Ons leven is een Geestelijke (wed)strijd!

Strijd de goede strijd des geloofs.
(1 Timotheus 6 : 12)

Geciteerd: ‘‘Nee, ik strijd niet tegen de zonde.’

Opgemerkt: We moeten wel goed opletten met wat we beweren over onszelf, namelijk of we onszelf niet tegenspreken, maar meer nog dat we Gods Woord niet tegenspreken. In het stukje dat CIP-nl op Facebook gepubliceerd heeft, lijkt het erop dat beiden gebeurd: de schrijver spreekt zichzelf tegen én de schrijver spreekt Gods Woord tegen.

Wij gelovigen strijden – als het goed is tenminste – tegen de zonde en wel elke dag van ons leven. Dat doen we natuurlijk al door de dag dankend en Bijbellezend en biddend te beginnen. En daarmee trekken we de wapenrusting (weer) aan die de Geest ons geven wil om als goed soldaat van Jezus Christus (zie 2 Timoteüs 2 : 3-4) in zijn leger te functioneren (=inzetbaar zijn voor de strijd en strijden).

Bij dat strijden laten we ons leiden door de Geest en Zijn we in het strijden tegen onze eigen wil en tegen de wereld en de duivel niet onderworpen aan het ons (angstvallig) houden aan wetsregels, maar onderwerpen we ons aan het verlangen van de Geest (zie Galaten 5 en m.n. de verzen 13-26).

De Geest wil dat verlangen wekken en Gods wet in onze harten schrijven door ons gebruik te laten maken van heel Gods Woord. Alle woorden in onze Bijbel zijn door de Geest geïnspireerd opgeschreven en aan ons gegeven om ons geschikt te maken voor de dienst aan onze Heer Jezus Christus en daarmee aan het liefhebben en dienen van onze naasten.

De apostel Paulus schrijft de Korintiërs: Neen, ik tuchtig mijn lichaam en houd het in bedwang, om niet, na anderen gepredikt te hebben, wellicht zelf afgewezen te worden. (Uit 1 Korintiërs 9 : 16-27). Paulus heeft het daar over atleten die zich aan de wedstrijdregels hebben te houden om niet gediskwalificeerd te worden.

Een wedstrijd is beslist ook een strijd te noemen! Een strijd met jezelf, om niet toe te geven aan zaken die ja afleiden en je conditie bedreigen en waar het bijvoorbeeld een sport als vuistvechten (boksen) betreft, moet je ook heel goed letten op je tegenstander, waar hij zich bevindt (om geen slag in de lucht te slaan) en waar hij je bedreigt, om niet knockout te gaan…

Slot: Ga eens na hoe in de Heidelbergse Catechismus de Tien Geboden/wetsregels worden uitgelegd en toegepast op grond van wat heel Gods Woord ons leert*. Dan zien we dat we niet alleen maar strijd hebben te voeren tegen zonden als overspel, abortus en euthanasie (bij en door anderen), maar dat we we leren om niet alleen God maar juist ook onze naasten (medemensen)  lief te hebben en zorg voor hen te hebben en te dragen, niet in de laatste plaats door ook altijd weer vergevingsgezind en vergevend met hen te willen omgaan. Dan dienen we de onderlinge vrede in huwelijk en gezin, in de gemeente(n) en kerken en in onze samenleving.

* Zie HC Zondag 34, 35, 36, 37, 38, 39, 40, 41, 42, 43, 44

Bron citaat: CIP-NL (13 januari 2021) – ‘’Een wettisch leven leidt tot schuldgevoelens’ – door Peter Overduin

Bron afbeelding: DailyVerses-net

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin | Plaats een reactie

De wet dringt/dwingt ons naar de ‘binnenkamer’…

Alles wat vroeger geschreven is*, is geschreven om ons te onderwijzen, opdat wij door te volharden en door troost te putten uit de Schriften zouden blijven hopen. Moge God die ons doet volharden én ons troost geeft, u de eensgezindheid geven die Christus Jezus van ons vraagt. Dan zult u eendrachtig en eenstemmig lof brengen aan God de Vader van onze Heer Jezus Christus.’ (Uit Romeinen 15 de verzen 4-6)
* In ‘de Wet en de profeten’.

Geciteerd: Wat zal ik dan doen als de wet mij verdrukt en mijn geweten mij belast, als ik voel dat ik niet doe wat de wet van mij eist?* Antwoord: leer nu eenvoudigweg tegen de wet zeggen: Lieve wet, houd maar op met praten en bemoei je niet met mij. Want ik heb niets met je te maken. Ja, ik wil zelfs niet op je vraag ingaan: of ik vroom of niet vroom ben. Want het maakt mij niet uit wat ik ben, of wat ik doen moet of niet doen moet. Voor mij geldt alleen Christus – wat Hij aan mij geeft en wat Hij voor mij doet. Wij zijn nu in het slaapkamertje, waar de bruid en de Bruidegom samen zijn, daar hoor jij niet te komen en daar heb jij niets te vertellen.
Dan klopt de wet weer op de deur en zegt: Ja, maar je moet toch goede werken doen en Gods gebod houden – je wilt toch zalig worden?* Luister nu goed, wet: het is nu niet meer nodig daarover te praten, want ik heb reeds mijn gerechtigheid en mijn volkomen zaligheid zonder enig werk in mijn Heere Christus en ik ben ook nu al zalig in Hem – daar heb ik jou niet bij nodig. Want waar geen werken gelden, daar geldt ook geen wet, en waar de wet niet is, daar is ook geen zonde. Daarom moeten daar geen andere dingen dan alleen de bruid in haar kamertje met Christus regeren, in Wie zij alles en alles heeft, en verder niets nodig heeft wat tot haar geluk en zaligheid moet dienen.

* Opgemerkt AJ: Daarom – vanwege dit op de deur van ons hart kloppen – blijven we ‘de wet’ lezen en beluisteren en overdenken, thuis, in huwelijk en gezin en ook in de zondagse samenkomsten. Een van God gegeven middel om dagelijks ‘in de binnenkamer’ en zondags in ‘Gods huis’ te willen verkeren om ons te verzekeren van de vergevende genade zoals die ons door God de Vader om Christus’ wil geschonken wordt en zoals wij die aanvaarden mogen en kunnen op grond van Gods Woord door de kracht van de heilige Geest. Dan ontvangen en ondervinden wij steeds weer ‘een vrede die alle verstand te boven gaat’!

Bron citaat:  maartenluther-com – wo 13 januari 2021 – Maarten Luther: Predigten des Jahres 1532, WA 36, 278, 16-37

Bron afbeelding: SlidePlayer

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin | Plaats een reactie

De grootmoederhypothese…

Ook oudere vrouwen hebben zich ingetogen te gedragen – sober, waardig en bezonnen, net als de oudere mannen – ze mogen niet kwaadspreken of verslaafd zijn aan wijn. Ze moeten goede raad weten te geven, en de getrouwde jonge vrouwen voorhouden dat ze hun man en kinderen zullen liefhebben, dat ze ingetogen, behoorlijk in de omgang met anderen, zorgzaam in het huishouden en vriendelijk moeten zijn, en dat ze het gezag van hun man erkennen. Dan wordt het Woord van God in ere gehouden.‘ (Naar Titus 2 : 2-5, NBV)

Geciteerd 1: Reeds eind jaren ’70 poneerde Kristen Hawkes, hoogleraar antropologie aan de universiteit van Utah deze grootmoederhypothese. (1) Daartoe bestudeerde ze de Hadza, een volk van jagers-verzamelaars in Tanzania. Dit volk leeft in grote gezinnen of kleine groepen bij elkaar, op de wijze van onze voorouders. Elke vrouw met jonge kinderen had hulp van een oudere vrouw, ontdekte Hawkes. Die waren vooral heel goed in het in huis halen van voedsel. En door goed te zorgen voor haar kleinkinderen zorgde de menopauzale vrouw er toch voor dat haar DNA werd doorgegeven. En dat sloot aan bij de cijfers: kinderen met grootouders deden het qua gewicht en welzijn beter dan kinderen zonder.

Geciteerd 2: Maar er zit nog meer voordeel aan. Kinderen leren verschillende dingen van verschillende generaties: ouders brengen vooral praktische vaardigheden bij, grootouders brengen door hun levenswijsheid een beter begrip van de wereld. Ook dat was en is van evolutionair belang. Immers: daarmee werd de mens intelligenter. Onderzoeken wijzen uit dat slimme hersenen vooral via het het X-chromosoom* worden doorgegeven. Dat wil dus zeggen via je moeder en haar ‘voormoeders’.

* Opgemerkt: Albert Einstein, bijvoorbeeld, had dus blijkbaar weinig door te geven, dat moet toch wel wat problematisch zijn voor evolutiebiologen. We moeten dus aannemen dat het hoge percentage nobelprijswinnaars onder geleerden van Joodse afkomst via de moederlijke lijn hun hoge intelligentie hebben meegekregen…

(1)  Over de jaren die vrouwen nog leven na hun menopauze is al veel onderzoek verricht. Immers: onvruchtbare vrouwen zijn op het eerste gezicht niet interessant in het kader van voortplanting en het komt voor zover bekend ook alleen maar bij mensen en walvissen voor. Er bestaat echter de zogenoemde grootmoederhypothese. Deze aanname zou weleens wetenschappelijk onderbouwd kunnen worden. Oudere vrouwen vergroten namelijk de kans op overleven van hun nageslacht.

Bron citaten: Reporters Online (via Blendle) – ‘Waarom je langer leeft als je oma nog hebt‘ – door Annedieke Kuchler

Bron afbeelding:  Pinterest

 

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Huwelijk en gezin, Israël, Politiek, Wetenschap | Plaats een reactie

God laat zich alleen kennen wanneer we ons vernederen!

Zij dan zeiden tot Hem: Waar is Uw Vader? Jezus antwoordde: Gij kent noch Mij, noch Mijn Vader; indien gij Mij kendet, zo zoudt gij ook Mijn Vader kennen.‘ (Uit Johannes 8 : 12-59 vers 19)

Geciteerd: Als je de Vader wilt leren kennen, begin dan niet van achteren of van boven; dat levert niets op. Sluit in plaats daarvan je de ogen en zeg: ‘Ik weet niets van God, noch van de Vader. Ik kan beter hierheen komen en horen wat Christus zegt.’ Want wat is er verder van kracht behalve het Woord van deze Man?!
Hoe hoog een preek of gedachte ook mag zijn, dat is niet de Vader, maar je houdt slechts blindheid, vergissing en de duivel zelf over. Als jullie Mij echter kennen, dan kennen jullie de Vader ook. Want de Vader heeft gezegd dat Hij door de Zoon gekend wil worden.
Hij zorgt ervoor dat we het kunnen stellen zonder hogescholen, zonder de wetten van wijze mensen, zonder het geloof en de leer van alle religies en spreekt: ‘Wie wil weten wie Ik, God de Vader, ben, laat hij eerst luisteren naar Christus, de Zoon.’

‘Wie heeft jullie wijs gemaakt?’

Toen hij (Johannes de Doper) zag dat veel Farizeeën en Schriftgeleerden op zijn doop afkwamen, zei hij tegen hen: ‘Adderengebroed, wie heeft jullie wijsgemaakt dat je veilig bent voor het komende oordeel? Breng liever vruchten voort die een nieuw leven waardig zijn, en denk niet bij jezelf dat je kunt zeggen: wij hebben Abraham als vader.‘” (Uit Matteüs 3 : 1-17 de verzen 7-9)

Opgemerkt: De Farizeeën en de Schriftgeleerden hadden zich niet willen vernederen onder en door de doop van Johannes de Doper en dat blokkeerde hun zicht op wie Jezus was. Onze eigendunk en hoogmoed blokkeren altijd het werk van de heilige Geest in ons hart en leven.
Hij werkt bescheiden en waar mensen het zelf kunnen en prat gaan op wat door hun eigen vermogen bereikt kan worden en bereikt is, daar geeft hij de mens de ruimte om in eigen kracht en naar eigen vermogen iets tot stand te (gaan) brengen.
Die eigendunk van de mens blokkeert de levende en liefdevolle relatie met God en die met onze naasten. Lees 1 Korintiërs 13 nog maar weer eens om te zien hoe afhankelijk we zijn van de kracht en het werk van de heilige Geest om daadwerkelijk lief te hebben en om God en anderen onze liefde te bewijzen. Die ‘hoge weg’ kunnen wij niet gaan in eigen kracht!

Bron citaat: checkluther-comMeditatie 9 januari 2021 – Luther Heritage Foundation (Veenendaal)

Bron afbeelding: Patheos

Geplaatst in Bijbel, Gemeente | Plaats een reactie

Geweld in de (hoofd)stad…

Laten we ernaar jagen de Heer te kennen‘ (Naar Hosea 6 : 3)

Geciteerd: Luister naar de woorden van de HEER, Israëlieten! De HEER voert een geding tegen de inwoners van dit land, want ze kennen geen eerlijkheid meer en geen liefde, en met God zijn ze niet meer vertrouwd.
Het is een en al meineed en bedrog, niets dan moord, diefstal en overspel; het ene bloedbad volgt op het andere. Daarom is het land in rouw gedompeld en bezwijken al zijn inwoners, mét de dieren van het veld en alles wat vliegt; zelfs de vissen in zee sterven uit.
Maar laat niemand een aanklacht indienen en roep elkaar niet ter verantwoording. Tegen jou, priester, richt ik mijn aanklacht! (…) Jij hebt de wet van je God verwaarloosd, daarom zal ik jouw kinderen verwaarlozen.
Hoe talrijker de priesters werden, des te meer zondigden ze tegen mij. Maar ik zal hun aanzien verruilen voor schande. Ze teren op de zonden van mijn volk en hongeren naar nog meer.

Geciteerd 2: Daarom heb ik jullie gedood met de woorden die Ik sprak, jullie neergehouwen door Mijn trouwe profeten; zo brak het volle licht van mijn recht door.  Want liefde wil ik, geen offers; met God vertrouwd zijn is meer waard dan enig offer. Maar zij hebben het verbond met mij geschonden, zoals eens in de stad Adam: daar waren ze mij al ontrouw.

Geciteerd 3: Israël was een weelderige wijnstok, die volop vruchten voortbracht. Maar hoe meer vrucht de wijnstok droeg, hoe meer er op de altaren kwam; en hoe rijker het land, hoe rijker versierd de gewijde stenen. Zo bedrieglijk is dat volk! Nu zal het ervoor boeten: de HEER breekt hun altaren af, hun gewijde stenen verbrijzelt hij.
Dan zullen ze zeggen: ‘Wij missen een koning!’ Maar wat zou een koning nog voor ons kunnen doen: wij hadden toch nooit ontzag voor de HEER? Koningen, ze spreken holle woorden, zweren valse eden, sluiten slechte verdragen. De rechtspraak woekert als onkruid, als een gifplant in de voren van een akker.

Zie ook:Buiten Mij niemand die redt!

Bron citaat 1: Hosea 4 : 1-8 (NBV)
Bron citaat 2: Hosea 6 : 5-6 (NBV)
Bron citaat 3: Hosea 10 : 1-4 (NBV)

Bron afbeelding:  Pinterest (BibleGateway)

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Politiek, Wetenschap | Plaats een reactie

Over de doop van Jezus en van Zijn discipelen…

Jezus gaf hun* ten antwoord: ‘Ik zal u ook een vraag stellen, en als u mij daarop antwoord geeft, zal ik u zeggen op grond van welke bevoegdheid ik die dingen doe. In wiens opdracht doopte Johannes? Kwam die opdracht van de hemel of van mensen?
(Uit Matteüs 21 : 23-32).
* De hoge priester en de oudsten die Jezus vroegen: ‘Op grond van welke bevoegdheid doet u die dingen?‘.

Opgemerkt 1: De geldigheid en ‘hemelse waarachtigheid’ van de doop van Johannes werd bekrachtigd door Jezus woorden voorafgaand aan Zijn doop en door een stem die klonk vanuit de hemel. Ook Matteüs en Lukas en de andere evangelisten bevestigen deze ‘hemelse waarachtigheid’ van de doop van Johannes (zie o.a. Matteüs 21 : 32-32 en Lukas 7 : 24-30). We mogen aannemen dat Jezus’ discipelen voor zover die niet al eerder door Johannes gedoopt waren, toen ook gedoopt werden na de doop van Jezus.
Onze Heer Jezus Christus doopte zelf niet en hij heeft zijn discipelen – die wel doopten – vast en zeker gezegd dat ze reeds door Johannes gedoopte leerlingen niet hadden over te dopen, want zijzelf waren toch ook niet door Hem (over)gedoopt. Dus onze Heer Jezus Christus heeft bevestigd door erkenning en Zelf ondergaan van de doop van Johannes dat dopen een eenmalig gebeurtenis is!

En zie, een stem uit de hemelen, zeggende: Deze is Mijn Zoon, Mijn Geliefde, in Dewelke Ik Mijn welbehagen heb!‘ (Mattheüs 3 : 17)

Geciteerd 1: Zo preekt de hoogste prediker van de hoogste en grootste preekstoel, vanuit de hemel. En deze preek is de belangrijkste preek, zo een als deze is er nog nooit geweest in de wereld, waarin de almachtige, eeuwige, barmhartige God spreekt van Zijn even almachtige, geliefde Zoon: ‘Dit is Mijn geliefde Zoon, in Wie Ik Mijn welbehagen heb.’ De grootste leerling en toehoorder van deze preek is de Heilige Geest, de derde Persoon van de goddelijke majesteit.
(…) Daarom zwijgen de geliefde engelen en laten ze zich niet horen, maar luisteren ze naar de allerhoogste prediker: God, de almachtige Vader.
(…) Je zegt nu misschien: Wat heb ik daaraan? Christus is de Zoon van God en zonder zonde. Ik echter ben een arme zondaar, in zonde ontvangen en geboren; daarom zal het er bij mijn doop vanwege mijn zonde niet zo aan toegaan. Nee, zo mag je niet denken, maar je moet met jouw doop in Christus’ doop komen, zodat Christus’ doop jouw doop wordt en jouw doop Christus’ doop en beide één doop zijn.

Geciteerd 2: De doop en zijn gave is iets dat eenmaal gebeurt. Met de doop van Christus kan niemand tweemaal gedoopt worden. De onherhaalbaarheid en het eens en voor al van deze genadedaad van God wil de Brief aan de Hebreeën op die duistere plaats verkondigen, waarin hij voor gedoopten en bekeerden de mogelijkheid van een tweede bekering afwijst (Hebreeën 6 : 4 w.).
Wie gedoopt is, heeft deel gekregen aan Christus’ dood. Hij heeft door deze dood zijn doodsoordeel ontvangen en is gestorven. Zoals Christus eens en voor altijd stierf (Romeinen 6 : 10) en zoals er geen herhaling is van zijn offer, zo ondergaat de gedoopte met Christus eens en voor altijd zijn dood. Nu is hij gestorven.
Het dagelijks afsterven van de christen is slechts nog het gevolg van de ene dood in de doop, zoals de boom afsterft waarvan de wortel is afgesneden. Voortaan geldt van de gedoopten: ‘Zo moet het ook voor u vaststaan, dat ge voor de zonde dood zijt’ (Romeinen 6 : 11). (1)

Opgemerkt 2: Sprekend over de doop heeft Dietrich Bonhoeffer het over de eenmalige roeping die daarin besloten ligt. De dopeling mag weten dat door die roeping zijn/haar oude bestaan een afronding heeft gekregen (begraven is) en dat werkelijk met navolging kan en mag worden begonnen en dat zonder omzien. Dat krijgt elke geroepen volgeling van Hem te horen en te zien, net zoals de discipelen dat te horen en te zien kregen toen zij gehoor hadden gegeven aan Jezus oproep om Hem te volgen. Jezus stelt hen allen later nog wel een keer de vraag of zij ook niet willen weggaan (net als veel anderen), maar daar willen ze niets van weten.
Dopen is dus een serieus nemen van de roeping van ieder mens die onder het gehoor van het Evangelie komt en zich wil laten dopen of die ‘daaronder’ geboren wordt en dus thuis en in de gemeente onder de roepstem van het Evangelie leeft en opgroeit. Zowel de volwassen dopeling als de als baby gedoopte dopeling zullen onderwezen worden in wat hun roeping en doop inhouden en hoe dat gestalte dient te krijgen in het dagelijks navolgen van Jezus en dat gebeurd door het zich dagelijks en wekelijks stellen onder onderwijs van Gods Woord, zoals de discipelen zich dagelijks en in de synagogen stelden onder het onderwijs van onze Heer Jezus Christus.
En later geeft Jezus zijn discipelen de opdracht Zijn Evangelie aan alle volken te verkondigen ‘hen dopende in de Naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest‘ én om hen (daarna) te leren al wat Hij bevolen had. (Zie slot van Matteüs 28).

(1) Lees eventueel verder/meer in:  ‘Overdopen

Bron citaat 1:  checkluther-com – Meditatie 7 december 2021 – Luther Heritage Foundation (Veenendaal)
Bron citaat 2: Dietrich Bonhoeffer in Navolging hoofdstuk ‘De doop‘.

Bron afbeelding: SlideShare

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Israël | Plaats een reactie

Een alsmaar durende strijd op leven en dood… (IV)

God slaat echter geen acht op de tijd waarin men Hem niet kende, maar roept nu overal de mensen op een nieuw leven te beginnen, want Hij heeft bepaald dat er een dag komt waarop Hij een rechtvaardig oordeel over de mensheid zal laten vellen door één man, Die Hij voor dat doel heeft aangewezen. Het bewijs dat het om deze man gaat, heeft Hij geleverd door Hem uit de dood te doen opstaan.‘ (Uit Handelingen 17 : 30-31)

Een nieuw leven beginnen!

Geciteerd 1: In Frankrijk en Spanje vonden tijdens de jaarwisseling grote illegale feesten plaats. Toen de pest Europa teisterde in de veertiende eeuw zochten veel mensen hun toevlucht in gebed of afzondering, maar ook toen waren er burgers die liever feestten.

Opgemerkt: Wat we na de pestepidemie die in het Historisch Nieuwsblad beschreven  wordt zien gebeuren, dat is dat er in het maatschappelijk leven een aantal scheefgegroeide maatschappelijke verhoudingen noodgedwongen rechtgetrokken worden. En hoeveel scheefgroei is er niet altijd weer geweest in kerk en maatschappij.
In het Bijbelboek Deuteronomium lezen we over zegen en vloek. Daarom is het onze opdracht en de moeite waard om herinnerd te worden en te blijven nadenken over de grote ‘epidemieën’ (in allerlei vorm van oorlogen, revoluties, pandemieën) en dat we ons daarbij dan ook altijd weer afvragen: konden en kunnen wij wel zegen ontvangen en verwachten over hoe wij met elkaar samenleven en hoe wij deze wereld gebruiken.
De Bijbel geeft ons ieg voldoende reden om ons altijd weer te bezinnen op onze verhouding tot God zoals die blijkt uit onze verhouding tot onze naasten en deze schepping. Er was een niets en niemand ontziende en alles en overal mensenlevens en dorpen en steden en natuur verwoestende WO II voor nodig om de mensen/volken in Duitsland en Europa en elders weer tot bezinning en tot (voorlopige?) vormen van samenwerking te brengen…

Bron citaat:  Historisch Nieuwsblad – ‘De pest besmette en doodde miljoenen mensen

En hun schatten opengedaan hebbende, brachten zij Hem geschenken: goud en wierook en mirre.‘ (Mattheüs 2 : 11)

Geciteerd 2: Hoe kunnen we, als we het bezitten, geld en goed zo besteden dat het Koninkrijk van onze Heere Christus bewaard en vermeerderd wordt en arme kinderen gevoed worden?
Het antwoord is dat we geld en goed zo moeten gebruiken, dat er ijverige predikers van het Evangelie, geschikte ambtsdragers en schoolmeesters zijn, zodat de armen, die niet in hun voedsel kunnen voorzien omdat ze ziek zijn of vanwege andere nood, onderhouden worden.
In het bijzonder betekent het echter, dat jongens die begaafd zijn om te leren opgeleid worden, zodat onze nakomelingen eveneens rechtschapen predikers en ambtsdragers mogen hebben. (…) Wie zo met zijn geld omgaat, die geeft en offert het aan het Kind Jezus, net zoals de wijzen dat deden.

Bron citaat 2:  checkluther- com – Meditatie 6 januari 2021 – Luther Heritage Foundation (Veenendaal)

Bron afbeelding: SlideServe

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis | Plaats een reactie

Een alsmaar durende strijd op leven en dood… (III)

Houd vol, het betreft hier immers een leerschool, God behandelt u als Zijn kinderen.
(Uit Hebreeën 12 vers 7a)

De dagelijkse strijd niet opgeven!

niet ‘slabakken’ maar ‘blijven knokken‘”

Geciteerd 1: Ze begon met uit het raam kijken en zag de vogels in de boom en een pizzakoerier om kwart voor acht ’s morgens. Dat deed haar denken aan schrijver Arnon Grunberg die zei: ‘Kijk uit het raam en je ziet geschiedenis’. “Volgens Grunberg bouwen ze in New York appartementen zonder keuken. Ja dan kun je wel een pizza gebruiken als ontbijt. Ik vind dat zo’n mooi beeld van het punt waarop we staan in de geschiedenis.”

Geciteerd 2: Het zou een doodzonde zijn om te klagen’, schrijft Barend in haar boek. (1) “Ja, dat vind ik echt”, zegt ze. “Als ik hier met een krantje bij de open haard zit besef ik hoe bevoorrecht ik ben. Denk aan die mensen die met jonge kinderen in een klein flatje proberen de eindjes aan elkaar te knopen. Zeker nu ze thuiswerken en ook hun kinderen nog moeten lesgeven. Geluk komt niet vanzelf, je moet het wel een handje helpen. Dat doe je door er hard voor te werken, je kunt niet slabakken. Natuurlijk gaat niet alles wat je overkomt vanzelf goed. En dan kun je de moed opgeven of doorknokken tot je het wel voor elkaar hebt. Ik heb me kapot gevochten om gelukkig te worden’*

Geciteerd 3: Er moest iets zijn dat leuker was dan werken in dat saaie kantoor. “Daar moest ik hard voor werken (om daaraan te ontsnappen – AJ), maar dat geldt voor alles in het leven. Ook in je privésituatie, of je nou een gezin hebt of alleen leeft. Zelfs een goed huwelijk gaat niet alleen maar van een leien dakie.” grinnikt ze. Barend spreekt uit ervaring, ze is inmiddels veertig jaar gelukkig getrouwd met haar man Abel.

Geciteerd 4: Hoewel Barend opgelucht is dat ze geen programma meer hoeft te maken, vind ze het wel jammer dat ze zich nergens meer mee kan bemoeien. “Natuurlijk heb ik nog wel de behoefte om iets te vinden en gedachten uit te wisselen. Ik verbaas me erover dat sommige onderwerpen blijven terugkomen, dat het mensen met meer ervaring nog steeds niet lukt om langlopende problemen op te lossen…’

* Opgemerkt: Je kunt je ook je leven lang (voortaan) ‘kapot vechten’ om niet alleen zelf maar ook anderen hét geluk te doen zoeken en vinden! Hoor/luister maar naar de Bijbel die ons ‘boekjes opendoet’ met ‘verhalen’ over het leven van de apostelen in navolging van hun Heer Jezus Christus hier op aarde.

(1) Omdat ze door corona toch niet veel anders te doen had, schreef Sonja Barends een pittig boekje over de tijd waarin we leven. ‘Maatschappelijke problemen komen steeds terug. Waarom lossen we het niet op?’.

Bron citaten: Trouw (via Blendle) / Interview: Overpeinzingen – ‘Sonja Barend: ‘Geluk komt niet vanzelf. Ik heb me kapot gevochten om gelukkig te worden‘ – door Nienke Schipper

Zie ook:

U hebt in uw strijd tegen de zonde uw leven nog niet op het spel gezet.
(Uit Hebreeën 12 vers 4)

Bron afbeelding: Zie afbeelding

 

Geplaatst in Bijbel, Geschiedenis, Huwelijk en gezin | Plaats een reactie

Een alsmaar voortdurende strijd op leven en dood… (II)

Want heel de schepping Gods is goed, en niets is verwerpelijk, dat met
dankzegging ontvangen wordt.
‘ (1 Timoteüs 4 : 4, weergave DB 1545)

Geen eenmalig vaccin, maar…

Geciteerd: Paulus zegt verder: dat alle schepselen worden gezegend en geheiligd door het Woord van God en door het gebed (zie 1 Timotheüs 4 : 5). Waar komen dan de pest en alle andere plagen vandaan, anders dan doordat de duivels de lucht vergiftigen en daarna de vruchten, de wijn en het koren – zodat wij nu door de oordelen van God dood en verderf eten en drinken aan ons eigen voedsel?

Daarom leest men de evangeliën openlijk op het veld en in de openlucht, zodat door de kracht van het Heilig Woord van God de duivels in de lucht verzwakt en de lucht zuiver wordt gehouden, en zó de vruchten gezond en goed mogen gedijen. (1)

Maar dáárom zal men nog veel meer bidden dat God de schepselen voor ons wil zegenen, niet alleen tot nut van ons lichaam, maar nog veel meer tot nut van onze ziel, zodat onze arme zielen ook niet de pest en allerlei plagen daarvan krijgen.

levenslang dagelijks ‘medicijn-gebruik’!

Dat bedoel ik zó: de zielenpest is de zonde, waar alle andere plagen uit voortkomen. Maar om deze pest geeft helaas niemand. Voor de lichamelijke pest echter slaat ieder op de vlucht, bidt en vermoeit zich met allerlei medicijnen. Maar in deze geestelijke pest lopen we rustig door en verlangen nu alleen om van de lichamelijke pest verlost te zijn. Zodat wij ondanks deze geestelijke pestziekte onszelf weer kunnen weiden en tegoed doen.

Maar God ziet het hart en Hij weet als wij deze geestelijke pest en plaag niet achten – dan sluit Hij óók Zijn ogen en laat ons voor altijd doorlopen. Hij geeft ons genoeg voor het tijdelijke, maar Hij verblindt en verzinkt ons zó diep in onze zonden, dat de zonden tenslotte gewoonten en goede zeden worden, en niet meer als zonden worden gezien. (2)

Maarten Luther: Ein Sermon von dem Gebet und Procession in der Kreuzwoche (1519), WA 2, 178 ff (verkort)

(1) Luther had in 1519 op verschillende bijgelovige gebruiken van de toen heersende kerk nog geen kritiek. Dat wil echter niet zeggen dat hij (nog) geloof hechtte aan deze gebruiken. Hij heeft zeker ook geduld en voorzichtigheid willen betrachten om mensen niet onnodig en af te leiden van de hoofdzaken van het Evangelie om wanneer die goed begrepen en aanvaard werden ook toe te komen aan zaken van minder belang.
(2) Het is van groot belang dat we bidden of de heilige Geest onze ogen (weer) wil openen voor wat ons werkelijk bedreigt  en dat we oog krijgen voor de verblinding en het diep in zonden verzonken raken van de westerse/kerkelijke christenheid in Nederland en Europa. Laten we ieder ons eigen hart onderzoeken of we zelf voldoende verzet geboden hebben en bieden – Gods Woord kent geen ‘gearriveerde christenen’! – tegen onze eigen zonden en liefdeloosheid en gebrek aan vergevingsgezindheid en opofferingsgezindheid (lees Hebreeën 10 : 19-39 en 12 : 1-13).

Zie ook:

Bron citaat: U kunt deze Luthercitaten ook rechtstreeks zelf ontvangen en/of ter kennismaking doorsturen aan uw vrienden. Er zijn geen kosten aan verbonden als iemand deze wekelijkse citaten zelf ook graag wil ontvangen.
Aan- en afmelden: Bij voorkeur via e-mail: info@maartenluther-citaten.nl of via de homepage van http://www.maartenluther.com
NB. Deze citaten mogen zonder verdere toestemming onverkort geplubliceerd worden o.a. in kerkbodes, brochures, dag- en weekbladen en tijdschriften.

Bron afbeelding:  Sergey Nivens – Fotalia

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin | Plaats een reactie

Een alsmaar voortdurende strijd op leven en dood… (I)

Uw Naam worde geheiligd. Uw Koninkrijk kome. Uw wil geschiede,
gelijk in de hemel alzo ook op de aarde.
‘ (Mattheüs 6 : 9-10)

Als de ‘oude Adam’ in ons gedood wordt

Geciteerd: Als onze God de eerste drie beden verhoort, als Hij Zijn Naam in ons heiligt, dan neemt Hij ons op in Zijn Koninkrijk en stort Zijn genade in ons uit, waardoor wij godvruchtig beginnen te worden.
Dezelfde genade begint al snel Gods wil te doen; dan komt ze echter een weerspannige Adam tegen. Dan schreeuwt de genade in het hart tot God, tegen de weerspannige Adam in, en zegt: ‘Uw wil geschiede.’ Want de mens merkt dat hij zwaar beladen is met zijn eigen last.
Als God het geroep hoort, dan wil Hij Zijn liefdevolle genade te hulp komen en het Koninkrijk dat Hij begonnen is uitbreiden. Dan richt Hij Zich met ernst en macht tegen de oude Adam: Hij doet al diens plannen teniet, verblindt hem en maakt hem volkomen te schande.
Dit gebeurt als hij ons allerlei lijden en verzoekingen stuurt: boze tongen, ontrouwe mensen en als mensen niet genoeg zijn, dan is het de beurt aan de duivel!
Laat het zo zijn dat onze wil met al zijn kwade neigingen verstikt wordt en dat Gods wil geschiedt. Laat genade het Koninkrijk in bezit nemen, en laten alleen Gods lof en eer overblijven.

Want de letter doodt, maar de Geest maakt levend‘ (2 Korintiërs 3 : 6)

Opgemerkt: Deze woorden van Paulus aan de Korintiërs zullen we binnen het geheel van het onderwijs van Gods Woord zo hebben te verstaan (begrijpen) dat ‘de geschreven wet’ – zoals dat onderwijs van de wet ons gegeven is en wordt in en door de boeken van Mozes – ons helpt om onze ‘oude mens’ (en die hebben wij heus niet minder dan de ‘godsmannen’ Mozes of David!) te veroordelen en te doden – door dagelijkse/wekelijkse verootmoediging en bekering – en dat is nodig wil er ruimte zijn en steeds meer komen voor de ‘nieuwe mens’. Paulus heeft het in dit verband over ‘meer en meer door de Geest veranderd worden‘ (2 Korintiërs 3 : 18).

Paulus schrijft aan de gemeente in Efeze: ‘U hebt toch over Hem gehoord? U hebt toch onderricht over Hem gekregen? Door Jezus wordt duidelijk – mee door zijn verwijzingen naar de wet van Mozes waarvan naar Zijn zeggen ‘niet één jota of één tittel zal vergaan’ (AJ) – dat u uw vroegere levenswandel – zoals die veroordeeld wordt door de wet (AJ) – moet opgeven en de oude mens, die te gronde gaat aan bedrieglijke begeerten, moet afleggen, dat uw geest en uw denken voortdurend vernieuwd moeten worden en dat u de nieuwe mens moet aantrekken, die naar Gods wil geschapen is in waarachtige rechtvaardigheid en heiligheid’ (Efeziërs 4 : 21-24).

Paulus wijst Timoteüs erop dat heel Gods Woord nodig en bruikbaar (‘bekwaam’) is om de gemeente op te voeden. En toen hij dat schreef, doelde hij op het Oude Testament. En ook onze Heer Jezus Christus wilde dat we zijn komst en optreden en lijden en sterven zouden begrijpen uit het Oude Testament. Hij verweet de Emmaüsgangers en eerder m.n. de Schriftgeleerden en Farizeeën, dat ze Hem niet (h)erkend hadden op grond van het Oude Testament! (Zie Johannes 7 en 8)

En willen wij ons werkelijk laten leiden door de Geest dan hebben we iedere dag en elke zondag ons weer te stellen onder Zijn leiding en dat doen we door dankzeggend te luisteren naar Gods Woord en eerbiedig bidden – van het Onze Vader – om de wijsheid voor een liefdevol en vergevingsgezind en dus strijdend leven uit het geloof en dat elke dag van ons leven opnieuw.

Bron citaat: checkluther-com – Meditatie 4 januari 2020 – Luther Heritage Foundation (Veenendaal)

Bron afbeelding: Zie afbeelding

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin | Plaats een reactie