een scherp verstand.

Het is onmogelijk dat die niet zichzelf – en anderen die zij onderwijzen – schade zullen doen, die alleen op hun verstand vertrouwen en met ongewassen voeten – als varkens – op de Heilige Schrift aanvallen, alsof het alleen maar menselijke geleerdheid is. Ze maken helemaal geen onderscheid tussen menselijke en Goddelijke wijsheid en gaan zonder eerbied met haar om.

Daardoor komt het dat zovelen zich spoedig verbeelden leraars te zijn, die gelijk als ze wat van de grammatica geleerd hebben – zonder verder te studeren – zichzelf voor leraars en theologen houden en zeggen: ‘O, de Bijbel is een heel gemakkelijk Boek!’ En wel speciaal doel ik nu op degenen die de varkensdraf gegeten hebben van de sofisten.(1)

Hieronymus klaagt al over leraars die, als de Schrift hen veroordeelt en hen tegen is, deze naar hun eigen believen en eigen zin uitleggen, alsof Gods Woord maar een ‘wassen neus’ is.

Maarten Luther: Die 10 Gebote zu Wittenberg gepredigt, 1518, vgl. WA 1,507,25 – 508,5

(1) Griekse, dat is: heidense, sofisten of filosofen. Ook wel Luthers scheldnaam voor de scholastieke theologen uit de middeleeuwen die door hun filosofische redeneringen de eenvoud van de Schrift uit het oog verloren.

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Persoonlijk | Plaats een reactie

De gerechtigheid van het geloof

(…) ‘door Uw gerechtigheid’ (Uit Psalm 31 : 2)

(1) (…) “Door het geloof in Christus wordt Christus’ gerechtigheid onze gerechtigheid, en worden alle dingen die van Hem zijn, van ons – ja, Hij wordt Zelf van ons! Daarom noemt de apostel deze gerechtigheid ‘de gerechtigheid van God’ als hij zegt: ‘De gerechtigheid van God wordt geopenbaard in het evangelie, zoals geschreven is: de rechtvaardige zal uit het geloof leven’ (vgl. Romeinen 1 : 17; alsook Habakuk 2 : 4 en Hebreeën 10 : 38). Verder zegt hij: ‘Wij komen tot de slotsom dat de mens alleen door het geloof rechtvaardig wordt, zonder de werken der wet’ (vgl. Romeinen 3 : 28).

Dit is de oneindige gerechtigheid, die alle zonden in een oogwenk verzwelgt, want het is onmogelijk dat één zonde in of aan Christus hecht of kleeft. Hij die in Christus gelooft, hecht zich aan Christus, hij is verenigd met Hem – hij heeft één en dezelfde gerechtigheid met Hem! Daarom is het onmogelijk dat de zonde in hem blijft.

En deze gerechtigheid is de eerste, het fundament, de oorzaak, de oorsprong van alle ware gerechtigheid die iemand bezit of doet. Want deze wordt in de plaats gegeven van de oorspronkelijke gerechtigheid van Adam die verloren is gegaan. Zij bewerkt hetzelfde, ja meer dan deze oorspronkelijke gerechtigheid ooit heeft gedaan.

Zo moet ook de uitspraak van Psalm 31 : 2 worden opgevat:HEERE, op U vertrouw ik, laat mij niet beschaamd worden in eeuwigheid – red mij door Uw gerechtigheid.’ Hij zegt niet ‘door mijn gerechtigheid’, maar ‘door Uw gerechtigheid’. Dat wil zeggen: door de gerechtigheid van Christus, mijn God, die door het geloof, door de genade, door de barmhartigheid van God de onze is geworden.

Deze [gerechtigheid van Christus] wordt in het boek Psalmen en op veel meer andere plaatsen genoemd: ‘het werk des Heeren’; ‘de Naam des Heeren’; ‘de kracht of sterkte van God’; ‘de barmhartigheid van God’; ‘de waarheid van God’; ‘de gerechtigheid van God’. Want dit zijn allemaal woorden van het geloof en het vertrouwen in de Heere Christus, ja, meer nog van de gerechtigheid die in Christus is. Daarom durft de apostel te zeggen: ‘Ik leef, doch niet meer ik, maar Christus leeft in mij’ (vgl. Galaten 2 : 20).”

Maarten Luther: Sermo de duplici iustitia (1518/1519). Vgl. WA 2, 146, 8-26. Weergave: Dr. Walch, Sämmtliche Schriften, W(2) 10, S. 1265/1266.

(1) Bij bovenstaand citaat: In maart 1545 geeft Luther, in zijn voorwoord van zijn in het Latijn uitgegeven geschriften, een terugblik op zijn bevrijdende belevenis in het torenkamertje van het Augustijnenklooster te Wittenberg n.a.v. Romeinen 1 vers 17. Luther zegt: “Op dat moment voelde ik mijzelf als geheel en al opnieuw geboren, en door open poorten trad ik het paradijs zelf binnen. Toen kreeg ik ook een geheel ander gezicht op de Bijbel. Ik ging de hele Schrift, voor zover ik die in gedachten kon krijgen, door en vond ook bij andere woorden hetzelfde. Bijvoorbeeld: ‘werk van God’, betekent: dat werk dat God in ons werkt; ‘kracht van God’, – waardoor Hij ons kracht geeft; ‘wijsheid van God’, – waardoor Hij ons wijs maakt. Datzelfde geldt voor: ‘Gods sterkte’; ‘Gods heil’; ‘Gods eer’ enzovoort.” Dat deze zogenoemde ‘Turmerlebnis’ in ieder geval vóór 1518 gedateerd moet worden, blijkt uit het onderstaand preekfragment uit 1518, waarin Luther in zijn ‘Preek over de tweevoudige gerechtigheid’ (uitgave 1519), bijna dezelfde woorden gebruikt rond de tekst uit Romeinen 1 vers 17.

Bron citaat: Wilt u deze Luthercitaten ter kennismaking doorsturen aan uw vrienden. Er zijn geen kosten aan verbonden. Voor het aanmelden/afmelden van deze wekelijkse citaten kunt u gebruikmaken van dit e-mailadres: info@maartenluther.com

Bron afbeelding:  Pinterest

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Persoonlijk | Plaats een reactie

‘Onderwijs over de goede werken’ – 1519 (VI)

Maar de vrucht van de Geest is ​liefde, vreugde en ​vrede, geduld,
vriendelijkheid en goedheid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing.
Er is geen wet die daartegen iets heeft. 
(Galaten 5 : 22-23)

De werkelijk goede werken (V)

(…) ‘Bovenal is dit de hoogste trap van het geloof, wanneer God het geweten niet alleen bestraft met stoffelijk lijden, maar ook met dood én hel én zonde, en daarbij genade en barmhartigheid weigert, alsof hij alleen maar veroordelen wil en zijn woede voor eeuwig laten gelden.

Weinig mensen hebben dit zo ondervonden als David toen hij klaagde in Psalm 6 vers 1: ‘O Heer, straf mij niet in uw woede.‘ Op zulke momenten geloven dat God toch genadig en goedertieren jegens ons is, is het grootste werk dat ooit aan en in een mens kan geschieden, maar hiervan weten de werk-rechtvaardigen en de doeners van goede werken helemaal niets.

Want hoe zouden zij Gods goedheid en genade gelovig kunnen zien en aanvaarden in zulke omstandigheden wanneer zij niet eens zekerheid hebben over de werken die zij doen en daarover in twijfel verkeren en zich daarmee bevinden in de laagste trap van het geloof?!

Zoals ik al zei, heb ik altijd weer het geloof geprezen en alle werken verworpen die zonder een dergelijk geloof zijn gedaan om mensen te leiden van de valse, pretentieuze, schijnheilige goede werken zonder werkelijk geloof, waarmee alle kloosters, kerken en huizen tot de nok toe gevuld zijn, naar de juiste, ware, echte, onvervalste werken van het geloof.

Als ze maar genoeg kunnen bidden, vasten, giften geven, biechten en allerlei andere goede werken doen, dan zal het goed (moeten) zijn, terwijl ze in dit alles geen vertrouwen stellen op Gods genade en in onzekerheid verkeren of zij zich wel voldoende aannemelijk gemaakt hebben voor Hem. (1)

In werkelijkheid zien ze op deze werken en pas wanneer ze naar hun idee – zij zelf of anderen – lang genoeg een groot aantal van dergelijke belangrijke werken gedaan hebben, voelen ze zich gerust.

Maarten Luther: Dr. Martin Luthers Werke (Weimarer Ausgabe) WA 6, S.107 / 108 (gebruikte vertaling: Luthers Works, American Edition, deel 44, blz. 27/28)

(1) Opgemerkt AJ:  En zo hebben de mensen allerlei criteria om bij en voor zichzelf of anderen te bepalen of men zich wel voldoende aannemelijk gemaakt heeft voor God, terwijl Hij van ons (en ook de ander!) toch niet meer vraagt dan geloof alleen.

Zie ook:
– Onderwijs over de goede werken – 1519 (I)
– Onderwijs over de goede werken – 1519 (II)
– Onderwijs over de goede werken – 1519 (III)
– Onderwijs over de goede werken – 1519 (IV)
Onderwijs over de goede werken – 1519 (V)
– Gods geboden in acht nemen…

NB. Deze Luther-quote is een vertaling van de eerder in de Engelse taal gepubliceerde versie.

