Vraag: Waar gaat het met de jeugd, die God aan ouders en een gemeente heeft toevertrouwd, naartoe?
‘Niemand kan (in het dagelijks bestaan) twee heren dienen: zo iemand zal de eerste haten en de tweede liefhebben, of zal juist toegewijd zijn aan de ene en de andere verachten. Jullie kunnen niet God dienen én de mammon. Daarom zeg ik jullie maak je geen zorgen over jezelf en over wat je zult eten of drinken, noch over je lichaam over wat je zult aantrekken. (…) Kijk naar de vogels in de lucht en de lelies in het veld… (…) Zoek (daarom) liever [=laat dat je lief zijn boven alles] eerst het Koninkrijk van God, dan zullen al die andere dingen je erbij gegeven worden.’ (Uit Matteüs 6 uit de verzen 19-34 : 24, 26 en 28 en 33)
Geciteerd: Slapen op een matje, in de rij staan voor de douche en ruziënde buren. Het is soms afzien, kamperen op de New Wine Zomerconferentie. En toch doen vijfduizend christenen* het.
Op veld F staan onder meer christenen uit Zwolle en Enschede. De Opstandingskerk, een Nederlandse Gereformeerde Kerk uit Zwolle, heeft een eigen ‘straat’ waar bijna negentig gemeenteleden samen kamperen.
> De (Zwolse) Ingeborg Klok (41) kampeert met haar gezin al meerdere jaren tijdens de conferentie. Het campingbestaan is soms wat spartaans, zegt ze. ‘Je staat zo dicht op elkaar en hoort elke poep en scheet. En je ziet elkaars ruzies. Dat is intens, maar het zorgt ook voor goede gesprekken. In een week tijd bouw je hier een sterkere band met elkaar op dan in een jaar in de kerk (1).
Ook zij noemt het koninkrijk van God expliciet (2). ‘New Wine heeft mij geleerd op een andere manier te kijken. Het voelt alsof de hemel hier wat dichterbij is.’ De spelende kinderen vindt ze een goed voorbeeld daarvan. Maar ze is het er niet mee eens dat ze doelloos rondrennen. ‘Ze zijn precies op hun bestemming.’ (3)
> Opvallend detail: Vijftig procent van de aanwezigen is jonger dan 25 jaar. Daarnaast zijn er nog de nodige mensen die de conferentie een dag lang bezoeken. Ruim duizend medewerkers leiden alles in goede banen. De locatie van de conferentie is landgoed Velder bij Liempde.
* Waarvan dus tweeduizendvijfhonderd jonger dan 25 jaar. (4)
(1) De vraag is echter of deze band aan het werk van de Heilige Geest kan worden toegeschreven op grond van het onderwijs van Gods Woord. Want het op deze manier opbouwen van zo’n band wordt door Gods Woord niet aangeraden/aangeboden als hulpmiddel waarvan de Heilige Geest Zich bedienen wil of bedienen moet. En zullen de thuisblijvers zich straks achtergesteld moeten voelen bij deze ‘New Wine kampeerclub’ binnen hun gemeente?
(2) Is het niet altijd en overal voor christenen de opdracht om het zoeken en dienen van Gods Koninkrijk de eerste plaats te geven in hun dagelijks leven. Heel het bestaan van een christen dient in het teken van Gods Koninkrijk te staan. Daarom ook dienen we de samenkomsten van de gemeente waartoe we behoren niet te verzuimen – Lees de aansporing daartoe in Hebreeën 10 : 19-25!
(3) Dat vonden wij als ouders ook wanneer we onze kinderen meenamen op vakantie (naar Frankrijk) en we met elkaar genoten van wat we (daar) allemaal met elkaar konden doen (en laten) en zien en beleven, met name ook genieten van de mooie natuur met veel bloemen en vlinders, insecten, reptielen en amfibieën en vogels (meer en dichterbij ‘huis’ dan in Nederland).
(4) Krijgen jongeren dáár (wel) mee wat ze nodig hebben en lukt het ons thuis en in de gemeente waarvan we lid zijn niet meer? Moeten we ook in de gemeente waar we lid van zijn inmiddels professionals inhuren (bij ons gebeurd dat al!) omdat we in het gewone leven en op zondag bij hen met ‘lege handen’ staan?
Lees ook deze blog(s) van vorig jaar: ‘Krijgt de Heilige Geest wel de ruimte in onze gemeente?‘
Bron citaten: ND Geloof – ‘In de Zwolle-straat van New Wine nemen kerkgangers tijd voor elkaar. ‘Druk zijn is niet wat Jezus ons leert’’ – door Linda Stelma.
‘Broeders en zusters, ik smeek jullie, wees – net zo’n eenvoudig en ‘on-pretentieus’ mens – als ik, want ik ben net – zo’n gewoon mens – zoals jullie (zelf ook zijn). Herinneren jullie je niet de eerste keer dat ik jullie het Evangelie verkondigd heb? Ik kwam bij jullie toen/terwijl ik ziek was (ik heb toen niet gedacht, dan maar niet, ze moeten maar wachten), en alhoewel mijn ziekte jullie er alle aanleiding toe gaf, hebben jullie mij toch niet geminacht of verstoten. Jullie hebben mij in jullie midden opgenomen als een engel van God, als Christus Jezus Zelf. Toen prezen jullie je gelukkig om wat jullie gehoord hadden (Romeinen 10 : 11-15!). Wat is daar nu nog van over? Ik kan van jullie getuigen dat jullie zelfs je eigen ogen uitgerukt zouden hebben om ze mij te geven. Ben ik dan nu ineens jullie vijanden geworden omdat ik jullie de waarheid voorhoud? Die anderen – bij jullie in de gemeente – doen alles voor jullie (ze rennen en organiseren zich de benen uit het lijf), maar hun bedoelingen zijn slecht: ze drijven een wig tussen jullie en mij (en de verkondiging zoals jullie die van mij gehoord en aangenomen hebben) en dan moeten jullie alles voor hen doen (ze spannen jullie uiteindelijk voor hun eigen karretjes!). Het is goed dat jullie je inspannen, maar doe het dan voor de goede zaak [=het Koninkrijk van God], en doe het bovendien altijd (dus elke dag en niet alleen voor of bij gemeentelijke of kerkelijke aangelegenheden, of tijdens een paar dagen bij New Wine), dus niet alleen wanneer ik bij jullie ben (dus uit een soort slaafse gehoorzaamheid aan of uit eerbied voor mensen). Kinderen zolang Christus geen gestalte in jullie krijgt, doorsta ik telkens barensweeën om jullie. Hoe graag zou ik bij jullie zijn en op een andere toon met jullie spreken (niet hoog van een podium of kansel), want ik maak me zorgen over jullie.’ (Lees hierbij 1 Tessalonicenzen 2 : 1-13!). (Uit Galaten 4 : 1-20)
‘Wij danken God dan ook onophoudelijk dat jullie Zijn Woord, dat jullie van ons ontvangen hebben, niet hebt aangenomen als een boodschap van (‘gewichtige, geweldige’) mensen, maar als wat het werkelijk is: als het Woord van God dat – door de Heilige Geest! – ook werkzaam is in jullie (gedoopte leden van Christus’ gemeente) die geloven.’ (Uit 1 Tessalonicensen 2 uit de verzen 1-13 : 13)
Bron afbeelding: One Walk | with Jesus