Kostbare mensen…

Hij (Jethro) nam Mozes’ vrouw Sippora met zich mee – zij was door Mozes teruggestuurd – en ook haar twee zonen.‘ (Uit Exodus 18 : 1-7 vers 2)

Geciteerd: Was Mozes gescheiden? Die vraag kun je stellen. Want we lezen dat Mozes zijn vrouw Sippora had weggestuurd. ‘Heengezonden’, staat er. Hetzelfde woord als bij de wetten over de scheidbrief: een man kon zijn vrouw ‘heenzenden’. Bovendien wordt er telkens gesproken over ‘haar’ zonen, alsof ze inmiddels meer van van Sippora waren dan van Mozes. Maar evengoed kan je vermoeden dat Mozes zijn vrouw slechts tijdelijk had weggezonden. Hoe dan ook, hun wegen waren uit elkaar gegaan. Mozes ging zijn eigen intensieve weg, als leider van het volk. Als man van God. Verdroeg zich dat met een gezinsleven? Mozes vond wellicht van niet. Maar zijn schoonvader – en ook God?* – dacht daar anders over. Hij zegt: “Ik, je schoonvader Jethro kom je bezoeken, met je vrouw en haar beide zonen.” (vers 6) Wat kostbaar, zulke mensen die geliefden weer bij elkaar brengen.

NB. Wat kunnen schoonouders en/of eigen ouders een goede rol spelen in huwelijken en gezinnen wanneer hen die respectvol gegund wordt! Lees (heel) Exodus 18.

* ‘Jezus zei: “Hebt u niet gelezen dat de Schepper de mens bij het begin mannelijk en vrouwelijk heeft gemaakt?” En Hij vervolgde: “Daarom zal een man zijn vader en zijn moeder verlaten en zich hechten aan zijn vrouw, en die twee zullen één worden; ze zijn dan niet langer twee maar één. Wat God verbonden heeft, mag de mens niet scheiden.”‘ (Uit Matteüs 19 de verzen 4-6)

Of weet u niet dat uw lichaam een tempel is van de heilige Geest, die in u woont en die u ontvangen hebt van God? Weet u niet dat u niet van uzelf bent? U bent gekocht en betaald, dus bewijs God eer met uw lichaam.‘ (Uit 1 Korintiërs de verzen 19-20)

Hij geneest wie gebroken zijn en verzorgt hun diepe wonden.’
(Uit Psalm 147 vers 3)

Zie ook: ‘Een les in naastenliefde – door Marleen Hengelaar – Rookmaker

Bron citaat: Dag in dag uit 2022 – Meditatie maandag 27 mei – Leger des Heils | Ark Media

Bron afbeelding: artway-eu (Schilderij van Jacob Jordaens)

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Christus’ gemeente ‘hemelse/aardse worst’ voorhouden?

Wil iemand zich op iets beroemen, laat hij zich op de Heer beroemen, want niet wie zichzelf aanprijst is betrouwbaar, maar wie door de Heer wordt aangeprezen.‘ (Uit 2 Korintiërs 10 de verzen 17-18)

Geciteerd: ‘Geloof zonder werken is dood, zegt Jakobus, en ondanks Luthers begrijpelijke weerzin tegen een dergelijke uitspraak, is die gedachte anno nu gelukkig springlevend. Een beetje chaos en verwarring – en de onvermijdelijke stommiteiten die ook ik beging – horen daarbij, maar gelukkig kan het perkje van de kerk dat wel hebben.’

Opgemerkt: Dan heeft deze schrijver Luther zijn werk niet goed gelezen en begrepen. Luther wilde de bron van onze goede werken niet vertroebeld zien door allerlei kerkelijke baasjes die de mensen graag voor hun karretjes spanden/spannen onder het hen voorhouden van ‘hemelse worst’*. En die lopen er helaas nog altijd in grote getale rond! Levend geloof gaat aan de slag, dat heeft Luther duidelijk genoeg gemaakt!

* Dat kan ook ‘aardse worst’ zijn, zoals aandacht van de jeugd, aandacht van ongelovigen en/of buitenkerkelijken, kerkgroei…

Zie ook: ‘Geloof en goede werken…’ en ‘Vrucht van geloof blijft niet onopgemerkt…

N.a.v. ‘Geloof zonder de werken is dood’ – Ricco Voorberg (Popup-kerk) geciteerd – in FB-post ND

Wij bidden dag en nacht met volle overgave dat we u weer zullen zien en kunnen aanvullen wat nog aan uw geloof ontbreekt. Mogen God, onze Vader, en onze Heer Jezus ons pad naar u leiden. Moge de Heer uw liefde voor elkaar en ieder ander groter maken, zodat uw liefde even overvloedig wordt als onze liefde voor u. Moge de Heer u door die liefde kracht geven, zodat u zuiver en heilig voor onze God en Vader zult staan wanneer onze Heer Jezus komt met al Zijn engelen. Amen.‘ (Uit Tessalonicenzen 3 de verzen 10-13)

Bron afbeelding: SlidePlayer

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Vrucht van geloof blijft niet onopgemerkt…

Ik, die gevangen zit omwille van de Heer, vraag u dan ook dringend de weg te gaan die past bij de roeping die u hebt ontvangen: wees steeds bescheiden, zachtmoedig en geduldig, en verdraag elkaar uit liefde. Span u in om door de samenbindende kracht van de vrede de eenheid te bewaren die de Geest u geeft: één lichaam en één Geest, zoals u één hoop hebt op grond van uw roeping, één Heer, één geloof, één doop, één God en Vader van allen, die boven allen, door allen en in allen is. (Uit Efeziërs 4 de verzen 1-6)

Aan ieder van ons is genade geschonken naar de maat waarmee Christus geeft.’
(Uit Efeziërs 4 vers 7)

Geciteerd: ‘Wat hoop je dat anderen van Christus zien in je gemeente?’ Die vraag stelde ds. Lustig aan zijn Franse broeders en zusters. ‘Ik verlang ernaar dat mensen bij ons de kracht van de opstanding van Christus zullen zien,’ kreeg hij als antwoord.

Opgemerkt: Wij hebben nog meegemaakt dat we niet allerlei idealen en doelstellingen voor de Christengemeente waarvan wij lid waren hadden te formuleren. Natuurlijk geeft Gods Woord ons wel door dat wij Paulus zullen navolgen in zijn verlangen om Christus en de kracht van zijn opstanding te leren kennen, maar we kregen het niet mee als doelstelling om dat aan anderen te laten zien. We zullen een belijdende gemeente zijn, die leeft onder de verkondiging van Gods Woord. En niet onze mooie doelstellingen maar ons geloof – wanneer we daadwerkelijk geloven – zal naar Gods belofte niet zonder vrucht blijven. En die vrucht wordt door anderen opgemerkt.

Zijn goddelijke kracht immers heeft ons met alles, wat tot leven en godsvrucht strekt, begiftigd door de kennis van Hem, die ons geroepen heeft door zijn heerlijkheid en macht; door deze zijn wij met kostbare en zeer grote beloften begiftigd, opdat jullie daardoor deel zouden hebben aan de goddelijke natuur, ontkomen aan het verderf, dat door de begeerte in de wereld heerst. Maar schraagt om deze reden met betoon van alle ijver door uw geloof de deugd, door de deugd de kennis, door de kennis de zelfbeheersing, door de zelfbeheersing de volharding, door de volharding de godsvrucht, door de godsvrucht de broederliefde en door de broederliefde de liefde (jegens allen). Want als deze dingen bij u aanwezig zijn en overvloedig worden, laten zij u niet zonder werk of vrucht voor de kennis van onze Here Jezus Christus. Want bij wie zij niet zijn, die is verblind in zijn bijziendheid, daar hij de reiniging van zijn vroegere zonden heeft vergeten. Beijvert u daarom des te meer, broeders, om uw roeping en verkiezing te bevestigen; want als gij dit doet, zult gij nimmer struikelen. Want zó zal u rijkelijk worden verleend de toegang tot het eeuwige Koninkrijk van onze Here en Heiland, Jezus Christus.’ (Uit 2 Petrus 1 de verzen 2-11)

Zie ook: ‘Geloof en goede werken…’ en ‘Christus’ gemeente worst voorhouden…’

Bron citaat: gereformeerdebond-nl – ‘Vanuit de marge – Gereformeerde Bond’ – Ds. G. Lustig (Zending, 21-06-2022)

Bron afbeelding: Knowing-Jesus-com

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Geloof en goede werken…

En weest daders van het Woord en niet alleen hoorders…’
(Uit Jakobus 1 vers 22)

Geciteerd 1: Nu (in een later geschrift) presenteert Luther Jacobus als een evangelische prediker, die christenen aanzet waarachtig te zijn en het Evangelie te preken. Zij moeten erop vertrouwen dat het Woord zelf goede werken zal voortbrengen. Waar het geloof werkzaam is, zijn er geen werken van de Wet, maar alleen vruchten van het geloof. Zowel geloof als werken moeten een product zijn van het Woord en de krachtige werking van Gods Geest.

Geciteerd 2: Pas ervoor op dat u van Christus geen Mozes maakt, of van het Evangelie geen wet- of leerboek, zoals dat tot nu toe gebeurd is. (…) Als echter Christus, en ook Petrus en Paulus, in de evangeliën veel geboden en leringen geven en de wet verklaren, moet u die waarderen als alle andere liefdewerken en weldaden van Christus.

Geciteerd 3: Waar het geloof is, kan het zich niet stilhouden, het komt tevoorschijn en breekt uit in goede werken, het belijdt en leert dit Evangelie voor de mensen en waagt er het leven voor. Alles wat de mens nu leeft en doet, is gericht op het nut van zijn naaste. Hij wil niet alleen een middel zijn om zijn naaste tot deze genade te brengen, maar hij/zij helpt deze ook met lichaam, goed en eer. Want zoals hij/zij ziet dat Christus voor hém/háár gedaan heeft, zo volgt hij/zij nu ook zelf het voorbeeld van Christus. Dát bedoelt dus Christus, als uiteindelijk blijkt dat Hij geen ander gebod gegeven heeft dan de liefde (vgl. Romeinen 13 vers 10).
Dááraan kan men zien wie Zijn discipelen en rechtschapen gelovigen zijn. Want waar de liefde niet in praktijk gebracht wordt, daar is het geloof niet goed. Daar heeft het Evangelie nog geen vat en wordt Christus niet op de juiste manier gekend. Zie voor uzelf toe, onderzoek zó de boeken het Nieuwe Testament, dat u ze op deze manier weet te lezen.

Zie ook: ‘Vrucht van geloof blijft niet onopgemerkt…‘ en ‘Christus’ gemeente worst voorhouden…’

Bron citaat 1: hermanherbers-nl – ‘Simon Pauli en de Brief van Jacobus’
Bron citaat 2-3: Boek – ‘Maarten Luther – Mijn enige troost – 365 dagen met de Heidelbergse Catechismus’* – Samengesteld en vertaald door H.C. van Woerden – 2015 Den Hertog BV, Houten.
* Zondag 32 (Zondag) – Voorwoord in DB bij het Nieuwe Testament – Das Neue Testament. Vorrede 1546, vgl WADB 6,9,3-11,6

Dit is Zijn gebod: dat wij geloven in de naam van Zijn Zoon Jezus Christus
en elkaar liefhebben.‘ (Uit Johannes 3 vers 23)

Bron afbeelding: dailyverse.knowing-jesus-com

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

‘Zonder wetenschap geen reformatie’…

Wij hebben niet de geest van de wereld ontvangen, maar de Geest die van God komt, opdat wij zouden weten wat God ons in Zijn goedheid heeft geschonken. Daarover spreken wij, niet op een manier die ons door menselijke wijsheid is geleerd, maar zoals de Geest het ons leert; wij verklaren het geestelijke met het geestelijke.‘ (Uit 1 Korintiërs 2 de verzen 12-13)

Geciteerd 1: Gereformeerde theologie heeft dit altijd in nauwe verbinding met en ten dienste van de kerk gedaan. Maar niet aan de leiband van de kerk. En dat is maar goed ook. De Reformatie begon namelijk niet in de kerk maar aan de universiteit. De Reformatie begon ook niet met een preek maar met 95 academische stellingen. Zonder wetenschap geen reformatie. Toen niet en nu ook niet. Nu namelijk wordt daar weer over gesproken en gedacht. Hoe moet dat tussen kerk en universiteit?

Opgemerkt 1 (eerst maar een en ander a.h.v. een aantal stellingen):

  1. Luthers geboorte en Doop vonden plaats in de gemeenschap van de kerk/Kerk en zijn wieg en het doopvont stonden niet in een universiteit.
  2. Luthers keuze voor het monnikenbestaan en daarmee terechtkomen op een universiteit gebeurde in het ‘open veld’ tijdens een onweer, niet op een universiteit.
  3. Als het aan de universiteiten en de ‘kerkleiders’ gelegen had waren de 95 academische stellingen netjes (of zo nodig later zelfs ook met bruut geweld) door ‘geestelijke academici’ afgehandeld en ‘buiten bedrijf’ gesteld. Zelfs Luther had geen andere plannen ermee dan een ‘academisch dispuut’ daarover.
  4. Het waren niet de 95 stellingen, maar het was toch vooral de preek tegen de aflaten die de ‘gewone man trof in het hart’ – die de vlam van de Reformatie in het kruitvat van het gewone volk blies.
  5. ‘Zonder wetenschap geen reformatie’? Wetenschap is door mensen verzamelde wijsheid/kunde; Reformatie is werk van de Geest!

Geciteerd 2: Luther, Calvijn en Voetius – om maar enkele reformatorische theologen te noemen – waren echter van mening dat predikanten aan een universiteit opgeleid moeten worden. Een universiteit namelijk moet haar studenten leren om op academisch niveau zelfstandig te onderzoeken en te denken. En dat moeten predikanten ook kunnen. De predikant immers moet om te kunnen preken zelfstandig de Schriften onderzoeken.

Opgemerkt 2: Laten we dan eens letten hoe onze Heer Jezus Zijn werk hier op aarde begon en wat voor mensen Hij koos en welke mensen Hij juist niet koos en Hoe Hij Zijn werk voortgezet wilde zien na Zijn hemelvaart.
We lezen dat onze Heer Zelf geen opleiding kreeg in Jeruzalem en dat Hij ook Zijn discipelen niet koos uit die kringen en ook geen moeite gedaan heeft er binnen te komen om daarmee ook daar erkend te worden. En we lezen dat de apostel Paulus op zeer bijzondere manier geroepen werd, en dan wordt hem een inzicht geschonken, die hij verkreeg zonder als discipel voortdurend in het gevolg van Jezus te zijn geweest. Van zijn vroegere opleiding en daar aangeleerde manier van denken moet hij afstand nemen.
Opgemerkt 3: De Joden hebben vanwege hun noodgedwongen vertrek uit het land Israël (o.a. de Babylonische ballingschap) zich in allerlei landen gevestigd en toen reden gehad/gezien om de Joodse Bijbel (Pentateuch) in het Grieks (Septuagint) te vertalen. Dat ze daarmee de latere verspreiding van het Evangelie een enorme dienst bewezen, dat hebben ze tijdens dat vertalen niet beseft.
Opgemerkt 4: Bij de vertaling van de Joodse Bijbel in het Grieks moeten we nog niet denken aan het bedrijven van theologische wetenschap zoals we die vandaag kennen. Het was trouw werken aan de vertaling binnen een gemeenschap van Joden, die dat werk ook biddend gedaan hebben. Dat vertaal werk heeft zeker gestaan onder de leiding van Gods Geest.
Opgemerkt 5: De kerken – de Kerk – kan beslist blijven voortgaan en voortbestaan zonder het soort van wetenschappelijke opleiding en het wetenschappelijke werk zoals dat aan huidige universiteiten wordt gevonden en verricht. Ze kan echter niet zonder trouwe werkers die hun gaven en talenten inzetten om de kerken – en daarmee de Kerk – te dienen. De heilige Geest is machtig genoeg om in allerlei omstandigheden mensen bekwaam en trouw te maken voor het werk dat Gods hand hen te doen geeft in de gemeenten/kerken.
Opgemerkt 6: We zullen de (moderne) wetenschap beslist ook plaatsen onder ‘de wijsheid van deze wereld en haar machthebbers’ (zie 1 Korintiërs 2), dat gold ook voor de ‘Schriftgeleerdheid en haar machthebbers in Jeruzalem’ en het gold ook voor de theologische kennis van de clerus in de eeuwen voor de Reformatie. Maarten Luther heeft zich uiteindelijk niet kunnen beroepen op menselijke wijsheid (verzameld in geschriften)…
Opgemerkt 7: In feite wordt hier de gemeente-predikant ver boven de gewone gemeenteleden verheven. Dan is hij de enige die Gods Woord op zelfstandige manier kan onderzoeken. Mijn eigen gemeente predikant redeneerde ook zo: hij hoefde/wilde met mij niet over ‘theologie’ spreken. Dat ik hem aansprak op wat Gods Woord ons leert en zoals ik dat had leren begrijpen, daar was hij niet in geïnteresseerd, in elk geval was er voor hem geen reden om daar serieus op in te willen gaan.

Opgemerkt slot: Ik heb hier nagelaten om naar allerlei Schriftplaatsen te verwijzen die bruikbaar zijn om wat hierboven gezegd is te bevestigen. Naar ik hoop is dat voor veel lezers ook helemaal niet nodig en weten ze die zelf wel te noemen/vinden.

Leestip: De eerste vier hoofdstukken van de eerste brief aan de gemeente te Korinthe.

Zie ook deze webpagina: ‘De bovenste beste theologie…

Bron citaat: RD Opinie – ‘Kerk moet wetenschappelijke theologie koesteren’ – door prof. dr. H.J. Selderhuis.

De boodschap die ik verkondigde overtuigde niet door wijsheid, maar bewees zich door de kracht van de Geest, want uw geloof moest niet op menselijke wijsheid steunen, maar op de kracht van God.‘ (Uit 2 Korintiërs 2 de verzen 4-5)

Bron afbeelding: Holy Bible, NIV – YouTube

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Niet moe worden elkaar te onderwijzen…

Voor het overige, broeders en zusters, laat de Heer uw vreugde blijven. Ik heb er geen moeite mee te herhalen wat ik u al geschreven heb; het is voor uw eigen bestwil.’ (Uit Filippenzen 3 vers 1).

Geciteerd: In het Belgische Bergen lijken ze hem bijna vergeten: Guido de Brès, opsteller van de Nederlandse Geloofsbelijdenis. Hij werd 500 jaar geleden in de Waalse stad geboren.

Opgemerkt 1: ‘Gedenkt uw voorgangers…’ (Hebreeën 13 vers 7 en m.n. ook 8]. Zijn laatste brieven (aan vrouw en moeder) zijn m.n. veelzeggend/leerzaam: Wat hij in de gevangenis mocht ‘zien’ en ervaren van Gods nabijheid.

Opgemerkt 2: God gaf ons geen belijdenisgeschriften (1,2), maar Zijn Woord en een heel leven om Hem steeds beter te leren kennen. Laten we elkaar die ruimte geven/gunnen binnen de kerken en niet met ‘de Godskennis’ (zoals we die zwart op wit in een belijdenisgeschrift bezitten) ‘opgeblazen’ heersen over het geloof en de gewetens van broeders en zusters (zie 2 Korintiërs 1 de verzen 23-24) ! (3)

(1) Paulus zegt tegen Timoteüs: daarmee ben je als gelovige en voorganger volmaakt toegerust (om de gezonde leer te leren kennen en te onderwijzen) en dan doelt hij op het OT. En eerder verwees hij Timoteüs ook naar wat hij had mogen zien en horen van Paulus werk in de gemeenten. Wij kunnen dat nog veel meer ‘zien en horen’ dankzij het boek Handelingen en de brieven van de apostelen en de zeven brieven van onze Heer Zelf.
(2) En onze Heer stelde zelfs niets ‘op papier’, maar zei tegen Zijn discipelen dat ze moesten wachten op de uitstorting van de Geest.
(3) Net als de apostelen moeten we niet moe worden om elkaar te onderwijzen binnen een gemeente en binnen de kerken . Daarom reisde Paulus opnieuw langs de gemeenten en schreef hij hen brieven en de andere apostelen deden niet anders. Paulus geeft Timoteüs dan ook niet de opdracht om nu eens een en ander in een belijdenisgeschrift samen te vatten omdat hij daar zelf niet aan toe gekomen was. Zelfs de brief aan de Romeinen valt niet zo te gebruiken…
Zie o.a. Kolossenzen 2 de verzen 16-17 en Romeinen 15 de verzen 14-16.

Slotopmerking: De(/een) Catechismus beschouw ik als een (wel/beter) bruikbaar hulpmiddel in de kerken omdat een catechismus bedoeld is om de lezer en voorganger te helpen bij het lezen en verstaan (begrijpen) en verkondigen en toepassen van Gods Woord. Maarten Luther zei dat hij altijd weer mee leerling werd wanneer hij over een vraag en antwoord van de door hem opgestelde catechismus ging/moest (s)preken…

Zie ook deze webpagina: ‘Filippenzen 3 – Christus ons Leven‘ (zeer aanbevolen!)

Bron citaat: RD Kerk & religie – ‘Guido de Brès: zó gereformeerd, maar bijna vergeten’ – door Maarten Stolk

Bron afbeelding: Pinterest

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Wanneer en hoe tellen kinderen mee in Christus’ gemeente?

Martha, Martha,’ antwoordde Jezus. ‘Wat maak je je toch druk! In het leven heb je niet zoveel nodig. Eigenlijk maar één ding. Maria heeft dat ene ontdekt en het zal haar niet worden afgenomen.’ (Uit Lukas 10 de verzen 41-42)

Geciteerd: Het begint met de bereidheid de stemmen van kinderen te beluisteren en af te tasten hoe ze mee kunnen doen. Dat kan in praktische dingen, misschien kunnen ze het psalmenbord gereed maken, de avondmaalstafels gereed zetten, de klok luiden, de tuin van de kerk helpen verzorgen. Waarom zouden ze ook niet kunnen collecteren of een van de Schriftlezingen kunnen verzorgen. Het dienen in de kerk is niet exclusief iets voor volwassenen.

Opgemerkt 1: Ik moest bij deze voorstellen van een hoogleraar (1) toch wel eerst even m’n ogen uitwrijven. Ziet ook hij de zondagse samenkomst blijkbaar als een belangrijk moment om dán godsdienstig bezig te zijn met elkaar; en om dan in die zondagse dienst aan God, van ons volwassenen, ook de kinderen maar wat dienstwerk te geven?

Opgemerkt 2: Wanneer we beseffen dat een zondagse samenkomst Gods dienst aan ons is* (behoort te zijn) (a), en dat wanneer we daar werkelijk weer gehoord en en met elkaar beleden hebben wat God voor ons gedaan heeft en doet, dan kunnen we direct na de zondagse dienst(en) zelf weer aan de slag voor en met elkaar en daar doen de kinderen even goed en even serieus in en aan mee! We dienen steeds weer goed te beseffen dat in onze huizen – en dus niet vooral in de kerkdiensten – het christelijk leven in praktijk dient te worden gebracht.
* En natuurlijk behoort al het andere in zo’n dienst, zoals danken en bidden en lofzingen daar ook helemaal bij.

Opgemerkt 3: De kinderen kunnen heus ook wel ingezet worden om praktisch werk te doen voor of na of tijdens een dienst. Maar dat is een kwestie van heel nuchter nagaan hoeveel praktisch nut we daarvan hebben of dat we ons daarmee vooral extra werk bezorgen, terwijl God dat soort werk helemaal niet van ons (en onze kinderen/jeugd) vraagt.

Slotopmerking: Zullen we ons niet eerder hebben in te spannen om de zondag tot een werkelijke rustdag te maken, dan dat we ons door ‘betaalde professionals’* of andersoortig gedreven mensen ons (opnieuw) een slavenbestaan laten laten opleggen?! (a)
* Die heb je (tegenwoordig) in twee soorten: zij die door een gemeente verkozen en daarmee geroepen zijn en zij die zichzelf durven aanprijzen en laten inhuren en worden aangesteld en betaald door ‘de kerkleiding’.

(a) Zie ook: ‘De Kerk (Christus’ gemeente’) geen restaurant’… en ‘Over toerusting en wapenrusting van een geestelijk leger…’

(1) Dr. A. de Muynck is hoogleraar christelijke pedagogiek aan de Theologische Universiteit Apeldoorn en lector aan Driestar-Educatief te Gouda.

Bron citaat: De Waarheidsvriend – ‘Allemaal in tel’ – door dr. A. de Muynck

‘Houd de geboden die ik u vandaag opleg steeds in gedachten. Prent ze uw kinderen in en spreek er steeds over, thuis en onderweg, als u naar bed gaat en als u opstaat.‘ (Uit Deuteronomium 6 de verzen 6-7)
Wij willen het onze kinderen niet onthouden, wij zullen aan het komend geslacht vertellen van de roemrijke, krachtige daden van de HEER, van de wonderen die Hij heeft gedaan.‘ (…) ‘Dan zouden ze op God vertrouwen, Gods grote daden niet vergeten en zich richten naar Zijn geboden.’ (Uit Psalm 78 vers 4 en vers 7)

Bron afbeelding: ArtStation

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

‘Kerk (Christus’ gemeente) geen restaurant’…

U richt voor mij een dis aan voor de ogen van wie mij benauwen.
(Uit Psalm 23 het 5e vers)

Opgemerkt 1: Onze predikant gaf ons vanochtend een een aantal Bijbelse beelden door van de Kerk (de/een gemeente van Jezus Christus) zoals ‘Huis van God’ en ‘Tempel van de heilige Geest’. Maar een beeld van de Kerk dat volgens hem niet zou passen, dat is dat van een restaurant of hotel. Zijn ouders hadden hem vroeger thuis, wanneer hij als student weer bij zijn ouders in huis kwam voor een weekendverblijf, met enige regelmaat laten horen/weten: ‘Het is hier geen hotel.’ En de reden was dat hij (blijkbaar) met nogal wat gemakzucht weer gebruik maakte van de ouderlijke zorg en (z.i.) ‘bijbehorende dienstverlening’.

Opgemerkt 2: Maar zelf dacht ik bij dat woord/beeld van een restaurant (of hotel) aan psalm 23 en aan Jezus Christus als onze Gastheer aan de Avondmaalstafel. En hoe Hij dus dé Gastheer is in/van de Kerk en ons nodigt aan Zijn tafel. En zolang deze Gastheer ook mij nodigt aan Zijn tafel mag ik daar aangaan, zelfs ook onder de ogen van ‘mijn tegenstanders‘, die mij liefst van dat aangaan wilden/willen weerhouden…

Opgemerkt 3: Alhoewel het woord restaurant of hotel tegenwoordig minder goed bruikbaar is, wordt de gemeente van Jezus Christus wel vergeleken met een ‘herberg onderweg’ (en dat zijn toch de hotels van vroeger), waar het goed toeven zou zijn (is?) voor een vermoeide of zelfs ook verwonde reiziger (denk aan de gelijkenis van de barmhartige Samaritaan).

Opgemerkt 4: We kunnen hierbij ook nog denken aan de maaltijden waar onze Heer werd uitgenodigd. We weten dat hij at in de huizen van zondaars en tollenaars (Matteüs 9 vers 11), dat hij bij de tollenaar Zacheüs in huis kwam om de daar een maaltijd te gebruiken (Lukas 19 de verzen 1-10) en ook dat Hij genodigd werd bij een van de Farizeeërs (Lukas 7 de verzen 36-50).
De zondaars en tollenaars verheugden zich over Zijn bezoek en bij Zacheüs lezen we dat niet hijzelf zich de gastheer voelde, maar juist Jezus erkende als dé Gastheer aan zijn tafel. Hij kon zijn vreugde niet op en schonk de helft van zijn vermogen zomaar weg aan de armen. Maar een Farizeeër liet blijken dat hij hoog dacht van zichzelf en Jezus wilde laten weten dat Hij blij mocht zijn dat was uitgenodigd door hem en bij hem thuis. We lezen: Je hebt me niet begroet met een kus; maar zij (die ‘zondares’) heeft, sinds ik binnenkwam , onophoudelijk mijn voeten gekust. Je hebt mijn hoofd niet met olie ingewreven; maar zij heeft met geurige olie mijn voeten ingewreven. Daarom zeg ik je: haar zonden zijn haar vergeven, al waren het er vele…’ (Uit Lukas 7 de verzen 45-47)

Opgemerkt 5: Later lezen we dat Petrus in Caesarea ontvangen wordt in het huis van de Romeinse centurion Cornelius, en dat deze als gastheer Petrus alle eer wil bewijzen en voor hem op de knieën valt. Maar dan trekt Petrus hem snel weer overeind en zegt: ‘Sta op, ik ben ook maar een mens.‘ En binnengekomen zegt hij tegen de aanwezigen: ‘God heeft me duidelijk gemaakt dat ik geen enkel mens als verwerpelijk en onrein mag beschouwen.’ En ook: ‘Van Hem getuigen alle profeten dat iedereen die in Hem gelooft door Zijn Naam vergeving van zonden krijgt.

Leestip: Handelingen 10 en m.n. daarvan de verzen 40-43.

Zie ook: ‘Wanneer en hoe tellen kinderen mee in Christus’ gemeente?‘ en ‘Over toerusting en wapenrusting van een geestelijk leger…

N.a.v. wat gezegd werd in de verkondiging in de ochtenddienst zondag 19 juni 2022 (NGK ‘De Ontmoeting’ te Voorthuizen/Barneveld).

Bron afbeelding: YouTube (Upload van Denice May)

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Over toerusting en wapenrusting van een geestelijk leger…

Iemand die in krijgsdienst is, laat zich niet afleiden door het leven daarbuiten, want zijn bevelhebber moet tevreden over hem zijn.’ (Uit 2 Timoteüs 2 uit de verzen 1-13 vers 4)

Geciteerd: Tegelijk is er heel veel aanbod om kerken verder te helpen. Naast het boek lanceren we namelijk een netwerk en de beweging ”Samen jong”. Die bestaat uit vijftien organisaties uit het netwerk van MissieNederland, denk daarbij bijvoorbeeld aan Youth for Christ, de HGJB en de Christelijke Hogeschool Ede. We werken samen om vanuit het gedachtegoed van ”Samen jong” dienstverlening te ontwikkelen. Het is niet zo dat je als gemeente even een paar stappen zet. Een langdurig proces van veranderen is niet altijd gemakkelijk. Dan kan een goed netwerk de gemeente bijstaan in de zoektocht.”

Opgemerkt 1: Wanneer er werkelijk zoveel samenwerkende organisaties nodig zijn om een kerkelijke gemeente te leren om gemeente van Jezus Christus te zijn, dan hebben ze/we eeuwenlang daaraan gebrek gehad. We kunnen echter heel goed weten dat het niet zo ligt en werkt. Want God geeft Zijn eer niet aan mensen(werk). Zo simpel ligt dat met het werk in het koninkrijk van God. De gemeente zal opgevoed worden bij en door het Woord van God en dat is een eenvoudige zaak/taak, die ook door ieder eenvoudig opgevolgd kan worden. Maar velen vinden dat veel te simpel, dat kan toch iedereen… Ja, juist! Maar niet in eigen kracht en de krachten die zich steeds weer tegen ons verheffen, wanneer je zó aan de slag wilt zijn met elkaar, die zijn enorm [reusachtig (1)] en vergen het dragen en onderhouden van de volledige wapenrusting van het geloof. Maar dat dan ook volgens de eenvoudige regels die Gods Woord ons daarvoor aanreikt, alleen zo valt het dragen en gebruiken van die wapenrusting ons niet te zwaar.

(1) Denk aan koning Saul die David zijn hele wapenrusting aanbood om de reus Goliath te kunnen verslaan en met welke eenvoudige middelen David de reus tegemoet ging en hem versloeg (Zie 1 Samuel 17 vers 27)

Zie ook: ‘Wanneer en hoe tellen kinderen mee in Christus’ gemeente?‘ en ‘Kerk (Christus’ gemeente) geen restaurant’…

Mijn kind, wees sterk door de genade van Christus Jezus. Geef wat je in aanwezigheid van velen van mij hebt gehoord, door aan betrouwbare mensen die geschikt zijn om anderen te onderwijzen. Deel in het lijden als een goed soldaat van Christus Jezus. Iemand die in krijgsdienst is laat zich niet afleiden door het leven daarbuiten, want zijn bevelhebber moet tevreden zijn.‘ (Uit 2 Timoteüs 2 uit de verzen 1-13 de verzen 1-4)

Bron citaat: RD Kerk & religie – ‘„Kerk-zijn doe je met alle generaties samen”’ – door Bastiaan van Soest

Bron afbeelding: Biblia-com

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

‘Zijn kracht wordt in zwakheid volbracht’…

En Hij heeft tot mij gezegd: Mijn genade is u genoeg; want Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht. Zo zal ik dan veel liever roemen in mijn zwakheden,…’ (Uit 2 Korintiërs uit het 9e vers) *

Die in de kracht Gods bewaard wordt door het geloof tot de zaligheid, die bereid is om geopenbaard te worden in de laatsten tijd.‘ (Uit 1 Petrus 1 vers 5)

Geciteerd: Zó volgt het een op het ander: op het Woord volgt het geloof, op het geloof volgt de nieuwe geboorte (1), op de nieuwe geboorte volgt het leven der hoop, zodat wij de beloofde zaligheid met volkomen zekerheid verwachten. Daarom heeft Petrus hier goed christelijk gesproken, dat het door het geloof moet gebeuren en niet door werken die wijzelf hebben gedaan.
Waar God (naar Zijn belofte) het geloof werkt (heel gewoon door inzet en gebruik van de ons daartoe gegeven ‘middelen’ – AJ), daar zál de mens opnieuw geboren worden (1) en een nieuwe schepping worden, daar zullen dan uit de natuur der zaak (die dus geestelijk is!) enkel goede werken op het geloof volgen. Daarom mag je niet tegen een christen zeggen: ‘Je moet dit of dat werk doen!’ Want dat doet een gelovige al uit zichzelf zonder dat dit hem of haar bevolen is, enkel goede werken. Maar dát kun je beter tegen hem of haar zeggen: dat ze zichzelf niet bedriegen (2) mogen met een verzonnen en ingebeeld geloof.
Daarom laat die waardeloze praters varen, die je veel over (hun) goede werken (of aanpak) kunnen vertellen, wat tenslotte toch niet meer dan puur schuim en nutteloos gezwets is [ondanks allerlei wereldwijsheid en kunde die ze bezitten en kunnen ‘etaleren’ – (AJ)].
Tegen zulke mensen zegt Paulus: ‘Ik zal tot u komen, en zal niet vragen naar de woorden van hen die opgeblazen zijn, maar naar de kracht, want het Rijk van God bestaat niet in woorden maar in kracht‘ (vgl. 1 Korintiërs 4 vers 19 vv). Waar nu de kracht van God niet is (of wordt tegengestaan – AJ), daar is ook geen oprecht geloof en daar zijn ook geen goede werken. (3)

(1) De Doop (één van de ons geschonken middelen) wordt in Titus 3 vers 5 ‘het bad der wedergeboorte’ genoemd. Onze wedergeboorte is daarmee vast en zeker aan ons toegezegd en bezegeld, niet door mensen, maar door onze Drie-Enige God Zelf. Dát zullen we in geloof aanvaarden. De vaste grond van onze Doop ligt niet in ons geloof of dat van de ouders, maar in onze belovende God Zelf.
(2) Zie 1 Korintiërs 3 en m.n. daaruit de verzen 18-22 en ook 4.
(3) Denk aan de rijke jongeling en wat Jezus zei: Alle dingen zijn mogelijk voor God. Daarmee verwees Hij onmiddellijk naar de kracht en het werk van de heilige Geest in mensenharten. Daarom – al schijnt dat wat Jezus van ons vraagt ons heel moeilijk, het is het toch niet, want voor de heilige Geest is het geen probleem, en Die is ons vast en zeker toegezegd. Laten wij Hem dan niet bedroeven en uitblussen door Hem te weerstaan.

* Graag wil ik dit met een voorbeeld illustreren. Toen een vroegere predikant de laatste jaren voor zijn emeritaat bereikte in onze gemeente, werd er wel gezucht en toen hij met emeritaat ging klonk er bij menigeen een zucht van opluchting, en dat vanwege de hoop en verwachting dat een nieuwe (jongere) predikant toch (veel) beter in staat zou zijn en blijken om onze kerkjeugd ‘te bereiken’ – dan zo’n bijna-emeritus – en ook beter in staat om ook mensen van buitenaf aan te trekken.
Op dit soort gedachten en woorden van ouders en leidinggevenden zullen we echter toch altijd weer Bijbels fundamentele kritiek hebben te laten horen (in/aan gezinnen en gemeente). Want wanneer God de in zichzelf zwakke woorden van een zichzelf zwak en tekortschietend wetend emeritus predikant wel wil zegenen, maar die van een jongere ‘beter bespraakte’ predikant niet (vooral wanneer hem zoveel lof wordt toegezwaaid en dáár onze verwachting van is) dan is alle menseninspanning tevergeefs! (Zie o.a. Psalm 127 vers 1) En die fundamentele kritiek op dat soort verkeerde gedachten, kan beslist niet worden ‘weggewuifd/weggewerkt’ met allerlei cijfers over groei van de gemeente ten tijde van opvolgende predikanten en vanwege uit zulke gedachten voortkomend en daarop stoelend kerkenraadsbeleid! We zullen zelfs dat soort gebruik en toepassing van cijfers en statistiek in een gemeente geheel hebben na te laten! (Zie de inhoud van de brieven aan de zeven gemeenten in Openbaring!)

Mee n.a.v thema EO-jongerendag en verkondiging vanochtend in de samenkomst van onze gemeente (NGK ‘De Ontmoeting’, Barneveld)
Bron citaat: Maarten Luther – Vrees niet, geloof alleen – Dagboek over het geloof’ – Samengesteld, ingeleid en vertaald door H.C. van Woerden sr. – 2019, Den Hertog BV., Houten
(Citaat/overdenking van 12 juni)

Hij heeft ons zalig gemaakt, niet uit de werken der rechtvaardigheid, die wij gedaan hadden, maar naar Zijn barmhartigheid, door het bad der wedergeboorte en vernieuwing des Heiligen Geestes.‘ (Uit Titus 3 het 5e vers)

Bron afbeelding: Pin on Faith

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie