Kerkleiders? In de Gemeente(n) van Jezus Christus?

27 Wat uzelf betreft: de zalving die u van hem ontvangen hebt is blijvend, u hebt geen leraar nodig. (4) Zijn zalving leert u alles naar waarheid, zonder bedrog. Blijf daarom in Hem, zoals Zijn zalving u geleerd heeft. (Uit Johannes 1)

23 Laten we (dus) zonder te wankelen datgene blijven belijden waarop we hopen, want Hij die de belofte heeft gedaan is trouw. 24 Laten we opmerkzaam blijven en elkaar ertoe aansporen lief te hebben en goed te doen, 25 en in plaats van weg te blijven van onze samenkomsten, zoals sommigen doen, elkaar juist bemoedigen, en dat des te meer naarmate u de dag van zijn komst ziet naderen.
(…)
35 Werp dan uw vrijmoedigheid niet weg, die een grote beloning met zich meebrengt. 36 Want u hebt volharding nodig, opdat u, na het volbrengen van de wil van God, de vervulling van de belofte zult verkrijgen. (…) 39 Maar, wij hebben niets van doen met nalatigheid, die naar het verderf leidt, doch met geloof, dat de ziel behoudt.
(…)
4 U hebt nog niet tot bloedens toe weerstand geboden in uw strijd tegen de zonde. 5 En u bent de vermaning vergeten waarmee u als kinderen wordt aangesproken: Mijn zoon, acht de bestraffing van de Heere niet gering en bezwijk niet, als u door Hem terechtgewezen wordt.6 Want de Heere bestraft wie Hij liefheeft, en Hij geselt iedere zoon die Hij aanneemt. 7 Als u bestraffing verdraagt, behandelt God u als kinderen. Want welk kind is er dat niet door zijn vader bestraft wordt? 8 Maar als u zonder bestraffing bent, waar allen deel aan hebben gekregen, bent u bastaarden en geen kinderen. (Uit Hebreeën 10 en 11)

Opgemerkt: Wij hebben ons (dus) te houden aan het bijwonen van de geregelde samenkomsten van de gemeenten en we hebben die te bezoeken om staande te blijven en elkaar staande en gaande te houden in de Weg van het geloof en omdat wij allen door ons geloof in een strijd zijn gezet, die tot bloedens toe dient te worden gestreden en waarbij we ons voortdurend hebben te oefenen in de strijd om onze strijdvaardigheid in stand te houden. Een strijd die we niet in ons eentje kunnen en hebben te voeren, maar waarbij we onze broeders en zusters en onze voorgangers hard nodig hebben om ons aan te vuren en om ons te bemoedigen en ons zo nodig terecht te wijzen. Dat gebeurd beslist niet in de laatste plaats, maar juist ook in en door de verkondiging van Gods Woord in de samenkomsten van de gemeente. Daarom is een goede Woordverkondiging waarin de gemeente wordt onderwezen in de gezonde leer, en het toezien daarop (op de verkondiging van de gezonde leer!) door de oudsten (leden van de kerkenraad) ook van levensbelang voor een gezond christelijk samenleven en voor het voortbestaan van een gezonde (plaatselijke) gemeente.
We hebben in de gemeente(n) dus geen kerkelijke leiding nodig die visies en beleid en allerlei strategie uitwerkt om daarmee leiding te geven aan het leven van de gemeente(n). De gemeente wordt geleid door het geregelde onderwijs in Gods Woord en door vermaning en tucht waar dat nodig is. Zó zullen de leden van de gemeente ieder op hun eigen plaats in de gemeente en de samenleving hun plaats en roeping leren verstaan en op hun gebed wijsheid ontvangen voor wat hen te doen staat in hun dienst aan het koninkrijk van God, zoals dat dient te gebeuren in en met heel hun dagelijkse bestaan. Alleen door het (verkondigde) Woord blijft de gemeente daadwerkelijk onder het ene en énige gezag en hoede van haar Heer en Heiland! Die plaats van het Woord mag niet worden ingenomen door het gezag en de belangen van binnen de gemeente (of “bovengemeentelijk”) ontwikkelde visies, beleid en strategie, ook niet wanneer daarvan beweerd wordt dat ze staat in dienst van “geestelijke groei en vernieuwing”
binnen de gemeente(n).

28 Zie dan toe op uzelf en op heel de kudde, te midden waarvan de Heilige Geest u tot opzieners aangesteld heeft om de gemeente van God te weiden, die Hij verkregen heeft door Zijn eigen bloed. (…) 31 Daarom: wees waakzaam, en bedenk dat ik drie jaar lang, nacht en dag, niet heb opgehouden iedereen onder tranen terecht te wijzen.
32 En nu, broeders, ik draag u op aan God en aan het woord van Zijn genade, aan Hem Die bij machte is om u op te bouwen en u een erfdeel te geven onder al de geheiligden. (…)
35 Ik heb u in alles laten zien dat men, door zo te arbeiden, het moet opnemen voor de zwakken en de woorden van de Heere Jezus in herinnering moet houden, namelijk dat Hij gezegd heeft: Het is zaliger te geven dan te ontvangen.
36 En toen hij dit gezegd had, knielde hij neer en bad met hen allen. 37 En allen begonnen luid te huilen, vielen Paulus om de hals en kusten hem, 38 zeer bedroefd, vooral om het woord dat hij gesproken had, namelijk dat zij zijn gezicht niet meer zouden zien. En zij deden hem uitgeleide naar het schip. (Uit Handelingen 20)

7 Houdt uw voorgangers (leiders??) in gedachtenis, die het woord Gods tot u hebben gesproken; let op het einde van hun wandel en volgt hun geloof na. (Uit Hebreeën 13)

Paulus over voorgangers - Pinterest

 

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Politiek | Plaats een reactie

Dankbaarheid zonder Adres: “Oneindig beter dan de Bijbel”?

In den beginne schiep God de hemel en de aarde (Uit Genesis 1)

(…) Het krankzinnige toeval dat dit universum vormde zou ons diep dankbaar moeten stemmen, vindt fysicus Lawrence Krauss. ‘Wat een geluk.’
‘De reden dat ik hier zit en de bomen buiten in de zon zie, is in feite allemaal te danken aan een krankzinnig toeval in de eerste miljardste van een miljardste seconde van het universum’, zegt Krauss vanuit zijn huis in Tempe, Arizona. ‘Niets aan dit heelal heeft zo moeten zijn als het is. Dat het wel is wat het is, beschouw ik als een groot geluk dat ons kennelijk mag overkomen.’
De hedendaagse natuurkunde, is zijn stelling, vertelt een oneindig veel beter verhaal over waarom we hier zijn dan de Bijbel biedt. (…)

Opgemerkt:
1. Uw goedertierenheid o God, is beter dan het leven… (Uit Psalm 63)
>>> Waar Gods goedertierenheid over het leven wegvalt (zoals die blijkt uit en ervaren wordt in onze gezondheid, in ons welbevinden, etc.), daar blijkt de mens dan toch al gauw liever te kiezen voor de (“vrijwillige”) dood dan voor het leven…, want de dood – het niet leven – schijnt hen beter toe dan (hier op aarde) te moeten leven in een hel…
2. Hij heeft in het verleden ALLE volken hun eigen weg laten gaan, maar heeft toch blijk gegeven van Zijn goedheid: vanuit de hemel heeft Hij u regen geschonken en vruchtbare seizoenen (Noachitisch verbond), Hij heeft u overvloedig te eten gegeven en u zodoende vreugde gebracht. (Uit Handelingen 14)
3. DANKBAAR LEVEN: 55 Dood, waar is uw prikkel? Graf, waar is uw overwinning? 56 De prikkel nu van de dood is de zonde, en de kracht van de zonde is de wet. 57 Maar God zij dank, Die ons de overwinning geeft door onze Heere Jezus Christus. 58 Daarom, mijn geliefde broeders, wees standvastig, onwankelbaar, altijd overvloedig in het werk van de Heere, in de wetenschap dat uw inspanning niet tevergeefs is in de Heere. (Uit Handelingen 15)

Bron tekst: De Volkskrant (“Beter dan de Bijbel” – Martijn van Calmhout) via Blendle
Bron afbeelding: SlideShare

Noachitisch verbond - Bijbeltekst - SlideShare

Geplaatst in Bijbel, Diversen, Gemeente, Geschiedenis, Natuur, Wetenschap | Plaats een reactie

Opdat wij nimmer van God verlaten zouden worden…(3)

‘Dochters van Jeruzalem: Huil niet om Mij…’ (…) ‘Want als zij dit doen met het groene hout, wat zal er dan met het dorre gebeuren?’  (Uit Lukas 23).

Over het lijden van Christus (3)

Vraag: Aangezien wij dan naar het rechtvaardig oordeel Gods tijdelijke en eeuwige straf verdiend hebben, is er enig middel, waardoor wij deze straf zouden kunnen ontgaan en wederom tot genade komen?

Antwoord: God wil dat aan Zijn gerechtigheid genoeg geschiede; daarom moeten wij aan haar, óf door onszelf, óf door een ander, volkomen betalen (Heidelbergse Catechismus: Zondag 5 – vraag en antwoord 12).

Het citaat voor deze lijdensweek komt uit de ‘Kirchenpostille’ van 1522. Zondag 5 – vraag en antwoord 12 van de Heidelbergse Catechismus is qua inhoud vergelijkbaar met wat Luther hier zegt in een postillepreek over Mattheüs 2:1-12:

(…) “Omdat Hij, Christus, voor u Koning en Priester is geworden en deze grote weldaden aan u schenkt, mag u echter niet denken dat dit om niet is gebeurd of weinig heeft gekost, of dat deze weldaden door uw eigen verdiensten tot u komen. Zonde en dood zijn in Hem en door Hem voor u overwonnen – om aan u genade en leven te geven! Hij heeft er echter veel kwaad voor moeten uitstaan en het heeft Hem veel gekost: Hij heeft het met de dure prijs van Zijn eigen bloed, lichaam en leven moeten verwerven.

Want Gods toorn, oordeel, geweten, hel, dood en alles wat kwaad is, wegnemen en alles wat goed is, verwerven, kon niet gebeuren of eerst moest aan de Goddelijke gerechtigheid genoeg gedaan worden – de zonde betaald en de dood door recht overwonnen worden.

Daarom is het bij de apostel Paulus gebruikelijk, als hij de genade van God in Christus verkondigt, dat hij ook gelijk over Christus’ lijden en bloed spreekt. Dat doet hij om te laten zien dat alle weldaden door Christus niet zonder een ontzaglijk grote verdienste en een duur betaalde prijs aan ons zijn gegeven. Dit blijkt wel als hij zegt: ‘God heeft Hem gesteld tot een genadetroon [of verzoendeksel] in het geloof door Zijn bloed’ (vgl. Romeinen 3:25). Of: ‘Ik heb mij niets anders voorgenomen om onder u te weten, dan alleen Christus en Die gekruisigd’ (vgl. 1 Korinthe 2:2). (…)

Hier ziet u de strenge straf en onverbiddelijke toorn van God (vgl. Mattheüs 26:39 en 42) over de zonde en de zondaren, namelijk: dat Hij de zonde niet ongestraft heeft willen laten, voordat Hij die met zware straffen aan Zijn enige en allerliefste Zoon gestraft heeft (1). Zoals Hij ook zegt door de profeet Jesaja: ‘Om de zonde van Mijn volk heb ik Hem geslagen’ (vgl. Jesaja 53:5). Wat zal de zondaren dan overkomen, als Zijn liefste Kind zo geslagen wordt?”

Maarten Luther: Kirchenpostille 1522, vgl. WA 10.1.1, 719, 16 – 720, 9; WA 2, 137, 12-17

(1) Vgl. het avondmaalsformulier: ‘Aangezien de toorn Gods tegen de zonden zó groot is, dat Hij die (eer Hij ze ongestraft liet blijven) aan Zijn lieve Zoon Jezus Christus met de bittere en smadelijke dood des kruises gestraft heeft.’

Bron: Wilt u deze Luthercitaten ter kennismaking doorsturen aan uw vrienden. Er zijn geen kosten aan verbonden. Voor het aanmelden/afmelden van deze wekelijkse citaten kunt u gebruikmaken van dit e-mailadres info@maartenluther.com en van deze website: www.maartenluther.com (contact op de homepage)

Bron afbeelding: Pastorale hulpverlening jongeren

Mozes en de slang

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Israël | Plaats een reactie

Wij gingen (en gaan?) voorbij aan de Levensboom…

In het midden van de tuin stonden de LEVENSBOOM (1)
en de boom van de kennis van goed en kwaad.
(Uit Genesis 2)

18 De WIJSHEID is een LEVENSBOOM voor wie haar omhelst, wie haar omarmt mag zich gelukkig prijzen. (Uit Spreuken 3)

24 De levensweg van een verstandig (WIJS) mens voert omhoog, hij blijft op verre afstand van de diepte van het DODENRIJK. (Uit Spreuken 15)

17 De DODEN (2) zullen de HEERE niet prijzen, evenmin al wie in de stilte neergedaald zijn. 18 Maar wíj zullen de HEERE loven, van nu aan tot in EEUWIGHEID. (Uit Psalm 115)

9 Ik heb niet namens mezelf gesproken, maar de Vader die mij gezonden heeft, heeft me opgedragen wat ik moest zeggen en hoe ik moest spreken. 50 Ik weet dat Zijn opdracht (gebod!) EEUWIG LEVEN betekent. Alles wat ik zeg, zeg ik zoals de Vader het mij verteld heeft.’ (Uit Johannes 12)

3 En als Ik heengegaan ben en plaats voor u gereedgemaakt heb, KOM IK TERUG en zal u tot Mij nemen, opdat ook u zult zijn waar Ik ben. 4 En waar Ik heen ga, weet u, en DE WEG WEET U. 5 Thomas zei tegen Hem: Heere, wij weten niet waar U heen gaat, en hoe kunnen wij de weg weten? 6 Jezus zei tegen hem: Ik ben de WEG, de WAARHEID en het LEVEN. (Uit Johannes 15)

(1) We gingen voorbij aan de Levensboom om te eten van de boom van kennis van goed en kwaad…
(2) Joodse Rabbijnen wijzen ons er op dat waar over “doden” wordt gesproken in de Psalmen, we dit vooral moeten lezen als: de mensen die God niet willen erkennen en/of Hem doelbewust negeren (“de dwazen” – zie o.a. Psalm 14).

1 Voor de koorleider. Van David.
Dwazen denken: Er is geen God.
Verdorven zijn ze, en gruwelijk hun daden,
geen van hen deugt.
2 De HEER kijkt vanuit de hemel naar de mensen
om te zien of er één verstandig is,
één die God zoekt.
3 Allen zijn afgedwaald, allen ontaard,
geen van hen deugt, niet één.
4 Hebben ze dan geen inzicht, die kwaadstichters?
Ze verslinden mijn volk of het brood is
en roepen de HEER niet aan.
5 Nog even, en hen overvalt een hevige angst,
want God is met de rechtvaardigen.
6 Lach maar om het vertrouwen van de zwakke –
hij vindt zijn toevlucht bij de HEER.
7 Ach, laat uit Sion redding komen voor Israël.
Als de HEER het lot van zijn volk ten goede keert,
zal Jakob juichen, Israël zich verheugen.
(Psalm 14)

Meer waard dan een musje - Corrie ten Boom - Pinterest

Bron afbeelding: Pinterest

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Wetenschap | Plaats een reactie

De “vrolijke ruil”: tweevoudig naar inhoud en uitwerking!

1 – Vreemde gerechtigheid

“Doe mij ontkomen door uw gerechtigheid” (Psalm 31 : 2)

Ik kan God niet gunstig stemmen. Ik kan God niet genadig maken.

Voor Maarten Luther was dit een belangrijke vraag Hoe krijg ik een genadig God? Hij ging er vanuit dat God niet genadig was, maar genadig gestemd moest worden. Je moest eerst boete doen. Tot Maarten Luther ineens ontdekte: ik mag vrolijk leven voor Gods genadig aangezicht (1).
De vraag Hoe krijg ik een genadige God is een diep zondige vraag, want daarmee zet je Christus buiten spel. Luther ontdekte uit de Schrift dat de mens een slaaf van de zonde is, maar gerechtvaardigd in Christus.

Die gerechtigheid is een vreemde gerechtigheid. Christus verwisselt zijn heerlijkheid en gerechtigheid voor onze zonde, Zijn heil is voor ons en onze zonde is voor Hem!

2 – Nieuw Leven

(…) “maar wie zijn leven verliest omwille van Mij, zal het behouden.” (Lukas 9 : 24b)

Wij dienen onszelf te verloochenen en dagelijks ons kruis op te nemen en ons leven als “ons bezit” (2) op te geven en te verliezen omwille van onze Heer Jezus Christus en wij winnen (ontvangen) daarmee hier reeds het nieuwe (eeuwige!) Leven (3) dat van Christus is en dat Hij ons schenkt. Zijn Leven in schenkende gerechtigheid en heiligheid wordt dan ons leven in gerechtigheid en heiligheid (4) en wij verliezen ons oude onheilige leven vol egoïstische ongerechtigheid aan Hem!

Een mogelijke uitwerkingsvorm daarvan in/voor ons samenleven nu?!

Geciteerd uit: “Oecumene: de ander zijn voeten wassen en niet de oren” RD-artikel, zaterdag 18 maart 2017

(…) Het geloof in de Drie-enige God en in de gekruisigde Christus roept volgens Blaumeister gelovigen op tot een exodus: wij zijn geroepen om in de ander te leven, vanuit de ander te denken en te leven. Blaumeister citeerde in dit verband Luthers woorden: „Een christen leeft niet in zichzelf, maar in Christus en in zijn naaste. In Christus leeft hij door het geloof, in de naaste door de liefde.” En Luther legde dat zo uit: „De een moet voor de ander in zeker opzicht een Christus worden, zodat wij over en weer elkanders christussen zijn en Christus dezelfde in ons allen.”
Blaumeiser: „Deze woorden van Luther zijn kerkverbindend en roepen ons op tot een ommekeer. (…)

Tekstverwijzingen

  1. 17 Want de gerechtigheid van God wordt daarin geopenbaard uit geloof tot geloof, zoals geschreven is: Maar de rechtvaardige zal uit het geloof leven. (Uit Romeinen 1)
  2. 6 Hij die de gestalte van God had, hield zijn gelijkheid aan God niet vast, 7 maar deed er afstand van. Hij nam de gestalte aan van een slaaf en werd gelijk aan een mens. En als mens verschenen, 8 heeft hij zich vernederd en werd gehoorzaam tot in de dood – de dood aan het kruis. (Uit Filippenzen 2)
  3. 25 Jezus zei tegen haar: Ik ben de Opstanding en het Leven; wie in Mij gelooft, zal leven, ook al was hij gestorven, 26 en ieder die leeft en in Mij gelooft, zal niet sterven in eeuwigheid. (Uit Johannes 11)
  4. 5 Ik ben de Wijnstok, u de ranken; wie in Mij blijft, en Ik in hem, die draagt veel vrucht, want zonder Mij kunt u niets doen. (Uit Johannes 15)

Bron tekst (deels): bijbelseplaatsen.nl
Bron afbeelding:
Pinterest – Opinie – RD.nl

Luther klopt heil - Pinterest - Opinie - RD.nl

Geplaatst in Bijbel, Gemeente | Plaats een reactie

De onzin van het “ministry gebed”…

Luisteren naar je Vader voor je broertje of zusje…

Niet wanneer iemand genezen wil van een ziekte (1), maar wanneer iemand je vraagt, wil je voor en/of met mij bidden en dan voor mij luisteren en opvangen wat God tot mij te zeggen heeft, geeft ons reden tot de vraag, maar heb jij/wij dan wel goed begrepen wat bidden en geloven is en wat wij daarover van onze Heer Jezus Christus geleerd hebben en wat de apostelen daarvan later ook in hun brieven aan ons hebben overgeleverd?

Jezus zegt in Johannes 4 tegen de Samaritaanse vrouw dat God aanbeden wil worden in Geest en in Waarheid. En in de Geest te kunnen en mogen bidden, dat ontvangt ieder van ons wanneer men eenvoudig voor zichzelf (liefst zelfs nog afgezonderd van anderen) het Onze Vader – het volmaakte gebed, dat Jezus zijn discipelen geleerd heeft te bidden (2) – zelf ook bidt (of voor het eerst gaat bidden) en daarin vraagt om “ons dagelijks brood” en bij dat brood moeten we hier echt alleen (!!) denken aan Jezus Christus zelf, zoals Hij (dagelijks) aan ons geschonken wordt – en zal worden! – in en door de kracht en het werk van de Heilige Geest in en aan ons leven (3).

Jacobus zegt direct al ter introductie aan het begin van zijn brief, dat degene die beseft en ervaart dat hij/zij (zelf!) wijsheid tekort schiet voor de te gebruiken woorden (in relaties van huwelijk, gezin, familie, gemeente werk en samenleving) en de te maken keuzes en te nemen beslissingen  van de betreffende dag (Jezus leerde zijn discipelen en leert ons bij de dag te leven!), dat zo iemand (zelf!) God om die wijsheid dient te vragen en dat God dan ook zeker niemand (!) zal overslaan bij het schenken van de aan Hem gevraagde wijsheid. Maar, zo voegt Jakobus daar dan aan toe:
6 Vraag vol vertrouwen, zonder enige twijfel. Wie twijfelt is als een golf in zee, die door de wind heen en weer wordt bewogen. 7-8 Wie zo aarzelend en onberekenbaar is bij alles wat hij doet, moet niet denken dat hij iets van de Heer zal krijgen. (Uit Jakobus 1)

En in de brief aan de Hebreeën lezen we:
6 maar zonder geloof is het onmogelijk (Hem) welgevallig te zijn. Want wie tot God komt, moet geloven, dat Hij bestaat en een beloner is voor wie Hem ernstig zoeken. (uit Hebreeën 11)

Gelooft u in de Here Jezus en hebt u aanvaard dat Hij de Zoon van God is Die komen zou en gekomen is “in het vlees”, dus gelooft u in de menswording van God en daarom in Jezus Christus als uw Heer en Heiland? Dan, tot slot, schrijft Johannes u het volgende:
(…) Wie de Zoon erkent, heeft ook de Vader. 24 Wat uzelf betreft: wat u vanaf het begin hebt gehoord, laat dat in u blijven. Als in u blijft wat u vanaf het begin hebt gehoord, zult u in de Zoon en in de Vader blijven. 25 En dit is wat hij ons heeft beloofd: het eeuwige leven. 26 Dit wilde ik u schrijven over hen die proberen u te misleiden. 27 Wat uzelf betreft: de zalving die u van hem ontvangen hebt is blijvend, u hebt geen leraar nodig. (4) Zijn zalving leert u alles naar waarheid, zonder bedrog. Blijf daarom in Hem, zoals Zijn zalving u geleerd heeft.
28 Blijf dus in Hem, kinderen. Dan kunnen we vol vertrouwen zijn wanneer Hij verschijnt en hoeven we ons niet te schamen bij zijn komst. 29 U weet dat Hij rechtvaardig is, en u moet daarom wel inzien dat ieder die rechtvaardig leeft uit God geboren is. (Uit 1 Johannes 2)

(1) Zie hiervoor m.n. Jakobus 5 : 13-18
(2) Zie hiervoor Matteüs 6, Lukas 11 : 1-13 en Johannes 6
(3) Zie hiervoor Lukas 11 : 10-13 en hieronder uit Johannes 15:
7 Als u in Mij blijft en Mijn woorden in u blijven, vraag wat u maar wilt en het zal u ten deel vallen. 8 Hierin wordt Mijn Vader verheerlijkt, dat u veel vrucht draagt en Mijn discipelen bent. 

(4) Wij bezoeken de samenkomsten en luisteren daar (graag) naar een leraar omdat wij “door God geleerd zijn”, want wij hebben “Zijn zalving”! – Zie voor deze verzekerdheid de tekstgedeelten van (3)

Bron afbeelding: Ministry gebed – VBG de Regio

Ministry gebed - VBG de Regio

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Israël | Plaats een reactie

Onze zondeschuld – erfenis of ziekte?

Daarom, zoals door één mens de zonde in de wereld is gekomen, en door de zonde de dood, en zo de dood over alle mensen is gekomen, in wie allen gezondigd hebben. (Uit Romeinen 5)

Toen Adam en Eva met moeite en pijn en verdriet hun kinderen kregen, toen zij het verschil zagen van de door God geplante hof van Eden met de velden en akkers waar zij nu moesten ploeteren voor hun “dagelijks brood” en vooral toen zij opmerkten hoe er ook begeerte, jaloersheid en afkeer in eigen hart en die van hun kinderen heerste, toen beseften ze temeer wat hun eerste zonde had bewerkt: hoe zij toen hun eerdere onschuld op slag waren verloren en ook  welke gevolgen hun eerste zonde voor deze aarde maar vooral ook voor hun eigen nageslacht had. Ze hadden deze aarde en het hele mensengeslacht “opgescheept” met een erfenis, die door geen mens meer ongedaan kon worden gemaakt…

Opgemerkt: Bovenstaande werd geschreven mee n.a.v. het artikel “Schuldhulp voor gereformeerden – in gesprek met Mattias Rouw en Peter van Dijk over een nieuw boek” in Protestants Nederland No. 3 | Maart 2017.

Bron afbeelding: De-OK-vrouw-zonder-tekst: Blog | Wandel met God

(…) 12 Door één mens is de zonde in de wereld gekomen en door de zonde de dood, en zo is de dood voor ieder mens gekomen, want ieder mens heeft gezondigd. 13 Er was al zonde in de wereld voordat de wet er was; alleen, zonder wet wordt er van de zonde geen rekening bijgehouden. 14 Toch heerste de dood in de tijd van Adam tot Mozes over alle mensen, ook al begingen ze met hun zonden niet dezelfde overtreding als Adam. Nu is Adam de voorafbeelding van hem die komen zou. 15 Maar de genade gaat zijn overtreding verre te boven. Door de overtreding van één mens moesten alle mensen sterven, maar de genade die God aan alle mensen schenkt door die ene mens, Jezus Christus, is veel overvloediger. 16 Dit geschenk gaat het gevolg van de zonde van één mens verre te boven, want die ene overtreding heeft tot veroordeling geleid, maar de genade die na talloze overtredingen geschonken werd, heeft tot vrijspraak geleid. 17 Als de dood heeft geheerst door de overtreding van één mens, is het des te zekerder dat allen die de genade en de vrijspraak in zo’n overvloed hebben ontvangen, zullen heersen in het eeuwige leven, dankzij die ene mens, Jezus Christus. 18 Kortom, zoals de overtreding van één enkel mens ertoe heeft geleid dat allen werden veroordeeld, zo zal de rechtvaardigheid van één enkel mens ertoe leiden dat allen worden vrijgesproken en daardoor zullen leven. 19 Zoals door de ongehoorzaamheid van één mens alle mensen zondaars werden, zo zullen door de gehoorzaamheid van één mens alle mensen rechtvaardigen worden. 20 En later is de wet erbij gekomen, zodat de overtredingen toenamen; maar waar de zonde toenam, werd ook de genade steeds overvloediger. 21 Zoals de zonde heeft geheerst en tot de dood heeft geleid, zo moest door de vrijspraak de genade heersen en tot het eeuwige leven leiden, dankzij Jezus Christus, onze Heer. (Uit Romeinen 5)

De-OK-vrouw-zonder-tekst - Blog Wandel met God

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Israël | Plaats een reactie

Verlangen…

Niemand heeft ooit God gezien, maar de enige Zoon, die zelf God is, die  aan het hart van de Vader rust, heeft hem doen kennen. (Johannes 1 : 18)

WIJ VERLANGEN vooral van God dat Hij Zich nu eindelijk eens aan ons zal openbaren in Zijn Goddelijke Heerlijkheid en komt als Rechter om aan alle kwaad en onrecht een einde te maken en ook een eind aan alle ellende van de gebrokenheid van het bestaan hier op aarde, aan alle lijden, ziekte en dood. Om ons dan het eeuwige genieten van Hem en van Zijn vernieuwde Schepping te schenken, maar…

GODS VERLANGEN was en is – vóór alles wat nog komen gaat met het verschijnen van Hem in Zijn Heerlijkheid – om ons mensen eerst “het ware Mens-zijn” te openbaren in en met de komst van Zijn Geliefde Zoon op aarde. Om ons door Hem te laten bepalen bij wat God van ons verlangt, namelijk dat wij de Liefde en de Genade en de Ontferming (vergevingsgezindheid jegens ons) van onze Vader in de hemel zullen leren kennen door onze Heer en Heiland Jezus Christus en Hem zullen navolgen in ons “ware-mens-zijn”, in het daarmee dienstknecht zijn van God en van onze medemensen. God-met-ons voorleven en uitleven hier op aarde in en door de Kracht van Zijn Woord en Geest. Door die Kracht leefde Jezus hier op aarde als nederig mens, aanvaardde Hij het lijden, zelfs tot aan de dood aan het kruis, Hij verdroeg en droeg onze zondige aard en onze zonden, Hij vergaf ze ons allemaal en verzoende al onze Schuld!

Opgemerkt: Niet het geringste aandeel van onze (persoonlijke) zondeschuld is onze NALATIGHEID. Nalatigheid in het de ander(en) liefhebben en liefde bewijzen in het “onze tijd” geven aan elkaar en aan elkaars moeiten en problemen en ons veelvuldig gebrek aan (tijdige) vergevingsgezindheid jegens elkaar…

6 Hij die de gestalte van God had, hield zijn gelijkheid aan God niet vast, 7 maar deed er afstand van. Hij nam de gestalte aan van een slaaf en werd gelijk aan een mens. En als mens verschenen, 8 heeft hij zich vernederd en werd gehoorzaam tot in de dood – de dood aan het kruis. 9 Daarom heeft God Hem hoog verheven en hem de Naam geschonken die elke naam te boven gaat, 10 opdat in de Naam van Jezus elke knie zich zal buigen, in de hemel, op de aarde en onder de aarde, 11 en elke tong zal belijden: ‘Jezus Christus is Heer,’ tot eer van God, de Vader. (uit Filippenzen 2)

Bron afbeelding: Bijbelonderzoek.blogspot.com

De komst van de Mensenzoon - Bijbelstudies

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Israël, Politiek | Plaats een reactie

Opdat wij nimmer van God verlaten zouden worden…(2)

6 Zonder geloof is het echter onmogelijk God te behagen. Want wie tot God komt, moet geloven dat Hij is, en dat Hij beloont wie Hem zoeken. (Uit Hebreeën 11)

Over het lijden van Christus (2)

Luther zegt in zijn boekje ‘Over de goede werken’ (1520): ‘Uit geloof en vertrouwen moeten alle goede werken ontspringen, en alleen zó zullen al deze werken als een oefening en aansporing zijn, om dit geloof en vertrouwen steeds meer en meer te versterken. Want, zoals nu reeds vele malen gezegd is: het geloof maakt alle werken goed, ja, het geloof moet ze doen en de werkmeester zijn.’
Misschien vraagt u zich af wat dit te maken heeft met het lijden van Christus? Dan blijkt dat uit hetzelfde geschriftje in het onderstaande citaat: ‘Want geloof en vertrouwen moeten uit het bloed, de wonden en het sterven van Christus ontspringen en voortvloeien.’

“U vraagt: ‘Hoe kan ik aan zo’n geloof en vertrouwen komen of waar komt het vandaan?’

Dit is vast het nodigste wat u moet weten! In de eerste plaats komt het zeker niet uit uw werken of omdat u dit verdiend hebt, maar alleen uit Jezus Christus – om niet beloofd en gegeven! Zoals Paulus zegt: ‘God maakt Zijn liefde voor ons lieflijk, zoet en vriendelijk, omdat Christus voor ons gestorven is, toen wij nog zondaars waren’ (vgl. Romeinen 5:8, weergave WA). Het is alsof Paulus wil zeggen: zou dat ons niet een machtig en onoverwinlijk vertrouwen geven, dat vóór wij erom gebeden of erover gedacht hadden – ja, nog in de ene zonde na de andere wandelden – Christus voor onze zonden stierf?

Kijk, zo moet u zich Christus voor ogen stellen en zien hoe God, in Hem, Zijn barmhartigheid aan u voorhoudt en aanbiedt zonder uw voorgaande verdienste of waardigheid. Uit dit voorbeeld van genade en barmhartigheid moet u moed scheppen voor het geloof en vertrouwen in de vergeving van al uw zonden. Daarom, het geloof begint niet met werken – deze maken ook geen geloof!

Want geloof en vertrouwen moeten uit het bloed, de wonden en het sterven van Christus ontspringen en voortvloeien. Alleen daarin ziet u dat God u zó liefheeft: dat Hij zelfs Zijn Zoon voor u geeft – dan móét uw hart wel zacht en week worden en wederkerig God en uw naaste liefhebben. En zó zal ook het geloof en het vertrouwen door de liefde van God groeien en toenemen – door Gods liefde tot u en uw liefde tot God. (vgl. Romeinen 13:10: ‘Zo is dan de liefde de vervulling der wet’).

We hebben dan ook nog nooit gelezen dat iemand de Heilige Geest heeft ontvangen omdat hij heeft gewerkt, maar altijd wanneer hij het evangelie van Christus en de barmhartigheid van God heeft gehoord. Uit dit Woord – en uit niets anders – moet ook vandaag, en altijd weer, het geloof en de liefde ontspringen. Want Christus is de Rots waaruit men boter en honing zuigt, zoals Mozes zegt (vgl. Deuteronomium 32:13, Psalm 81).”

Maarten Luther: Von den guten Werken, 1520, vgl. WA 6, 216, 11 39 (verkort)

Bron: Wilt u deze Luthercitaten ter kennismaking doorsturen aan uw vrienden. Er zijn geen kosten aan verbonden. Voor het aanmelden/afmelden van deze wekelijkse citaten kunt u gebruikmaken van dit e-mailadres info@maartenluther.com en van deze website: www.maartenluther.com (contact op de homepage)
Bron afbeelding: Boekwinkeltjes.nl

Honing uit de Rots - Boekwinkeltjes.nl

Geplaatst in Bijbel, Catechismus, Gemeente, Geschiedenis | Plaats een reactie

Het kwaad en de liefdevolle wijsheid van God…

18 Niemand heeft ooit God gezien, maar de enige Zoon, die zelf God is, die aan het hart van de Vader rust, heeft Hem doen kennen. (Uit Johannes 1)

Hoe zouden wij ooit hebben kunnen weten en ons een voorstelling maken van hoe goed en liefdevol onze God is en hoe gelukkig we met Hem – met zó’n God – kunnen zijn als schepselen in Zijn Schepping, wanneer we het kwaad niet hadden leren kennen binnen de kaders van Gods Liefde voor ons, zoals Hij die aan ons bekend gemaakt heeft door het beloven en daadwerkelijk zenden van Zijn geliefde Zoon in het vlees, Die zich voor ons allen heeft overgegeven, onze Verlosser aan wie alle macht in hemel en op aarde geschonken is en Die ons gezegd heeft dat we vanwege onze liefdevolle hemelse Vader “in geen ding bezorgd te hebben zijn”…
En daarnaast leert het kwaad (beschouwd met en in het Licht van Gods Woord!) ons ook zien en beseffen wie wij mensen als schepselen zijn, hoe machteloos uit ons zelf, hoe overgeleverd aan de door de zonde aangetaste machten krachten in de schepping (door God “overgeven aan de zinloosheid” – Romeinen 8 : 20-24, zie ook Psalm 2), hoe wij door eigen schuld en machteloosheid van onszelf overgeleverd zijn aan de macht die de boze gegeven is…
Onze eerste zonde bestond uit het niet voor waar houden van wat God ons door Zijn Woord had laten weten en waarvoor Hij ons gewaarschuwd had en ook alle latere zonden en de zonden van de mensheid van vandaag zijn daar op terug te voeren.
Wij mensen kunnen God nu eenmaal niet in het hart kijken (en zelfs een ander mens al niet!) en wij zullen Hem dus geloven op Zijn Woord. En, God-lof, het Woord is vlees geworden…

15 Beeld van God, de onzichtbare, is Hij,
eerstgeborene van heel de schepping:
16 in Hem is alles geschapen,
alles in de hemel en alles op aarde,
het zichtbare en het onzichtbare,
vorsten en heersers, machten en krachten,
alles is door hem en voor Hem geschapen.
17 Hij bestaat vóór alles en alles bestaat in hem.
18 Hij is het hoofd van het lichaam, de Kerk.
Oorsprong is Hij,
eerstgeborene van de doden,
om in alles de eerste te zijn:
19 in Hem heeft heel de volheid willen wonen
20 en door Hem en voor Hem alles met zich willen verzoenen,
alles op aarde en alles in de hemel,
door vrede te brengen met Zijn bloed aan het kruis.

Kolossenzen 1 : 15-20

Zoekt en gij zult vinden - Pinterest

Klik hier voor commentaar op de inhoud van bovenstaande en antwoorden…

Geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Israël, Politiek, Wetenschap | Plaats een reactie