‘Wat zoeken jullie de Levende bij de doden?’

‘Wat zoekt gij de Levende bij de doden?‘
(Uit Lukas 24 vers 5b) *

* Zie ook Johannes 21 vers 30!

Geciteerd 1: De thema-avond in de Cunerakerk in Rhenen was een vervolg op een symposium in 2018 ter gelegenheid van de verschijning van het eerste deel van ”Theoretisch-praktische godgeleerdheid”. Recent zijn de laatste twee van de zes delen van dit „invloedrijke” standaardwerk verschenen bij uitgeverij Gebr. Koster. Bestuurslid L. van der Tang noemde het werk van Van Mastricht een „uniek werk. Niet uniek omdat wij dat vinden, maar omdat theologen van over de hele wereld dat erkend hebben.”

Geciteerd 2: Petrus van Mastricht (1630-1706) was hoogleraar Hebreeuws en theologie, in Frankfort aan de Oder, Duisburg en later Utrecht. Hij stond in de lijn van zijn voorganger daar, Gijsbert Voetius. Twintig jaar werkte hij aan zijn dogmatiek ”Theoretico-practica theologia”. Dat werk is nu, na zeven jaar „hard werken”, in hedendaagse taal toegankelijk gemaakt.

Geciteerd 3: (…) De dogmatiek staat, om zo te zeggen, buiten de tijd. Die kennis heeft geen betrekking op een bepaalde situatie, ze heeft ook geen macht om op te roepen tot bekering. Dogmatiek tróóst ook niet. We hechten eraan om dit onderscheid in het oog te houden, opdat, onder meer, de aanstaande predikanten die we opleiden, ‘geen stenen voor brood’ zullen geven, in dorre opsommingen of constructies, en geen valse profetie zullen verkondigen vanuit een of andere moderne theologie. Ze moeten de staf van de Herder hanteren, de levende verkondiging van het Woord! (1)

Opgemerkt 1: Wanneer je in dienst van een koning was (zo eentje, zoals je die vroeger had), dan kon je als minister maar beter goed luisteren naar wat de koning op een betreffende dag te zeggen had over zijn plannen en wat hij die dag en de komende dagen/tijd tot stand wilde brengen, dan dat je die dag ging zitten luisteren naar de (sterke) verhalen van officieren die in dienst van de koning in het verleden op allerlei veldtochten successen met hem hadden behaald. Zo is het ook met Gods Woord. Het moet vandaag de dag gehoord en (dus) gelezen worden in de gezinnen en in de gemeenten en ook door predikanten die hun preken aan het voorbereiden zijn en die Gods Woord moeten spreken in de huisgezinnen en op de vergaderingen. Wanneer zo’n predikant liever op zijn studeerkamer met dikke folianten voor zich bezig is, dan is er wat grondig mis. Daarom hieronder nog woorden van de apostel Paulus uit Handelingen 20 woorden uit de verzen 13-38.

‘Nu vertrouw ik u toe aan God en aan het Evangelie van Zijn Genade dat onze gemeenschap kan opbouwen en dat het beloofde erfdeel zal schenken aan allen die Hem toebehoren. Geld of kleding heb ik van niemand verlangd, u weet wel dat ik eigenhandig heb voorzien in mijn levensonderhoud en dat van mijn metgezellen. In alles heb ik u getoond dat u de zwakken zo, door hard te werken, moet steunen indachtig de woorden van de Heer Jezus, die immers gezegd heeft: Geven maakt gelukkiger dan ontvangen.’ (Handelingen 20 de verzen 32-35)

Opgemerkt 2: Predikanten zullen dus (veel) huisbezoek doen en zich inzetten voor de zwakken en Gods Woord (voor)lezen in vergaderingen en de verkondiging in de samenkomsten een veel hogere prioriteit dienen te geven, dan het bestuderen van (vroegere en/of nieuwe) theologie en dogmatiek t.b.v. hun (s)preken. (a) Ze mogen vele, vele malen meer verwachting hebben van de Heilige Geest bij het zelfstandig lezen en bestuderen van Gods Woord, dan van dogmatisch/theologisch werk, hoezeer dat ook door theologen wordt (aan)geprezen. Zijn macht en Zijn bereidheid om ons te helpen kent geen grenzen en dat hebben we niet alleen te belijden met woorden maar ook met de praktijk van ons leven. Een predikant dient daar zelfs een voorbeeld in te zijn.
(a) Zie 1 Timoteüs 4 vers 13!