Bron tekst: If you would like to have these Luther Quotes sent to family or friends you can send (with their permission) the email address to: info@martinluther-quotes.com
Or, you can use the web-form located on the homepage of the website www.maartenluther.com. There you can find both options to subscribe and unsubscribe from our weekly quotes. The emails are free of charge and you are not asked for donations.

(…) 19 Iedereen die Ik liefheb wijs ik terecht en bestraf ik. Zet u dus volledig in en breek met het leven dat u nu leidt. 20 Ik sta voor de deur en klop aan. Als iemand Mijn stem hoort en de deur opent, zal Ik binnenkomen, en we zullen samen eten, Ik met hem en hij met Mij. (Uit Openbaring 3)

Bron afbeelding:  SlidePlayer

Openbaring 3 19-20 - Wijs ik terecht en bestraf - SlidePlayer

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Huwelijk en gezin, Persoonlijk | Plaats een reactie

Leven in vrede en eenheid…

(…) 1 Allereerst vraag ik dat er voor alle mensen ​gebeden​ wordt, dat er smeekbeden, voorbeden en dankgebeden voor hen worden uitgesproken. 2 Bid​ voor alle koningen en gezagsdragers, opdat we rustig en ongestoord kunnen leven, in alle vroomheid en waardigheid. 3 Dat is goed en welgevallig in de ogen van God, onze Redder, 4 Die wil dat alle mensen worden gered en de waarheid leren kennen. (Uit 1 Timoteüs 2)

Regen en droogte

Vraag: Wat verstaat gij door de voorzienigheid Gods?
Antwoord: De almachtige en alomtegenwoordige kracht Gods, door welke Hij hemel en aarde, alsmede alle schepselen, gelijk als met Zijn hand nog onderhoudt en alzo regeert, dat loof en gras, regen en droogte, vruchtbare en onvruchtbare jaren, spijze en drank, gezondheid en krankheid, rijkdom en armoede en alle dingen, niet bij geval, maar van Zijn Vaderlijke hand ons toekomen.
Bron: Heidelbergse Catechismus: Vraag en Antwoord 27

Luthers gebed om regen

Er heerste een geweldige droogte, want het had lange tijd niet geregend – het gezaaide koren op de velden begon reeds te verdorren! Toen heeft doctor Maarten Luther bijna voortdurend om regen gebeden. Tenslotte sprak hij onder zware zuchten: ‘Ach Heere, zie toch ons gebed aan omwille van Uw beloften!’ (…)

Daarop ging doctor Maarten Luther de tuin in, hief zijn ogen op naar de hemel, bad en sprak het volgende: ‘Heere God, U hebt gezegd door de mond van David Uw knecht: De HEERE is nabij allen die Hem in waarheid aanroepen. Hij doet de wil van die Hem vrezen – Hij hoort hun gebed en helpt hen uit’ (vgl. Psalm 145 : 18 vv).
Hoe kan het dan dat U ons geen regen wilt geven, terwijl wij zolang roepen en bidden. Welaan, geeft U geen regen, dan zult U ons wat beters geven: een stil en gerust leven in vrede en eenheid. (1)

Nu wij bidden zo zeer, en hebben het al zo vaak gedaan. Als U het niet doet lieve Vader, dan zullen de goddelozen zeggen dat Christus Uw lieve Zoon liegt als Hij zegt: ‘Amen, Amen, Ik zeg U, al wat u de Vader bidt in Mijn Naam, zal Hij u geven’ (vgl. Johannes 16 : 23). Dan zullen zij tegelijk U en Uw Zoon van leugen beschuldigen. Ik weet dat wij hartelijk tot U roepen en vol verlangen zuchten. Waarom verhoort U ons dan niet?’

En hierna, zelfs nog in dezelfde nacht van 9 juni in het jaar 1532, viel een zeer overvloedige en vruchtbare regen.”

D. Johann Schlaginhausens Nachschriften, 11 juni 1532. Vgl. WA Tischreden 2, 158, 15–38

(1) Opgemerkt AJ:  Is het door Paulus (allereerst) aanbevolen (dank)gebed regel in onze samenkomsten en is ook ons persoonlijk bidden en danken daar allereerst mee bezig en op gericht?
We zien in dit bidden van Luther en de aandacht die er (later nog weer) aan gegeven werd hoezeer het onszelf kunnen voorzien in ons dagelijks brood – en in die tijd betekende een mislukte graanoogst voor velen gebrek lijden! – onze aandacht en ons gebed heeft, terwijl Jezus ons toch zegt: Zoekt eerst het koninkrijk van God… Dat zal dan toch ook ook vooral uit ons bidden en danken blijken?!

Bron tekst: Wilt u deze Luthercitaten ter kennismaking doorsturen aan uw vrienden. Er zijn geen kosten aan verbonden. Voor het aanmelden/afmelden van deze wekelijkse citaten kunt u gebruikmaken van dit e-mailadres info@maartenluther.com en van deze website:www.maartenluther.com (contact op de homepage)

Bron afbeelding:  SlidePlayer 

Geplaatst in Bijbel, Catechismus, Gemeente, Geschiedenis, Huwelijk en gezin, Natuur | Plaats een reactie

‘Onderwijs over de goede werken’ – 1519 (V)

Maar de vrucht van de Geest is ​liefde, vreugde en ​vrede, geduld,
vriendelijkheid en goedheid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing.
Er is geen wet die daartegen iets heeft. 
(Galaten 5 : 22-23)

De werkelijk goede werken (IV)

(…) “Dus een christen die vertrouwt op God, weet alle dingen, kan alle dingen doen, waagt alles wat gedaan moet worden en doet alles graag en gewillig, niet dat hij verdiensten en goede werken verzamelt, maar omdat het hem vreugde geeft God te behagen in het doen van deze dingen. Hij dient heel gewoon God zonder te denken aan beloning, maar met het dankbare besef dat zijn dienst God behaagt.

Aan de andere kant, hij die niet één is met God, of in een staat van twijfel verkeert, maakt zich zorgen en begint naar manieren en middelen te zoeken om maar genoeg te doen en om God te beïnvloeden met zijn (vele) goede werken. Hij spoed zich naar Rome of naar Jeruzalem, naar hier naar daar; hij bidt dit gebed en dat gebed; hij vast op deze dag en op een andere dag; hij doet hier wat belangwekkends en ook elders spant hij zich in; hij bevraagt ​​deze en gene, en vindt toch geen vrede.

Zo iemand doet dit alles met grote inzet en ijver maar ook met een twijfelend en onwillig hart, zodat de Schrift zulke werken terecht in het Hebreeuws ‘aven amal’ noemt, dat wil zeggen werken met weeklacht en verdriet. En zelfs zo – vanwege die ijver en weeklacht en verdriet daarbij – zijn het geen goede werken en zijn ze tevergeefs.

Laten we ons verder afvragen of, wanneer alles verkeerd gaat met hun leven, hun goederen, hun eer, hun vrienden, of wat ze ook hebben, ze nog steeds blijven geloven dat hun werken welgevallig zijn voor God, en dat God hun het lijden en de moeiten die hen daarbij overkomen – of deze nu klein zijn of groot – verordent in zijn genade en barmhartigheid over hen.

De heerlijkheid van het christenleven is om een vast en ​​zeker vertrouwen in God te hebben, zelfs ook wanneer, tenminste voor zover we dat kunnen zien of begrijpen, Hij zich in toorn manifesteert maar dat we ons toch veilig weten in Zijn handen ondanks alles wat we nu zien en ervaren.

Hier is God verborgen, zoals de bruid zegt in het Hooglied: ‘Zie, daar staat hij achter onze muur, uitziend door de vensters‘ [2 : 9]. Dat betekent dat hij verborgen blijft te midden van het lijden dat ons als een muur van Hem zou scheiden, inderdaad, zoals een muur van een vesting. En toch ziet Hij ons (en ook mij) aan en Hij verlaat ons niet. Hij staat daar en is gereed en bereid om te helpen in genade, en door de vensters van zwak geloof laat Hij zich zien. ‘

Maarten Luther: Dr. Martin Luthers Werke (Weimarer Ausgabe) WA 6, S.107 / 108 (gebruikte vertaling: Luthers Works, American Edition, deel 44, blz. 27/28)

Zie ook:
– Onderwijs over de goede werken – 1519 (I)
– Onderwijs over de goede werken – 1519 (II)
– Onderwijs over de goede werken – 1519 (III)
Onderwijs over de goede werken – 1519 (IV)
– Gods geboden in acht nemen…

NB. Deze Luther-quote is een vertaling van de eerder in de Engelse taal gepubliceerde versie.

Bron tekst: If you would like to have these Luther Quotes sent to family or friends you can send (with their permission) the email address to: info@martinluther-quotes.com
Or, you can use the web-form located on the homepage of the website www.maartenluther.com. There you can find both options to subscribe and unsubscribe from our weekly quotes. The emails are free of charge and you are not asked for donations.

Bron afbeelding:  DailyVerses.net

Romeinen 8 38-39 - Want ik ben er van verzekerd - DailyVersesnet

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Persoonlijk | Plaats een reactie