Wat zien we dan van de heilige Geest bij jullie?

‘Luister naar de woorden van de HEER,
jullie die voor Zijn woorden huiveren
Er wordt gezegd door jullie volksgenoten,
die jullie haten en verstoten:
“Dankzij ons staat de HEER in aanzien.
Toon ons dan eens hoe blij je bent.”
Maar zij zullen zelf te schande staan.
(Uit Jesaja 66 vers 5)

Geciteerd: Deze troost en waarheid van de heilige Geest is zeer bedekt en diep verborgen, want deze woorden worden alleen in en door het geloof gezien* en ervaren. Zodat de christenen dit zelf ook niet altijd ondervinden, maar in hun zwakheid veeleer het tegendeel voelen. Dat komt doordat de duivel dit zowel inwendig door de vreesachtigheid van hun vlees, als uitwendig door de verdorvenheid van de wereld verhindert en tegengaat. Dit is soms zo erg, dat ze vaak bijna geen goede, troostvolle gedachten over God kunnen hebben.
Ze ondervinden wat de grote apostel over zichzelf klaagt: dat ze altijd uitwendig strijd en inwendig vrees voelen (2 Korintiërs 7 vers 5). Zodoende is er niet altijd troost en vreugde, maar meestal treuren, angst en doodstrijd. Zoals Paulus ook in 2 Korintiërs 4 (vers 11) zegt: ‘Wij die leven, worden altijd in de dood overgegeven, om Jezus’ wil.‘ Idem in 1 Korintiërs 15 (vers 31): ‘Bij onze roem, die ik over u heb in Christus Jezus, onze Heere: ik sterf dagelijks.‘ Zoals je nu ook kunt zien dat veel vrome harten altijd treurig en zwaarmoedig zijn, zich met hun eigen gedachten beangstigen en plagen, en in aanvechtingen van de duivel de wanhoop nabij zijn. Waar is hier, zegt de wereld en ons eigen vlees, de Heilige Geest, waar jullie christenen zo hoog van opgeven?
[Maarten Luther: Sermon am Pfingsttage, Kirchenpostille, nur in Editionen 1540 und 1543. W(1)11, 1406 ff]

* Zie Lukas 7 : 29-30 en Johannes 3 : 3 en 5.

>> Leestips: Psalm 39 en 40 en 2 Korintiërs 11.

Bron citaat: ‘Vertroost elkaar met deze woorden…’ – ‘De Heilige Geest en Zijn werk (4) – 25 mei’ – Den Hertog uitgeverij (2022)

Zie ook: ‘het wondere werk van de heilige Geest…‘

‘Maar volgens mij heeft God ons, apostelen, de laagste plaats toegewezen, alsof we ter dood veroordeeld zijn. We zijn voor heel de wereld, zowel voor engelen als mensen, een schouwspel geworden. Wij zijn dwaas omwille van Christus, terwijl jullie dankzij Christus zo geweldig wijs zijn; wij zijn zwak, terwijl jullie zo geweldig sterk zijn; jullie staan enorm in aanzien, terwijl wij worden veracht. (…) Tot op dit ogenblik zijn wij het uitschot van de wereld, het uitvaagsel van de mensheid.’ (uit 1 Korintiërs 4 uit de verzen 6-13)

Bron afbeelding: Pinterest (Pin on Christian quotes)

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Het wondere werk van de heilige Geest…

‘En Ik zal de Vader bidden, en Hij zal jullie een andere trooster geven, opdat Hij eeuwig bij jullie zal blijven.‘ (uit Johannes 14 vers 16)

Geciteerd: Dit is het ambt en werk van de heilige Geest nadat Ik van jullie ben heengegaan: Hij zal jullie troosten, onderwijzen, bijstaan, leiden, verdedigen, vermanen, helpen en versterken, zo dikwijls als jullie dat nodig hebben. Want in de wereld zullen jullie geen troost en bijstand hebben, maar de hele wereld zal tegen jullie zijn. De duivel zal jullie verzoeken en lastig vallen en met zijn giftigste lastertong, het ergste van jullie zeggen en jullie voor de hele wereld beschuldigen en uitroepen als verleiders en opstandelingen.

Bovendien zal hij je in eigen geweten en hart inwendig plagen en beangstigen met verschrikkingen van Gods toorn, treurigheid, en met verdrietige gedachten over je eigen zwakheid. Daardoor zou je wel kunnen en moeten wanhopen, wanneer je daarin zonder kracht en troost werd gelaten.

Tegen deze lasteraar en aanklager (wil Christus zeggen) zal Ik jullie van Mijn Vader in Mijn plaats de heilige Geest zenden als Pleitbezorger en Verdediger, Die zal voor je pleiten bij God. Daarbij komt dat Hij jullie zal versterken, zodat je niet door schelden en lasteren, aanklagen en verschrikken van de duivel en de wereld de moed opgeeft, maar daarentegen juist een onverschrokken moed krijgt en dapper je mond opendoet. Dat is, dat je in de zaak van het geloof en de belijdenis van Christus standhoudt en overwint (Lukas 21 vers 15).

[Maarten Luther: Sermon am Pfingsttage, Kirchenpostille, nur in Editionen 1540 und 1543. W(1)11, 1406 ff]

>> Leestips: Psalm 123, Lukas 21 : 5-19 en Johannes 14 : 15-31.

Bron citaat: ‘Vertroost elkaar met deze woorden…’ – ‘De Heilige Geest en Zijn werk (2) – 23 mei’ – Den Hertog uitgeverij (2022)

Zie ook: ‘Wat zien we dan van de heilige geest bij jullie?‘

‘Want ik zal jullie woorden van wijsheid schenken die door geen van je tegenstanders kunnen worden weerstaan of weersproken.’ (Uit Lukas 21 vers 15)

Bron afbeelding: Daily Bible Inspirations

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Ploeteren in de Goudmijn(en) op zondag?

‘De Heere heeft gezworen, en het zal Hem niet berouwen (1), U bent Priester voor eeuwig, op de manier van Melchizedek‘ (Uit Psalm 110 vers 4)

Geciteerd: (…) Zien we niet hoe de heilige profeet [David] zich hier verheugt en verblijdt in deze Hogepriester? Want het is zeker dat hij deze woorden door het geloof spreekt uit een rijke en volle geest (2) en dat hij daarmee belijdt, dat hij deze Christus houdt voor zijn vaste priester voor God. Door Christus heeft hij volkomen vergeving van zonden en een genadig God. Daarmee heeft hij zich vertroost in alle vrees en schrik (3), lijden en nood, en is hij behouden geweest in leven en in sterven.
Kort gezegd: dit vierde vers, waar David Hem Priester voor eeuwig of eeuwige Priester noemt, is een grote en rijke bron, ja, een ware goudmijn van alle christelijke leer, begrip, wijsheid en troost, zoals verder nergens in de Schrift [hier: het Oude testament] op één plaats zó rijk en zó vol is te vinden. Hierin is het ons ook gegeven het onderscheid te zien tussen het Oude en Nieuwe Testament en alles te verstaan wat onze Twaalf Artikelen houden en leren.

(1) Zie Genesis 6 vers 6 waar we lezen: ‘het berouwde de HERE dat hij de mens op aarde gemaakt had‘.
(2) De Psalmen zijn ons geschonken als door de Geest geïnspireerde liederen.
(3) ‘vrees en schrik’: Zie o.a. Psalm 30, 32, 38, 39 en 51.

>> Leestip: Hebreeën 6 : 13-20.

Bron citaat: ‘Vertroost elkaar met deze woorden…’ – Citaat/meditatie 21 mei – Den Hertog uitgeverij (2022)

Bron afbeelding: Facebook (CGK Eemdijk) – (Lied 326 vers 1)

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Tot slaven gemaakt of (weer) tot slavernij vervallen…

‘Beiden Grieken en Barbaren, beiden wijzen en onwijzen ben ik een schuldenaar.’
(Uit Romeinen 1 vers 14)

Geciteerd: De macht om iemand van zijn vrijheid te beroven geeft je niet het recht om dat ook daadwerkelijk te doen. In het Oude Testament wordt vaak herinnerd aan het slavernijverleden van Israël. Telkens riep God het volk op: ‘Jullie zijn zelf slaaf en vreemdeling geweest, neem dat ook mee in de manier hoe je met anderen omgaat’.

Opgemerkt 1: De boze is er alles aan gelegen om Gods volk weer tot een slavenbestaan te brengen en om Gods volk aan te zetten tot het handhaven van slavernij. We zien dat in gemeenten/kerken waar de Wet van Mozes weer verheven is tot tuchtmeester tot Gods vrije kinderen genoeg ware bevinding bijeen gesprokkeld hebben om zichzelf (ook) als vrije kinderen van God te mogen beschouwen. In die kerken is er altijd ‘een schare die de ware bevinding (nog) niet kent’. En in de Evangelische beweging doet men alsof Gods kinderen zichzelf eerst moeten vrijkopen, alsof ze niet al vrijgekocht zijn en van kinds af aan recht hebben op de doop in de gemeente van Jezus Christus.

Opgemerkt 2: De brieven van de apostelen keren zich steeds weer tegen de mensen die ons opnieuw tot slavernij willen brengen in Christus gemeente. De Reformatie was een bevrijding uit slavernij die door de heersende geestelijkheid binnen de Roomse kerk de gemeenten van Jezus Christus werd opgelegd. Daarbij wil ik hier dan ook wijzen op de invloed van Augustinus, die op het gebied van het huwelijk (of het zich onthouden daarvan) ons weer een slavenbestaan heeft gebracht met alle invulling ook die de kerk er daarna aan gegeven heeft. Niet alleen wat betreft omgaan met geld maar zelfs ook wat betreft het huwelijk(sleven) kan wel gezegd worden ‘dat de kinderen van de wereld daar verstandiger mee om weten te gaan dan de kinderen van het licht’ – Zie Lukas 16 : 1-8.

Opgemerkt 3: Het is geestelijke hoogmoed geweest van het christelijke Europa, dat het zich niet (als de apostelen) ‘beiden Grieken en Barbaren (en de Joden!), beiden wijzen en onwijzen’ zich een schuldenaar heeft geweten (zie Romeinen 1 vers 14) om dan in navolging van de apostelen zich daar ook naar te gedragen. En is het in de christelijke westerse wereld vandaag de dag werkelijk anders dan voorheen?

>> Leestip: 2 Korintiërs 6 : 1-13.

Bron citaat: ND Geloof & kerk – ‘Gespreksboek over slavernij: ‘Puinruimen om bij de bevrijdende boodschap van de Bijbel uit te komen’ – door Marina de Haan

‘Wees met elkaar mijn navolgers, broeders en zusters, en houd het oog gericht op hen die zó wandelen, zoals u ons tot een voorbeeld hebt.’ (Uit Filippenzen 3 vers 17)

Bron afbeelding: Knowing Jesus

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Diep gemis aan begrip van onze zondigheid…

‘Want er staat geschreven: “Een ieder die de Naam van de HEER aanroept zal worden gered.”‘ (…) ‘En bij Jesaja staat zelfs: “Ik heb me laten vinden door wie mij niet zochten, Ik heb me bekend gemaakt aan wie naar Mij niet hebben gevraagd.” Maar over Israël staat er geschreven: “Heel de dag heb ik Mijn handen uitgestrekt naar Mijn ongehoorzaam en opstandig volk.”‘ (Uit Romeinen 10 vers 13 en de verzen 20-21)

Geciteerd 1: (…) De neiging om onszelf te verontschuldigen (1) is onverminderd groot. Maar de motivatie om ook het gedrag van anderen te verontschuldigen lijkt een stuk kleiner geworden. ‘Wij’ zijn wel onschuldige slachtoffers van de omstandigheden, maar ‘zij’ (die ander/anderen) zijn juist verantwoordelijk voor die omstandigheden. Zij verdienen niets minder dan totale afwijzing. Wie zich schuldig maakt of gemaakt heeft, moet zonder pardon gecanceled worden. Hoe minder de zonde ons narcistisch zelfbeeld dwars zit, hoe radicaler het besmette spiegelbeeld van de naaste uitgewist moet worden. Deze simplistische tweedeling tussen ‘wij’ en ‘zij’ onderstreept dat er een diep gemis is aan begrip van de zonde.

Geciteerd 2: (…) In elk deel besteedde Barth ook een hoofdstuk aan de zonde. Niet als ‘wroeten in de modder’, maar telkens weer als het ware met het ene oog gericht op Christus en het andere op het raadsel van het menselijk bestaan, zoekend naar de diagnose. Barth is er net als Kolakowski van overtuigd dat zondebesef nauw samenhangt met de persoon van Jezus Christus en wie Hij is. Tegelijk is op iedere bladzijde voelbaar hoezeer hij zich bewust is van Bonhoeffers worsteling. Hij weet maar al te goed hoe de leer van de zonde door de eeuwen heen misbruikt is.

Geciteerd 3: (…) Wat opvalt bij de kritiek op Barth (uit gereformeerde kring) is dat Barths spreken over de zonde vooral bekritiseerd is vanwege de samenhang waarin hij over de zonde spreekt. Telkens klinkt het verwijt dat hij de zonde niet ernstig neemt, omdat hij die zo duidelijk in de context van genade plaatst. (…) Het gesprek tussen de klassiek gereformeerde theologie en de theologie van Barth is niet ten einde (2), en dat ook omdat kerk en samenleving ermee gediend zijn te blijven vragen naar de essentie van de zonde.

(1) Behalve onszelf willen verontschuldigen is er toch ook het elkaar oprecht de waarheid willen vertellen en het verlangen om met elkaar ook genoeg aan waarheidsvinding te zullen doen. We mogen dat niet afdoen met het verwijt dat die moeite nemen natuurlijk allemaal ten bate van ‘zelfverontschuldiging’ is. Dat is een zeer on-geestelijke en on-Christelijke benadering van en houding jegens onze naaste(n)!
(2) Kunnen en moeten theologen en theologie ons uit de huidige problematiek helpen of kunnen we dat toch beter in handen geven van de heilige Geest, Die ons door de dagelijkse en wekelijkse omgang met Gods Woord wil onderwijzen en overtuigen van zonde. Want Hij is het Die ons overtuigt van zonde – zie Johannes 16 vers 8. Want de grootste diepte van de zonde, die ligt toch in het geen gehoor geven en geen geloof hechten aan Gods Woord – zie Johannes 1 de verzen 1-18. Wij hebben in de gemeenten van Jezus Christus een gezamenlijke verantwoordelijkheid!

> Lees hierbij ook dit artikel: ‘Zonde, gerechtigheid en oordeel‘

Bron citaten: ‘Veroordeeld tot genade – In gesprek met Karl Barth over de zonde’ – door dr. Cees-Jan Smits – Uitgave van Willem de Zwijger Stichting (Reformatorische stemmen).

‘Hij zal de wereld overtuigen van zonde, van gerechtigheid en van oordeel’
(Johannes 16 vers 8).

Bron afbeelding: Pinterest (Pin on Bible Scriptures)

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Elkaar de maat nemen…

‘Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld wordt; want met het oordeel, waarmede gij oordeelt, zult gij geoordeeld worden, en met de maat, waarmede gij meet, zal u gemeten worden. Wat ziet gij de splinter in het oog van uw broeder, maar de balk in uw eigen oog bemerkt gij niet?‘ (Uit Matteüs 7 uit de verzen 1-6)

Verbondsbeschouwing…

Geciteerd 1: Vanuit hun verbondsbeschouwing kreeg de noodzaak van de kennis der ellende in vrijgemaakte kring nooit veel aandacht. Ruim twintig jaar geleden constateerde Douma dat de vrijgemaakten veelal een mager zondebesef hadden. Recent werd de tekst van de eerste doopvraag opnieuw aangepast. Er lag te veel nadruk op de zondigheid van het te dopen kind. „In zonden ontvangen en geboren”; daar herkent men zich niet meer in.
Opgemerkt 1: Wanneer we onze theologie en dogmatiek een doorslaggevende rol willen geven in de verkondiging van Gods Woord in de Gemeente/gemeenten van onze Heer, dan zal de ene groep kerkelijken een bepaald verbondsbeschouwing aanhangen en een andere groep weer een andere beschouwing en dan komt de profetische verkondiging van Gods Woord altijd weer in het gedrang en de boze ‘spint daar garen bij’!

Dijken…

Geciteerd 2: Vanaf de jaren negentig kwam het echter tot een ingrijpende heroriëntatie. De vrijgemaakte dijken braken door. Voorheen had men de achteruitgang van de Gereformeerde Kerken (en ook bepaalde ontwikkelingen in de Nederlands Gereformeerde Kerken) gezien als een bewijs dat men daar niet voor niets mee gebroken had. Nu ging men dezelfde kant uit. De godsdienstsocioloog prof. G. Dekker had dat eerder al voorspeld.
Opgemerkt 2: Wanneer wij mensen kerkelijke dijken aanleggen (belijdenisgeschriften, kerkelijke zuilen, eigen groeperingen, e.d.) dan zien we vooral graag op het geweldige werk en bescherming van de door ons aangelegde dijken en dan worden we vroeg of laat toch altijd weer verrast door stormen en vloeden en waterstanden die we ons niet hadden kunnen voorstellen. Daarom zullen we altijd meer moeite doen om door Woord en Geest en gebed onze tijd te mogen verstaan, dan dat we ons inspannen voor het werk van dijkaanleg en dijkverzwaring! Dan schrijven we elkaar ook niet zo gauw af als de dijken ergens toch niet zo stevig bleken en blijken dan dat ze/we daarover hadden gepocht.

Inbeelding van onbekeerden…

Geciteerd 3: Hoewel ook andere strijdpunten in het geding waren, ging het bij de Vrijmaking vooral over verbond en doop. Vanuit bevindelijk gereformeerde kring voelde men destijds een grote afstand tot de Gereformeerde Kerken. Kuypers leer van de veronderstelde wedergeboorte leidde immers tot een geloofsoptimisme dat onder meer tot uitdrukking kwam in een grote avondmaalsdeelname.
Schilder ging nog een stapje verder. De zelfbeproeving moest zich niet richten op de geestelijke staat van de gemeenteleden, maar alleen op de stand van het geestelijk leven. Verbondsmatig zelfonderzoek heette dat. Zijn Kamper collega prof. G.M. den Hartog noemde dat een gevaarlijke ontwikkeling, die zou leiden tot oppervlakkigheid. Onbekeerden zouden zich inbeelden gelovigen te zijn.
Opgemerkt 3a: We zullen ons niet zoveel gelegen laten liggen aan wat theologen van vroeger dagen en vandaag allemaal roepen, maar dagelijks leven voor het aangezicht van de levende God en iedere voorganger in een gemeente (predikant en ‘oudsten/kerkenraadsleden) zullen erop toezien dat het Woord van God, dat levend en krachtig is, wordt verkondigd aan de gemeente. Dat is een grote verantwoordelijkheid en daarbij maakt het niet uit tot welke kerkelijke groepering de gemeente behoort.
Opgemerkt 3b: ‘Geloofsoptimisme’ (is dat: ‘nooit kan het geloof teveel verwachten!’?) en kerken (‘inhoudelijk’) vergelijken op grond van Avondmaalsdeelname en spreken over verbondsautomatisme en over ‘onbekeerden’ (die met een ingebeeld geloof leven en sterven). DV zal ik aan dit soort vergelijk maken (en zich verheffen) binnen de gemeenten/kerken nog weer eens aandacht geven en dat onder de kop ‘Je doop geloven of toe-eigenen’ (of dat laatste nu op een ‘evangelische’ of op een ‘nadere reformatie’ manier gebeurd). In feite is het Bijbels gezien heel verrassend dat we met de twaalf artikelen niet ook belijden: wij geloven één doop.

Bron citaten: RD Opinie | Toegespitst – ‘Vrijgemaakten en Nederlands gereformeerden samen op weg’ – door dr. C.S.L. Janse

‘Nu ik u toch aanwijzingen geef: ik kan jullie niet prijzen om jullie samenkomsten, die doen meer kwaad dan goed. Om te beginnen: ik hoor dat jullie bij jullie samenkomsten in de gemeente partijen vormen. Tot op zekere hoogte geloof ik dat ook. Het is onvermijdelijk dat er partijvorming onder jullie is, zodat duidelijk wordt wie van jullie betrouwbaar* is. Alleen, jullie komen niet samen om de maaltijd van de Heer te vieren.’ (Uit 1 Korintiërs 11 de verzen 17-20)

* Zie 1 Korintiërs 4 : 1-2 en 2 Timoteüs 2 : 1-4.

Bron afbeelding: Pinterest (Pin on God’s Word)

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Opmerkelijk verschil in waardering van het huwelijk…

‘Laat wie bij machte is dit te begrijpen het begrijpen‘ (Uit Matteüs 19 uit vers 12)

Geciteerd 1: Waar komt het idee vandaan dat kinderen krijgen een christelijke opdracht is? Jezus zelf had geen kinderen en Paulus promootte zelfs actief het ongetrouwde leven. In het Nieuwe Testament, kortom, kom je weinig aanmoediging tegen tot het creëren van een rijke kinderschare.
Die aanmoediging wordt dan ook vooral ontleend aan het Oude Testament, concreet aan de opdracht van God aan de mensen om zich te vermenigvuldigen en de aarde te bevolken (Genesis 1, vers 28). Ook in de opdracht om de aarde te bouwen en te bewaren hebben christenen een aanmoediging gezien om kinderen te krijgen: er zijn immers nieuwe generaties nodig om dat te doen.
Een derde argument: geschapen naar Gods beeld, zijn mensen geroepen ook zelf nieuw leven te ‘scheppen’.
En een vierde: nieuwe generaties christenen houden de lofzang gaande en de kerk draaiend.
Een vijfde, nogal pragmatische reden om (veel) kinderen te krijgen, is als tegenkracht tegen de secularisatie of een dominante andere stroming.

Geciteerd 2: Door de komst van Christus ‘in het vlees’ is het huwelijk op een geheel ander plan gekomen, wat bijv. daaruit blijkt, dat in de tweede wereldfase (dus na Christus hemelvaart en na de uitstorting van de heilige Geest in Jeruzalem) de Mozaïsche huwelijkswetten, die uitdrukking waren van de onmondigheidsfase, niet meer gelden. De eerste wereldperiode is zonder huwelijk niet denkbaar; de tweede wel, daar zij bezig is om in het vernieuwde leven over te gaan. (…) Zo leren wij ook verstaan dat de waardering van het huwelijk in het Oude Testament opmerkelijk verschilt van die in de zendbrieven.
In de eerste periode immers is het huwelijk een integrerend bestanddeel van het leven. In de opvoeding van het bondsvolk moet dit ook sterk tot uiting zijn gekomen. Want elke Israëliet was geroepen tot het huwelijk, om op die manier mee te werken tot de komst van Christus ‘in het vlees’. Wie toen niet trouwde, hoewel dat mogelijk was, verzaakte zijn roeping. Het was dan ook de tragiek van de dochter van Jefta dat zij haar roeping niet vervullen kon.

Geciteerd 3: Dat er naast deze opvatting, die op de Woordopenbaring steunde, tevens een ‘natuurlijke’ neiging meespeelde, behoeft niet te worden ontkend. We lezen van Rachel, dat ze tegen haar man zei: ‘geef mij kinderen, of zo niet ik ben dood’. Toch blijkt uit andere gegevens dat Rachel niet bepaald steeds bij het Woord leefde. We hebben hier ook met een oude traditie rekening te houden. Met name in de kring van Laban mogen we een sterk behoud van de universele Woord-traditie aannemen, zodat men een huwelijksopvatting kan aannemen, die ondanks doorgaande afval toch nauw verband hield met de moederbelofte (zie Genesis 3 de verzen 14-15).

Geciteerd 4: Veelszins is de gangbare waardering van het huwelijk en de Zondag een mengsel van Judaïsme en Christendom. Soms ziet men het Christelijk huwelijk als iets dat in niets verschilt van het Oud Testamentische. Zo kunnen sommigen er toe komen uit het zevende gebod de plicht tot trouwen zonder meer af te leiden. Daarin steekt een revolutionair element. En dat is des te bedenkelijker, omdat men al teveel verzuimt, om het Christelijk huwelijk te verstaan, zoals het alleen verstaan kan worden, namelijk als de historische voortzetting van het OT-huwelijk. Het is opmerkelijk, hoe zelden er uit Leviticus en Deuteronomium gepreekt wordt. Dat kan het Christelijk leven slechts schade doen.

Geciteerd 5: Christus kondigt de beëindiging van de taak van het huwelijk aan. In de tweede wereldperiode staande zien we daardoor het huwelijk uitgediend raken. Zijn voornaamste taak heeft het volbracht, nu Christus ‘in het vlees’ is gekomen. Voor de nieuwe tijd geldt nu: er zijn gesnedenen, die zichzelf gesneden hebben terwille van het Koninkrijk van God. Juist omdat Christus daar staande in de oude tijd een blik gunt in de nieuwe, zegt Hij erbij: ‘wie het vatten kan, vatte het’.

Geciteerd slot: Nooit kan het Christgeloof het huwelijk recht zien, als het bij zijn beschouwing uitgaat van de onderstelling, dat de Christus nog niet gekomen was. En evenmin kan de Christelijke kijk op het huwelijk zuiver worden, als men niet begint met zijn historische voorganger, waaromtrent de Joodse wetten zoveel licht geven, zo scherp mogelijk in het oog te vatten. Wellicht zou een nadere uitwerking van deze beide factoren de Christelijke beschouwing van het huwelijk een belangrijke stap vooruit kunnen brengen.

Opgemerkt: Hebben wij sinds de schrijver deze woorden opschreef deze belangrijke stap vooruit gemaakt?

Bron citaat 1: ND Geloof & kerk – ‘Het is bijna Moederdag. Bestaat er een christelijke opdracht om kinderen te krijgen?’ – door Dick Schinkelshoek
Bron citaten 2-slot: ‘Evangelie en contra evangelie – Joden en Grieken in het Nieuwe Testament – door dr. K.J. Popma (1903-1986).

‘Jezus antwoordde en zeide tot hen: Gij dwaalt, want gij kent de Schriften niet noch de kracht Gods. Immers, in de opstanding huwen zij niet en worden zij niet ten huwelijk genomen, maar zij zijn als engelen in de hemel.‘ (Uit Matteüs 29 de verzen 29-30)

Bron afbeelding: Pinterest (Berea Project)

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

‘Alles wat vroeger geschreven is’… (vervolg)

‘Maar het is zoals geschreven staat: ‘Wat het oog niet heeft gezien en het oor niet
heeft gehoord, wat in geen mensenhart is opgekomen, dat heeft God bestemd
voor wie Hem liefheeft.’ (Uit 1 Korintiërs 2 vers 9)

Geciteerd 1: Het Judaïsme, met name zijn meest pregnante vertegenwoordiger, het Farizeïsme, betekent een levenskunst. Dat ligt ondermeer uitgesproken in de woorden: ‘Wacht u voor de zuurdesem van de Farizeeërs, welke is geveinsdheid‘. Deze geveinsdheid is levensspel, levenskunst, waardoor men de werkelijkheid stileert. In Matteüs 16 vers 6 wordt deze zuurdesem genoemd de leer van de Farizeeérs en Saduceeërs. In Marcus 8 vers 15 is sprake van de zuurdesem van Farizeeërs en van die van Herodes. Hier zien we dus de voornaamste drie richtingen: Farizeïsme, Sadduceïsme en Herodianisme gelijkelijk getypeerd door het beeld van de zuurdesem; deze wordt geveinsdheid en tevens een leer genoemd.

Het is opmerkelijk, dat Christus hier Herodes ook noemt: Het Judaïsme wordt door Hem op één lijn gesteld met het consequente Hellenisme (1) in engere zin. En in alle drie gevallen wordt gesproken van een zuurdesem die geveinsdheid is, en van een leer daarmee verband houdend. Grof onjuist is dus wel de gangbare opvatting, als zouden slechts de Farizeeën in het Nieuwe Testament als huichelaars (in feite dus: kundige toneelspelers – AJ) zijn getekend: ze delen dit lot met de Sadduceeën en Herodianen.
(1) Palestina maakte toen deel uit van de Griekse cultuurgemeenschap waarvoor later het woord ‘Hellenisme’ in gebruik raakte om er de invloed van de Griekse cultuur mee aan te duiden.

Alle drie beoefenen ze dus een zekere levenskunst, en wie in die kunst ervaren is is een wijze en verstandige. We denken hierbij aan Lukas 10 vers 21: ‘voor wijzen en verstandigen verborgen en aan de kinderkens geopenbaard.‘ De ervarenen in de levenskunst vinden de waarheid niet; ze zijn te zeer geoefend in de kunst de waarheid uit de weg te gaan en haar niet te zien. Maar zij wordt aan diegenen geopenbaard, die onbevangen als een in zulke kunst onbedreven kind het leven in ziet. Natuurlijk wordt hier niet de onbevangenheid of naïviteit als zodanig geprezen: de kinderkens zijn onbedreven in die bepaalde kunst.

Voor het beoefenen van deze levenskunst is geld nodig, zoals de gelijkenis van de rijke man leert en ook blijkt uit de geschiedenis van de rijke jongeling. Deze had alle geboden onderhouden, en hij had vele goederen. Jezus zegt tot hem dat hem één ding ontbreekt; hij moet al zijn geld weggeven. Maar dat kan hij niet: dan ontneemt hij zich de economische basis tot het volbrengen van deze levenskunst. Hij ging bedroefd heen.

Ook elders lezen we dat de Farizeeërs geldzuchtig waren, en al kunnen we daarbij in een enkel geval aan mammonisme denken, waarschijnlijker is dat de Farizeeërs als groep tot geldzucht gedreven werden, omdat er een betrekkelijke welstand nodig was om de vele en vaak ingewikkelde en tijdrovende fideïstische geloofsdaden van het Judaïsme te volvoeren. Wie niet over enig kapitaal en een behoorlijke hoeveelheid vrije tijd beschikte, behoorde onvermijdelijk tot ‘de schare die de wet niet kent‘.

Geciteerd 2: Johannes de Doper en Jezus Christus worden gedood omdat zij zich in het spel geen plaats laten aanwijzen. Zij laten zich ook niet volgens de spelregels afwijzen. Vooral Jezus tracht men tot het einde toe in de regels van het spel te verstrikken. Ook in de belastingvraag en ook in de vraag naar Zijn bevoegdheid. Ten slotte ook in het proces, zowel voor de Joodse raad als voor Pilatus en Herodes. Overal breekt Jezus hun spel. Telkens wijst Hij aan, dat slechts uitgezochte elementen van werkelijkheid tot een misleidende mozaiek verenigd zijn, en dat er elementen met opzet zijn weggewerkt.

Geciteerd 3: Het spel is uit elementen van de waarheid opgebouwd. Men vindt het overal: men kan een spel maken van het huwelijk, en van het ambt van een dominee en diplomaat en onderwijzer. Er is vrijwel niets in deze wereld te noemen of men kan er een spel van maken, en in die zonde valt iedereen. Maar het gaat dieper, we maken een spel van onze wereldbeschouwing; elke wereldbeschouwing die niet naar de Schrift is, is een spel-theorie, en het gevaarlijke van veel wereldbeschouwingen is, dat er een tijd komt, dat de mensen dit spel gaan spelen. Dan ziet men het opstaan in levensvervalsingen op grote schaal, koop en verkoop van lichamen en zielen van mensen; en dan kan men niet geloven, dat die stille werker op zijn kamer, die dit spel uitdacht, een van de hoofdschuldigen is van de gruwel der verwoesting, die zijn spel over de mensheid bracht.

Wie de zin van het spel wil begrijpen, die moet beginnen het te breken. Natuurlijk kan een mens dat niet. Maar wie gelooft, dat Jezus is de Christus, die heeft de wereld overwonnen: dat is, die heeft (met) het spel gebroken. Het is wel waar, dat velen, die in de Christus geloven, dit geloof willen combineren met een spel: het zijn de mensen van de synthese. Maar het is ook waar, dat wie in Christus gelooft en voor geen consequentie terugdeinst, het spel breekt, ook al kost het hem moeilijke jaren. En het is opmerkelijk, dat de spelers altijd beseffen, hoe gevaarlijk deze consequente spelers zijn voor hun spel.

Bron citaten: Evangelie en contra evangelie – Joden en Grieken in het Nieuwe Testament’ – ‘V. Judaïsme’ – door dr. K.J. Popma.

Zie ook: ‘Alles wat vroeger geschreven is… (I)‘

‘Aanvaardt elkaar daarom ter ere van God, zoals Christus jullie heeft aanvaard. Ik bedoelt dit: Christus is een dienaar van de Joden geworden om hun te tonen dat God trouw is en om de belofte aan de aartsvaders te vervullen, maar Hij is ook gekomen om de heidenen in staat te stellen God te loven om Zijn barmhartigheid, zoals geschreven staat: “Daarom zal ik U prijzen onder de heidenen, psalmzingen ter ere van Uw Naam.” En verder staat er: “Verheug jullie heidenen; prijs Hem, alle volken.” En verder zegt Jesaja: “Isaï zal een telg voortbrengen: Hij die komt om over de heidenen te heersen; op Hem zullen zij hun hoop vestigen.” Moge God, Die ons hoop geeft, jullie in het geloof geheel en al vervullen met vreugde en vrede, zodat jullie hoop overvloedig zal zijn door de kracht van de heilige Geest.’ (Uit Romeinen 15 de verzen 7-13)

Bron afbeelding: iDisciple

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

‘Alles wat vroeger geschreven is’… (I)

‘Alles wat vroeger is geschreven, is geschreven om ons te onderwijzen, opdat wij door te volharden en door troost te putten uit de Schriften zouden blijven hopen.‘ (Uit Romeinen 15 vers 4)

Geciteerd: Vandaag zou Ágnes Heller 95 zijn geworden. Volgens de Hongaars-Joodse filosoof (1929-2019) klopt ons idee van vooruitgang niet.

Ik ben nooit bezorgd. Ik ben filosoof geworden om problemen te begrijpen, niet om ze op te lossen. Ik geloof trouwens niet dat we problemen kunnen oplossen. Het hele leven is een probleem dat niet opgelost kan worden. Daarom is filosofie zo interessant.’

In New York leerde ik een belangrijke les, namelijk wat het betekent om een burger te zijn. Filosofen, van Plato tot Sartre, zijn altijd geneigd om filosofisch advies te geven aan tirannen (lees: machthebbers). Maar ik deed wat anders: ik ging me richten op het dagelijks leven. Hoe kunnen we democratisch leven? Dat is ook wat mensen in Hongarije moeten leren.

Zoals uw voorganger Hannah Arendt zei: politiek is geen middel tot iets, maar een doel in zichzelf?
‘Ja. Een handelende persoon, zei Arendt, is een politiek persoon. Omdat het betekent dat je jezelf dan deel voelt van een gemeenschap. Je wordt een actor. Politieke deelname is een waarde in zichzelf. Die is belangrijker dan het bereiken van een perfecte wereld, want dat vereist dat bepaalde personen moeten worden uitgesloten van politieke deelname. De Joden, de bourgeoisie, de minderheden.’

Toch was het moeilijk balanceren, want het regime duldde geen tegenspraak. ‘Lukács werd naar een kamp gestuurd, en ikzelf werd ook ontslagen. Maar uiteindelijk heeft dat me gevormd. Zoals Jozef: je moet eerst in de put worden gegooid om koning te kunnen worden. Of, in mijn geval, om een filosofieprofessor te kunnen worden. Extreme situaties zorgen ervoor dat je alles leert te bevragen.’

In de loop der jaren ontdekte ik dat ons verlangen naar een ideale samenleving de oerzonde van de mens is. We kunnen niet alles regelen, we kunnen ook niet alles weten. Alleen totalitaire regimes weten alles.’

>> Leestip: Romeinen 15 : 1-13.

Zie ook: ‘Alles wat vroeger geschreven is… (vervolg)‘

Bron citaten: Filosofie Magazine (Cadeau artikel) – ‘Agnes Heller: ‘Het leven is een probleem dat niet opgelost kan worden’’

Bron afbeelding: Hollandse Hoogte

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

‘De wijsheid van het kruis zeer verborgen’…

‘Niemand is te vergelijken met U‘ … (uit Psalm 40 uit vers 6)

Geciteerd 1: ‘Niemand is te vergelijken met U’, juicht David. Zijn dat grote woorden van hem? Hoe komt Hij er op? Weet je, David durft deze grote woorden te zeggen omdat hij het zelf ervaren heeft. Hij heeft die ervaring opgedaan in zijn omgang met God. Daarom zingt hij een loflied voor Hem. Lees maar wat David allemaal over God zegt. Wat ben je gelukkig als je God zó kent!

Opgemerkt 1: Zullen we niet eerder in de woorden van deze Psalm Davids geloof (Godsvertrouwen!) zien en afleiden, dan roemen in Davids ervaring(en) met God? Meer dan koning Saul heeft David in zijn leven reden gehad om op basis van wat hem overkwam (ervaarde) en wat hij gedaan had zijn vertrouwen op God – op Zijn voortdurende genade en bijstand – maar op te zeggen en om zijn heil liever elders te zoeken (in andere machten, militair of zelfs in de geestenwereld).

Geciteerd 2: Altijd scherp ik jullie in en herinner ik jullie eraan dat de woorden van de Heilige Schrift, woorden van geloof, hoop en liefde zijn. Daardoor worden we in Christus onderwezen, zodat we niet in iedere vrees vallen en ondergaan. (…) Door Gods Woord worden we onderwezen om tegen hoop op hoop te geloven (Romeinen 4 vers 18). Deze wijsheid van het kruis is in onze dagen bovenmate zeer verborgen in een diep geheimenis. Toch is er geen andere weg naar de hemel (1) dan door dit kruis van Christus! Daarom moeten we op onze hoede zijn dat niet het leven van doen en laten, met zijn werken, én het beschouwende leven (in de klooster- of studeerkamers) met zijn overdenkingen (2), ons zouden bekoren. Zowel het een als het ander is heel lieflijk en vredig, maar daarom juist ook gevaarlijk!
Dit is dan ook de reden dat dit leven altijd door het kruis ingetoomd en door tegenheden verstoord moet worden. De weg van het kruis is echter allerpijnlijkst. Zalig de mens die dit verstaat.

(1) Naar de hemelse wijsheid die nodig is in dit leven, namelijk om het in en onder alles toch van God te blijven verwachten en daarom ook steeds uit te zien naar Christus’ wederkomst.
(2) Ook niet de inspirerende bruisende activiteit van vergaderkamers van kerkenraden en (hun) commissies.

>> Leestips: Psalm 40 en Romeinen 8 : 1-17.

Bron citaat 1: Dag in Dag uit 2023 – Meditatie van vrijdag 12 mei – Leger des heils | Ark Media
Bron citaten 2: ‘Vertroost elkaar met deze woorden…’ – Citaat/meditate van 12 mei – Den Hertog uitgeverij (2022)

‘U hebt mijn oren geopend voor U‘ (Uit Psalm 40 uit vers 7)

Bron afbeelding: SlideShare

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie