Startzondag als exponent van de tijdgeest…

N.a.v. “Startzondag”  bij NGK “De Ontmoeting”
Anno 2017 (500 jaar na de Reformatie)

Vorige week zondagmorgen (3 september) kreeg onze gemeente aan het eind van de Avondmaalsdienst in het slotlied deze woorden te zingen “Ga heen en maak het waar” en de opmerking van de schrijver van deze blog (AJ) was toen (al) “laten we maar zingen: Ga heen Hij maakt het waar”… (1)

En nu op de (start)zondag” van onze gemeente begon onze predikant (nog voordat hij onze afhankelijkheid en onze rotsvaste zekerheid uitsprak en beleed met de zegen-groet) met de woorden “Wij zijn NGK ‘De Ontmoeting’… (2) en IK ZAL dat gelijk maar even WAARMAKEN…” (1) en toen gaf hij de gemeente de opdracht om elkaar even de hand te geven en wat vriendelijke woorden uit te wisselen, en toen daar volgens hem genoeg gelegenheid voor geweest was, toen zei hij dat de gemeente deze ontmoeting na de dienst kon voortzetten onder het genot van een kopje koffie en alles wat de gemeenteleden verder zelf nog aan lekkers hadden klaargemaakt en mee gebracht… (a)

Daarna moest de gemeente eerst tot stilte gemaand worden om eerst nog zelf te kunnen spreken tot God en daarna kreeg de gemeente (ook nog) Gods zegen-groet te horen…

Vervolgens – na eerst een aan God en elkaar verklarend gezang dat we toch echt alles van God de Vader, de Zoon en de Geest verwachten – kwam er een heel verhaal over wat we in het nieuwe seizoen van het werk van onze kerkenraad en commissies mogen verwachten (a), zoals zij dat voor ons georganiseerd hebben in het jaarthema en zoals dat door hen aan onze gemeente in de vorm van een project aangeboden wordt… (dat verhaal valt online te beluisteren)

Nu komen er in Barneveld elke zondag op veel plaatsen christelijke gemeenten bijeen (2) waar Gods Woord geopend, gelezen en verkondigd wordt en Jezus Christus doet met zijn gaven geen enkele gemeente waar ook ter wereld tekort! (*) Maar onze predikant wil en durft onze gemeente voor te houden dat we vooral toch hebben te verlangen naar (nog) meer van de Geest…

(*) Zie daarvoor bijvoorbeeld hoe Paulus zijn eerste brief aan de gemeente van de Korintiërs begint. En dan blijkt uit het vervolg van de brief dat ze vooral (nog) moesten leren – door het geregelde onderwijs uit Gods Woord!!! – hoe ze met die overvloed aan gaven dienden om te gaan. Dat ze daarmee geen indruk moesten willen maken onder elkaar of bij de buitenwacht, maar dat ze er naar streven moesten om de Liefde er mee te dienen.

En nu – zo kreeg de gemeente te horen – is de kerkenraad van onze gemeente al voor ons aan de slag geweest om ervoor te zorgen dat van die overvloedige bron – dat wordt dan nog wel gezegd (erkend?) – tenminste in elk geval wat druppels bij de leden van de gemeente terecht zullen komen en misschien wordt het dan – dankzij inspanningen van onze kerkenraad en wijzelf als gemeente – zelfs nog een overvloed… (3)
In elk geval heeft de KERKENRAAD van onze gemeente al één en ander voor ons WAAR GEMAAKT, en nu mogen de leden van de gemeente instappen om te helpen het ook in eigen leven en dat van onze gemeente waar TE MAKEN… En natuurlijk zullen we daarbij niet nalaten  om God daarbij aan te roepen – (liefst) met gezang maar ook met gebed – om ons daarbij behulpzaam te zijn…

En toen na de vele (eigen) woorden aan het begin van deze dienst de hoop begon te gloren dat nu toch het Woord aan het woord zou komen, toen begon onze predikant eerst nog weer een verhaal te houden, nu over een door hem georganiseerde zonnebloem-fotowedstrijd om daarvan de winnaar bekend te maken en mogelijk ook om nog wat andere leuke ingezonden plaatjes te tonen met wat verhaal daar omheen…

Voor de schrijver van deze blog was het toen echter “einde verhaal” in/van deze samenkomst…

Zie eventueel ook nog de recente blogs:
– Op wiens gezag (s)preken en dienen wij…
– Goddeloos denken over onze jongeren/jeugd

~~~

(1) Dat wil ons Gods Woord (ook) door de verkondiging daarvan onder ogen brengen en leren belijden bijvoorbeeld zoals Paulus dat heeft leren doen en daadwerkelijk gedaan in 1 Korintiërs 15 met de woorden: 10 Maar door de ​genade​ Gods ben ik, wat ik ben, en zijn ​genade​ aan mij is niet vergeefs geweest, want ik heb meer gearbeid dan zij allen, doch niet ik, maar de ​genade​ Gods, die met mij is. 11 Daarom dan, ik of zij, zó prediken wij, en zó zijt gij tot het geloof gekomen.
(2) We klagen vandaag de dag nogal over de onnodige verdeeldheid van de christenen – juist vooral ook waar te nemen in een (burgerlijke) gemeente als Barneveld is. Pak de gemeentegids er maar bij op pagina’s “Religie en levensbeschouwing” en/of zie de stromen kerkgangers zich (m.n. zondags) her- en derwaarts begeven… – maar wij zeggen wel ons te schamen dat we ons als kerken met onderscheidende woorden van elkaar onderscheiden, maar zelfs binnen Barneveld en ook binnen onze eigen gereformeerde kerken doen we onze uiterste best om ons als christenen nog verder van elkaar te onderscheiden, door ons zelfs op plaatselijk niveau nog weer extra onderscheidende namen toe te bedelen en door dat elkaar en anderen op nogal “luidruchtige manier” onder ogen en in de oren te brengen (plaatjes en praatjes in de samenkomsten en op internet, door vlagvertoon op conferenties, etc.) (*)
(*) Men meent dat men “in het belang van de zaak” voorbij kan gaan aan Bijbelse noties als: (…) 2 Laat een vreemde u prijzen en niet uw eigen mond, een onbekende en niet uw eigen lippen. (Spreuken 27) en (…) 17 Maar wie roemt, laat hij roemen in de Heere. 18 Want niet wie zichzelf aanbeveelt, die is wel-beproefd, maar wie door de Heere wordt aanbevolen. (2 Korintiërs 10 en 11)
(3) Uit Johannes 7 en Lukas 11 lezen/horen we het volgende:
(…) 38 Wie in Mij gelooft, zoals de Schrift zegt: Stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien. 39 (En dit zei Hij over de ​Geest, Die zij die in Hem geloven, ontvangen zouden; want de ​Heilige​ ​Geest​ was er nog niet, omdat ​Jezus​ nog niet verheerlijkt was.)
(…) 13 Indien dan gij, hoewel gij slecht zijt, goede gaven weet te geven aan uw ​kinderen, hoeveel te meer zal uw Vader uit de hemel de ​heilige​ Geest​ geven aan hen, die Hem daarom ​bidden?
Hierbij nog opgemerkt: en dan te weten dat de gemeente bijeenkomt onder Gods belofte met Zijn Geest aanwezig te zijn waar twee of meer in ZIJN NAAM samen zijn… (dat laat de zegen-groet aan het begin van onze samenkomsten ons ook iedere keer al horen/weten, in feite hoeven we er niet eens meer om te bidden!)

(a) We (ver)tonen ons als gemeente zo liefst toch allereerst als een warme sociale gemeenschap, het “leeft en bruist bij ons” – zo zeggen/pretenderen we: zie laatste kerkblad (b) – en die daarin en daarmee dan toch liefst als christelijke gemeenschap bekend wil staan – we leven per slot van rekening op de biblebelt nietwaar – en waar Gods Woord dan nog heel bruikbaar blijkt en aangeprezen wordt om aan die warme en hechte gemeenschap (vooral zelf, met “onze aanpak”) invulling te geven…
(b) Laten we bij zulke woorden ook maar weer eens de Bijbelwoorden aan de zeven gemeenten lezen en overdenken en daarbij ook de – waarschijnlijk  ook voor de apostel Johannes onverwachtse – woorden uit Openbaring 3 : 17 in gedachten nemen/houden.

Bron afbeelding:  Imgrum

Johannes 7 35 - Whoever believes in Me - Imgrum

 

 

Dit bericht werd geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s