(1) Ds. J.C. Janse bij het 25 jarig jubileum van het Nederlands Gereformeerd Seminarie (lezing gepubliceerd in ‘Om het profetische Woord’ dat verscheen als uitgave bij dit jubileum in 2001): Link blog.

Zie ook deze woorden van ds. J.M.J. Kievit (1978, De Waarheidsvriend): ‘Wat zoekt gij de Levende bij de doden?‘

Bron citaten 1-2: RD Kerk & religie – ‘Ds. De Heer: Van Mastricht combineert het leerstellige met de beleving’ – door RD-verslaggever.

Bron afbeelding: Scripture Images

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Het boek waarop de wereld wachtte?

‘Het Woord was in de wereld, de wereld is door Hem ontstaan en toch kende de wereld Hem niet. Hij kwam tot het Zijne, maar de Zijnen* hebben Hem niet aangenomen…’ (Uit Johannes 1 de verzen 10-11)
* Gods eigen volk en de toenmalige theologen onder hen.

Geciteerd: Het loopt niet goed in Worms. De rijksdag brengt geen begrip voor Luthers standpunten, integendeel: de keizer verklaart hem* tot vogelvrije ketter. Dat brengt Luther in levensgevaar. Vrienden zetten een ontvoering in scène tijdens de terugreis vanuit Worms naar zijn woonplaats Wittenberg, en brengen hem op kasteel de Wartburg nabij Eisenach. Daar zal hij incognito een klein jaar wonen.
* De keizer nam aan dat één man tegenover zoveel geleerdheid en geleerden van de kerk het gelijk (van Gods Woord) niet aan zijn kant kon hebben.

Opgemerkt: Wat we altijd weer kunnen ontdekken in de kerkgeschiedenis dat is dat ‘het koninkrijk van de hemel door geweld wordt bedreigd en dat sommigen er zelfs met geweld beslag op willen leggen’ (vgl. Matteüs 11 vers 12). Dat kwam wel heel duidelijk aan het licht op de rijksdag te Worms. Maar het is helaas altijd en overal nog eerder regel dan uitzondering. Zowel binnen de kerken als in de wereld. Zelfs binnen onze huidige gereformeerde kerken is het volop aanwezig en te zien wanneer onze ogen daarvoor geopend worden. We kunnen zelfs stellen dat met zo’n boek als ‘De Institutie’ van Calvijn heel kort na de Reformatie er al weer een ‘geweldig menselijk boek’ aan de mensen in de gereformeerde kerken in handen gegeven was om ‘met (menselijk) geweld beslag te leggen’ op de gewetens van de mensen. (1) Dat is niet de bedoeling van Calvijn geweest, al toont de verbranding van de ketter Servet, dat hij en de mensen om hem heen (die Servet moesten berechten en een vonnis uitspreken) er niet helemaal vrij van waren. En veel toenmalige en latere volgelingen waren er ook niet vrij van. Dat toont o.a. het leven van een Petrus Datheen. (1)

(1) Zie ook: ‘Apostolische wijsheid en geduld’ versus ‘dwepers en drijvers’… (V)’

Bron citaat: RD Kerk 7 religie – ‘Lutherbijbel 500 jaar: het boek waarop de wereld wachtte’ – Geerten Moerkerken

Bron afbeelding: Pinterest (Pin on Torah)

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

(De) Last van moedeloosheid… (vervolg)

‘Want Mijn juk is zacht en Mijn last is licht‘
(Matteüs 11 vers 30)

Geciteerd: Er is zeker grote kracht voor nodig om een ondraaglijk juk, niet alleen dragelijk, maar zelfs zoet en licht te maken. Hoe kan dat dan? De Heilige Geest verandert in dit geval niet het gewicht van de last, maar de persoon die de last draagt, wordt door Hem veranderd. Want de persoon wordt bekleed met nieuwe kracht, waardoor hij, zoals Paulus zegt, ‘Alle dingen kan doen door Hem die kracht geeft‘ (vgl. Filippenzen 4 vers 13).

Geciteerd 2: En dit is nu de kracht van Christus. Hij zegt: ‘Mijn last’. Het is alsof Hij zeggen wilde: ‘Mijn last is niet als andere lasten. Mijn last drukt je niet neer, maar tilt je op. Mijn last draagt eeerder jou, dan dat jij die moet dragen.’

Zie ook: ‘Een God van de zwakken – Deel 3 – Elia’s depressie‘

Voorgaande blog: ‘(De) Last van moedeloosheid…‘

Bron citaat: ‘Maarten Luther – Vrees niet, geloof alleen – Dagboek over het geloof’ – Samengesteld, ingeleid en vertaald door H.C. van Woerden sr. – 2019 Den Hertog BV., Houten
(Citaat/overdenking van 28 juni: ‘Troost voor lastdragers’)

‘De engel van de HEERE kwam voor de tweede maal, raakte hem aan en zei: Sta op, eet, want de weg zou te zwaar voor u zijn. Toen stond hij op, at en dronk, en liep door de kracht van dat voedsel veertig dagen en veertig nachten*, tot aan de berg van God, de Horeb.’ (Uit 1 koningen 19 de verzen 7-8)
* Zie: Exodus 34 vers 28; Matteüs 4 vers 2.

Bron afbeelding: SlidePlayer

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

(De) Last van moedeloosheid…

‘Ik sprak wel in mijn moedeloosheid: Ik ben van voor Uw ogen verstoten, tóch hoort U naar de stem van mijn smeken, als ik tot U roep.‘ (Uit Psalm Psalm 31 vers 23 – weergave DB 1545)

Geciteerd: Omdat nu deze mensen, die hier in de tekst door de satan zó geplaagd en gemarteld worden, kinderen van God zijn, volgt daaruit onweerlegbaar, dat God voor hen, als voor Zijn lieve kinderen, zal zorgen en hen niet zal verachten en verwerpen. Daarom moeten zij ook midden in de aanvechtingen, tegenslagen en ongelukken vrolijk, gewis en zeker zijn dat God hen liefheeft.” (1)

Opgemerkt: Dat zullen ook alle gehuwde (en gescheiden) mensen horen en leren opdat ze zich niet te zeer beklagen over hun medemensen. Dat is ook niet de reden dat ik me steeds weer laat horen over onrecht dat me is aangedaan. Mijn verlangen is dat de mensen tot inzicht komen en gaan werken aan herstel van relaties in huwelijk en gezin, ipv. handhaven en rechtvaardigen van de status quo…

(1) Maarten Luther: Tischreden aus Veit Dietrichs und Nicolaus Medlers Sammlung, WATR 1, Nr. 86
(maartenluther-com – Luthercitaat van maandag 27 juni – info@maartenluther-citaten-nl)

Bron afbeelding: Pinterest (Psalms, Fear of the Lord)

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Kostbare mensen…

‘Hij (Jethro) nam Mozes’ vrouw Sippora met zich mee – zij was door Mozes teruggestuurd – en ook haar twee zonen.‘ (Uit Exodus 18 : 1-7 vers 2)

Geciteerd: Was Mozes gescheiden? Die vraag kun je stellen. Want we lezen dat Mozes zijn vrouw Sippora had weggestuurd. ‘Heengezonden’, staat er. Hetzelfde woord als bij de wetten over de scheidbrief: een man kon zijn vrouw ‘heenzenden’. Bovendien wordt er telkens gesproken over ‘haar’ zonen, alsof ze inmiddels meer van van Sippora waren dan van Mozes. Maar evengoed kan je vermoeden dat Mozes zijn vrouw slechts tijdelijk had weggezonden. Hoe dan ook, hun wegen waren uit elkaar gegaan. Mozes ging zijn eigen intensieve weg, als leider van het volk. Als man van God. Verdroeg zich dat met een gezinsleven? Mozes vond wellicht van niet. Maar zijn schoonvader – en ook God?* – dacht daar anders over. Hij zegt: “Ik, je schoonvader Jethro kom je bezoeken, met je vrouw en haar beide zonen.” (vers 6) Wat kostbaar, zulke mensen die geliefden weer bij elkaar brengen.

NB. Wat kunnen schoonouders en/of eigen ouders een goede rol spelen in huwelijken en gezinnen wanneer hen die respectvol gegund wordt! Lees (heel) Exodus 18.

* ‘Jezus zei: “Hebt u niet gelezen dat de Schepper de mens bij het begin mannelijk en vrouwelijk heeft gemaakt?” En Hij vervolgde: “Daarom zal een man zijn vader en zijn moeder verlaten en zich hechten aan zijn vrouw, en die twee zullen één worden; ze zijn dan niet langer twee maar één. Wat God verbonden heeft, mag de mens niet scheiden.”‘ (Uit Matteüs 19 de verzen 4-6)

‘Of weet u niet dat uw lichaam een tempel is van de heilige Geest, die in u woont en die u ontvangen hebt van God? Weet u niet dat u niet van uzelf bent? U bent gekocht en betaald, dus bewijs God eer met uw lichaam.‘ (Uit 1 Korintiërs de verzen 19-20)

‘Hij geneest wie gebroken zijn en verzorgt hun diepe wonden.’
(Uit Psalm 147 vers 3)

Zie ook: ‘Een les in naastenliefde – door Marleen Hengelaar – Rookmaker‘

Bron citaat: Dag in dag uit 2022 – Meditatie maandag 27 mei – Leger des Heils | Ark Media

Bron afbeelding: artway-eu (Schilderij van Jacob Jordaens)

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Christus’ gemeente ‘hemelse/aardse worst’ voorhouden?

‘Wil iemand zich op iets beroemen, laat hij zich op de Heer beroemen, want niet wie zichzelf aanprijst is betrouwbaar, maar wie door de Heer wordt aangeprezen.‘ (Uit 2 Korintiërs 10 de verzen 17-18)

Geciteerd: ‘Geloof zonder werken is dood, zegt Jakobus, en ondanks Luthers begrijpelijke weerzin tegen een dergelijke uitspraak, is die gedachte anno nu gelukkig springlevend. Een beetje chaos en verwarring – en de onvermijdelijke stommiteiten die ook ik beging – horen daarbij, maar gelukkig kan het perkje van de kerk dat wel hebben.’

Opgemerkt: Dan heeft deze schrijver Luther zijn werk niet goed gelezen en begrepen. Luther wilde de bron van onze goede werken niet vertroebeld zien door allerlei kerkelijke baasjes die de mensen graag voor hun karretjes spanden/spannen onder het hen voorhouden van ‘hemelse worst’*. En die lopen er helaas nog altijd in grote getale rond! Levend geloof gaat aan de slag, dat heeft Luther duidelijk genoeg gemaakt!

* Dat kan ook ‘aardse worst’ zijn, zoals aandacht van de jeugd, aandacht van ongelovigen en/of buitenkerkelijken, kerkgroei…

Zie ook: ‘Geloof en goede werken…’ en ‘Vrucht van geloof blijft niet onopgemerkt…‘

N.a.v. ‘Geloof zonder de werken is dood’ – Ricco Voorberg (Popup-kerk) geciteerd – in FB-post ND

‘Wij bidden dag en nacht met volle overgave dat we u weer zullen zien en kunnen aanvullen wat nog aan uw geloof ontbreekt. Mogen God, onze Vader, en onze Heer Jezus ons pad naar u leiden. Moge de Heer uw liefde voor elkaar en ieder ander groter maken, zodat uw liefde even overvloedig wordt als onze liefde voor u. Moge de Heer u door die liefde kracht geven, zodat u zuiver en heilig voor onze God en Vader zult staan wanneer onze Heer Jezus komt met al Zijn engelen. Amen.‘ (Uit Tessalonicenzen 3 de verzen 10-13)

Bron afbeelding: SlidePlayer

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Vrucht van geloof blijft niet onopgemerkt…

‘Ik, die gevangen zit omwille van de Heer, vraag u dan ook dringend de weg te gaan die past bij de roeping die u hebt ontvangen: wees steeds bescheiden, zachtmoedig en geduldig, en verdraag elkaar uit liefde. Span u in om door de samenbindende kracht van de vrede de eenheid te bewaren die de Geest u geeft: één lichaam en één Geest, zoals u één hoop hebt op grond van uw roeping, één Heer, één geloof, één doop, één God en Vader van allen, die boven allen, door allen en in allen is. (Uit Efeziërs 4 de verzen 1-6)

‘Aan ieder van ons is genade geschonken naar de maat waarmee Christus geeft.’
(Uit Efeziërs 4 vers 7)

Geciteerd: ‘Wat hoop je dat anderen van Christus zien in je gemeente?’ Die vraag stelde ds. Lustig aan zijn Franse broeders en zusters. ‘Ik verlang ernaar dat mensen bij ons de kracht van de opstanding van Christus zullen zien,’ kreeg hij als antwoord.

Opgemerkt: Wij hebben nog meegemaakt dat we niet allerlei idealen en doelstellingen voor de Christengemeente waarvan wij lid waren hadden te formuleren. Natuurlijk geeft Gods Woord ons wel door dat wij Paulus zullen navolgen in zijn verlangen om Christus en de kracht van zijn opstanding te leren kennen, maar we kregen het niet mee als doelstelling om dat aan anderen te laten zien. We zullen een belijdende gemeente zijn, die leeft onder de verkondiging van Gods Woord. En niet onze mooie doelstellingen maar ons geloof – wanneer we daadwerkelijk geloven – zal naar Gods belofte niet zonder vrucht blijven. En die vrucht wordt door anderen opgemerkt.

‘Zijn goddelijke kracht immers heeft ons met alles, wat tot leven en godsvrucht strekt, begiftigd door de kennis van Hem, die ons geroepen heeft door zijn heerlijkheid en macht; door deze zijn wij met kostbare en zeer grote beloften begiftigd, opdat jullie daardoor deel zouden hebben aan de goddelijke natuur, ontkomen aan het verderf, dat door de begeerte in de wereld heerst. Maar schraagt om deze reden met betoon van alle ijver door uw geloof de deugd, door de deugd de kennis, door de kennis de zelfbeheersing, door de zelfbeheersing de volharding, door de volharding de godsvrucht, door de godsvrucht de broederliefde en door de broederliefde de liefde (jegens allen). Want als deze dingen bij u aanwezig zijn en overvloedig worden, laten zij u niet zonder werk of vrucht voor de kennis van onze Here Jezus Christus. Want bij wie zij niet zijn, die is verblind in zijn bijziendheid, daar hij de reiniging van zijn vroegere zonden heeft vergeten. Beijvert u daarom des te meer, broeders, om uw roeping en verkiezing te bevestigen; want als gij dit doet, zult gij nimmer struikelen. Want zó zal u rijkelijk worden verleend de toegang tot het eeuwige Koninkrijk van onze Here en Heiland, Jezus Christus.’ (Uit 2 Petrus 1 de verzen 2-11)

Zie ook: ‘Geloof en goede werken…’ en ‘Christus’ gemeente worst voorhouden…’

Bron citaat: gereformeerdebond-nl – ‘Vanuit de marge – Gereformeerde Bond’ – Ds. G. Lustig (Zending, 21-06-2022)

Bron afbeelding: Knowing-Jesus-com

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Geloof en goede werken…

‘En weest daders van het Woord en niet alleen hoorders…’
(Uit Jakobus 1 vers 22)

Geciteerd 1: Nu (in een later geschrift) presenteert Luther Jacobus als een evangelische prediker, die christenen aanzet waarachtig te zijn en het Evangelie te preken. Zij moeten erop vertrouwen dat het Woord zelf goede werken zal voortbrengen. Waar het geloof werkzaam is, zijn er geen werken van de Wet, maar alleen vruchten van het geloof. Zowel geloof als werken moeten een product zijn van het Woord en de krachtige werking van Gods Geest.

Geciteerd 2: Pas ervoor op dat u van Christus geen Mozes maakt, of van het Evangelie geen wet- of leerboek, zoals dat tot nu toe gebeurd is. (…) Als echter Christus, en ook Petrus en Paulus, in de evangeliën veel geboden en leringen geven en de wet verklaren, moet u die waarderen als alle andere liefdewerken en weldaden van Christus.

Geciteerd 3: Waar het geloof is, kan het zich niet stilhouden, het komt tevoorschijn en breekt uit in goede werken, het belijdt en leert dit Evangelie voor de mensen en waagt er het leven voor. Alles wat de mens nu leeft en doet, is gericht op het nut van zijn naaste. Hij wil niet alleen een middel zijn om zijn naaste tot deze genade te brengen, maar hij/zij helpt deze ook met lichaam, goed en eer. Want zoals hij/zij ziet dat Christus voor hém/háár gedaan heeft, zo volgt hij/zij nu ook zelf het voorbeeld van Christus. Dát bedoelt dus Christus, als uiteindelijk blijkt dat Hij geen ander gebod gegeven heeft dan de liefde (vgl. Romeinen 13 vers 10).
Dááraan kan men zien wie Zijn discipelen en rechtschapen gelovigen zijn. Want waar de liefde niet in praktijk gebracht wordt, daar is het geloof niet goed. Daar heeft het Evangelie nog geen vat en wordt Christus niet op de juiste manier gekend. Zie voor uzelf toe, onderzoek zó de boeken het Nieuwe Testament, dat u ze op deze manier weet te lezen.

Zie ook: ‘Vrucht van geloof blijft niet onopgemerkt…‘ en ‘Christus’ gemeente worst voorhouden…’

Bron citaat 1: hermanherbers-nl – ‘Simon Pauli en de Brief van Jacobus’
Bron citaat 2-3: Boek – ‘Maarten Luther – Mijn enige troost – 365 dagen met de Heidelbergse Catechismus’* – Samengesteld en vertaald door H.C. van Woerden – 2015 Den Hertog BV, Houten.
* Zondag 32 (Zondag) – Voorwoord in DB bij het Nieuwe Testament – Das Neue Testament. Vorrede 1546, vgl WADB 6,9,3-11,6

‘Dit is Zijn gebod: dat wij geloven in de naam van Zijn Zoon Jezus Christus
en elkaar liefhebben.‘ (Uit Johannes 3 vers 23)

Bron afbeelding: dailyverse.knowing-jesus-com

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

‘Zonder wetenschap geen reformatie’…

‘Wij hebben niet de geest van de wereld ontvangen, maar de Geest die van God komt, opdat wij zouden weten wat God ons in Zijn goedheid heeft geschonken. Daarover spreken wij, niet op een manier die ons door menselijke wijsheid is geleerd, maar zoals de Geest het ons leert; wij verklaren het geestelijke met het geestelijke.‘ (Uit 1 Korintiërs 2 de verzen 12-13)

Geciteerd 1: Gereformeerde theologie heeft dit altijd in nauwe verbinding met en ten dienste van de kerk gedaan. Maar niet aan de leiband van de kerk. En dat is maar goed ook. De Reformatie begon namelijk niet in de kerk maar aan de universiteit. De Reformatie begon ook niet met een preek maar met 95 academische stellingen. Zonder wetenschap geen reformatie. Toen niet en nu ook niet. Nu namelijk wordt daar weer over gesproken en gedacht. Hoe moet dat tussen kerk en universiteit?

Opgemerkt 1 (eerst maar een en ander a.h.v. een aantal stellingen):

  1. Luthers geboorte en Doop vonden plaats in de gemeenschap van de kerk/Kerk en zijn wieg en het doopvont stonden niet in een universiteit.
  2. Luthers keuze voor het monnikenbestaan en daarmee terechtkomen op een universiteit gebeurde in het ‘open veld’ tijdens een onweer, niet op een universiteit.
  3. Als het aan de universiteiten en de ‘kerkleiders’ gelegen had waren de 95 academische stellingen netjes (of zo nodig later zelfs ook met bruut geweld) door ‘geestelijke academici’ afgehandeld en ‘buiten bedrijf’ gesteld. Zelfs Luther had geen andere plannen ermee dan een ‘academisch dispuut’ daarover.
  4. Het waren niet de 95 stellingen, maar het was toch vooral de preek tegen de aflaten die de ‘gewone man trof in het hart’ – die de vlam van de Reformatie in het kruitvat van het gewone volk blies.
  5. ‘Zonder wetenschap geen reformatie’? Wetenschap is door mensen verzamelde wijsheid/kunde; Reformatie is werk van de Geest!

Geciteerd 2: Luther, Calvijn en Voetius – om maar enkele reformatorische theologen te noemen – waren echter van mening dat predikanten aan een universiteit opgeleid moeten worden. Een universiteit namelijk moet haar studenten leren om op academisch niveau zelfstandig te onderzoeken en te denken. En dat moeten predikanten ook kunnen. De predikant immers moet om te kunnen preken zelfstandig de Schriften onderzoeken.

Opgemerkt 2: Laten we dan eens letten hoe onze Heer Jezus Zijn werk hier op aarde begon en wat voor mensen Hij koos en welke mensen Hij juist niet koos en Hoe Hij Zijn werk voortgezet wilde zien na Zijn hemelvaart.
We lezen dat onze Heer Zelf geen opleiding kreeg in Jeruzalem en dat Hij ook Zijn discipelen niet koos uit die kringen en ook geen moeite gedaan heeft er binnen te komen om daarmee ook daar erkend te worden. En we lezen dat de apostel Paulus op zeer bijzondere manier geroepen werd, en dan wordt hem een inzicht geschonken, die hij verkreeg zonder als discipel voortdurend in het gevolg van Jezus te zijn geweest. Van zijn vroegere opleiding en daar aangeleerde manier van denken moet hij afstand nemen.
Opgemerkt 3: De Joden hebben vanwege hun noodgedwongen vertrek uit het land Israël (o.a. de Babylonische ballingschap) zich in allerlei landen gevestigd en toen reden gehad/gezien om de Joodse Bijbel (Pentateuch) in het Grieks (Septuagint) te vertalen. Dat ze daarmee de latere verspreiding van het Evangelie een enorme dienst bewezen, dat hebben ze tijdens dat vertalen niet beseft.
Opgemerkt 4: Bij de vertaling van de Joodse Bijbel in het Grieks moeten we nog niet denken aan het bedrijven van theologische wetenschap zoals we die vandaag kennen. Het was trouw werken aan de vertaling binnen een gemeenschap van Joden, die dat werk ook biddend gedaan hebben. Dat vertaal werk heeft zeker gestaan onder de leiding van Gods Geest.
Opgemerkt 5: De kerken – de Kerk – kan beslist blijven voortgaan en voortbestaan zonder het soort van wetenschappelijke opleiding en het wetenschappelijke werk zoals dat aan huidige universiteiten wordt gevonden en verricht. Ze kan echter niet zonder trouwe werkers die hun gaven en talenten inzetten om de kerken – en daarmee de Kerk – te dienen. De heilige Geest is machtig genoeg om in allerlei omstandigheden mensen bekwaam en trouw te maken voor het werk dat Gods hand hen te doen geeft in de gemeenten/kerken.
Opgemerkt 6: We zullen de (moderne) wetenschap beslist ook plaatsen onder ‘de wijsheid van deze wereld en haar machthebbers’ (zie 1 Korintiërs 2), dat gold ook voor de ‘Schriftgeleerdheid en haar machthebbers in Jeruzalem’ en het gold ook voor de theologische kennis van de clerus in de eeuwen voor de Reformatie. Maarten Luther heeft zich uiteindelijk niet kunnen beroepen op menselijke wijsheid (verzameld in geschriften)…
Opgemerkt 7: In feite wordt hier de gemeente-predikant ver boven de gewone gemeenteleden verheven. Dan is hij de enige die Gods Woord op zelfstandige manier kan onderzoeken. Mijn eigen gemeente predikant redeneerde ook zo: hij hoefde/wilde met mij niet over ‘theologie’ spreken. Dat ik hem aansprak op wat Gods Woord ons leert en zoals ik dat had leren begrijpen, daar was hij niet in geïnteresseerd, in elk geval was er voor hem geen reden om daar serieus op in te willen gaan.

Opgemerkt slot: Ik heb hier nagelaten om naar allerlei Schriftplaatsen te verwijzen die bruikbaar zijn om wat hierboven gezegd is te bevestigen. Naar ik hoop is dat voor veel lezers ook helemaal niet nodig en weten ze die zelf wel te noemen/vinden.

Leestip: De eerste vier hoofdstukken van de eerste brief aan de gemeente te Korinthe.

Zie ook deze webpagina: ‘De bovenste beste theologie…‘

Bron citaat: RD Opinie – ‘Kerk moet wetenschappelijke theologie koesteren’ – door prof. dr. H.J. Selderhuis.

‘De boodschap die ik verkondigde overtuigde niet door wijsheid, maar bewees zich door de kracht van de Geest, want uw geloof moest niet op menselijke wijsheid steunen, maar op de kracht van God.‘ (Uit 2 Korintiërs 2 de verzen 4-5)

Bron afbeelding: Holy Bible, NIV – YouTube

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Niet moe worden elkaar te onderwijzen…

‘Voor het overige, broeders en zusters, laat de Heer uw vreugde blijven. Ik heb er geen moeite mee te herhalen wat ik u al geschreven heb; het is voor uw eigen bestwil.’ (Uit Filippenzen 3 vers 1).

Geciteerd: In het Belgische Bergen lijken ze hem bijna vergeten: Guido de Brès, opsteller van de Nederlandse Geloofsbelijdenis. Hij werd 500 jaar geleden in de Waalse stad geboren.

Opgemerkt 1: ‘Gedenkt uw voorgangers…’ (Hebreeën 13 vers 7 en m.n. ook 8]. Zijn laatste brieven (aan vrouw en moeder) zijn m.n. veelzeggend/leerzaam: Wat hij in de gevangenis mocht ‘zien’ en ervaren van Gods nabijheid.

Opgemerkt 2: God gaf ons geen belijdenisgeschriften (1,2), maar Zijn Woord en een heel leven om Hem steeds beter te leren kennen. Laten we elkaar die ruimte geven/gunnen binnen de kerken en niet met ‘de Godskennis’ (zoals we die zwart op wit in een belijdenisgeschrift bezitten) ‘opgeblazen’ heersen over het geloof en de gewetens van broeders en zusters (zie 2 Korintiërs 1 de verzen 23-24) ! (3)

(1) Paulus zegt tegen Timoteüs: daarmee ben je als gelovige en voorganger volmaakt toegerust (om de gezonde leer te leren kennen en te onderwijzen) en dan doelt hij op het OT. En eerder verwees hij Timoteüs ook naar wat hij had mogen zien en horen van Paulus werk in de gemeenten. Wij kunnen dat nog veel meer ‘zien en horen’ dankzij het boek Handelingen en de brieven van de apostelen en de zeven brieven van onze Heer Zelf.
(2) En onze Heer stelde zelfs niets ‘op papier’, maar zei tegen Zijn discipelen dat ze moesten wachten op de uitstorting van de Geest.
(3) Net als de apostelen moeten we niet moe worden om elkaar te onderwijzen binnen een gemeente en binnen de kerken . Daarom reisde Paulus opnieuw langs de gemeenten en schreef hij hen brieven en de andere apostelen deden niet anders. Paulus geeft Timoteüs dan ook niet de opdracht om nu eens een en ander in een belijdenisgeschrift samen te vatten omdat hij daar zelf niet aan toe gekomen was. Zelfs de brief aan de Romeinen valt niet zo te gebruiken…
Zie o.a. Kolossenzen 2 de verzen 16-17 en Romeinen 15 de verzen 14-16.

Slotopmerking: De(/een) Catechismus beschouw ik als een (wel/beter) bruikbaar hulpmiddel in de kerken omdat een catechismus bedoeld is om de lezer en voorganger te helpen bij het lezen en verstaan (begrijpen) en verkondigen en toepassen van Gods Woord. Maarten Luther zei dat hij altijd weer mee leerling werd wanneer hij over een vraag en antwoord van de door hem opgestelde catechismus ging/moest (s)preken…

Zie ook deze webpagina: ‘Filippenzen 3 – Christus ons Leven‘ (zeer aanbevolen!)

Bron citaat: RD Kerk & religie – ‘Guido de Brès: zó gereformeerd, maar bijna vergeten’ – door Maarten Stolk

Bron afbeelding: Pinterest

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie