Pastorale handreiking voor gebed en een ‘biddend leven’… (IV)

Rechtvaardig is de Heer, Hij heeft rechtvaardigheid lief. De oprechte
zal  Zijn gelaat aanschouwen.
(Psalm 11 : 7)

Geschreven voor/aan een goede vriend (1535)

(…) De derde bede.Uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel.

Zeg:O lieve Heer, God en Vader, U weet dat de wereld, als ze Uw naam of Uw koninkrijk niet kan vernietigen, toch dag en nacht bezig is met kwade listen en plannen, vreemde samenzweringen en intriges, bijeenkomend voor geheim overleg, elkaar aanmoedigend en ondersteunend, woedend en bedreigend en rondlopend met alle soorten van slechte bedoelingen om Uw naam, Woord, Koninkrijk en kinderen te vernietigen.

Daarom, lieve Heer, God en Vader, bekeer hen en verdedig ons. Bekeer degenen die uw goede wil nog niet hebben erkend, zodat zij en wij met hen Uw wil kunnen gehoorzamen en om Uwentwil graag, geduldig en met vreugde elk kwaad, kruis en tegenspoed dragen, en daardoor erkennen, testen en ervaren wat Uw heilige goede, genadige en volmaakte wil is.

Maar bescherm en verdedig ons tegen degenen die ons in hun woede, woede, haat, bedreigingen en slechte verlangens niet ophouden om ons kwaad te doen.

Maak hun slechte plannen, kwade listen en middelen tot niets, zodat deze zich tegen henzelf keren, zoals we zingen in Psalm 7 [: 16]. Amen.

Maarten Luther: Dr. Martin Luthers Werke (Weimarer Ausgabe) WA 38, S. 358 ff (vertaling gebruikt: Luthers Works, American Edition, vol. 43, p. 196 ff)

Zie ook:  Pastorale handreiking voor gebed en een ‘biddend leven… (I)‘ en (II)

NB. Deze Luther-quote is een vertaling van de eerder in de Engelse taal gepubliceerde versie.

Bron tekst: If you would like to have these Luther Quotes sent to family or friends you can send (with their permission) their email address to: info@martinluther-quotes.com.
Or, you can use the web-form on the homepage of the website maartenluther.com. There you can find both options to subscribe and unsubscribe from our weekly quotes. The emails are free of charge and you are not asked for donations.

Bron afbeelding:  King James Bible

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Huwelijk en gezin | Een reactie plaatsen

‘Nederlands Hervormd’* dromen…

(…) 6 Toen de profetie de koning van Nineve bereikte, stond hij op van zijn troon, legde zijn staatsiegewaad af en ging, gehuld in een boetekleed, op de grond zitten. 7 En hij liet in Nineve omroepen: ‘Volgens bevel van de koning en zijn edelen is het niemand toegestaan te eten of te drinken, mens noch dier, rund noch schaap of geit. De dieren mogen niet grazen of water drinken. 8 Iedereen, mens en dier, moet zich hullen in een boetekleed en luidkeels God aanroepen. Laat iedereen anders gaan leven en breken met het onrecht dat hij doet. (Uit Jona 3)

Volksbekering

Waarom bij Jona – het ‘heidense’ Ninevé –  wél
en bij Elia – het ‘godsvolk’ Israël – niet?

Geciteerd 1 (bewerkt!): Het CIO (Interkerkelijk Contact in Overheidszaken), met onder hen aanwezig minister Grapperhaus, besluit tot het verzenden van een verzoek naar alle synoden voor het houden van een nationale/algemene biddag. En dat geschiedde, want alle kerken werkten mee. Tevens werden alle Nederlanders opgeroepen om de kerkdiensten online te volgen.

Opgemerkt 1: Geen ‘half werk’ dus zoals dat van de met tegenzin profeterende Jona in Ninevé (zie Jona 3 : 4), maar eerder vergelijkbaar met de tijd van Elia toen koning Achab boden naar alle stammen van Israël stuurde en ook alle profeten (Baäl-priesters!) bij de Karmel liet bijeenkomen (zie 1 Koningen 18 : 20).

Geciteerd 2 (bewerkt!): Deze goed georganiseerde biddag had een zegenrijke vrucht, want er volgde in ons land door Gods genade een Ninevitische bekering.  En het gevolg was dat in de dagen daarop geen enkele coronapatiënt meer in Nederland te vinden was. (…) De eerstvolgende kabinetsvergadering werd op basis van constateringen van het RIVM alle beperkende Covid-19 maatregelen geannuleerd. (…) Het nieuwe normaal zou zijn dat, dat de Bijbelse decaloog meer invloed krijgt in het kabinetsbeleid. (…) En ten slotte kon worden meegedeeld dat het met de economie ook beter gaat.

Opgemerkt 2: Maar wat als er geen ‘Ninevitische bekering’, maar niet meer dan een ‘Elia bekering’ van het eertijds christelijke Nederlandse volk zou volgen?

(…) 30 Alle Israëlieten zagen het en vielen op hun knieën en riepen: ‘De HEER is God, de HEER is God!’  (…)  Elia antwoordde: ‘Ik heb me met volle overgave ingezet voor de HEER van de hemelse machten, maar de Israëlieten hebben Uw verbond naast zich neergelegd, uw altaren verwoest en uw profeten vermoord. Ik ben als enige overgebleven, en nu hebben ze het ook op mijn leven voorzien. (…) Ik zal in Israël niet meer dan zevenduizend mensen in leven laten, alleen degenen die niet voor Baäl geknield hebben en hem niet hebben gekust. (Uit 1 Koningen 18 en 19)

Opgemerkt 3:  Het is bedroevend en zelfs een schande te noemen dat het volk van God op de Karmel door een profeet – ipv door hun priesters – herinnerd moest worden aan de God van Israël. Een massale volksbekering met en na Elia’s optreden op de Karmel zou tot op de dag van vandaag tot heel verkeerde conclusies hebben geleid! Dat Bijbelverhaal over het optreden van de profeet Elia en dat van de profeet Jona moet ons juist helpen om geen ‘dromerijen’ voor te houden aan het Nederlandse (kerk)volk!

Leestip:  1 Koningen 22!

NB. Priesters doen veel liever aan ‘eredienst’ en ‘offerdienst’. Dat onderwijs uit de Torah (de vijf boeken van Mozes) dat roept al gauw weerstand op en er staan zulke gruwelijke dingen in. Ouders die hun kinderen de doodstraf moeten geven en wel meer van die dingen. Maar door dit onderwijs los te laten offerden priesters en volk eerst figuurlijk maar later ook letterlijk hun kinderen op aan de heidense afgoden.

* De Nederlandse Hervormde Kerk was sinds 1816 de naam voor de Nederduits(ch)e Gereformeerde Kerk die tijdens de Tachtigjarige Oorlog de officiële kerk van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden was geworden. Vóór 1816 luidde de naam van dit kerkgenootschap voluit de Nederduitse Gereformeerde Kerk.
Na de bevrijding van het Franse bewind werd ZKH Willem I koning van Nederland. Eerst alleen van het Noordelijk Nederland, later met zuidelijk gebied vergroot tot het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden. Koning Willem I hield zich ook met kerkelijke vraagstukken bezig. Hij liet voor de Nederlandse Hervormde Kerk een kerkorde ontwerpen. Op 7 januari 1816 werd het Algemeen Reglement voor het bestuur der Nederlandsche Hervormde Kerk in het Koninkrijk der Nederlanden, bij Koninklijk Besluit goedgekeurd. Hierbij kreeg de kerk de officiële naam Nederlandse Hervormde Kerk.

Bron citaten 1 en 2:Dromen van biddag door de Nederlandse Overheid‘ – door A.B. Goedhart te Leerbroek – Protestants Nederland, 85e jaargang | No 6 | juni 2020.

Bron afbeelding:  Protestands Nederland

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Israël, Politiek | Een reactie plaatsen

Mozes, Socrates, Plato en ‘de ziel’…

(…) 8 De wet van de HEER* is volmaakt: levenskracht voor de mens.
De richtlijn van de HEER is betrouwbaar: wijsheid voor de eenvoudige.
9 De bevelen van de HEER zijn eenduidig: vreugde voor het hart.
Het gebod van de HEER is helder: licht voor de ogen.
(Uit Psalm 19, NBV)
* Torah – Onderwijzing.

Geciteerd: Socrates hoopte dat er in de ziel van de ander, bij wie hij misverstanden had weggebikt, ruimte zou komen voor wat het luisteren naar wat hij als het meest waardevolle onderkende: de stem van de ziel, die zoekt en tast naar de waarheid. Zij doet dat omdat zij diepweg met de waarheid verwant is, omdat zij aangelegd is op de eeuwigheid. Dát is het meest bepalende van de menselijke ziel.
Socrates wilde ruimte maken voor dit besef. Zo droeg hij ertoe bij dat de ziel van de mens geboren werd, dat de mens zich bewust werd van dit ‘spreken’ van zijn ziel en dat hij zich daardoor liet leiden.
Het woord dat Plato voor dit ‘spreken’ van de ziel, dit verlangen naar eeuwigheid geijkt heeft, is het woord ‘eroos’. De diepste drijfveer van de menselijke ziel is ‘eroos’ – verlangen naar eeuwigheid.

Opgemerkt: Goed (terecht) is het om – in het artikel waaruit het citaat genomen is – te lezen dat we in de ander iets van God zien (ontmoeten). Onze Heer Jezus Christus vraagt/eist dat zelfs van ons – en dan juist nog wel bij onze ‘minste broeders’ – en dat zonder eerst over ‘de ziel’, maar alleen over de nood van de ander te spreken.
Heel de Bijbel leert ons dat er niets in de schepping en ook niets in de mens bestaat los van God Zelf. Dat geldt zelfs ook voor ‘de boze’ en al ‘zijn’ engelen. Het zijn en blijven Gods schepselen die zich niet roeren of bewegen kunnen zonder Zijn wil.

We zouden kunnen gaan menen dat de mens eerst iets gezien en begrepen moeten hebben van ‘de ziel’ en (pas) wanneer dat het geval is gaan/staan ‘onze vensters’ open voor en naar God. Toch bewijst Paulus verkondiging in Athene dat Socrates’ en ook Plato’s werk niets hebben kunnen bijdragen aan de ontvankelijkheid van mensen voor de boodschap van het Evangelie. Paulus spreekt daar tot de ‘wereldwijzen’ over ‘tijden van onwetendheid waaraan God nu wil voorbij zien’ maar Paulus verkondiging wekt niet veel verdere belangstelling bij de aanwezigen daar.

Waar ging wel een deur open? In de havenstad Korinthe! En daar waren het niet veel machtige en wijze en voorname mensen die het Evangelie aanvaardden en Paulus bracht daar ook geen boodschap die aansloot bij de Griekse wijsheid en hield daar geen diepzinnige redevoeringen over ‘de ziel’, ook naderhand niet.

De hele mens moet functioneren* (niet alleen ‘de ziel’) wanneer het Evangelie verkondigd wordt, en het is de heilige Geest (en niet ‘de ziel’!) die de ontvankelijkheid van het hart bepaalt (creëert!) wanneer de eenvoudige Evangelieboodschap wordt aangehoord.
* Je moet niet zitten suffen of dronken zijn en een dove zal natuurlijk het woord van Paulus niet kunnen verstaan tenzij het in gebarentaal of op schrift aan zo iemand duidelijk gemaakt wordt.

Het onderwijs over ‘de ziel’ aan de hand van wat de Griekse wijsgeren daarover ontdekt meenden te hebben en konden zeggen is vergelijkbaar met de benen van een verlamd persoon. Ze zien eruit alsof je ermee lopen kunt, maar wanneer je zo iemand overeind trekt, dan blijken ze onmachtig om die persoon te dragen…

Natuurlijk is het voor een bepaald deel van de jeugd mooi en goed dat ze (meer) kennis nemen van de geschiedenis en dus ook van de pogingen die mensen ondernomen hebben om al tastende God te vinden zonder daarbij Gods Woord en Gods beloften door die inspanningen in bezit gekregen te hebben. Dat was lange tijd alleen voorbehouden aan het ‘huis van Jakob’. En de andere volken? ‘Die moesten Zijn getuigenissen en Zijn verbondsgeheimen missen.’ (Psalm 147).

Daarom blijft van kracht de opdracht die Paulus aan Timoteüs gaf: Verkondig (heel!) Gods Woord in de samenkomsten aan de gemeente. En dat niet als aan een stel ‘onbekeerde heidenen’ die eerst nog moeten ontdekken dat ze een ziel hebben, zodat/opdat ze gaan beseffen dat ze ‘aangelegd zijn op de eeuwigheid’. Maar als aan kinderen van God die door Hem geschapen zijn en vanwege geboorte en Doop ingelijfd in de gemeente van Jezus Christus en (daarom) door het werk van de heilige Geest een uitverkoren geslacht, een koninkrijk van priesters, een heilige natie, een volk dat God Zich verkoren heeft om de grote daden te verkondigen – niet die van de Grieken, maar – van Hem die u geroepen heeft uit de duisternis (van alle heidendom) naar Zijn wonderbaarlijk licht. Eens was u – toen het Evangelie hier nog niet geklonken had – geen volk, nu bent u Gods volk; eens viel Gods ontferming u niet ten deel – dat gold ook Socrates en Plato ondanks al hun verlangen om God te kennen! – nu wordt Zijn ontferming u geschonken. (Zie 1 Petrus 2 : 9-10, NBV).

(…) 19 Daarom ben ik van mening dat we de heidenen die zich tot God bekeren geen al te zware lasten moeten opleggen, 20 maar dat we hun moeten schrijven dat ze zich dienen te onthouden van wat door de afgodendienst bezoedeld is, van ontucht, van vlees waar nog bloed in zit en van het bloed zelf. 21 In haast elke stad wordt de wet van Mozes immers al sinds mensenheugenis verkondigd en op iedere sabbat in de synagogen voorgelezen. (Uit Handelingen 15)

Bron citaat:Om de ziel van de jongere (XXI)‘ – door dr. H. Klink (Hoornaar) – Ecclesia nr. 13 – juli 2020

Bron afbeelding: SlidePlayer

Acts 15: 21.

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Politiek, Wetenschap | Een reactie plaatsen

Christus’ Rijk is een ziekenhuis…

Christus de Heere zei tegen Zijn jongeren: “Ik ben de goede Herder en ken de Mijnen
en de Mijnen kennen Mij
’ (Johannes 10 : 14, weergave WA 1523).

(…) “Daarom moet je zo verstandig zijn, dat je Christus op deze manier goed leert kennen: namelijk, dat er in Zijn Rijk alleen zwakke en zieke mensen zijn en dat Zijn Rijk niet anders is dan een ziekenhuis. Daarin liggen alleen ellendige en zieke mensen die men moet verplegen.

Echter dit verstand hebben maar heel weinig mensen en deze wijsheid is zeer verborgen. Ja, zodat het ook bij hen ontbreekt die het Evangelie horen en de prediking van de Geest hebben. Want dít is wel de grootste wijsheid die je kunt hebben. Wanneer de letterwijzen in de Schrift lezen, dat daarin het Rijk van God wordt geprezen en dat zij zegt, hoe kostbaar en heerlijk dat Rijk is – dan kunnen ze toch onmogelijk verstaan wat deze woorden inhouden.

Ze zien immers niet dat de ware wijsheid daarin ligt besloten die alle menselijke wijsheid ver te boven gaat. Want onze wijsheid is niet, dat je met verstandige en wijze mensen omgaat en over hen praat en preekt, maar dat je met dwazen en zotten omgaat en hen aanneemt en verdraagt. Niet zozeer omdat je daarin behagen hebt, maar omdat je deze mensen wilt helpen en bijstaan, zodat zij uit hun zonde en dwaasheid komen tot gerechtigheid en tot een goed verstand.

Hieraan kun je zien, dat de christelijke wijsheid niet bestaat in het opslaan van je ogen naar boven en het kijken naar dat wat hoog en wijs is, maar dat je naar beneden kijkt, naar dat wat nederig en dwaas is. Wie dat weet, die moet God danken! Want door deze kennis wordt zo iemand bekwaam en geschikt om het hele bestaan en leven op deze wereld met onderscheid te zien.

Daarom zullen jullie nog veel mensen tegenkomen (ook die het Evangelie prediken) die deze dingen toch niet verstaan. Men heeft tot nu toe niet anders geleerd, en wij zijn eraan gewend, dat je niet tot Christus mag komen, voordat je rein en zuiver bent, daarom moet je van deze waan verlost worden, en een gezond verstand over Christus krijgen. Om kort te zijn: je moet Hem leren kennen als de ware Herder Die het verlorene zoekt.”

Maarten Luther: Predigten des Jahres 1523, vgl. WA 12, 536, 12 – 537, 5

Zie ook  deze blog (Over Deuteronomium 21 : 21 en 22 : 22.)

Bron tekst:  Aanmelden voor deze Luther-citaten kan via info@maartenluther-citaten.nl of via de homepage van www.maartenluther.com
Wilt u deze Luthercitaten a.u.b. ter kennismaking doorsturen aan uw vrienden? Er zijn geen kosten aan verbonden als iemand deze wekelijkse citaten zelf ook graag wil ontvangen.

Bron afbeelding:  Twitter

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Persoonlijk | Een reactie plaatsen

N.a.v Deuteronomium 21 : 21 en 22 : 22

(…) 18 Als ouders een opstandige, onhandelbare zoon hebben, die niet naar hen luistert en ook na hardhandige bestraffing nog niet wil gehoorzamen, 19 dan moeten zijn vader en zijn moeder hem meevoeren naar de stadspoort en hem aan de oudsten voorgeleiden. 20 Ze moeten tegenover de stadsoudsten verklaren: ‘Onze zoon is opstandig en onhandelbaar. Hij wil niet naar ons luisteren. Hij is een losbol en hij drinkt te veel.’ 21 De inwoners van de stad moeten hem dan stenigen tot de dood erop volgt. Zo moet u het kwaad dat zich bij u aandient in de kiem smoren. Het hele volk van Israël moet erdoor worden afgeschrikt. (Uit Deuteronomium 21)

(…) 22 Als een man wordt betrapt met een getrouwde vrouw moeten beiden ter dood gebracht worden, zowel de man als de vrouw met wie hij geslapen heeft. Zo moet u het kwaad dat zich bij de Israëlieten aandient in de kiem smoren. (Uit Deuteronomium 22)

Opgemerkt: David had overspel gepleegd en was met woorden en daden oorzaak geworden van de dood van zijn officier Uria en meerdere mannen (broeders!) uit het leger van Israël. Hij verdiende het om uit zijn koningschap gezet en terecht gesteld te worden…
O.a. zijn zoon Absalom en ook raadgever Achitofel dachten er zo over en vonden dat dat vonnis op de een of andere manier voltrokken moest gaan worden.

De profeet Nathan echter mocht na deze wandaden van David aan hem doorgeven dat hem vergeving geschonken was en dat hij (dus) niet naar de wet van Mozes gestraft zou worden of diende te worden voor deze zonden.

Die genadige vergeving en de voortzetting van Davids koningschap was niet op voorspraak van de Torah en/of  ‘de wetgever’ Mozes (zie Exodus 32), maar wel al op voorspraak/grond van het verzoenende bloed van onze Heer Jezus Christus. Daarom kon en wilde God David genadig zijn en natuurlijk was dat in feite ook al zo bij de begenadiging van Gods volk op voorspraak van Mozes zoals we daarvan lezen Exodus 32!

Genade voor recht! *

In het onderwijs van de Torah horen we dat het de taak van ouders is om hun kinderen reeds van hun vroegste jeugd af te onderwijzen in de Torah, de eerste vijf boeken van Mozes. En wanneer ouders zich nauwgezet van die taak kweten, dan hoorden hun kinderen al vroeg ook de woorden die we vinden in Deuteronomium 21 : 18-21 en ze leerden ook om die woorden te beamen.

Dat beamen van die woorden is niet vreemd in het licht van het onderwijs van de Torah, want wat zijn kinderen van Gods volk die opstandig hun eigen weg gaan – en dat geldt natuurlijk niet alleen voor jongeren maar ook voor volwassenen! –  een gevaar voor een gezin, voor de familie en voor heel het volk van God en ook voor alle samenleven met medemensen én medeschepselen in deze wereld!

Zo’n opstandig kind van God leidt tot veel meer misère en dood en verderf dan het (eventueel) voltrekken van de doodstraf aan zo’n kind waarvan sprake is in de genoemde Bijbeltekst. Dat maakt het onderwijs van de Torah over de geschiedenis van de mensheid en van het volk Israël zelf voldoende duidelijk.

Toch, wanneer we Deuteronomium 21 : 18-21 lezen en begrijpen in het licht van het onderwijs van heel de Torah, dan is het beslist de vraag of er ooit ouders zijn geweest die anderen (‘de inwoners van hun stad’ staat er in de tekst) gevraagd zullen hebben om hun opstandige kind (eigenwijze ‘losbol’ die niet luisteren wil en teveel drinkt) te (helpen) stenigen.

Ze zullen toch (ook) genade voor recht hebben willen laten gelden en net zoals Mozes indertijd genade had afgebeden voor het opstandige volk in de woestijn (zie Exodus 32) zullen zij genade hebben afgebeden voor hun kind en hem of haar kwijtschelding van de schuld hebben gegund – mogelijk pas nadat ze hem of haar aan de (stads)oudsten hadden voorgeleid.

*  ‘Genade voor recht’ = de straf kwijtschelden

Tot slot – Geciteerd uit Johannes 7:

(…) 2 En ’s morgens vroeg kwam Hij opnieuw in de tempel en al het volk kwam naar Hem toe; en Hij ging zitten en onderwees hen.
3 En de Schriftgeleerden en de Farizeeën brachten een vrouw bij Hem die op overspel betrapt was.
4 En toen ze haar in het midden hadden doen staan, zeiden zij tegen Hem: Meester, deze vrouw is op heterdaad betrapt bij het plegen van overspel.
5 In de Wet nu heeft Mozes ons geboden zulke vrouwen te stenigen; U dan, wat zegt U?
6 En dit zeiden zij om Hem te verzoeken, opdat zij iets hadden om Hem aan te klagen. Maar Jezus bukte en schreef met de vinger in de aarde.
7 En toen zij Hem dit bleven vragen, richtte Hij Zich op en zei tegen hen: Wie van u zonder zonde is, laat die als eerste de steen op haar werpen.
8 En opnieuw bukte Hij en schreef in de aarde.
9 Maar toen zij dit hoorden en in hun geweten overtuigd waren, gingen zij weg, de één na de ander, te beginnen bij de oudsten tot de laatsten; en Jezus werd alleen achtergelaten, en de vrouw die in het midden stond.
10 Jezus nu richtte Zich op en toen Hij niemand zag dan de vrouw, zei Hij tegen haar: Vrouw, waar zijn die aanklagers van u? Heeft niemand u veroordeeld?
11 En zij zei: Niemand, Heere. En Jezus zei tegen haar: Ook Ik veroordeel u niet; ga heen en zondig niet meer.

Zie ook:  Christus’Rijk een ziekenhuis…

Bron afbeelding:  SlidePlayer

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Israël | Een reactie plaatsen

Leren omgaan met een wonderlijke, lieve God…

Want een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven, en de heerschappij is op Zijn schouder; en men noemt Zijn Naam Wonderlijk, Raad, Sterke God,
Vader der eeuwigheid, Vredevorst.
‘ (Jesaja 9 : 5)

Bent U niet een wonderlijke, lieve God, die ons wonderlijk en vriendelijk regeert? U verhoogt ons, als U ons vernedert. U maakt ons rechtvaardig, als U ons zondaren doet zijn.

U brengt ons in de hemel, als U ons in de hel stoot. U geeft ons de overwinning, als U ons de strijd doet verliezen. U maakt ons levend, als U ons laat doden. U vertroost ons als, U ons laat treuren.

U maakt ons vrolijk, als u ons laat huilen. U laat ons zingen, als U ons laat wenen. U maakt ons sterk, als wij lijden. U maakt ons wijs, als U ons tot zotten maakt.

U maakt ons rijk, als U ons armoede toebedeelt. U maakt ons heren, als U ons laat dienen.

En dergelijke ontelbare wonderen meer.

Ik dank U, dat U mij verootmoedigt, maar mij ook steeds weer helpt*.
Amen.

*  Hier kan/mag ook staan: mij ook steeds weer redt! Zie de Psalmen!

Opgemerkt: Zó onze Drie-enige God leren kennen en als dankbaar kind leven voor Zijn vriendelijk aangezicht in deze wereld dat kan alleen door een dagelijks leven bij en van Het Woord onder voortdurend gebed en dat niet zonder ook samen te leven met de leden van het Lichaam van onze Heer Jezus Christus: de gemeente(n).

Maarten Luther: Auslegung des 118. Psalms 1529/1530, vgl. WA 31.1, 171, 13-25

Bron meditatie: checkluther-com – ‘Uw Naam is Wonderlijk‘ – 26 juni 2020

Bron afbeelding:  Pinterest (Bible Love, Wisdom)

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Persoonlijk | Een reactie plaatsen

Kunnen blinden blinden leiden?

Geciteerd: Hebreeën 11:6/wv; “Wie bij God wil komen, moet geloven dat Hij bestaat”. Hebreeën 11:1/hsv; “Het geloof nu is een vaste grond van de dingen die men hoopt, en een bewijs van de zaken die men niet ziet”.
Op basis van de twee bovenstaande teksten dient men eerst het bewijs te hebben, dat God bestaat. Voordat Hij logischerwijs mensen naar Jezus kan trekken (Johannes 6:44-45+65). Eerder kan Jezus ons niet naar de Vader brengen (Johannes 14 : 6), waarna we de Heere pas al tastende kunnen vinden* (Handelingen 17 : 27).

Knieën ‘tot eelt bidden’ om God te mogen vinden/ervaren?

Opgemerkt: Die twee teksten! Niet de conclusie(s) er bij! Vers 6 uit Hebreeën 11 wordt gevolgd door: dat God een beloner is van wie Hem ernstig zoeken.

En daternstig zoekendoe je door gelovig te (blijven) luisteren naar Gods Woord. Neem een voorbeeld aan Nicodemus, die ging naar de Here Jezus om van Hem Zelf te horen wat Hij te zeggen had en hij heeft dat in z’n hart bewaard.

Als Jood moeten aanvaarden dus dat Hij één is met de Vader Die Hem gezonden heeft en dat geloven en blijven geloven (ook in vergeving van eigen zonden) geen mensenwerk is maar het wederbarende werk van de heilige Geest.

Zoals David – die toch een man naar Gods hart was en gezalfd met olie en de heilige Geest – toch moest bidden in zijn leven: neem Uw heilige Geest niet van mij weg maar schep een nieuw hart in mij en vernieuw mijn geest en maak mij standvastig (zie Psalm 51 : 12-16)

* Die tekst ‘al tastende God vinden‘ betreft heidenen die het Woord van God niet hadden en daarom als blinden in het duister rondtasten of ze zonder Gods Woord (zonder het Evangelie) zelf op eigen kracht God zouden kunnen vinden. En sommigen (zoals Plato bijvoorbeeld) meenden dat te kunnen. Maar hoe kunnen blinden blinden leiden? Dat gold zelfs voor de Joodse mensen/leiders die niet goed luisterden naar Gods Woord maar wel vroom veel aan het bidden waren (Zie Matteüs 15 : 13 Marcus 12 : 24-27 en Lukas 18 : 9-14)

Naar aanleiding van (FB-post ND): Sinds Tjarko Evenboer (37) de Bijbel en het christelijk geloof losliet, wil hij als ‘onbeschreven blad’ vragen op zich af laten komen. Hij heeft afscheid genomen van het geloof. Toch ervaart hij leiding in zijn leven. Hij is een van de makers van de Evert Kwok-cartoons. En een eindeloze denker: …
Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Israël | Een reactie plaatsen

Pastorale handreiking voor gebed en een ‘biddend leven’… (III)

Wees niet bevreesd, kleine kudde, want het heeft uw Vader behaagd
u het Koninkrijk te geven.‘ (Lukas 12 : 32)

Geschreven voor/aan een goede vriend

De tweede bede:Uw koninkrijk kome.” Zeg: “O lieve Heer, God en Vader, U ziet hoe mensen met mensenwijsheid en wereldse redeneringen niet alleen Uw naam ontheiligen en de eer die u toekomt aan leugens en de duivel toeschrijven, maar ook hoe ze de kracht, macht, rijkdom en heerlijkheid naar zich toetrekken, die U hen op aarde hebt gegeven om de wereld te regeren en U daarmee te dienen, om dit slechts voor eigen belangen en doeleinden te gebruiken en zich daarmee tegen Uw koninkrijk te verzetten.

Ze zijn talrijk en machtig; zij plagen en bemoeilijken het leven van de kleine kudde van Uw koninkrijk dat zwak, veracht en weinig in tel is. Ze kunnen uw kudde op aarde niet verdragen en ze menen U, door het te plagen en te vervolgen, een grote en goddelijke dienst te bewijzen. Dierbare Heer, God en Vader, bekeer hen en verdedig ons.

Bekeer hen die zich nog als kinderen en leden van uw koninkrijk moeten leren gedragen, zodat zij met ons en wij met U, U in waarachtig geloof en ongeveinsde liefde in Uw koninkrijk zullen dienen en opdat wij vanuit Uw koninkrijk dat hier al is begonnen, Uw eeuwige koninkrijk kunnen binnengaan .

Bescherm ons tegen degenen die hun macht en geweld niet zullen afwenden van de vernietiging van Uw koninkrijk, tenzij ze van hun tronen worden gestoten en vernederd, zodat ze wel moeten stoppen met hun pogingen daartoe. Amen.

Maarten Luther: Dr. Martin Luthers Werke (Weimarer Ausgabe) WA 38, S. 358 ff (vertaling gebruikt: Luthers Works, American Edition, vol. 43, p. 195 ff)

Zie ook:  Pastorale handreiking voor gebed en een ‘biddend leven… (I)‘ en (II)

NB. Deze Luther-quote is een vertaling van de eerder in de Engelse taal gepubliceerde versie.

Bron tekst: If you would like to have these Luther Quotes sent to family or friends you can send (with their permission) their email address to: info@martinluther-quotes.com.
Or, you can use the web-form on the homepage of the website maartenluther.com. There you can find both options to subscribe and unsubscribe from our weekly quotes. The emails are free of charge and you are not asked for donations.

Bron afbeelding:  Pinterest

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin | Een reactie plaatsen

Alleen Zijn handen en Zijn voeten!

Niet ons HEER, niet ons, geef Uw Naam alle eer.‘ (Psalm 115 : 1)

Luther maakte in zijn vroege preken naast de letterlijke uitleg van de tekst ook nog al eens gebruik van allegorische verklaringen. Dat doet hij eveneens in deze preek uit 1522 over de belijdenis van Thomas. Daarmee laat hij ons gelijk nog een ander aspect zien van de ‘handen en voeten’ van Christus:

En na acht dagen waren Zijn discipelen opnieuw binnen, en Thomas met hen; en Jezus kwam toen de deuren gesloten waren, en trad in hun midden, en zei: “Vrede zij u allen!” Daarna zij Hij tegen Thomas: “Breng uw vinger hier, en zie Mijn handen; en breng uw hand hier en leg ze in Mijn zijde en wees niet ongelovig maar gelovig” (Johannes 20 : 26-27, weergave WA 1527).

(…) “In deze geschiedenis zien we, dat de Heere aan de discipelen en bijzonder aan de lieve Thomas Zijn handen en voeten laat zien. Waarmee Hij te verstaan geeft, dat deze handen en voeten het moeten doen en verder geen andere. Dat wil zeggen: alleen Zijn werken verdienen de zaligheid en geen andere. Want door de handen en voeten worden in de Heilige Schrift de werken en de wandel verstaan.

Deze handen en voeten toont Christus ons nog steeds en zegt: ‘Kijk, mens, alleen Mijn werk en wandel zijn het die voor God gelden. Met jouw werken kun je niets bij God uitrichten – jouw vroomheid dient hier nergens toe. Zij hoort ergens anders bij: ben je vroom, wees het tot nut van de mensen, en heb lof en eer daarvan hier op aarde.’

Dat leert Paulus ook: – voor God geldt deze vroomheid niet – ‘Want als Abraham uit de werken is gerechtvaardigd, dan heeft hij roem, maar niet bij God’ (vgl. Romeinen 4 : 2). ‘Jullie moeten een andere vroomheid hebben, dat ben Ik – Ik moet Zelf je Vroomheid zijn! Die [Vroomheid] ziet God, Mijn Vader, aan, want Ik heb je verlost van zonde, dood, duivel en hel en van alle ongeluk. Maar wat jullie betreft zit je daar nog middenin en zult door je eigen vroomheid onmogelijk daaruit kunnen komen.

Ik alleen heb de toorn van God weggenomen, en uit een toornige Rechter een genadige barmhartige en vriendelijke Vader gemaakt. Geloof dat! Dan ben je uit de nood gered en reeds zalig, vroom en rechtvaardig.

Kom niet met je vroomheid voor God. Wil je voor Hem bestaan, kruip dan in Mij, trek Mij aan. Dan zul je van de Vader alles wat je wilt en begeert, ontvangen.’ Zoals Christus in Johannes 16 vers 23 zegt tegen Zijn discipelen: ‘Waarlijk, waarlijk Ik zeg u: als u van de Vader iets zult bidden in Mijn Naam, dan zal Hij het u geven.’”

Pfredigt gehalten am 27. April 1522, Festpostille (Druck1527), vgl. WA 17.2, 294, 7-28

Bron meditatie:  info@maartenluther-citaten.nl (www.maartenluther.com)

Bron afbeelding:  Amazon-com

Afbeelding kan het volgende bevatten: de tekst 'Hope May our Lord Jesus Christ Himself who loved us and by His grace gave us eternal encouragement and good hope, encourage your hearts. 2 Thessalonians 2:16-17'
Geplaatst in Bijbel, Gemeente | Een reactie plaatsen

Wij hebben een Koninklijke Boodschap…

(…) 1 Hij riep de twaalf bij zich en gaf hun macht en gezag over alle demonen, en de kracht om ziekten te genezen. 2 Daarna zond hij hen uit om het Koninkrijk van God te verkondigen en zieken te genezen. 3 Hij zei tegen hen: ‘Neem niets mee voor onderweg, geen stok, geen reistas, geen brood en geen geld, en ook geen extra kleren. (Uit Lukas 9)

In naam van de Koning!

Meditatie (bewerkt!): Onze Heer Jezus Christus staat boven de vaste patronen (wetten) van natuur, ziekte en dood, zoals wij die waarnemen en kennen.

Hij draagt Zijn leerlingen op om die patronen in Zijn naam te doorbreken. Hij stuurt hen erop uit om te vertellen van het Koninkrijk van God, waar de dingen anders toegaan dan de mensen gewend zijn.

Zijn opdracht is ook om zieken te genezen. Ze hebben daarvoor niets nodig, alleen Zijn woord (opdracht), zichzelf en hun geloof. Er zullen mensen sceptisch en afwerend zijn, maar daar moeten ze hun energie niet aan verliezen.

Wat hebben wij in Jezus naam een ander te bieden als wij alleen met onszelf en niet met allerlei (wereldse/kerkelijke) gewichtigheid en andere indrukwekkende poespas aan komen zetten?

Vertellen wij liefst verhalen over alles wat fout ging, over risico’s en voorzichtigheid in de omgang met elkaar?

Of brengen wij de Koninklijke Boodschap van hoop en vertrouwen op God en van een toekomst vol van hemelse gerechtigheid?

Niet meer dan instrumenten van de Allerhoogste!

Geciteerd (‘koninklijke’ toespraak/boodschap): Dat Gods Geest ons klaar wakker vinde en bereid om te ‘staan’ voor wat ons wachten moge om voorwaarts te gaan. Immers, hoe kan de Heilige Geest woning bij ons maken en hoe kunnen wij zijn taal spreken, indien ons hart niet hongert en dorst naar deze hemelse Gave met achterstelling van alle andere wensen en verlangens? Voor Hem is ieder(s) hart bereikbaar.

Wij kunnen Zijn taal spreken als ons hart brandende in ons is, bewust en vol verwachting om daarop weerklank te geven. Hoe kan die heilige kracht ons opheffen tot Hem wiens komen de verlossing van onze zielen betekent?

Dit is immers niet het waarmerk van zijn heilige tegenwoordigheid, dat de verlossing daadwerkelijk voor onze ogen geschiedt, terwijl toch niemand van ons die kracht uit zichzelf bezit. Niemand van ons kan toch meer wezen dan een instrument van de Allerhoogste?

Bron (bewerkte) meditatie: Dag in Dag uit 2020 – Zondag 21 juni – Leger des Heils | Ark Media
Bron citaat: Ecclesia nr. 12 – juni 2020 – ‘Nog een woord van Wilhelmina‘ – van A.B. Goedhart (Leerbroek)

Verheug jullie niet daarover dat de geesten zich aan jullie onderwerpen“, zegt Jezus tegen de zeventig discipelen, “maar verheug jullie daarover dat jullie namen staan opgetekend in de hemelen” (zie Lukas 10 : 20)

Bron afbeelding:  Pinterest

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis | Een reactie plaatsen