Zwijgen om de lieve vrede?

(…) Houdt zo mogelijk, voor zover het van u afhangt, vrede met alle mensen. Wreekt uzelf niet, geliefden, maar laat plaats voor de toorn, want er staat geschreven: Mij komt de wraak toe, Ik zal het vergelden, spreekt de Here. Maar, indien uw vijand honger heeft, geef hem te eten; indien hij dorst heeft, geef hem te drinken, want zo zult gij vurige kolen op zijn hoofd hopen. Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede. (Romeinen 12 : 17-21)

Tegenover iedereen, met alle mensen – een uitzondering is er niet. Niet alleen goed zijn tegenover de goeden, maar ook en juist tegenover hen die niet goed zijn. Niet alleen vredelievend zijn tegenover de vredelievenden, maar juist tegenover hen die ons niet in vrede willen laten leven. Dat andere kunnen de heidenen ook.

Jezus Christus stierf niet voor de goeden en de vredelievenden, maar in de eerste plaats voor de zondaars en vijanden, voor de slechten, de haters, de moordenaars.

Ons hart is erop uit te verkeren onder de rechtvaardigen en goeden. Maar Jezus Christus was te midden van zijn vijanden. Juist daar wilde Hij zijn. Daar moeten wij ook zijn. Dat onderscheidt ons van alle andere leren en religies. Daar blijven de vromen onder elkaar. Maar Christus wil, dat wij te midden van onze vijanden zijn zoals Hij; te midden van zijn vijanden stierf Hij de dood van de liefde Gods en bad: Vader, vergeef het hun, want zij weten niet, wat zij doen.

Onder de vijanden wil Christus zijn overwinning behalen. Daarom, trekt u niet terug, zondert u niet af, maar weest bedacht op het goede tegenover iedereen, houdt vrede, voor zover het van u afhangt, met alle mensen.

‘Voor zover het van u afhangt’ – u hebt het niet in de hand, dat men u niet in vrede laat, dat men u smaadt en vervolgt. Maar ‘voor zover het van u afhangt’ wil zeggen: u zult nooit de twistbron zijn. Uw hart moet steeds vervuld zijn met vrede.

Betekent dat, dat ook het woord Gods zwijgen moet om de lieve vrede?

Nooit – want bestaat er een woord en een werk, dat meer met vrede vervuld is dan de prediking van de vrede tussen God en zijn wereld, tussen God en zijn mensen?

‘Voor zover het van u afhangt’ – één ding hangt niet van u af, een ding ligt buiten uw competentie, namelijk Gods woord te verzwijgen. Maar het is wel aan u om het uit te spreken als het woord van de vrede, de vrede van de mensen met God, midden in een verscheurde, verdeelde mensheid.

Christus bracht ons de vrede, de vrede met ons, toen wij vijanden waren.
Hij bracht ook de vrede met al onze vijanden aan het kruis.
Laat ons van deze vrede getuigen – met Woord en daad – voor iedereen.

Bron tekst: Bonhoeffer Brevier – “Vredeboden te midden van vijanden” – “Liefde tot de vijand” (6 oktober) – ©1968 Ten Have b.v. Baarn, Vijfde druk 1978

(..) Indien dan de Zoon u zal vrijgemaakt hebben, zo zult gij waarlijk vrij zijn.
(Johannes 8 : 36)

Bron afbeelding:  Daily Promise Cards

Romeinen 12 18 - as far as it depends on you - DailyPromiseCards

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Huwelijk en gezin, Persoonlijk, Politiek | Plaats een reactie

‘Weest niet eigenwijs’…

(…) 16 Weest onderling eensgezind, niet zinnende op hoge dingen, maar voegt u in het eenvoudige. Weest niet eigenwijs. 17 Vergeldt niemand kwaad met kwaad; hebt het goede voor met alle mensen. (…) 21 Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede. (Uit Romeinen 12)

Onze tekst wil er allereerst aan herinneren, hoe onbegrijpelijk voor onze wijsheid Gods weg met ons was. Dat God óns zocht, óns vergaf, dat Hij om ons zijn Zoon offerde, dat Hij daarin ons hart won en ons bekeerde, dat is voor onze wijsheid natuurlijk vreemd en ontoegankelijk. Dit houdt in: Wanneer je een vijand ontmoet: denk eerst aan je eigen vijandschap tegenover God en aan Gods barmhartigheid tegenover je zelf.

‘Weest niet eigenwijs‘ — we worden herinnerd aan het begin van het mensengeslacht. De duivel beloofde Adam en Eva wijsheid, kennis: wijs als God zou hij hen maken; zij zouden weten, wat goed en kwaad is. Zij zouden tot rechters over goed en kwaad worden gemaakt.

Sedert Adam zich door de duivel wijsheid liet schenken, denken alle mensen, dat zij nu weten hoe men met God en met de mensen moet omgaan. Met behulp van onze wijsheid zouden wij wel eens een goede wereld opbouwen. Maar wat gebeurde er? De eerste mens, die uit de mens op deze aarde geboren werd, was een broedermoordenaar. Het zaad van het kwaad schoot op. Dat was de vrucht van de wijsheid van de eerste mens!

‘Weest niet eigenwijs‘ — maar houdt het oog gericht op Gods weg naar de mensen, naar zijn vijanden; die weg, die de Schrift zelf een dwaze weg noemt, de weg van Gods liefde tot zijn vijanden, de liefde die Hij hen bewijst tot aan het kruis toe.

Het kruis van Jezus Christus te ontdekken als de onoverwinnelijke liefde van God voor alle mensen, voor ons zo goed als voor onze vijanden,  dat is de hoogste wijsheid.

Het kruis is niet het privébezit van één mens, maar het behoort alle mensen toe, het geldt alle mensen. God heeft ons vijanden lief – dat zegt ons het kruis: Hij lijdt voor hen, om hen heeft Hij gebrek en pijn, voor hen heeft Hij zijn lieve Zoon gegeven.

Alles komt erop aan, dat wij bij iedere vijand, die wij ontmoeten, terstond bedenken:  

Ook hem/haar heeft God lief, voor hem/haar heeft God alles gegeven.

Bron tekst: Bonhoeffer Brevier – “Zo is onze wijsheid” – “Liefde tot de vijand” (6 oktober) – ©1968 Ten Have b.v. Baarn, Vijfde druk 1978

(..) Indien dan de Zoon u zal vrijgemaakt hebben, zo zult gij waarlijk vrij zijn.
(Johannes 8 : 36)

Bron afbeelding:  Pinterest

Romeinen 12 14-16 - Bless those who persecute you - Pinterest

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Huwelijk en gezin, Persoonlijk, Politiek, Wetenschap | Plaats een reactie

‘Het Onze Vader uitgelegd voor de eenvoudigen’ (8)

(…) 22 De vrucht van de Geest is echter: ​liefde, blijdschap, ​vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, geloof, zachtmoedigheid, zelfbeheersing.
(…) 24 Wie ​Christus​ ​Jezus​ toebehoort, heeft zijn eigen natuur met alle hartstocht en begeerte aan het ​kruis​ geslagen.
(Uit Galaten 5)

De eerste bede: Uw Naam worde geheiligd

(…) “Maar wie toornig, ruziezoekend, afgunstig, rancuneus, onvriendelijk, onbarmhartig, onkuis is, die vloekt, liegt, zweert, bedriegt en lastert, die persoon verontreinigt, lastert en ontheiligt de goddelijke Naam waarin hij of zij gezegend was en gedoopt, geroepen, geteld onder Gods volk, bijeengebracht in de gemeente van de levende God.

Zo iemand eert de naam van de duivel eigenlijk onder het mom van het eren van de Naam van God, want zo iemand is een leugenaar en geweldenaar, onzuiver, haatdragend, enz. Daarmee stellen deze mensen hun lichaam en ziel, waarin de Naam van God woont en waarmee zij geheiligd zijn, in dienst van de duivel. Zo wordt de heilige en goddelijke Naam waarin zij werden gewijd nu ontheiligd.

Zie, zo ga je de betekenis van het woord ‘heiligen’ en ‘heilig’ beseffen en begrijpen. Het is in feite niets anders dan voorkomen of tegengaan van verkeerd gebruik en het inzetten voor het juiste goddelijke gebruik.

Op deze manier moeten we geheiligd worden in ons hele leven, we moeten wat de heiliging van Gods Naam in de weg staat wegdoen uit ons leven, zodat Zijn Naam alle ruimte krijgt om in ons te wonen, met andere woorden niets dan vriendelijkheid, waarheid, rechtvaardigheid, etc. Vandaar dat we de naam van God niet alleen heiligen of ontheiligen met onze lippen, maar ook met onze ziel en alle leden van ons lichaam.

(…) 20 U bent gekocht en betaald, dus bewijs God eer met uw lichaam.
(Uit 1 Korintiërs 6)

Maarten Luther: Dr. Martin Luthers Werke (Weimarer Ausgabe) WA 2, 88,16-34 (translation used: Luthers Works, Amercan Edition vol. 42, p. 28-29)

NB. Deze Luther-quote is een vertaling van de Engelstalige versie.

Bron tekst: If you would like to have these Luther Quotes sent to family or friends you can send (with their permission) the email address to: info@martinluther-quotes.com
Or, they can use the web-form located on the homepage of www.maartenluther.com There you can find both options to subscribe and unsubscribe from our weekly quotes. The emails are free of charge and you are not asked for donations.

Bron afbeelding:  Knowing Jesus

1 Korintiërs 6 20 You Have Been Bought - Knowing Jesus

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Persoonlijk | Plaats een reactie

De (blijvende) goede strijd van het geloof…

(…) 3 Hij trok mij uit de kuil van het ​graf, uit de modder, uit het slijk. Hij zette mij neer op een Rots, een vaste grond voor mijn voeten.
(…) 18 Ik ben arm en zwak, Heer, denk aan mij. U bent mijn helper, mijn Bevrijder,
mijn God, wacht niet langer.
(Uit begin en slot van Psalm 40)

(…) “Alleen met deze hoop richt ik mij op (1): dat ik zie dat in het evangelie troost beloofd is aan hen, die door hun zonden bevreesd en beangstigd worden. Verder dat het evangelie hoop geeft aan moedeloze en verslagen gewetens – én dat aan hen, die in de hel gevoerd worden de hemel beloofd is – vgl. 1 Samuel 2 : 6 (a). Dit is een vaste grond voor deze hoop: dat de Zoon van God – zonder ons weten – Zichzelf op het hout des kruises aan Zijn Vader opgeofferd heeft.

Als nu de mensen op deze manier eerst verootmoedigd worden en tot vertwijfeling gebracht zijn én zoals zij aan zichzelf wanhopen, zo óók beginnen om omwille van Christus vertroost te zijn, dan worden zij kinderen en erfgenamen van God. Er zijn echter velen, die niet verootmoedigd willen worden, maar daarentegen haatdragend en opstandig worden tegen degenen, die hen bestraffen – dezen zijn dubbel verhard en verstokt.

Daarom, wanneer u voelt dat u verootmoedigd wordt, leg u dan neer aan de voeten van uw hemelse Vader en zeg: ‘Ach lieve Heere, als U tóch zo met mij handelt, dan wil ik het geduldig dragen en bekennen dat ik wel een veel zwaardere straf verdiend heb. Daarom, ontferm U over mij: wilt U niet hebben dat ik een erfgenaam zal zijn, maak het dan zo met mij dat ik maar een knecht zou mogen blijven (vgl. Lukas 15 : 19).

Ja, net als de Kananese vrouw zegt: wil ik graag in Uw huis een hondje zijn, dat ik tenminste de broodkruimels zou mogen eten, die anders toch achteloos op de grond vallen en vertrapt zouden worden (vgl. Matthéüs 15 : 27). Ik heb nergens recht op en U bent mij niets verschuldigd, daarom houd ik mij alleen aan Uw genade en barmhartigheid.’

Dit is de goede weg waardoor wij tot genade en zaligheid komen. Maar weinigen zijn er, die het horen en nog minder, die gehoorzaam op deze weg wandelen – die het geloven en aannemen.”

Maarten Luther: Vorlesungen über 1. Mose von 1535-45, vgl. WA 43, 174, 18-34 – Weergave: Walch (2) 1, S. 1433-1434

(a) (…) 6 De HEERE doodt en maakt levend, Hij doet in het ​graf​ neerdalen en Hij doet daaruit opkomen. 7 De HEERE maakt arm en maakt rijk, Hij vernedert, ook verhoogt Hij. (Uit de lofzang van Hanna in 1 Samuel 2)

(1) Uit het tekstverband waaruit dit citaat is genomen, blijkt duidelijk dat Luther hier over zichzelf en uit eigen ervaring spreekt. Gedurende zijn hele leven werd hij geplaagd door aanvechtingen, zonde, twijfel, ongeloof, strijd en kruis, zelfs – zoals hier – in de laatste jaren van zijn leven.
Toch is het dezelfde Luther, die over zijn herinneringen aan de grote geestelijke bevrijding uit de tijd toen hij nog monnik was (Turmerlebnis) jaren later (1545) nog schreef:
‘Daarna voelde ik mijzelf als geheel en al opnieuw geboren, en door open poorten trad ik het paradijs zelf binnen’ én ‘Met evenzo grote haat waarmee ik eerst het woord “Gods gerechtigheid” gehaat had, met evenzo grote liefde verhoogde ik nu datzelfde woord als het allerliefste dat ik had – op die manier is deze plaats van Paulus uit Romeinen 1 : 17 voor mij werkelijk de poort van het paradijs geworden’ (vgl. WA 54, 179-187).
Het is dan ook wel in het licht van de geestelijke strijd van een kind van God – de “goede strijd van het geloof” (vgl. 1 Timótheüs 6 : 12) – dat wij dit citaat in de hoofdtekst moeten lezen.

Bron tekst: Wilt u deze Luthercitaten ter kennismaking doorsturen aan uw vrienden. Er zijn geen kosten aan verbonden. Voor het aanmelden/afmelden van deze wekelijkse citaten kunt u gebruikmaken dit e-mailadres info@maartenluther.com en van deze website: www.maartenluther.com

Bron afbeelding: Pinterest

Psalm 40 18 - As for me I am poor and needy - Pinterest

 

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Persoonlijk | Plaats een reactie

Van de rechtvaardigen… (VII, Slot)

(…) En vergeldt geen kwaad met kwaad of laster met laster,
maar zegent integendeel,

omdat u hiertoe geroepen bent, dat gij ​zegen​ zoudt beërven.
(1 Petrus 3 : 9)

De rechtvaardige lijdt onder de wereld, de onrechtvaardige niet. De rechtvaardige lijdt onder de ongerechtigheid, onder de zinloosheid en slechtheid van het wereldgebeuren, hij lijdt onder de ontwrichting van de goddelijke inzetting van huwelijk en gezin. Hij lijdt daaronder, niet alleen omdat hij er zelf last van heeft, maar omdat hij er iets on-goddelijks in ziet.

De wereld zegt: dat is nu eenmaal zo, zal ook altijd zo zijn en moet zo zijn.
De rechtvaardige zegt: het behoort niet zo te zijn, het is tegen God.

De rechtvaardige zal men in de eerste plaats daaraan herkennen, dat hij op deze wijze lijdt. In zekere zin brengt hij Gods ervaren binnen in de wereld; daarom lijdt hij, zoals God onder de wereld lijdt. – ‘Maar uit die alle redt hem de Here’ – Gods hulp openbaart zich niet in elk lijden, dat de mens ondergaat.

(…) Talrijk zijn de rampen van de rechtvaardige, maar uit die alle redt hem de Here;
(Psalm 34 : 20)

Maar in het lijden van de rechtvaardige openbaart Gods hulp zich altijd, want hij lijdt met God. God is in dit lijden altijd aanwezig. De rechtvaardige weet, dat God hem zo laat lijden, opdat hij God om Hem zelf leert liefhebben.

In het lijden vindt de rechtvaardige God. Dat is zijn redding.

Het antwoord van de rechtvaardige op het leed, dat de wereld hem aandoet, luidt: zegenen. Dat was het antwoord van God op de wereld, die Christus aan het kruis sloeg. God vergeldt geen kwaad met kwaad, de rechtvaardige mag het dus evenmin doen. Niet veroordelen, niet lasteren, maar zegenen. De wereld zou geen hoop meer hebben, als het anders was.

De wereld leeft van de zegen van God en de rechtvaardige, en op grond van deze zegen heeft zij een toekomst. Zegenen, dat wil zeggen iets de hand opleggen en zeggen: ondanks alles hoort gij bij God. Zo handelen wij met de wereld, die ons zulk leed aandoet.

Wij laten de wereld niet in de steek, wij verwerpen, verachten, verdoemen haar niet, maar roepen haar tot God, geven haar hoop, leggen haar de hand op en zeggen: Gods zegen kome over u en vernieuwe u, wees gezegend, gij door God geschapen wereld die uw Schepper en Verlosser toebehoort.

Wij hebben Gods zegen ontvangen in geluk én leed.

En wie zelf gezegend werd, kan niet anders meer dan deze zegen doorgeven, ja meer nog: hij moet daar, waar hij is, een zegen zijn. Alleen door het onmogelijke kan de wereld worden vernieuwd; dit onmogelijke is de zegen van God.

Bron tekst: Bonhoeffer Brevier – “Wees gezegend, gij door God geschapen wereld” – “Gij zijt mij te sterk geweest” (2 augustus) – ©1968 Ten Have b.v. Baarn, Vijfde druk 1978

Bron afbeelding:  DailyVerses.net

1 Petrus 3 8-9 - Do not repy evil - DailyVersesnet

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Israël, Persoonlijk | Plaats een reactie

Van de rechtvaardigen… (VI)

Wie met Mij niet is, die is tegen Mij. (Mattheüs 12 : 30)

Het is dezelfde Jezus, die dit zegt, en terwijl hierin voor de abstracte rede een onoplosbare tegenstrijdigheid ligt, vormen beide uitspraken van Jezus in werkelijkheid één geheel. Wij hebben het zelf beleefd.

Toen zich onder de druk van de antichristelijke machten belijdende gemeenten groepeerden, die door een strenge tucht op leer en leven een ondubbelzinnige beslissing voor of tegen Christus moesten eisen, toen deze gemeenten moesten vaststellen dat in de neutraliteit van veel christenen het grootste gevaar voor de innerlijke ontaarding en ontbinding van de kerk, sterker nog: de eigenlijke vijandschap tegen Christus gelegen was, verkregen zij juist door deze concentratie op de ene waarheid, Jezus Christus, een innerlijke vrijheid en openheid, die hen volledig behoedde voor het trekken van door angst ingegeven scheidslijnen.

Om hen heen begonnen zich mensen te verzamelen, die ver van de kerk afstonden en aan wie zij hun gemeenschap en bescherming niet konden weigeren. Het geschonden recht, de onderdrukte waarheid, de vernederde menselijkheid, de geknechte vrijheid vroegen naar de christelijke gemeente, of beter: naar haar Heer. Op dat moment werd dat andere woord van Jezus levende werkelijkheid: ‘Wie niet tégen ons is, is vóór ons.’

Beide uitspraken vormen één geheel: in het ene zegt Jezus, dat Hij alleen de Heer is, in het andere, dat zijn heerschappij allen en alles omvat.

Hoe meer aan Christus gebonden, hoe vrijer.

Het eerste, losgemaakt van het tweede leidt tot fanatisme en slavernij, het tweede, losgemaakt van het eerste tot verwereldlijking van de kerk, tot prijsgeven van haar eigen aard.

Hoe sterker wij Christus als onze enige Heer aanhangen, hoe duidelijker ons geopenbaard wordt, hoe ver zijn heerschappij zich uitstrekt.

Bron tekst: Bonhoeffer Brevier – “Hoe meer aan Christus gebonden hoe vrijer” – “Terug naar de Bron” (6 oktober) – ©1968 Ten Have b.v. Baarn, Vijfde druk 1978

(..) Indien dan de Zoon u zal vrijgemaakt hebben, zo zult gij waarlijk vrij zijn.
(Johannes 8 : 36)

Bron afbeelding:  Pinterest

Johannes 8 36 - if the Son sets you free - Pinterest

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Politiek | Plaats een reactie

Van de rechtvaardigen… (V)

Want wie niet tégen ons is, is vóór ons. (Marcus 9 : 40)

Wie behoren er nog tot Christus? Christus blijkt de grenzen ruimer te trekken, dan zijn discipelen wensen en doen. In het concrete geval waarop dit woord van Jezus betrekking heeft, gaat het om een man, die, zonder zelf discipel of volgeling te zijn, in de naam van Jezus boze geesten uitdrijft. Jezus verbiedt (1) de discipelen, het hem te beletten; ‘want er is niemand, die een kracht doen zal in Mijn Naam en kort daarna smadelijk van Mij zal kunnen spreken‘ (Markus 9 : 39).

Waar de naam van Jezus nog genoemd wordt – onwetend, of alleen in het bewustzijn van zijn objectief gezag zonder dat persoonlijke gehoorzaamheid volgt, of stamelend en verlegen – daar schept deze naam zelf een ruimte, waar het smaden van Jezus geen toegang heeft; daar is nog het machtsbereik van Christus, daar mag men niet ingrijpen, maar moet men de naam van Jezus Christus zijn werk laten doen.

Wij ontdekken in onze dagen, dat alleen het uitspreken van de naam van Jezus al een onvermoede macht heeft en de moeite, waarmee men deze naam over de lippen krijgt, kon wel eens samenhangen met het vermoeden van de macht, die in deze naam schuilt.

Waar de Naam van Jezus Christus genoemd wordt,
daar is bescherming en gezag.

Bron tekst: Bonhoeffer Brevier – “De Naam schept zichzelf ruimte” – “Terug naar de Bron” (5 oktober) – ©1968 Ten Have b.v. Baarn, Vijfde druk 1978

(1) Niet zijn discipelen mogen ingrijpen en verbieden, wel mogen zij (later) vriendelijk en beslist en met apostolisch gezag anderen de goede en betamelijke weg wijzen, die hoort bij het spreken en optreden in Jezus Naam. (Zie o.a. hun optreden tegen ‘Simon de Tovenaar’ in Handelingen 8).

(…) 12 ‘Door niemand anders kunnen wij worden gered, want zijn Naam is de enige op aarde die de mens redding biedt.’
(…) 17 Maar laten wij, opdat het niet nog verder onder het volk bekend raakt, hun met de grootste dreiging gebieden dat zij tot geen enkel mens meer in die Naam mogen spreken. (Uit Handelingen 4)

Bron afbeelding:  DailyVerses.net

Handelingen 4 12 - No other Name given - DailyVerses

 

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Politiek | Plaats een reactie

‘Het Onze Vader uitgelegd voor de eenvoudigen ‘, 1519 (7)

“Toen de discipelen van Christus hem vroegen om te leren bidden, antwoordde Hij:” (…) 7 Bij het ​bidden​ moeten jullie niet eindeloos voort prevelen zoals de heidenen, die denken dat ze door hun overvloed aan woorden verhoord zullen worden. 8 Doe hen niet na! Jullie Vader weet immers wat jullie nodig hebben, nog vóór jullie het Hem vragen. 9 Bid​ daarom als volgt: Onze Vader in de hemel, laat Uw naam ​geheiligd​ worden,’ enz. (Mattheüs 6 : 7-13). ‘

De eerste bede: Uw Naam worde geheiligd

Over de kinderen van God

“We noemen een kind vroom en oprecht wanneer het geboren is uit rechtschapen ouders en wanneer dat aan hen in alle opzichten gehoorzaam is. Zo’n kind bezit en erft met recht de volledige naam van zijn ouders. Dus wij christenen, werden door het bad van onze wedergeboorte (=onze Doop) en vernieuwing door de Heilige Geest (Titus 3 : 5)  kinderen van God. (a)

En als we onszelf aan onze Vader en al zijn wegen gewennen, zijn al Zijn goederen en namen voor eeuwig ook onze erfenis. Welnu, onze Vader wordt genadig en barmhartig genoemd, zoals Christus zegt: ‘Wees ​barmhartig​ zoals jullie Vader ​barmhartig​ is.‘ (Lukas 6 : 36). Hij zegt ook: ‘Leer van mij – want ik ben zachtmoedig en nederig van hart’ (Matteüs 11 : 29).

God is bovendien rechtvaardig, zuiver, waarachtig, sterk, onpartijdig, wijs, enz. Dit zijn allemaal namen van God en worden begrepen in de woorden ‘uw Naam’, want de namen van alle deugden zijn ook namen die aan God toe behoren.

En omdat we ons in deze Namen laten dopen en door hen geheiligd en aan Hem gewijd worden, en omdat ze daarmee onze namen zijn geworden, volgt daaruit dat Gods kinderen daarin ook geheiligd worden en ook zachtmoedig, genadig, kuis, rechtvaardig, waarheidlievend, argeloos, vriendelijk, vredig en vriendelijk voor iedereen hebben te zijn, zelfs tegenover onze vijanden. “

Want de Naam van God, waarin we gedoopt werden, werkt dit alles in ons.

Maar we hebben ook altijd te bidden dat de Naam van God in ons mag blijven,
actief in ons zal zijn en zal worden geheiligd.

Maarten Luther: Dr. Martin Luthers Werke (Weimarer Ausgabe) WA 2, 87, 35 – 88,15 (translation used: Luthers Works, Amercan Edition vol. 42, p. 28)

(a) (…) Hij heeft ons gered door het bad van de wedergeboorte en de vernieuwende kracht van de ​Heilige​ Geest, 6 die Hij door ​Jezus​ ​Christus, onze Redder, rijkelijk over ons heeft uitgegoten. (Titus 3 : 5)

NB. Deze Luther-quote is een vertaling van de Engelstalige versie.

Bron tekst: If you would like to have these Luther Quotes sent to family or friends you can send (with their permission) the email address to: info@martinluther-quotes.com
Or, they can use the web-form located on the homepage of www.maartenluther.com There you can find both options to subscribe and unsubscribe from our weekly quotes. The emails are free of charge and you are not asked for donations.

Bron afbeelding:  Amazing facts

Lukas 6 36 - Be merciful - Amazing facts

 

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Persoonlijk | Plaats een reactie

Van de rechtvaardigen… (IV)

(…) Dit nu is het eeuwige leven, dat zij U kennen, de enige waarachtige God, en ​Jezus​ ​Christus, die Gij gezonden hebt. (Johannes 17 : 3)

Ik lees van tijd tot tijd in het uitmuntende boek van de classicus W. F. Otto, over de goden van Griekenland, over die ‘geloofswereld ontstaan uit de rijkdom en de diepte en niet uit de angsten en verlangens van het bestaan’, zoals hij zegt aan het slot. Begrijp je dat deze formulering en deze beschouwingswijze me aantrekken en dat ik — horribile dictu! – minder aanstoot neem aan deze goden dan aan bepaalde vormen van het christendom? Ja, dat ik bijna geloof dat ik deze goden voor Christus kan laten getuigen?

In wat we kennen moeten we God vinden, niet in wat we niet kennen. God wil begrepen worden in de opgeloste niet in de open vragen. (1) Dit geldt voor de verhouding God-wetenschap. Maar evengoed voor de algemeen menselijke vragen van dood, lijden en schuld. We hebben op het ogenblik menselijke antwoorden op deze vragen, we hoeven niet terug te vallen op God. Ook zonder God komen de mensen klaar met deze vragen en dit is altijd zo geweest. Het is eenvoudig niet waar dat alleen het christendom hier een oplossing heeft. De christelijke antwoorden zijn niet meer of minder overtuigend dan eventuele andere oplossingen.

God moet gekénd worden midden in het leven en niet pas aan de grenzen van ons kennen, als we sterk en gezond zijn en niet pas als we lijden, als we werken en niet pas als we zondigen.

Dit is gefundeerd op Gods openbaring (a) in Jezus Christus.
Hij is het centrum van het leven en kwam beslist niet om vragen te beantwoorden.
Gezien vanuit het centrum vallen bepaalde vragen eenvoudig weg
en ook het antwoord op die vragen. (2)

Opgemerkt AJ:
(1) (…) 14 Dit schrijf ik u, hoewel ik vrij spoedig tot u hoop te komen. 15 Mocht ik nog uitblijven, dan weet gij, hoe men zich behoort te gedragen in het huis Gods, dat is de ​gemeente​ van de levende God, een pijler en fundament der Waarheid. 16 En buiten twijfel, groot is het geheimenis der godsvrucht: (a) Die Zich geopenbaard heeft in het vlees, is gerechtvaardigd door de Geest, is verschenen aan de ​engelen, is verkondigd onder de heidenen, geloofd in de wereld, opgenomen in heerlijkheid. (Uit 1 Timoteüs 3)

(2) Jezus zegt: Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven. Hij is dus God zelf Die zich aan ons geopenbaard heeft in het vlees en Die geloofd wil worden op Zijn Woord en werk hier op aarde. (Zie o.m. Johannes 10 : 35-38)
Het gaat er bij het onderwijs aan jongeren en gemeente dan ook niet om dat eerst allerlei vragen die bij hen leven aan bod zullen komen, maar dat ze onderwezen worden in wat wij in Christus gemeente als Waarheid erkennen en belijden. En dat gebeurd in de HC wel met behulp van vraag en antwoord, maar dat is daar toch heel iets anders dan hoe men tegenwoordig “vanuit de mens” en niet vanuit het geloof en vertrouwen God (de Bijbel) wil (laten) bevragen. Bij het beluisteren van wat Gods Woord ons te zeggen heeft, past ons altijd en overal een ootmoedige luisterhouding.

Bron tekst: Bonhoeffer Brevier – “God kennen midden in het leven” – “Terug naar de Bron” (4 oktober) – ©1968 Ten Have b.v. Baarn, Vijfde druk 1978

Bron afbeelding:  Pinterest

Johannes 10 30-33 - The Father and I are One - Pinterest

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Politiek | Plaats een reactie

‘Ik ben’…

Sedert Jezus van zich zelf zei: ‘Ik ben het leven’ (Johannes 14 : 6; 11 : 25), kan het denken niet meer aan deze aanspraak en de daarin besloten werkelijkheid voorbijgaan. Deze uitspraak van Jezus over zich zelf maakt iedere poging het leven op zich te definiëren, nutteloos en tot mislukken gedoemd.

Hoe zouden wij, zolang wij leven en de grens van ons leven, de dood, niet kennen, kunnen zeggen wat ‘leven’ eigenlijk is? Wij kunnen het leven slechts leven, niet definiëren. Het woord van Jezus bindt elke gedachte over het leven aan zijn persoon. ‘Ik ben het leven’. De vraag naar het leven ontkomt niet aan dit ‘Ik ben’.

Op de vraag wat het leven is, wordt hier gezegd wie het leven is. Het leven is geen ding, geen wezen of een begrip, maar een persoon, en wel één bepaalde persoon. Hij zegt niet: Ik heb, maar Ik ben het leven. Zo kan het leven nooit meer van het ‘Ik’ van de persoon van Jezus worden losgemaakt.

Door dit te verkondigen zegt Jezus, dat Hij niet alleen hét leven is – dus een of andere metafysische geest waarmee ik ook te maken heb – maar juist mijn leven, ons leven; deze toedracht wordt door Paulus bijzonder duidelijk en tegelijk paradoxaal uitgedrukt als hij zegt: ‘Christus is mijn leven’ (Filippenzen 1 : 21) en: ‘Christus, ons leven’ (Colossenzen 3 : 4).

Mijn leven is buiten mij zelf, buiten mijn beschikking, mijn leven is een ander, een vreemde, Jezus Christus; en dat niet in de overdrachtelijke zin dat mijn leven zonder die ander niet waard is geleefd te worden, dus dat Christus mijn leven, dat ook op zich zou kunnen bestaan, een bijzondere kwaliteit, een bijzondere waarde verleent; nee, het leven zelf is Jezus Christus.

En wat voor mijn leven geldt, geldt voor al het geschapene.
‘In al wat geworden is, daarin was (en is!) Hij het leven’
(Johannes 1 : 4).

Bron tekst: Bonhoeffer Brevier – “Ik ben het leven” – “Verantwoordelijk” (16 juli) – ©1968 Ten Have b.v. Baarn, Vijfde druk 1978

Ik zal er zijn  (Sela, YouTube)

Bron afbeelding:  Pinterest

Johannes 1 4 - In Him was life - Pinterest

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Politiek, Wetenschap | Plaats een reactie