Van kind tot kind…

God zal Zijn waarheid nimmer krenken,
Maar eeuwig Zijn verbond gedenken.
Zijn woord wordt altoos trouw volbracht,
Tot in het duizendste geslacht.
’t Verbond met Abraham, Zijn vrind,
Bevestigt Hij van kind tot kind.
(Psalm 105 vers 5, Oude Berijming)

Misvatting over overschatting…

Citaat: Onze vaderen hebben het gevaar van overschatting (a) van de doop beseft en zich dus verzet tegen de praktijk van de nooddoop in de Rooms-Katholieke Kerk. De kinderdoop valt niet samen met de zaligheid. (b) Anderzijds wilden zij ook geen onderschatting van de doop. Daarom wezen ze onnodig uitstel van de doop af. Vandaar de woorden in de DKO: zo haast (spoedig) als men de bediening hebben kan. (1)

Opgemerkt: Wanneer we het over ‘waarheid’ en/of ‘leugen’ hebben dan zeggen we toch niet tegen elkaar: wacht u voor het gevaar van de overschatting (a) van de waarheid. De (kinder)doop bevestigt de waarheid van Gods Woord en dan zien we daar een mens(je) waarover en waarbij de gemeente en de dopeling (later of als volwassene direct al) eerbiedig (hebben te) belijden dat Gods waarheid zoals verkondigd in het Evangelie aan de dopeling en hierbij ook weer voor de oren en ogen van heel de gemeente bevestigd wordt:

Gód zal Zijn waarheid nimmer krenken…

Willen en durven we dat ook nu nog – naar Gods Woord – zingend te belijden bij onze dopelingen/bondelingen, of geven we toch liever onze eigen gedachten en bedenkingen weer de voorkeur. Lees dan nog maar weer eens de woorden van Psalm 94 : 11, Romeinen 3 : 19 en 1 Korintiërs 1 : 20, 3 : 18-20.

(1) Met de volgende woorden van ds. Procee in het betreffende artikel kan ik (wel) van harte instemmen: Een kind (of oudere dopeling) wórdt geen verbondskind door de bediening van de doop. De doop bevestigt alleen het feit dat dit kind een verbondskind is. De genadige toezeggingen van God gelden voor dit kind, ook voordat het gedoopt is. Als wij nu de doop moeten uitstellen, dan is dat niet tegen de Schrift. Wij moeten ook de overheid gehoorzamen. Het is maar een tijdelijke maatregel.

(a) Het is duidelijker en beter te zeggen dat de RK-kerk met de nooddoop blijk geeft van een (veel) te hoge waarde/waardering toekennen aan het handelen van de kerk en dat van de symboliek bij de doop. Dat is toch wat anders dan ‘de doop overschatten’! Ook niet nodig om dan in de kerk het ‘juiste midden’ te vinden en/of handhaven tussen overschatting en onderschatting van de doop.

(b) Wat God beslist t.a.v. ‘de zaligheid’ van een dopeling, daar gaan wij niet over, daarover hebben we ook niet te redeneren, maar we zullen dat eerbiedig en met een ‘gerust hart’ aan onze Drie-enige God overlaten! We weten wel dat een dopeling z’n leven lang een Voorbidder in de hemel heeft en Die is er ook nog op ‘de jongste dag’:

Jezus Christus blijft Dezelfde, gisteren, vandaag en tot in eeuwigheid!
(Hebreeën 13 : 8).

Bron citaat: Ds. J. B. Zippro in artikel ‘Doop mag niet nodeloos worden uitgesteld’  geschreven door van Jan van ’t Hul – RD Kerk & religie (18-04-2020)

Bron afbeelding: Bible Verses (Bible Quotes)

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin | Plaats een reactie

Onze burgerlijke en Christelijke vrijheid…

Laat alle zeeën, alle landen
Hem prijzen met een blij geluid.
Rivieren klappen in de handen,
de bergen jubelen het uit.
Hij komt, Hij komt de aarde richten,
Hij komt, o volken weest verblijd,
Hij komt Zijn koninkrijk hier stichten,
Zijn heil en Zijn gerechtigheid.
Psalm 98 vers 4 (Berijming 1967)

Citaat: We vieren op vrijdag 17 april de vrijheid. De vlaggen in top.

  • Vrijheid is niet alléén iets van mooie gedachten en woorden. Het kan hoge offers vragen, zo leert ons de bevrijdingsstrijd uit eigen omgeving.
  • Vrijheid kun je ook vandaag zo maar kwijtraken als het niet gepraktiseerd wordt in respect en ruimte die we elkaar geven. Maar die individuele vrijheid is niet het hele verhaal.
  • Vrijheid moet zich ook laten kennen in het doen van het goede voor de ander, de dienstbaarheid.

De Duitse theoloog Dietrich Bonhoeffer, schreef aan de vooravond van zijn executie door de nazi’s daarover inspirerende woorden.

“Niet wat je wenst maar resoluut het goede doen. Niet dromen over mogelijkheden maar onbevreesd de werkelijkheid aangrijpen. Vrijheid ligt niet in verheven gedachten, alleen in het doen. Aarzel niet langer, ga de storm in en handel”.

Wat zie ik ook in deze tijden van corona, de onzichtbare vijand die ons nu de vrijheid ontneemt, veel moedige mensen die zo handelen. Wat een menselijkheid, solidariteit, toewijding en liefde wordt er getoond. Tekenen van hoop, bemoediging en troost. Vrijheid, daarvoor gaat de vlag in top!

Opgemerkt: Ja, goed om zó terug te denken en te overdenken wat toen gebeurde en hoe velen net voor of na de bevrijding geliefden en goederen nog ‘moesten’ verliezen en ook goed om woorden van Dietrich Bonhoeffer daar bij aan te halen, iemand die ook op het laatst van WO II nog zijn leven ‘moest’ geven in dienst van ‘de vrijheid’.

En bij ‘de vrijheid’ waar hij voor gestreden heeft zullen we inderdaad toch vooral eerst hebben te denken aan de Christelijke Vrijheid! De Vrijheid om in en onder alle omstandigheden het goede te doen en naastenliefde te betonen ook aan onze vijanden!

Dietrich Bonhoeffer zag tussen zichzelf en iedere medemens Christus staan! (1) Bij het uitbreken van WO II raakte hij dat even ‘kwijt’ en meende hij dat iedere christen de gelegenheid mocht gebruiken om de tiran Hitler  om te brengen wanneer de gelegenheid zich voordeed. (2)

Maar blijkbaar vergat hij toen dat een discipel dan wel eerst ‘dwars door zijn Heiland heen’ de ander moest doodschieten.

Zijn houding en woorden op het laatst van zijn leven in de gevangenis brengen hem weer in overeenstemming met wat hij eerder schreef over de houding en het handelen van Christenen in deze wereld!

(1) Lees het (o.a.) in zijn boek ‘Navolging’.
(2) Willem van Oranje heeft zich nooit met moord op de tiran Philips II bezig gehouden en we horen dat ook in ons volkslied!

Leestip:  Psalm 94*
* Zie m.n. ook vers 23: Het gebral van Hitler is voorgoed verstomt maar de woorden van (bijvoorbeeld) Dietrich Bonhoeffer verspreiden nog altijd zegen (Zie ook Spreuken 10 : 7)

Bron citaat:  barneveld360-nl – ‘Column burgemeester: Als de vrijheid dichterbij komt’ – door burgemeester Asje van Dijk

Bron afbeelding: Pinterest

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Huwelijk en gezin, Politiek | Plaats een reactie

Inmiddels van z’n verslaving af…

(…) 19 Wij weten dat de wet in alles wat hij zegt alleen tot degenen spreekt die aan de wet zijn onderworpen. Maar uiteindelijk wordt ieder mens het zwijgen (=een medemens niet veroordelen) opgelegd en staat de hele wereld schuldig voor God. 20 Daarom is voor hem geen sterveling onschuldig omdat hij de wet naleeft, want juist de wet leert ons de ​zonde​ kennen. (Uit Romeinen 3)

Citaat: De jonge man over wie ik sprak, is inmiddels vrij van zijn verslaving. De hulpverlening was niet heel ingewikkeld. Het belangrijkste was gebeurd op die bewuste zondag. Nadat de ketting gebroken was, heeft hij bijzonder veel zegen en vreugde ervaren in zijn leven.

Opgemerkt: In de eerste plaats mijn waardering voor de strekking van dit artikel. Bekering vindt plaats onder de verkondiging van het Woord, waar dat ook gebeurd. In de samenkomsten van de gemeente of Bijbellezend en biddend thuis of in gesprek en gebed met broeders en zusters (zelfs mogelijk ook in een hulpverlenende situatie*).

Maar die broeder (of zuster) die zich bekeerd (van een ‘verslaving’ bijv.) zal merken dat het niet kan zonder dagelijkse bekering. Dus niet zonder de dagelijkse en wekelijkse vernedering onder het Woord en dat is de levende Christus Die ons toespreekt en Die door en voor ons bidt door de heilige Geest.

Want met Paulus zullen we ontdekken en hem nazeggen: Niet dat ik meen dat ik het reeds gegrepen heb… De apostel Paulus had een ‘doorn in het vlees‘, ‘een duivel om hem met vuisten te slaan‘ en wat hebben wij dan wel niet nodig om nederig te blijven en ons niet te verheffen door bijvoorbeeld te zeggen: Ik ben die verslaving (voorgoed) de baas geworden… Nu mag ik allerlei zegen in mijn relaties verwachten/ondervinden…

Paulus ondervond veel weerstand in de gemeenten van Korinthe en Galatië en veel van z’n vroegere ‘broeders/vrienden’ lieten het afweten toen deze apostel – in plaats van een groots en gevierd man – een gevangene was geworden. (Zie 1 Timoteüs 4 : 16-18).

* ‘Ondergetekende’ heeft nog de beste herinneringen aan gesprekken met ‘verpleegkundigen’ die ook wel eens tijd maakten om een goed gesprek te voeren! De professionele hulpverleners hebben de neiging om hún woorden en middelen te overschatten en luisteren daarom minder goed naar ‘de patient’!

En dan zijn de ‘deskundige leken‘ die een (te) groot vertrouwen hebben in de wetenschappelijke zorg en geneesmiddelen en die graag (snel) van ‘de problemen’ af willen nog wel de grootste ‘zorg behoevende groep’. Vooral die laatste groep kan leren waartoe het eenvoudige Bijbelonderwijs ons oproept in de omgang met elkaar en de in hun/onze ogen ‘zondige(r)’ medemens – het soort Bijbelonderwijs waarin toch vooral Maarten Luther ons heeft voor mogen en willen gaan!

Bron citaat: RD Opinie – ‘Column: Porno onder christenen’ Aart van Soest (14 april 2020)

Zie ook:  Gij dan zult volmaakt zijn… en Geloof alleen (bewerkt dit)…

Bron afbeelding:  SlideShare (Surrender)

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Geloof alleen (bewerkt dit)…

1 De HEER is ​koning, met hoogheid is Hij bekleed,
de HEER is met macht bekleed en omgord.
Vast staat de wereld, zij wankelt niet,
2 en vast staat van oudsher Uw ​troon,
U bent van alle eeuwigheden.

3 De stromen verheffen, HEER,
de stromen verheffen hun stem,
luid verheffen de stromen hun stem.
4 Maar boven het geraas van de wijde wateren,
van de machtige baren der zee,
is hoog in de hemel de machtige HEER.

5 Uw uitspraken zijn betrouwbaar.
Heiligheid​ is van Uw ​huis​ het ​sieraad,
HEER, tot in lengte van dagen.

Psalm 93, NBV.

De Schrift kent aan het geloof (1) een kracht toe dat het hart verandert en de mens gehéél nieuw maakt. Er bestaat geen werk of deugd die de mens anders kan maken dan hij is. Alleen het geloof kan het en doet het!

Dit echter kan iemand wel: zijn rode jas uittrekken en daarvoor in de plaats een zwarte aandoen. Toch blijft dezelfde boef die voorheen in een rode jas rondliep, nu in een zwarte rondlopen.
Zo ook de deugniet die onder het pausdom vis heeft gegeten, eet nu vlees. Dit alles verandert een mens niet!

Alleen dit doet het: dat ik geloof en voor zeker houdt dat Christus voor mij gestorven is. Bovendien dat ik daarvoor mijn lichaam en leven, en alles – wanneer men dat van mij nemen wil – gewillig overgeef. Het werkt dat ik een geheel nieuwe mens wordt en ook in het dagelijks leven niet meer ben als voorheen. Dat brengt het geloof buiten twijfel met zich! (2)

Wanneer dit echter niet gebeurt, dan is dit een betrouwbaar teken dat het niet het ware geloof is. Verder: net zoals geloof de mens helemaal verandert en nieuw maakt, zo maakt het hem ook standvastig in lijden en kruis, dat geloof zeker op de voet volgt. (3)

Maarten Luther: WA 32, 100, 1-16.

(1) Het geloof als een gave van God gewerkt door de kracht van de heilige Geest waarom wij – een leven lang – dagelijks eerbiedig bidden met het Onze Vader gebed. Zie Lukas 11 : 1-13.
(2) We zullen daarom ook veel geduld hebben met elkaar en bidden met en voor elkaar en vergevingsgezind hebben te zijn in gezin-, familie- en gemeentekring en wij zullen om onze vriendelijkheid aan al onze medemensen bekend dienen te staan als christenen.
(3) We zullen dat niet zoeken of anderen aanbevelen maar we krijgen dat kruis en lijden opgelegd. Zie ook: Gij dan zult volmaakt zijn…

Lezen 1 Timoteüs 4 of Jakobus 2 : 1-13.

Bron tekst:Vrees niet, geloof alleen – Dagboek over het geloof‘ – Meditatie 21 april – Samengesteld, ingeleid en vertaald door H.C. van Woerden – 2019 De Hertog B.V., Houten

(…) 16 Want ik schaam mij het ​evangelie​ niet; want het is een (reddende, NBV) kracht Gods tot behoud voor een ieder die gelooft, eerst voor de ​Jood, maar ook voor de Griek. (Romeinen 1 : 16, NBG)

Bron afbeelding:  Verse of the Day

 

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin | Plaats een reactie

Gij dan zult volmaakt zijn…

Als u dan met Christus de grondbeginselen (wereldgeesten, machten) van de wereld bent afgestorven, waarom laat u zich dan, alsof u nog in de wereld leeft, bepalingen (geboden) opleggen.‘ (Kolossenzen 2 : 20)

Het geloof niet ieders ding

Er zijn altijd maar weinig goede leerlingen van het Evangelie geweest. Velen zijn weliswaar geroepen, en de grote massa hoort het en weet er over mee te praten, maar weinigen zijn uitverkoren (1), die in geduld vrucht voortbrengen. Want het geloof is niet ieders ding.

Daarom, waar deze huichelaars met hun geest heen willen, daar hoop ik niet te komen. De barmhartige God moge mij bewaren voor een kerk waar enkel heiligen zijn.

Ik wil in de kerk en onder het hoopje zijn en blijven waar bevreesden, zwakken en zieken zijn. (2) Bij hen wil ik blijven die hun zonde, ellende en jammer erkennen en voelen. Die ook zonder ophouden tot God om troost en hulp hartelijk zuchten en roepen en (toch/nochtans!) de vergeving van hun zonden geloven.

Bovendien blijf ik bij hen omwille van het Woord, dat zij rein en onvervalst leren en belijden en waarom zij vervolgingen uitstaan.

Een heel andere aanpak nodig

De satan is een listige boef. Hij wil door geestdrijvers de eenvoudigen voorhouden dat het niets gedaan is met deze (eenvoudige) prediking van het Evangelie. Ze zeggen: ‘Het moet heel anders worden aangepakt! We moeten een heilige wandel hebben, het kruis dragen en veel vervolging lijden.’  (3)

Door deze valse schijn van eigenwillige heiligheid, die tegen Gods Woord is, worden velen verleid. Maar onze heiligheid en onze gerechtigheid (rechtvaardiging*) is Christus alléén in Wie wij volmaakt zijn. (4)

Maarten Luther: WA 46,583,4-23

Lezen: Kolossenzen 2 : 16-23 of 1 Korintiërs 1 : 18-31.

* Onze rechtvaardiging komt in ‘Dagboek over het geloof’ aan de orde in de meditaties van 12 t/m 18 april.

(1) Lees ‘uitverkorenen’ hier als wat Petrus schrijft aan zijn lezers (uit Joden en heidenen!) in Petrus 2 : 9: Gij echter zijt een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilige natie, een volk (Gode) ten eigendom, om de grote daden te verkondigen van Hem, Die u uit de duisternis geroepen heeft tot Zijn wonderbaar licht.

(2) Ik ben een vriend, ik ben een metgezel / Van allen, die Uw Naam ootmoedig vrezen,
En leven naar Uw Goddelijk bevel. / O Heer’, hoe wordt Uw goedheid ooit volprezen!
Gij doet op aard, aan alle schepslen wel; / Och, wierd ik in Uw wetten onderwezen!
(Psalm 119 vers 10 – Oude berijming)

(3) ‘Laat u niet veroordelen door mensen die opgaan in zelfvernedering en engelenverering, zich verdiepen in visioenen of zich laten voorstaan op eigen bedenksels.’ (Uit Kolossenzen 2 : 16-23, zie Leestip)

(4) Onze Heer Jezus Christus in de Bergrede (Matteüs 5 : 43-48): Wees dus volmaakt, zoals jullie hemelse Vader volmaakt is.

Bron tekst:  ‘Vrees niet geloof alleen – Dagboek over het geloof‘ – Meditatie 20 april ‘De eigenwillige godsdienst‘ – Dagboek samengesteld, ingeleid en vertaald door H.C van Woerden – uitgegeven © 2019 De Hertog B.V., Houten

Bron afbeelding:  Strength in Scripture

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk | Plaats een reactie

Hebt u al leren bidden?

Heer, leer ons bidden‘… (Uit Lukas 11 : 1)

Waarom we als ‘Godsvolk’ de woestijn in moe(s)ten

Toen het volk daar gebrek had aan water, zo morde het volk tegen Mozes en het zei: waartoe hebt u ons nu uit Egypte doen optrekken, opdat u mij en mijn kinderen van dorst zou doen sterven?‘ (Exodus 17 : 3)

Al gaf God ons dagelijks alles wat wij maar wilden hebben, dan zouden wij dat nog helemaal niet waarderen. Je kunt dat wel zien aan de rijken, die in overvloed en welvaart leven, maar God daar helemaal niet voor danken.

Daarom is het nodig dat wij soms beproefd worden – in nood zijn – of zelfs gebrek aan eten, drinken, kleding, geld, eer, gunst van mensen of geluk hebben. Wij moeten weleens geld en goed of eer en achting verliezen, waardoor we dan opnieuw redenen genoeg hebben om God te bidden. We zouden immers God vergeten als we alleen maar overvloed en welvaart ontvingen.

Onze aard en natuur zijn zo verdorven dat onze begeerten niet in te tomen of te matigen zijn. Wij zijn net paarden en ezels die achteruit slaan – wild en onhandelbaar worden – als ze overvloed aan voedsel hebben. Mozes zegt dat ook over Israël: Als nu Jeschurun vet werd, zo sloeg hij achteruit, en hij liet God varen, Die hem gemaakt heeft.

Want als God alles mild en overvloedig geeft dan worden we overmoedig en hoogmoedig en vergeten de Heere onze God. Als God nog een beetje dank en eer wil ontvangen, dan moet Hij ons gebrek laten lijden en ons – zo nu en dan – ons dagelijks voedsel onthouden, anders zullen wij daar zelfs ook niet meer om bidden of voor danken, laat staan dat we nog naar de eeuwige dingen van God zouden vragen. *

Maarten Luther: Predigten über das 2. Buch Mose, 1524/1527, WA 16, 317, 28 – 318, 20

NB. Terwijl we naar en om die ‘eeuwige dingen’ elke dag allereerst zullen vragen door het ‘Onze Vader’ gebed te bidden! Jezus zegt: ‘zoekt eerst het Koninkrijk van God‘… (zie Matteüs 6 : 31-33).

Bron tekst: checkluther-com – ‘Op water en brood‘ – Meditatie 12 april 2020 (1e Paasdag)

Bron afbeelding: Heartlight

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Huwelijk en gezin | Plaats een reactie

Door Gód tot enkelingen gemaakt… (slot)

(…) 12 Een lichaam is een eenheid die uit vele delen bestaat; ondanks hun veelheid vormen al die delen samen één lichaam. Zo is het ook met het lichaam van ​Christus. 13 Wij zijn allen ​gedoopt​ in één Geest en zijn daardoor één lichaam geworden, wij zijn allen van één Geest doordrenkt, of we nu ​Joden​ of Grieken zijn, of we nu ​slaven​ of vrije mensen zijn. 14 Immers, een lichaam bestaat niet uit één deel, maar uit vele. (Uit 1 Korintiërs 12)

Uitsluiten van ‘onbruikbare’ mens(en)

(…) Psychische liefde leeft uit een ongecontroleerd en oncontroleerbaar, duister begeren; (Bijbels) geestelijke liefde leeft in de helderheid van de door de waarheid geordende dienst. Psychische liefde bewerkt menselijke onderwerping, binding, en krampachtigheid. Geestelijke liefde brengt de vrijheid van de broeder onder het Woord.

Psychische liefde kweekt kunstmatige broeikasbloesems, maar geestelijke liefde brengt de vruchten voort, die onder de vrije hemel van God in storm en regen en in zonneschijn, in alle gezondheid groeien naar Gods welbehagen.

Voor elk christelijk samenleven is het een bestaanskwestie, dat het lukt om op het juiste moment het onderscheidingsvermogen op te brengen tussen menselijk ideaal en Gods werkelijkheid, tussen geestelijke en psychische gemeenschap.

>> Of men op dit punt zo snel mogelijk tot een nuchtere instelling komt is beslissend voor dood of leven van een christelijke gemeenschap. <<

Met andere woorden: een gemeenschapsleven onder het Woord kan alleen daar gezond blijven, waar het zich niet ontwikkelt als ‘beweging’, vereniging of collegium pietatis, maar waar het zichzelf kent als een deel van de ene, heilige, algemene christelijke kerk en waar het handelend en lijdend deelneemt aan de nood, strijd en belofte van de hele kerk.

Elk streven naar voorkeur voor bepaalde mensen of groepen en daarmee naar afzondering, dat niet heel zakelijk zijn reden vindt in de gezamenlijke arbeid, in plaatselijke omstandigheden of in gezinsverbanden, is voor een christelijke gemeenschap levensgevaarlijk.

Op de weg van intellectuele of geestelijke ‘selectie’ sluipt altijd weer het psychische binnen, ontneemt aan de gemeenschap haar geestelijke kracht en werkzaamheid voor de gemeente en drijft haar naar het sektarisme. (1)

Uitsluiten van de zwakke en onaanzienlijke, schijnbaar onbruikbare mens, kan ook betekenen, dat Christus wordt uitgesloten, die in de arme broeder aan de deur klopt. Daarom moeten wij hier zeer op onze hoede zijn. (1)

(…) 21 Het oog kan niet tegen de hand zeggen: ‘Ik heb je niet nodig,’ en het hoofd kan dat evenmin tegen de voeten zeggen. 22 Integendeel, juist die delen van het lichaam die het zwakst lijken zijn het meest noodzakelijk. 23 De delen van ons lichaam waarvoor we ons schamen en die we liever bedekken, behandelen we zorgvuldiger en met meer respect 24 dan die waarvoor we ons niet schamen. Die hebben dat niet nodig. God heeft ons lichaam zo samengesteld dat de delen die het nodig hebben ook zorgvuldiger behandeld worden, 25 zodat het lichaam niet zijn samenhang verliest, maar alle delen elkaar met dezelfde zorg omringen. (Uit 1 Korintiërs 12)

Lees ook het geheel:  ‘Geestelijke geen psychische liefde in de gemeente…

Bron tekst: “Verborgen omgang” (deel “Gemeenschapsleven”) van Dietrich Bonhoeffer.

(1) Opgemerkt AJ: Dit is werkelijk een van de belangrijkste oorzaken van de vele verschillende denominaties en groepen en groepjes (gezelschappen) die ontstaan zijn binnen de kerk(en) van (na) de Reformatie.  Ook de breuk van ’67 in de Vrijgemaakt Gereformeerde kerken kwam voort uit ‘een spel’ van mensen, die daardoor steeds beter van elkaar wisten hoe er over specifieke onderwerpen gedacht werd (of gedacht moest worden) en waardoor men steeds beter kon vaststellen bij welke van de twee groepen iemand kon worden ingedeeld en bepalen welke consequenties dat moest hebben voor het omgaan met ‘die ander(en)’ en uiteindelijk ook voor het al of niet verder kerkelijk nog samenleven met elkaar. Maar in alle denominaties/groepen valt dit spel van groepsvorming in allerlei vormen waar te nemen. En ook binnen de afzonderlijke gemeenten* worden dit soort ‘spel’ in allerlei vormen (met allerlei ‘hulpmiddelen’) gespeeld en de mensen daarmee ‘in kaart gebracht’ of  ‘op de kaart gezet’ met ook alle gevolgen voor de omgang met elkaar van dien!
* En zelfs ook binnen Bijbelkringen, families en/of gezinnen wordt dit spel gespeeld!
Leestip:  1 Korintiërs 1 : 26-31 en 3 : 18-23.

Zie ook:  Door Gód tot enkelingen gemaakt… (I)(II), (III), (IV), (V), (VI)

Bron afbeelding:  Pinterest (Pin on Bible)

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin | Plaats een reactie

Door Gód tot enkelingen gemaakt… (VI)

(…) De liefde is geduldig en vol goedheid. De liefde kent geen afgunst, geen ijdel vertoon, en geen zelfgenoegzaamheid. Ze is niet grof en niet zelfzuchtig, ze laat zich niet boos maken en rekent het kwaad niet aan maar vind vreugde in de waarheid. Alles verdraagt ze, alles gelooft ze, alles hoopt ze, in alles volhardt ze. (Uit 1 Korintiërs 13)

Van de ander geen eigen beeld vormen!

(…) Omdat Christus tussen mij en de ander staat, daarom mag ik niet naar rechtstreekse gemeenschap met hem verlangen. Zoals alleen Christus zo tot mij kon spreken, dat ik geholpen werd, zo kan ook de ander alleen door Christus zelf geholpen worden. Dat betekent echter, dat ik tegenover de ander moet afzien van alle pogingen om hem met mijn’ liefde te binden, te dwingen of te beheersen.

Los van mij wil de ander bemind worden als degene die hij is, namelijk als degene voor wie Christus mens werd, stierf en uit de doden opstond, voor wie Christus de vergeving van de zonde verwierf en een eeuwig leven heeft bereid. Omdat Christus met mijn broeder reeds lang beslissend gehandeld heeft, nog voor ik daarmee kon beginnen, moet ik de broeder loslaten voor Christus en moet hij mij alleen kunnen ontmoeten als degene, die hij voor Christus reeds is.

Dat is de betekenis van de uitspraak, dat wij de ander alleen ontmoeten door tussenkomst van Christus. Psychische liefde vormt van de ander een eigen beeld. Van wat hij is en van wat hij worden moet. Zij neemt het leven van de ander in eigen handen. Geestelijke liefde echter herkent het ware beeld van de ander vanuit Christus bezien. Het is het beeld, dat Jezus Christus gevormd heeft en ook vormen wil…

Lees ook het vervolg:  ‘Geestelijke geen psychische liefde in de gemeente…

Bron tekst: “Verborgen omgang” (deel “Gemeenschapsleven”) van Dietrich Bonhoeffer.

Zie ook:  Door Gód tot enkelingen gemaakt… (I)(II), (III), (IV), (V)

Bron afbeelding:  Pinterst (Joe Brander)

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin | Plaats een reactie

Ik heb mijn hart tot rust gebracht…

Theologie van Bonhoeffer ‘een prachtig rond systeem’?

Citaat 1: Al heeft Bonhoeffer zijn theologie niet kunnen uitwerken, wat Wicke (1) betreft is het toch ‘een prachtig rond systeem’. “Ik ervaar geen breuk in zijn denken, alles hangt bij hem met alles samen. Al in zijn dissertatie behandelt Bonhoeffer het spreken van God, en van welke God. Daar bereidt hij al voor wat hij later zal zeggen over God als Lückenbüßer ofwel stoplap, een God die pas te voorschijn komt als we het zelf niet meer rond kunnen breien. Van een God die je even uit de hoge hoed tovert als de nood hoog is, moet je afscheid nemen om bij een werkelijk geleefd geloof in God uit te komen. In diezelfde brief schrijft hij dat afzien van jezelf, van het idee iets van jezelf te moeten maken, bekering is: zo word je een mens, zo word je een christen. Eerst mens, dan christen.”

Citaat 2: “Van betekenis zijn voor anderen, daar gaat het om”, zegt Dekens. (2) “Ik was al in mijn kraag gepakt door Jezus en de Bijbel, met een overweldigende liefde vanuit God voor mij en voor anderen, en met ‘Navolging’ legde Bonhoeffer daar een fundering onder.

Opgemerkt

Is er dan toch roem voor mensen en is/zijn de gemeente/n van onze Heer Jezus Christus dus niet alleen vanwege het haar toevertrouwde Woord van God ‘pijler en fundament van de waarheid’ in deze wereld. Moest zo iemand als Dietrich Bonhoeffer (of wie dan ook) daar eerst nog (weer) een ‘fundering onder leggen’?

Nee! Dietrich Bonhoeffer is ondanks alles dagelijks Gods Woord blijven lezen en (biddend) bevragen ook gedurende de crises die Hij persoonlijk doormaakte gedurende zijn levensjaren en het zwaarste/moeilijkste was toch wel de bijval die het Hitler-regime en de Nazi-taal bij de christenen in Duitsland opriepen en de vrees die hem beving bij het succes van Hitlers oorlogsmachine aan het begin van WO II.

Hij vreesde dat de ‘succestaal’ van dit regime de ‘Bijbeltaal’ onbegrijpelijk had gemaakt (in Duitsland) en zou maken (in Europa) voor de mensen en hij meende (daarom) dat het in die omstandigheden Bijbels te rechtvaardigen zou zijn dat een christen met Jezus naam op de lippen een man als Hitler zou doodschieten wanneer zo iemand de gelegenheid daarvoor kreeg.

Ook zette hij (daarom) al z’n intellectuele vaardigheden in om de mensheid een ‘nieuwe theologische taal’ mee te kunnen geven, en dat mede door te schrijven aan zijn ‘Ethik’, waarvan het hem – tot aan z’n gevangenneming – maar niet lukte om er een afgerond geheel van te maken (itt ‘Navolging’!).

Maar zodoende (daarmee) was Dietrich Bonhoeffer bezig als de discipel die naar z’n zwaard greep om zijn Heer alsnog te ontzetten… (zie o.a. Lukas 22 : 49-53). In de gevangenis komt er opnieuw,  maar dan weer ootmoediger – als in Navolging! – Bijbelse bezinning op gang… (zie Bijbeltekst in de afbeelding)

Lees meer over Dietrich Bonhoeffer via deze blog: Inleiding op werk van  Bonhoefferswerk  en m.n. ook zijn meditatie(s) bij Psalm 119

Bron citaten: Trouw/deVerdieping (via Blendle) – ‘Bonhoeffer stelde precies de vragen die er nu toe doen’ – door Stevo Akkerman (a)

(a) Theoloog van het verzet – interview – De stem van Dietrich Bonhoeffer, die vandaag 75 jaar geleden stierf, reikt almaar verder. Zowel liberale als behoudende gelovigen voelen zich aangesproken.

(1) Axel Wicke, afkomstig uit Berlijn, is in Den Haag predikant van de Protestantse Kerk in Nederland. Zijn wijkgemeente is betrokken bij het Buurt-en-Kerkhuis Bethel, dat de wereld over ging vanwege het kerkasiel in de winter van 2018/2019.

(2) Dekens is afkomstig uit een gereformeerd-vrijgemaakt milieu in Ede en tegenwoordig beweegt hij zich ’s zondags met zijn gezin tussen ‘in de buurt aanwezig zijn’ en de evangelische Mozaïek0318-gemeente, overigens zonder lid te zijn, dat ligt allemaal nog een beetje open.

Bron afbeelding:  Pinterest

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis | Plaats een reactie

Door Gód tot enkelingen gemaakt… (V)

Wie mij volgt, maar niet haat zijn vader en moeder en vrouw en ​kinderen​ en broers en zusters, ja zelfs zijn eigen leven, kan niet mijn ​leerling​ zijn. Wie niet zijn ​kruis​ draagt en mij op mijn weg volgt, kan niet mijn ​leerling​ zijn. (Lukas 14 : 26-27)

(…) Ook de weg tot de ‘door God gegeven werkelijkheid’ van de andere mens, met wie ik samenleef, gaat via Christus; anders is het een dwaalweg. Al onze pogingen, de kloof die ons van de ander scheidt, de onoverbrugbare afstand, zijn anders-zijn, zijn vreemdheid door middel van natuurlijke of psychische verbinding te overwinnen, moeten schipbreuk lijden.

Er bestaat geen afzonderlijke weg die leidt van mens tot mens. Het meest liefdevol zich verplaatsen in de ander, de meest doordachte psychologie, de meest natuurlijke openheid dringt niet niet door tot de ander; er bestaan geen directe psychische verhoudingen. Christus staat ertussen. Alleen door Hem leidt de weg tot de naaste.

Daarom is de voorbede de meest belovende weg tot de ander en het gemeenschappelijk gebed in Christus’ naam de ware gemeenschap.

De breuk met het direct gegevene is onvermijdelijk. Of die zich uiterlijk voltrekt in de breuk met familie of volk, of iemand geroepen wordt hier zichtbaar de smaad van Christus te dragen, het verwijt van haat jegens de mensen (odium generis humani) op zich te nemen, of dat de breuk verborgen, alleen door hem geweten, gedragen moet worden in de bereidheid hem te allen tijde zichtbaar te voltrekken, dat is geen laatste onderscheid.

Abraham werd tot voorbeeld voor beide mogelijkheden. Hij moest zijn vrienden en het huis van zijn vader verlaten; Christus trad tussen hem en de zijnen. Daar moest de breuk zichtbaar worden. Abraham werd een vreemdeling ter wille van het beloofde land. Dat was zijn eerste roeping.

Later wordt Abraham door God geroepen om zijn zoon Isaak te offeren. Christus treedt tussen de vader des geloofs en de zoon der belofte. Niet alleen het direct gegevene in de natuurlijke situatie, maar zelfs in de geestelijke situatie wordt hier verbroken. Abraham moet leren, dat de belofte ook niet van Isaak, maar alleen van God afhangt.

Geen mens komt iets te weten van deze roepstem van God, zelfs de knechten niet, die Abraham tot de plaats van het offer begeleiden. Abraham blijft geheel alleen. Hij is wederom geheel en al enkeling, zoals destijds, toen hij uit zijn vaderlijk huis wegtrok.

Hij neemt de roepstem ernstig, zoals die geklonken heeft, hij zoekt geen spitsvondige verklaringen, hij vergeestelijkt hem niet, hij neemt God op Zijn woord en is bereid te gehoorzamen.

(Wordt vervolgd!)

Zie ook:  Door Gód tot enkelingen gemaakt… (I)(II), (III), (IV)

Bron tekst:  Navolging – ‘De navolging en de enkeling‘ – Dietrich Bonhoeffer (Uitgeverij Ten Have, vijfde druk)

(…) 15 Maar toen besloot God, die mij al vóór mijn geboorte had uitgekozen en Die mij door Zijn ​genade​ heeft geroepen, 16 Zijn Zoon in mij te openbaren, opdat ik Hem aan de heidenen zou verkondigen. Ik heb toen geen mens om raad gevraagd 17 en ben ook niet naar ​Jeruzalem​ gegaan, naar hen die eerder ​apostel​ waren dan ik. Ik ben onmiddellijk naar Arabia gegaan en ben van daar weer teruggekeerd naar ​Damascus. (Uit Galaten 1)

Bron afbeelding:  Mrs. B’s Brilliant Blog

 

 

 

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin | Plaats een reactie