Dromerijen als opmaat voor huiskerken…

Omdat u trouw bent gebleven aan Mijn gebod om stand te houden, zal Ik u ook trouw zijn wanneer binnenkort de tijd van de beproeving aanbreekt, als heel de aarde en de mensen die er leven op de proef worden gesteld. Ik kom spoedig. Houd vast aan wat u hebt, dan zal niemand u de lauwerkrans kunnen afnemen.‘ (Openbaring 3 : 10-11)

‘Huiskerken’ georganiseerd en aangestuurd door
(al of niet betaalde) dromers…

Geciteerd 1: Ik (1) ben een grote dromer, ik droom dat de huiskerk er voor iedereen is.”

Opgemerkt 1: Hebben we ook maar een van de apostelen of onze Heer Jezus Christus Zelf ooit iets dergelijks horen beweren?

Geciteerd 2: Inspiratie voor het concept van de huiskerk haalde Plantinga uit Canada, waar op kleine schaal al druk wordt gewerkt met deze kerken. Ook in andere delen van de wereld is de huiskerk een trend, die door de beperkingen van corona alleen maar wordt versterkt. Het Evangelisch Werkverband wil aansluiten bij dit succes, zegt Maat (2).

Opgemerkt 2: Trend en succes dat zijn woorden/zaken waar deze dromers gevoelig voor zijn en daar heeft de gemeente van Jezus Christus hier op aarde baat bij, menen ze!

Geciteerd 3: Voor Janneke Plantinga is het eigenlijk een wonder. Haar man en opgroeiende kinderen wilden niet meer naar hun protestantse kerk in Drachten. De hele opzet van zo’n dienst, met een dominee en een preek, sprak hen totaal niet aan.

Opgemerkt 3: Hoe man en kinderen tegen een kerkdienst aankijken dat gaf/geeft de doorslag! Zie opgemerkt 4.

Geciteerd 4: Die mogelijkheid om mee te doen, is er in reguliere kerkdiensten maar zeer beperkt. Een kerkgang is vooral een combinatie van luisteren, zingen en bidden. ‘Consumeren’ noemt Maat dat, en dat ziet hij niet als aanbeveling: “Je gaat zitten, je verinnerlijkt wat je hoort en je gaat weer naar buiten. In een huiskerk kun je niet wegduiken, het is niet vrijblijvend. Wij willen luisteren naar Zijn stem, én we willen onze hand uitstrekken naar buiten, naar mensen die het moeilijk hebben. We willen de gang maken van kerkganger naar discipelen, naar navolgers van Jezus.”

Opgemerkt 4: Maak zelf eerst een karikatuur van wat een kerkdienst is, dan kan je de onvrede van man en kinderen goedpraten en dan kan je zelf komen met een mooie/betere oplossing. En dan gelijk maar beweren dat je in een huiskerk niet kunt ‘wegduiken’ om dat even later net zo gemakkelijk weer onderuit halen (zie citaat 6), want er is daar (natuurlijk) ‘alle ruimte’ om als (‘eeuwige’?) ‘twijfelaar’ mee te blijven doen.

Geciteerd 5: Plantinga kan zich indenken dat dat ‘consumeren’ bij een dienst heel prettig kan zijn, er wordt niets van je verwacht. “Maar komt de boodschap tot je, verandert het je leven? Jezus luisterde niet alleen, je moet ook in beweging komen. Maak alle volken tot mijn discipelen, dat zei Hij. Het is een manier van leven.”

Opgemerkt 5: Onze Heer Jezus Christus preekte voor grote groepen mensen (o.a. in de synagogen en in het open veld) en Hij gaf Zijn discipelen onderricht net zoals dat in onze gezinnen en in de ‘samenkomsten/kerkdiensten’ en op catechisaties en in de christelijke scholen ook nog gebeurd. Hij heeft van dat verkondigende en luisterende werk nooit gezegd dat dat horen naar het Woord van Hem helaas niet meer dan een vrijblijvende zaak genoemd kon worden. Integendeel!
En Jezus werk (was dat luisteren?) en Zijn opdracht aan de discipelen – zoals dat in hun werk nu nog altijd doorgaat ‘tot aan de voleinding der wereld’ waar Gods Woord verkondigd wordt met het Evangelielicht dat de apostelen ons eerst hebben doorgegeven – wordt nu zomaar de opdracht voor huiskringen en die zouden daarvan/daardoor wel ‘in beweging’ komen.

Geciteerd 6: Met die missionaire gerichtheid wil Plantinga noch Maat suggereren dat de huiskerk per se een evangelisch karakter moet hebben. Plantinga ervaart dat in de praktijk: er is, zegt ze, in de huiskerk ruimte voor twijfelaars, voor zoekers. “Twijfels mogen er zijn, juist door een gesprek met anderen kun je een stap verder zetten.”

Opgemerkt 6: Dus een huiskerk biedt itt de gemeenten/kerken wel ruimte voor twijfelaars en die komen daar dan wel in gesprek met anderen (je kinderen bijvoorbeeld) en die krijgen daar dan (alle?) ruimte. En de gesprekken die met ze gevoerd worden, die helpen de ‘huiskerkers’ om een stap verder te zetten. Een wonderlijke wereld die huiskerken! Of is het hoog tijd om wakker te worden uit dat gedroom!

Zie verder ook: ‘Over (onmisbaarheid van) de kerkelijke ambten…

Bron citaten: Trouw/deVerdieping – ‘De huiskerk is er voor iedereen‘ – door Maaike van Houten

(1,2) Plantinga is voorzitter van het Evangelisch Werkverband (waarvan Hans Maat de directeur is) in de Protestantse Kerk in Nederland. Deze organisatie, die een jaar of tien geleden begon met de succesvolle pioniersplekken, gaat nu aan de slag met de huiskerk. Vrijdag houdt ze een webinar, waarin ze uitlegt wat een huiskerk is en hoe en wie dat kan opzetten. Vijftig mensen hebben al gekeken naar de website, wat zowel Plantinga als Maat een mooi begin vinden.

Bron afbeelding: Pinterest

Geplaatst in Bijbel, Gemeente | Plaats een reactie

Oproep om royale uitdelers* te zijn…

Weest gastvrij onder elkaar, zonder te mopperen. En dien elkaar, ieder met de gave die hij heeft ontvangen, als goede uitdelers van de velerlei genade van God.‘ (1 Petrus 4 : 9-10)

Geciteerd 1: Allerlei dat we in deze wereld aan goed en have (vrouw, kinderen, vee, etc.) ontvangen zijn gaven van God. Maar ik wil deze woorden van Petrus hier liever uitleggen met betrekking tot de geestelijke gaven, die nuttig zijn voor de christelijke kerk en de zaligheid van mensen. Want daar (in het midden van Christus gemeente) stort de heilige Geest overvloedig allerlei gaven uit.

Iedereen aansporen!

De heilige Geest geeft niet al Zijn gaven aan één persoon, met voorbijgaan aan anderen. Dáár moet nu de hele kerk (hele gemeente) op toezien, dat men ieders gaven zal gebruiken tot heil en zaligheid. Het is nodig dat men allen aanspoort (1) dat zij elkaar met deze gaven zullen dienen.
Dat aansporen doet Paulus ook. Wanneer hij de verschillende gaven opsomt (zie 1 Korintiërs 12), slaat hij er als met een donderslag in, en zegt dat ze nutteloos zijn, zelfs wanneer ik alle gaven zou hebben, als ik daarbij de liefde niet heb (1 Korintiërs 13).

Sekten en verscheurende wolven

Geciteerd 2: Als iemand een goed preekje kan houden, voelt hij bij zichzelf dat hij een stukje beter is dan anderen. En als het volk hem dan nog bijvalt ook, weet hij niet meer of hij op aarde of in de wolken loopt – de dwaas! Sommigen hebben een goed verstand en het preken gaat hen vlot en gemakkelijk af. Dat streelt hen zodanig dat zij daarna sekten maken en verscheurende wolven worden, en uiteindelijk alleen nog maar verering, eigenbelang, macht en heerschappij zoeken.
Daarom prediken en vermanen zowel Paulus (Handelingen 20 : 28) als Petrus (1 Petrus 5 : 2): ‘Niet gedwongen, maar gewillig, niet om schandelijk gewin, maar uit de grond van het hart.‘ Ieder moet op zichzelf toezien!

Voortreffelijke zaak!

Het is een heerlijke en voortreffelijke zaak als iemand veel gaven heeft, maar in Lukas 12 vers 48 wordt gezegd: ‘Wie veel heeft, moet ook veel verantwoorden.‘ Als je nu geen duizend gulden hebt ontvangen, dan hoef je ze ook niet af te rekenen. Heb je ze echter ontvangen en niet goed besteed – pas dan maar op! Zo ook als je een edelman bent, een ambt bekleed (2), boer of overheidspersoon: dan hoeft niemands anders zich daarvoor te verantwoorden, want je moet (eens ook voor God) zelf verantwoording afleggen!

Alleen God de eer!

Geciteerd 3: Daarom, zie toe dat je al je gaven slechts richt op de liefde tot, de dienst aan en de vriendelijkheid voor je naaste, én dat je daarbij een brandende en vurige liefde hebt. Opdat alleen God de eer zal ontvangen. Als dat niet het geval is, ben je geen christen. (3)

Maarten Luther: Predigten am Sonntag Trinitatis, 1. Juni 1539, vgl. WA 47,779 ff

* Royaal: leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘onbekrompen, gul’ voor het eerst aangetroffen in 1672, afgeleid van het Franse roi (koning).
(1) Tijdens huisbezoek kan dat aansporen natuurlijk ook een plaats hebben – zie Handelingen 20 : 18-21, 2 Timoteüs 4 : 1-2.
(2) Zie 1 Timoteüs 3 : 1
(3) Dat moet ons er ook voor behoeden dat we roemen in vroegere of huidige voorgangers en hun werk! ‘Gedenkt uw voorgangers die u het Woord van God verkondigd hebben en volgt hun geloof na‘ staat er in Hebreeën 13 : 7. We zullen ons daarom niet beroemen met allerlei loftuitingen op hun leringen en hun (knap) theologisch werk* dat ze ons hebben nagelaten (daaruit citeren is nog wat anders!), want alleen de nederige en eerbiedige verkondiging van Gods Woord en hun (voorbeeldig) geloof waren indertijd (en/of zijn nu) werkelijk van belang en dát kan en behoort ons ook nu nog te dienen tot voorbeeld en navolging.
* We hebben de Heidelbergse Catechismus die ons helpen kan om de Bijbel goed te leren lezen en begrijpen, we doen dat dan samen met de Kerk van eerdere tijden en plaatsen. Dat werk is ook niet aan één voorganger/theoloog toe te schrijven. Alleen dat al is een groot pluspunt van dit toch ook altijd nog weer als mensenwerk te beschouwen kerkelijk geschrift.
Bij de afbeelding: We zijn met Christus erfgenamen! Niets kwam van ons, maar alles is van ons!

Bron citaat: Maarten Luther Als goud door vuur beproefd – Korte verklaring van de eerste brief van de apostel Petrus in 60 overdenkingen – Overdenking 49 – Samengesteld, ingeleid door H.C. van Woerden – © 2020 Den Hertog B.V., Houten.

Bron afbeelding:  Pinterest

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis | Plaats een reactie

Wat nu de meeste prioriteit verdient…

Het einde van alle dingen is nabij gekomen! Wees daarom matig en nuchter tot het gebed. Maar vóór alle dingen heb vurige liefde onder elkaar; want de liefde bedekt ook menigte van zonden.‘ (1 Petrus 4 : 7-8)

Het einde van alle dingen is nabijgekomen

Hier zegt Petrus waarmee wij ons in deze laatste dagen voor het einde van de wereld het allermeest zullen bezighouden.

Weest daarom matig en nuchter tot het gebed

Er zijn twee zwaarden die wij tegen de duivel hebben. Dat predikanten dit toch ernstig zouden prediken en dat wij mensen dit toch zouden horen en ter harte nemen! Het eerste is Gods Woord. Daarin spreekt God met ons. Het tweede is het gebed. Als ik het Woord hoor, hoor ik God. Als ik met God spreek, hoort Hij mij. Zowel het één als het ander is voor de duivel onverdraaglijk.
Daarom zullen christenen altijd spreken over Gods Woord en altijd bidden tot God. Daarom gewen je aan gebed, wees matig en nuchter zodat jullie kunnen bidden.

Maar voor alle dingen, hebt vurige liefde onder elkaar

Let er dus vooral op dat jullie onder elkaar een oprechte en brandende liefde hebben. Petrus zei immers al eerder dat boosheid en woede het gebed verhinderen (1 Petrus 3 : 7). En in het Onze Vader bidden wij: ‘Vergeef ons onze schulden, zoals ook wij onze schuldenaren vergeven.‘ Er is niets dat het gebed verhinderd dan twist en tweedracht. Als man en vrouw met elkaar ruzie maken, kunnen ze onmogelijk nog bidden.

Daarom dringt Petrus aan op liefde: wees vriendelijk of laat het bidden achterwege! Als dit niet het geval is, heeft satan vrij spel, en je kunt niet (meer) tegen hem vechten. Petrus weet heel goed dat het tussen christenen niet altijd even goed verloopt. Het gaat ook vaak mis tussen echtgenoten. Al zijn ze nog zo heilig, er vallen toch over en weer boze woorden en verwijten.

Want de liefde bedekt menigte van zonden

De liefde is zo’n ongekend heerlijke zaak, want ze bedekt alle zonden. Ook een ‘menigte van zonden’, zoals Petrus hier zegt.  Wat er ook gebeurt – ze verdraagt het, bedekt en zwijgt. Waar mensen met elkaar leven en wonen zijn zonden. Ook tussen man en vrouw. Daar zegt een man: wel, had ik maar die/een andere vrouw getrouwd! En de vrouw zegt: wel, had ik maar die/een andere man getrouwd. Iedereen voelt wel voor zich waar de schoen wringt. Dit alleen blijf ons over: ‘Vergeef ons onze schulden, zoals ook wij onze schuldenaren vergeven.

Gooi het niet aan scherven!

Gooi de pot en de kan niet aan scherven! Bewijs liever dat de liefde een bedekster en vergeefster is van alle zonden. Wie deze kunst niet machtig is, die weet ook niet wat liefde is. Bovendien kan zo iemand niet bidden! Arme mens.
Kun je echter wel liefhebben, dan zal je dit bidden: hij/zij heeft mij kwaad gedaan – lieve Here vergeef het hem of haar toch! Ik heb mijn naaste de schuld vergeven, vergeef het toch ook mij! Als je intussen denkt: hij/zij heeft mij beledigd, nu wil ik zien hoe ik hem of haar dat betaald kan zetten – dan zal je gebed terugstuiten als een hamer op een aanbeeld.

We hebben een Ander die de Zondendrager is

De tekst van Petrus is kostbaar. Laat hem staan in de omgang met mensen! Tegenover God is een Ander de Zondendrager, Jezus Christus. Onder elkaar zullen wij de één de ander verdragen en vergeven, zoals God in Christus ons ook heeft vergeven.

Maarten Luther: Predigten des Jahres 1531, vgl. WA 34.1, 440 ff. Weergave Georg Buchwald, D. Martin Luthers Predigten, Zweiter Band, S. 307 ff (Gütersloh 1926)

Bron citaat: Maarten Luther Als goud door vuur beproefd – Korte verklaring van de eerste brief van de apostel Petrus in 60 overdenkingen – Overdenking 48 – Samengesteld, ingeleid door H.C. van Woerden – © 2020 Den Hertog B.V., Houten.

Bron afbeelding:  Flickriver

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Persoonlijk | Plaats een reactie

Een Christelijke levenswandel in het huwelijk… (slot)

En heb een goed geweten, opdat zij die over u roddelen als over misdadigers, te schande worden, omdat zij uw goede wandel in Christus belasterd hebben. Want het is beter als het de wil van God is, dat u lijdt vanwege goeddoen, dan vanwege kwaaddoen.‘  (1 Petrus 3 : 16-17)

Inwendig getroost

Geciteerd: Omdat alle mensen, ongeacht of ze gelovig zijn of niet, hetzelfde kwaad in deze wereld is opgelegd, hoeveel temeer zullen wij die het eeuwige leven in zullen gaan gewillig het kruis op ons nemen en dragen. Daarom zegt Petrus: Wanneer God het zo verkiest, is het beter dat jullie lijden omwille van jullie goeddoen. De anderen, die vanwege hun misdaden lijden, hebben daarbij ook nog een kwaad geweten en zodoende worden zij dubbel gestraft. De gehoorzame christenen ontvangen slechts de helft daarvan. Uitwendig moeten zij lijden, maar inwendig worden ze vertroost.

Niet jezelf een kruis opleggen

Als het kruis komt (ons opgelegd wordt), neem het dan aan als door God gegeven. We zullen onszelf echter geen kruis opleggen. Dat heeft Paulus ook verboden (in Kolossenzen 2 : 13), als hij over zulke ‘heiligen’ spreekt die in zelfgekozen geestelijkheid en nederigheid wandelen, en hun lichaam niet sparen.

Wanneer God het beschikt

We zullen het lichaam verzorgen, maar niet tot zinnelijkheid‘, zegt hij (in Romeinen 13 : 14). Dat betekent toch niet dat wij het lichaam zullen verderven! We zullen lijden als een persoon het ons aandoet. Maar we mogen niet lijden uit eigen keus of voorkeur. Dat is wat de woorden ‘indien het de wil van God is‘ betekenen: wanneer God het zó voor je beschikt, is het beter, omdat je lijdt vanwege je goeddoen. Dat is een grotere zegen en maakt je gelukkiger.

Zie ook:Een Christelijke levenswandel in het huwelijk… (I)‘, (II), (III)(IV) en (V)

Bron citaat: Maarten Luther Als goud door vuur beproefd – Korte verklaring van de eerste brief van de apostel Petrus in 60 overdenkingen – Overdenking 42 – Samengesteld, ingeleid door H.C. van Woerden – © 2020 Den Hertog B.V., Houten.

Bron afbeelding:  HeartLight

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Persoonlijk | Plaats een reactie

Wat zou ons hart nog liever wensen?…

De Heer is mijn Herder, mij ontbreekt niets.*
(Psalm 23 : 1)

Van dr. Maarten Luther (1536)
Op een avond na gebed aan de eettafel uiteengezet.

Psalm 23 (11)

Hij doet mij neerliggen in grazige weiden, Hij leidt mij zachtjes naar stille wateren.‘ (Psalm 23 : 2)

(…) “In het eerste vers heeft de profeet de betekenis van de hele psalm kort samengevat, namelijk dat wie de Heer als Herder heeft, het aan niets ontbreekt. Hij leert (ons) verder niets anders meer in deze psalm, maar hij werkt deze gedachte wel verder uit door middel van mooie figuurlijke woorden en afbeeldingen en laat zien hoe het komt dat het de schapen van de Heer aan niets ontbreekt, en zegt: “Hij voedt mij, enz.”

Door bijna de hele psalm heen, zoals hij dat ook in andere Psalmen doet, gebruikt hij woorden met een andere betekenis dan de letterlijke. Als hij de herder, de groene weide, het zoete water, de roede en de staf noemt, kunnen we daarom heel goed concluderen dat hij wil dat er iets anders wordt begrepen uit en door deze woorden dan dat wij mensen gewoon zijn om er mee te zeggen. Zo’n manier van spreken is echter heel gebruikelijk in de Schrift en daarom moeten we er alles aan doen om eraan te wennen en het te leren begrijpen. (1)

Hoor hoe mooi en liefelijk hij spreekt! “Ik ben”, zegt hij, “een schaap van de Heer; Hij voert en voedt me in een groene weide.” Voor een schaap kan niets beter zijn dan wanneer zijn herder het brengt en voedt in aangename groene weiden en in de nabijheid van fris water. Waar dat het geval is, daar voelt het dat geen schepsel op aarde rijker en meer gezegend is dan zo’n schaap. (1)

Want het vindt daar wat het verlangd en wat nodig is: volop heerlijk, sappig gras, waarvan het goed zal groeien en sterk worden; zoet water, waarmee het zichzelf kan verfrissen en nieuwe kracht opdoen wanneer het maar wil; en het vindt daar ook vreugde en plezier. (1)

Op dit punt zou David ook zeggen dat God hem geen grotere genade en zegen op aarde had betoont dan dit, te mogen vertoeven samen met anderen waar Gods Woord en Zijn genadige aanwezigheid (woonplaats/inwoning) en de ware aanbidding gevonden worden.”*

* Zie o.a. Psalm 42 en 43 en Matteüs 18 : 20.

Hoe lieflijk, hoe goed is mij, Heer,
het huis waar Gij uw naam en eer
hebt laten wonen bij de mensen.
Hoe brand ik van verlangen om
te komen in uw heiligdom.
Wat zou mijn hart nog liever wensen
dan dat het juichend U ontmoet
die leven zijt en leven doet.
(Psalm 84 vers 1, berijming 1967)

(1) Zie ook nog de inhoud van: ‘Over het hoeden van een schaapskudde…

Maarten Luther: Dr.Martin Luthers Werke (Weimarer Ausgabe) WA 51, S. 271 ev (gebruikte vertaling: Luthers Works, American Edition, vol. 12, p. 147 ev)

NB. Deze Luther-quote is een vertaling van de eerder in de Engelse taal gepubliceerde versie.

Bron tekst: If you would like to have these Luther Quotes sent to family or friends you can send (with their permission) their email address to: info@martinluther-quotes.com.
Or, you can use the web-form on the homepage of the website maartenluther.com. There you can find both options to subscribe and unsubscribe from our weekly quotes. The emails are free of charge and you are not asked for donations.

Bron afbeelding:  Pinterest

Geplaatst in Bijbel, Gemeente | Plaats een reactie

Een Christelijke levenswandel in het huwelijk… (V)

‘…als mede-erfgenamen van het eeuwige leven…’ (Uit 1 Petrus 3 : 7)

Geestelijk gezien geen onderscheid

Geciteerd: De man zal dus niet de zwakheid en gebreken van zijn vrouw aanzien, maar dat zij gelovige is, en niets anders heeft dan wat hij heeft: namelijk alle hemelse en eeuwige goederen van God in Christus. Want wat het inwendige leven betreft, zijn wij allen gelijk en is er geen onderscheid tussen man en vrouw (zie Galaten 3 : 28, Kolossenzen 3 : 11). Maar uitwendig wil God hebben dat de man regeert en dat zijn vrouw hem onderdanig is.

‘…opdat uw gebeden niet worden verhinderd.‘  (Uit 1 Petrus 3 : 7)

Wat bedoelt Petrus daarmee? Nu, dit wil hij duidelijk maken: als je zonder verstand te werk gaat, en altijd maar wilt grommen, morren, razen en je kop in de wind gooien*, en als dan ook je vrouw niet wijzer is, en geen van beiden elkaar iets wil vergeven of ten goede houden, dan zullen jullie ook niet kunnen bidden. Daar zien we alweer dat christenen (altijd) zullen bidden!

* Het kan ook minder heftig en er kan zelfs  ook een ‘ijzige stilte’ heersen aan/van één of aan beide kanten.

Niet met verlof

Want hoewel zij ook bij God in genade zijn om Christus’ wil, in Wie zij geloven – toch neemt de duivel nog geen vrijaf, maar gaat hij rond als een brullende leeuw (zie 1 Petrus 5 : 8). Bovendien is de wereld je vijandig gezind en vervolgt zij je. Daarbij wordt je ook nog door je eigen vlees geplaagd. Daartegen hebben we geen ander verweer en wapen dan gebed.

Rechtschapen

Zal het gebed echter rechtschapen zijn, dan moet alle onenigheid, onwil en boosheid aan de kant. Anders is het onmogelijk om goed te bidden. Ja, het gebed stoot meteen al af wanneer je wilt beginnen om het Onze Vader te bidden. Daarom leert Petrus dat de vrouwen aan hun man onderdanig moeten zijn. En anderzijds dat de mannen met verstand bij hun vrouwen moeten wonen. Zo niet, dan wordt je gebed verhinderd.**
** Zie Spreuken 28 : 9.

Heel pak aan goede werken

Dat is (tevens) een bewijs dat je geen Christen bent, en geen vergeving van zonden hebt, omdat de een de ander niet wil vergeven. Dit zijn nu de echte, kostbare goede werken die wij moeten doen. Wanneer men dit zou prediken en dit zou weten, dan zouden we alleen thuis al een heel pak aan goede werken hebben.

(wordt vervolgd!)

Zie ook:Een Christelijke levenswandel in het huwelijk… (I)‘, (II), (III), (IV) en (Slot)

Bron citaat: Maarten Luther Als goud door vuur beproefd – Korte verklaring van de eerste brief van de apostel Petrus in 60 overdenkingen – Overdenking 37 – Samengesteld, ingeleid door H.C. van Woerden – © 2020 Den Hertog B.V., Houten.

Bron afbeelding:  Patheos

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Persoonlijk | Plaats een reactie

Een Christelijke levenswandel in het huwelijk… (IV)

Want zo hebben zich vroeger ook de heilige vrouwen versierd, die hun hoop op God stelden, en aan hun man onderdanig waren; zoals Sara aan Abraham gehoorzaam was en hem heer noemde, van wie u dochters bent geworden, als u goeddoet, en niet zo vreesachtig bent. Zo ook u, mannen, woon bij hen met verstand, en geef aan het vrouwelijke, als aan het zwakkere gereedschap, eer, als mede-erfgenaam van de genade des levens, opdat uw gebeden niet worden verhinderd.‘ (1 Petrus 3 : 5-7).

Mannen, woon bij hen met verstand

Geciteerd 1: De (gehuwde) vrouw, zegt Petrus, is net zo goed een middel in Gods hand als de man. God laat haar kinderen dragen, baren, voeden, verzorgen, en het huis regeren. Deze werken zal de (gehuwde) vrouw doen, zoals Paulus zegt in Titus 2 : 4: ‘…hun mannen lief te hebben, hun kinderen lief te hebben.‘ Daarom is zij als een middel en vat in Gods hand, Die haar daartoe geschapen en haar dit heeft ingeplant. Dit moet de man weten en haar daarvoor aanzien. Daarom zegt Petrus: ‘Mannen woon bij hen met verstand.

Een vrouw heeft zich inderdaad te houden aan wat haar man zegt en wil. Dat moet gebeuren. Hij zal echter niet ‘naar zijn dolle kop’ (1) over haar regeren of haar verachten en vernederen. Hij zal niet alleen voorzichtig met haar omgaan en haar sparen en ontzien, als een zwak(ker) vat (2a) en een middel in Gods dienst, maar haar daarbij de eer geven dat zij ook een deelgenoot is van de genade van het eeuwige leven.

God Zelf wil iedere man leren…

De man, die een sterker middel (2b) in Gods hand is, zal dus zo omgaan met zijn vrouw, die van nature een zwakker lichaam (3) heeft en doorgaans banger en vreesachtiger is, dat het haar krachten niet te boven zal gaan. (4)
We kunnen nu deze regel stellen: God zelf laat iedere man weten hoe hij met verstand met zijn vrouw moet omgaan, maar altijd voor zover de krachten en vermogens van een vrouw dat toelaten. Want je zult de macht die je hebt niet gebruiken zoals je zelf maar wilt. Ja, je bent juist daarom haar man opdat je haar helpt, onderhoudt en beschermt, en niet opdat je haar ombrengt.
Dit kan je niet precies voor iedereen aangeven en uitwerken, want je moet tenslotte zelf (leren) begrijpen wat het wil zeggen: met verstand bij haar wonen.

Zodat het van twee kanten komt

Geciteerd 2: Mannen moeten geduld hebben, vergeven en waar nodig het zwakke(re) vat niet alleen ontzien, maar ook de eer geven.
Dat ‘eer geven’ heeft men verschillend uitgelegd. Sommigen hebben het zo geduid dat de man de vrouw zal verzorgen met eten, drinken en kleding. Anderen hebben het betrokken op de huwelijksplicht.
Ik houd het er echter voor dat dit de bedoeling is: dat de man de vrouw zó zal aanzien dat zij christin is. Ja, dat zij beiden christenen (5) zijn, zodat het van twee kanten komt: de vrouw eert de man, en de man eert de vrouw.

In liefde en vrede

Als zij zó met elkaar omgaan, komt alles goed. Dan zullen ze ook in liefde en vrede leven. En waar die kunst niet geleerd wordt, komt er enkel afkeer en tegenzin in het huwelijk. Dat komt ervan als man en vrouw elkaar slechts nemen om goede dagen en plezier van elkaar te hebben – om ten slotte enkel verdriet en ellende te vinden.

Góds werk en Góds wil aanzien

Wanneer je echter in het huwelijk Gods werk en Gods wil aanziet, dan kun je in het huwelijk als christenen leven, en niet als heidenen die God niet kennen.

(wordt vervolgd!)

(1) Spreken en handelen naar wat het moment en/of zijn eigen belang hem maar ingeeft.
(2a/b) Een gereedschap kan op zich wel uit zwakker materiaal bestaan, maar de kracht die daarmee wordt uitgeoefenden en de uitwerking daarvan hoeft daarom niet onder te doen of kan zelfs uitgaan boven die van een op zich sterker stuk gereedschap. In de operatiekamer hanteert een arts niet een zwaard of bijl, maar wel een scalpel.
(3) M.n. een kwetsbaarder lichaam.
(4) Dat hij van haar lichamelijke en/of psychische kracht niet te veel verlangt en vergt.
(5) Dochters van Sarah en zonen van Abraham – zie ook Galaten 4 : 21-31.

Zie ook:Een Christelijke levenswandel in het huwelijk… (I)‘, (II)(III), (V) en ‘Identiteit van Joden en Christen ligt in Christus…

Bron citaat: Maarten Luther Als goud door vuur beproefd – Korte verklaring van de eerste brief van de apostel Petrus in 60 overdenkingen – Overdenking 37 – Samengesteld, ingeleid door H.C. van Woerden – © 2020 Den Hertog B.V., Houten.

Bron afbeelding:  JeffRandleman-com

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Persoonlijk | Plaats een reactie

Een Christelijke levenswandel in het huwelijk… (III)

Hun versiering moet niet uitwendig zijn in haarvlechtingen, en het omhangen van goud, of in (kostbare) kleding aan te trekken, maar onbevreesd* in de verborgen mens van hart, met een zachte en stille geest, die kostbaar is voor God‘ (1 Petrus 3 : 3)

Alle versiering verboden?

Geciteerd 1: Heeft Petrus aan de vrouwen alle versiering verboden? Dit zal de ware versiering zijn, zegt hij, dat de verborgen mens van haar hart onbedorven is – rein en zuiver in het geloof zonder dwaling en twijfel, met een zachte en stille geest. Dat is een heerlijke en kostbare versiering voor God (zie ook 1 Petrus 3 : 4).

Gezien willen worden

Geciteerd 2: Daaruit komt iemand voort die niet van alles bedenkt om maar gezien en geprezen te worden door de wereld, maar die bedenkt hoe zij in het geloof en in de kennis van Christus zal toenemen. Want dat is de echte inwendige versiering die kostbaar is voor God. De vrouw die zó gezind is, is voor God schoner en heerlijker versierd, dan wanneer zij zich met louter goud, edelstenen en parels had omhangen, en de kostbaarste kleding die maar te vinden is, had aangedaan.

Alles wat Christus heeft

Geciteerd 3: De vrouw die zo versierd is – dat is: die een rechtschapen geloof en een stille zachte geest heeft, die haar man wil gehoorzamen, en zich vriendelijk met woorden en daden gedraagt – die heeft alles wat Christus heeft (zie ook o.a. 1 Petrus 2 : 23). Want het geloof geeft ons alle goederen van Christus tezamen. Dat is een grote en kostbare schat en een versiering die niemand genoeg kan loven en prijzen.

Preken en streven

Over deze schat moet men voor vrouwen preken, opdat zij hiernaar streven. Als zij deze schat hebben, kunnen zij de uitwendige versiering óók op een goede manier gebruiken, want alle dingen zijn rein voor de reinen (Titus 1 : 15).

* Geliefde broeders en zusters, als ons hart ons niet aanklaagt, kunnen we ons vol vertrouwen tot God wenden en ontvangen we van Hem wat we maar vragen, omdat we ons aan Zijn geboden houden en doen wat Hij wil. Dit is Zijn gebod: dat we geloven in de Naam van Zijn Zoon Jezus Christus en elkaar liefhebben zoals Hij ons heeft opgedragen. Wie zich aan Zijn geboden houdt blijft in God, en God blijf in hem/haar. Dat Hij in ons blijft, weten we door de Geest die Hij ons heeft gegeven. (1 Johannes 21-24)

(wordt vervolgd!)

Zie ook:Een Christelijke levenswandel in het huwelijk… (I)‘, (II)  en (IV)

Bron citaat: Maarten Luther Als goud door vuur beproefd – Korte verklaring van de eerste brief van de apostel Petrus in 60 overdenkingen – Overdenking 36 – Samengesteld, ingeleid door H.C. van Woerden – © 2020 Den Hertog B.V., Houten.

Bron afbeelding:  Michelle Lesley

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Persoonlijk | Plaats een reactie

Angst ipv vertrouwen als (sterke) drijfveer…

Maar juist dat liet ons beseffen dat we niet op onszelf moeten vertrouwen, maar alleen op de God die de doden opwekt, Die ons gered heeft en ons opnieuw zal redden uit eenzelfde doodsgevaar. Op Hem hebben wij onze hoop gevestigd: Hij zal ons altijd redden.‘ (Paulus in 2 Korintiërs 1 : 8-11)

Geciteerd 1: Die drang om in groepen te denken bezit een mens tegenwoordig nog steeds, legt hoogleraar psychofysiologie van groepen Daan Scheepers van de Universiteit Leiden en de Universiteit Utrecht uit. Dit komt voort uit dezelfde drang om categorieën te zien, “zoals dat een tafel geen stoel is en dat vers fruit in de supermarkt bij het andere verse fruit ligt”.

Geciteerd 2: Waar komen die discriminerende denkbeelden dan vandaan? Dat is meestal gebaseerd op één van drie oorzaken, vertelt Scheepers. Deze oorzaken zijn:

  • Angst dat een andere groep schadelijk is voor de eigen veiligheid
  • Angst dat iemands eigen cultuur wordt aangetast
  • Concurrentie om schaarse middelen, zoals de angst om banen te verliezen door migranten
  • “Angst is sowieso een heel sterke drijfveer om dingen en mensen te vermijden”, voegt Scheepers toe.

Opgemerkt 1: We weten dat God het nodig vond om de ‘menselijke gezamenlijkheid’, die er heerste voor en bij de torenbouw van Babel, te doorbreken en dat leidde ertoe dat de mensheid uiteenviel en zich verspreidde over de hele wereld. Paulus zegt daar later over: ‘Uit één mens heeft Hij de hele mensheid gemaakt, die Hij over de hele aarde heeft verspreid; voor elk volk heeft Hij een tijdperk vastgesteld en Hij heeft de grenzen van hun woongebied* bepaald.‘ (Zie Handelingen 17 : 24-28)

Opgemerkt 2: Laten wij het voorbeeld van onze Heer Jezus Christus volgen en dat van de Hem navolgende Joodse apostelen door geen angst te hebben voor ‘de vreemdheid’ (het ‘anders-zijn’) en dat ook met alle respect voor wie die ‘anderen’ – als onze medemensen! – zijn.
Lees wat Petrus zegt in Handelingen 10 : 34-43 en Paulus somt in Kolossenzen een heel rijtje van die verschillende ‘soorten’ medemensen op: Grieken en Joden, besneden en onbesnedenen, barbaren en Skythen**, slaven en vrijen.

* Hebben wij westerse/christelijke mogendheden die grenzen voldoende gerespecteerd of meenden wij dat de ‘Christelijke grenzeloosheid’ tevens een alibi was voor ons westerse imperialisme? En wat heeft het ons te zeggen dat God het Joodse volk reeds voor de uitzending van de apostelen verspreid had naar/onder alle volken, waardoor Jakobus zeggen kon: ‘In haast elke stad wordt de wet van Mozes sinds mensenheugenis verkondigd en op iedere sabbat in de synagogen voorgelezen.‘ (zie Handelingen 15 : 21)

** Wie waren zij? Voor een goed begrip moet men weten dat het Griekse woord “barbaros” in algemene zin gewoon “vreemdeling” betekent. Het had niet steeds de onaangename bijsmaak die de term “barbaar” bij ons heeft. De apostel spreekt hier dus gewoon over “buitenlanders” en een van de vreemde volkeren die hem met name bekend zijn, waren deze stepperuiters, de Scythen. Dat zij er in onze ogen barbaarse praktijken op na hielden bij hun veroveringstochten, zal nog blijken. Mogelijk wist ook Paulus daarvan, want reeds in de klassieke oudheid joeg hun naam menigeen schrik aan. Dat weten we van geschiedschrijver Herodotos.

Bron citaten 1+2: nu-nl/wetenschap – ‘Wat drijft een mens om te discrimineren?‘ – artikel mav Nationale Wetenschapsagenda
Bron ‘Skythen’:  digibron-nl – ‘Barbaar en Scyth: dat is toch hetzelfde?

Bron afbeelding:  Unsplash/Nathan Dumlao

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Israël, Politiek | Plaats een reactie

Identiteit van Joden en Christenen ligt in Christus…

Geciteerd 1: Van: Paulus, die door God is aangewezen als apostel van Jezus Christus. Aan: alle gelovigen in de stad Efeze, die Christus Jezus trouw volgen. Ik wens u de genade en de vrede toe van God, onze Vader, en van onze Here Jezus Christus. Aan God, de Vader van onze Here Jezus Christus, komt alle dank en eer toe. Hij heeft ons, nu wij één zijn met Jezus Christus, alle geestelijke zegen gegeven die er in de hemel is.
Al voordat Hij de wereld maakte, heeft God ons uitgekozen, wij die één met Christus zijn. Wij zouden alleen van Hém zijn en volmaakt voor Hem staan. Het is altijd zijn bedoeling geweest ons als zijn kinderen aan te nemen door Jezus Christus, opdat wij Hem zouden prijzen voor zijn onovertroffen genade.
En Hij heeft ons door zijn geliefde Zoon laten ervaren (de apostelen waren oor- en ooggetuigen!) hoe buitengewoon goed Hij is. Gods Zoon heeft zijn leven en zijn bloed gegeven om ons van de zonde te verlossen. Alles wat wij hebben misdaan, is ons daardoor vergeven. Wat een rijke genade!
En dat niet alleen! God heeft ons alle wijsheid en inzicht gegeven. Hij verlangde ernaar ons het geheim bekend te maken waarom Hij Christus heeft gestuurd. Hij heeft besloten alles in de hemel en op aarde bijeen te brengen onder het absolute gezag van Christus, als de tijd rijp is.
Door onze eenheid met Christus zijn wij het eigendom van God geworden. Dat is altijd de bedoeling geweest van Hem die alles doet zoals Hij Zelf wil en goedvindt. Hij wilde dat wij, Joden, die al zo lang gewacht en gehoopt hebben dat de Christus zou komen, Hem zouden prijzen en eren.
En niet alleen wij, maar ook u, die de waarheid hebt gehoord, het goede nieuws dat uw redding is. Toen u in Christus ging geloven, gaf God u de Heilige Geest, die Hij had beloofd als een bewijs dat u van Christus bent.
Deze Geest in ons is een borg (ons bij onze Doop geschonken als onderpand of waarmerk) voor wat God ons allemaal zal geven als Hij ons, Zijn eigen volk, zal verlossen. Een reden temeer om Hem te eren voor zijn grootheid.
(Efeziërs 1 : 1-14, HTB)

Een nieuwe schepping

Geciteerd 2: Deze nieuwe identiteit is open naar anderen. Als Paulus zegt „Wie in Christus is, is een nieuwe schepping” (2 Korinthe 5 : 17), gaat het over de naaste. Omdat Christus uit is op verzoening, leer ik die lastige ander te zien als nieuwe schepping in Christus. Omdat die ander dat is of zou kunnen worden. Iedereen kan immers tot geloof komen en in Christus nieuwe schepping worden.

Jezus volgen in Zijn vernedering

Opgemerkt:Omdat die ander dat is – een nieuwe schepping in Christus – of zou kunnen worden.Die ‘voorwaarde’ bij de opdracht om de/je naaste, (de ander, waaronder ook je vijanden) lief te hebben is door onze Heer Jezus Christus niet genoemd. Het is zelfs zo dat we zo één zijn gemaakt met onze Heer Jezus Christus, dat we Hem eerst ook volgen in Zijn vernedering hier op aarde.
Heel treffend wordt dat door Petrus onder onze aandacht gebracht in 1 Petrus 2 en 3 waar hij laat weten dat juist slaven en vrouwen helemaal in het voetspoor van Jezus treden, wanneer zij zich ‘geven’ (niet alleen aan een goede, maar ook) aan een heidense/slechte meester en/of heer (echtgenoot).

Zieltjeswinnerij

En dan zal dat niet voortkomen uit het motief van ‘zieltjeswinnerij’ – al wordt dat ze die ander daarmee ‘winnen voor het Evangelie’ niet uitgesloten! – maar het komt voort uit de nieuwe identiteit die zij hebben aangenomen en die hen in de vrijheid zet om de ander te dienen.

Vrijheid en dienstbaarheid

Maarten Luther stelde het zo:

Geciteerd 3:

  1. Een christen is in vrijheid heer van alle dingen en niemands onderdaan.
  2. Een christen is in dienstbaarheid knecht van alle dingen en ieders onderdaan.

Deze twee stellingen zijn duidelijk, want Paulus zegt in 1 Korinthe 9 vers 9: ‘Ik ben vrij in alle dingen, en heb me tot ieders knecht gemaakt.’ En in Romeinen 13 vers 8: ‘U hebt tegenover niemand enige verplichting, behalve deze: dat u elkaar moet liefhebben.
Wie liefheeft, is dienstbaar en ondergeschikt aan degene die hij liefheeft. Dit wordt ook over Christus gezegd in Galaten 4 vers 4: ‘God heeft Zijn Zoon gezonden, geboren uit een vrouw, en Hem onder de wet gesteld
Om deze twee, elkaar tegensprekende beweringen over de vrijheid en de dienstbaarheid te verstaan, moeten wij begrijpen dat ieder christen tweeërlei natuur heeft: een geestelijke en een lichamelijke. Naar de ziel wordt hij een geestelijke, nieuwe, innerlijke mens genoemd, echter naar zijn vlees en bloed wordt hij een lichamelijke, oude, uitwendige mens genoemd.
Vanwege dit onderscheid worden in de Schrift dingen van hem gezegd, die lijnrecht tegen elkaar ingaan, zoals ook mijn uitspraken over vrijheid en dienstbaarheid doen. (…)

Zie ook:Een christelijke levenswandel in het huwelijk… (II)

Bron citaat 1: RD Opinie – ‘Theologenblog: Identiteit in Christus is bevrijdend‘ – Door Hans Burger (1)
Bron citaat 2: Boek – ‘Over de vrijheid van een Christen‘ – door Maarten Luther

(1) De auteur is universitair hoofddocent systematische theologie aan de Theologische Universiteit Kampen. Hij schrijft dit artikel als lid van de gezamenlijke onderzoeksgroep BEST (Biblical Exegesis and Systematic Theology) van de Theologische Universiteiten in Apeldoorn en Kampen.

Bron afbeelding:  Redeeming God

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Israël | Plaats een reactie