Elkaars menselijkheid centraal stellen…

Ons leven stond in het teken van boosaardigheid en afgunst, we verafschuwden en haatten elkaar. (1) Maar toen zijn de goedheid en de mensenliefde van God, onze Redder, openbaar geworden en heeft Hij ons gered, niet vanwege onze rechtvaardige daden, maar uit barmhartigheid.‘ (Uit Titus 3 uit de verzen 3-7 uit de verzen 4 en 5)

Geciteerd 1:

Ik had er nog nooit bij stilgestaan dat mensen die in Nederland asiel aanvragen er nog geen hebben.
Tot ik vorig jaar hoorde over wachttijden. Lange wachttijden. Duizenden mensen die niet kunnen werken terwijl dat al wel zou mogen – die niet naar het ziekenhuis kunnen terwijl ze dat wel nodig hebben.
Zo’n achttienduizend asielzoekers en statushouders wachtten in oktober 2024 op een bsn-nummer. Let wel: dit zijn dus andere wachtrijen dan die voor een beslissing van de IND over of iemand al dan niet een verblijfsvergunning krijgt. Dit zijn wachtrijen voor een nummertje om mee te doen in Nederland.
Hier en daar werd er wel over bericht in de media – maar wachtende asielzoekers, dat verbaast niemand meer.
Toch is dit verhaal over bsn-nummers de moeite waard om te begrijpen. Het legt namelijk een van de kernproblemen van het asielsysteem bloot: de hoeveelheid instanties die met elkaar moeten samenwerken. Het laat zien hoe gemakkelijk zo’n samenwerking in de soep kan lopen als één schakel in de keten een keuze maakt, zonder de gevolgen voor andere schakels te overzien. En hoe gemakkelijk het in zo’n systeem is om naar elkaar te wijzen.
Maar ook, en misschien wel vooral: hoe je dit kunt oplossen. Zelden leerde ik daadkrachtiger mensen kennen dan bij de bsn-uitgifte in Ter Apel. No-nonsenseaanpakkers, die koppen tegen elkaar durven slaan en bovenal menselijkheid centraal stellen. (2)

(1) Zie Genesis 4. Bedenk hierbij dat haten in de Bijbel betekent de ander als medemens niet de van God gegeven plaats gunnen en geven (bijv. in huwelijk en gezin/familie en gemeente). Dat was waar Kaïn’s misdaad mee begon en het eindigde met moord op zijn broer/broeder.
(2) Deed onze God dat niet door Zich in Zijn Zoon op aarde geboren te laten worden!

Geciteerd 2:

En dan komt tot die laatsten (die geluisterd hebben naar wat de Geest tot de gemeenten zegt en zich bekeerd hebben) nog de vertroosting dat zij – ondanks alles wat hen hier op aarde overkomt – dat zij niet naamloos vergeten zullen raken, omdat zij het er hier toch ook niet zo best vanaf gebracht hebben, maar dat zij bij name genoemd worden: Christus zal voor hen uitkomen bij de Vader en Zijn engelen. In Openbaring 3 : 12 wordt de erfenis als volgt omschreven: ‘hem/haar zal ik maken tot een zuil in de tempel van Mijn God, het nieuwe Jeruzalem, dat uit de hemel (!) neerdaalt van mijn God – en Mijn nieuwe naam.’
Voor de tempel van Salomo stonden twee zuilen: Boaz (in Hem is sterkte) en Jakin (Hij stelt vast). Deze zuilen symboliseerden de vastheid van de tempel. Edoch, die tempel is in 586 v.Chr. verwoest en de zuilen zijn aan stukken gebroken, volgens Jeremia 52 : 17. Zo vast was de tempel dus niet. Geen wonder, hij was ook maar een schaduw van de tempel, die in het nieuwe testament heet: woonstede Gods in de Geest! Dat is de Gemeente, die nu nog op weg is naar haar voltooiing, zoals getoond is volgens Openbaring 21 : 9-27. Wie daar nu in geplaatst wordt (ingelijfd door de Doop) heeft zijn definitieve bestemming bereikt (zie Johannes 6 : 44-51). Nu is het nog zo dat ook de gedoopte gelovigen opgeroepen worden tot standvastigheid (3 : 11), dáár – in het gelovig samenleven in een gemeente van onze Heer! – zullen ze vaststaan. (3)
Van de zuilen Boaz en Jakin weten we niet of zij hun namen ingegraveerd droegen; van de zuilen in de Romeinse tempels is ons dat wel bekend. Hier spreekt Christus nu over een bijzondere inscriptie: Gods naam, die van het nieuwe Jeruzalem en Zijn nieuwe naam. In de Bijbel duidt een naam heel wat meer aan dan bij ons. De naam zegt wie en wat de drager is. Zo wordt dus op deze plaats tot onze troost gemeld, dat wie overwint mag dragen de volheid van zijn/haar God en van zijn/haar Verlosser, en mag behoren tot de verloste Gemeente, die straks zal neerdalen (!) op de nieuwe aarde, waar God alles zal zijn in allen.
(3) Zie 1 Korintiërs 3 m.n. de verzen 16-23.

Bron citaat 1: De Correspondent – ‘Deze ambtenaren geven asielzoekers hun menselijkheid terug – door ze een nummertje te geven’ – door Maite Vermeulen (Correspondent Migratie)
Bron citaat 2: Het Lam overwint’* – Uit ‘2.2..4 Wat belooft Christus Zijn gemeenten’ – door ds. J.W. Verheij (1911-2008)
* “Samenvatting van een ‘cursus’ voor jong belijdende leden der Gemeente, na mijn emeritaat in 1977.”

Wie overwint zal zich ook in het wit kleden, Ik zal zijn/haar naam niet uit het boek van het leven schrappen, maar juist voor hem of haar getuigen ten overstaan van Mijn Vader en zijn engelen. (4) Wie oren heeft moet horen wat de Geest tot de gemeenten zegt.’ (Uit Openbaring 3 de verzen 5-6)
(4) Zie 2 Timoteüs : 8-13.

Bron afbeelding: Knowing Jesus

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

De kerk die heling nodig heeft?

Hoewel ik hoop spoedig naar je toe te komen, schrijf ik je dit alles voor het geval ik mocht worden opgehouden. Dan weet je hoe men zich moet gedragen in het huis van de levende God, dat wil zeggen de kerk van de levende God, fundament en pijler van de waarheid.’ (…) ‘De boodschap van het Evangelie, die wij verkondigen, is betrouwbaar en verdient – in de gemeente(n) die wij dienen – met volledige instemming te worden aanvaard.’ (…) Draag dit alles (‘alles’, zie de verzen 1 t/m 10) over in je onderricht. Sta niemand toe dat hij vanwege je jeugdige leeftijd op je neerkijkt, maar wees voor de gelovigen een voorbeeld in wat je zegt, in je levenswijze, in liefde, geloof en zuiverheid. In afwachting van mijn komst moet je je toeleggen op het voorlezen uit de Schrift, op de prediking en het onderricht.’ (…) ‘Neem je in acht, houd je aan de leer en blijf dat doen; dan red je zowel jezelf als hen die naar je luisteren.‘ (Uit 1 Timoteüs 3 de verzen 14-15 en uit 4 de verzen 9, 11-13 en 16.

Geciteerd 1: Voor het eerst is er dit jaar een livestream van (New Wine), zodat mensen thuis ook de vieringen live kunnen volgen. Sommigen kijken vanaf de camping naar de preek van hoofdspreker Jurjen ten Brinke. In vier ochtendvieringen diept de EO-presentator het thema uit. Woensdag, in zijn derde toespraak, spreekt hij over ‘de kerk die heling nodig heeft’.

Opgemerkt 1: Wanneer mogen wij van een plaatselijke christelijk gemeente zeggen dat zij tot de kerk (‘ecclesia’) en tot het lichaam van Christus behoort? Dat kan alleen wanneer in zo’n gemeente Gods Woord, de boodschap van het Evangelie, verkondigd wordt zoals de kerk – met en door het werk en de leiding van de Heilige Geest – dat heeft geleerd en belijdt met de twaalf artikelen van het geloof en met de geloofsbelijdenis van Nicea (waarin ook de Doop genoemd wordt). De leden van een gemeente dienen ook te leren (weten en begrijpen) wat wij met de twaalf artikelen van het geloof belijden en daarom is er ook (altijd) het doorgaande onderwijs aan de hand van de Catechismus nodig, voor jong én oud (wij raken daarin niet uitgeleerd!) waarmee wat wij met deze artikelen belijden op grond van Gods Woord verklaard wordt.

Geciteerd 2: ‘Het is goed om ons te realiseren dat we bij New Wine een klein stukje van de puzzel zijn.’
Opgemerkt 2: Is New Wine een klein stukje van de kerkpuzzel? En wat geeft new Wine het recht om dat te beweren?

Geciteerd 3a: Laura is teamleider bij de ingang van de conferentie. ‘Ik kom hier al sinds mijn elfde met mijn ouders’, zegt ze. ‘Mijn geloof komt hier tot leven. Alsof je even je vingers in het stopcontact steekt en oplaadt.’ Job is kampeercoördinator. ‘Door de diensten en seminars word ik gevoed om mijn geloof door het jaar heen energiek te blijven beleven’, zegt hij. ‘Dat mis ik soms in mijn plaatselijke kerk.’
Geciteerd 3b: Naast preken en gebed zijn ook profetische woorden een vast onderdeel van de Zomerconferentie. Deze prophetic appointments zijn al jaren populair. Bezoekers moeten vaak wachten voor ze aan de beurt zijn. Jedidja Meima (30) zit bij de eerste ronde profetische woorden, waarin mensen al biddend woorden van leven uitspreken over een ander.
‘Ik heb vaker profetieën meegemaakt’, zegt Meima. ‘Maar niet hier. Ik vind het bijzonder dat de mensen die hier voor je bidden je niet kennen. Ze luisteren naar wat God op dat moment tegen je wil zeggen.’

Opgemerkt 3 (a+b): Men wil met New Wine dus voor kerkje spelen, maar ze missen daar elke Bijbelse grond voor! En ze zijn met hun zogenaamde voorgangers (die ze daar ‘aan het Woord’ laten) en met de ‘kunststukjes’ die ze willen vertonen en de mensen aanleren levensgevaarlijk voor de gezondheid van de plaatselijke christelijke gemeenten en daarmee voor de christelijk kerk!

Leestip: Openbaring 3 : 1-6.

> Zie ook deze blog(s): ‘Wij hadden/hebben juist veel meer verwachting van de heilige Geest!
> Zie ook deze blog met woorden van Dietrich Bonhoeffer over ‘de kerk’ als gemeenschap.

Bron citaten: ND Geloof – ‘Jurjen ten Brinke daagt de bezoekers van New Wine uit. ‘Als het lichaam ziek is, zijn we allemaal ziek’’ – door Jurjen ten Brinke.

Ik roep je dringend op, ten overstaan van God en van Christus Jezus, die zal oordelen over de levenden en de doden, ik bezweer je bij zijn komst en heerschappij: Verkondig de boodschap, blijf aandringen, of het nu uitkomt of niet, wijs terecht, straf en vermaan (met en door het geschreven Woord) met alle geduld dat het onderricht vereist. Want er komt een tijd dat de mensen de heilzame leer (ook over wat ‘de kerk’ is) niet meer verdragen, maar leraren om zich heen verzamelen die aan hun verlangens tegemoet komen en hen naar de mond praten. Ze zullen niet meer naar de waarheid (van het geschreven Woord) luisteren, maar naar verzinsels. Jij echter moet in alles nuchter zijn, je lijden aanvaarden, je werk als verkondiger van het Evangelie doen, je dienende (niet: leidende) taak vervullen.‘ (Uit 2 Timoteüs 4 de verzen 1-5)

Bron afbeelding: Pinterest

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Wij hadden/hebben juist veel meer verwachting van de Heilige Geest!

Elke Schrifttekst is door God geïnspireerd en kan gebruikt worden om onderricht te geven, om dwalingen te weerleggen, en om op te voeden tot een deugdzaam leven, zodat een dienaar van God voor zijn taak berekend is en voor elk goed doel volledig toegerust.‘ (Uit 2 Timoteüs 3 de verzen 16-17)

Opgemerkt 1: Toen onze kerkenraden en predikanten (van de ex-ngk) met de samenkomsten/diensten van de gemeente nog geen (of nauwelijks) doelgroepenbeleid hadden, en we iedere zondag ‘diensten van het Woord’ (Woordbediening) hadden (met een vrij vaste liturgie), toen verwachtten wij dat de Heilige Geest bij machte was om die diensten van het Woord – en wat er nog meer in zo’n samenkomst/dienst gebeurde – vruchtbaar te laten worden/zijn in het leven van alle leden van de gemeente: jong en oud en wat voor onderscheid er verder ook nog maar gemaakt kon worden (man-vrouw, etc.). Omdat we beslist ook niet alles verwachtten van wat er in een kerkdienst zelf gebeurde, wilden we onze jeugd ook met een gerust hart toevertrouwen aan de (na)zorg van de ouders en ook van de spontane zorg van de leden onder elkaar hadden we goede verwachting. Dat zou juist niet allemaal vanuit de kerkenraad of ‘door de kerk’ georganiseerd dienen te worden.
* Wij hadden als ngk toentertijd geen ‘grote mannen’ meer (op het oog) en ook geen nieuwe ‘te promoten’ kerkgemeenschap en ook geen nieuwe beweging in het vizier.

Opgemerkt 2: We moeten niet tegen elkaar zeggen, ja maar de tijden zijn veranderd en nu kunnen we dat niet meer verwachten. Nu moeten we wel een andere aanpak hanteren en meer doelgroep gericht werken met onze kerkdiensten. Daar geloof ik niets van. We zullen juist wel weer terug moeten naar die eenvoud van onze samenkomsten/diensten, maar dat vraagt van ons een andere levensstijl, een eenvoud van (samen)leven waar we ons weer heel bewust aan zullen moeten gaan wennen.

Opgemerkt 3: Wanneer wij de gemeente en elkaar zo toevertrouwen aan het verkondigde Woord, dan zal de vrucht van de Geest zijn een samenleven met elkaar in de gezinnen en families en ook binnen de gemeente waar de liefde van 1 Korintiërs 13 de overhand heeft. En ik durf te zeggen dat dit binnen ons gezin en ook binnen onze familie(s) daadwerkelijk het geval was. Maar juist dan zal de boze alles in het werk stellen om dat eenvoudige samenleven van een christelijke gemeente (ook wat betreft de eenvoud van de samenkomsten) en dat van christelijke gezinnen en families te (laten) doorbreken en om ‘zijn alternatieven’ daarvoor in de plaats te (laten) stellen.

Leestips: Jakobus 3 : 13-18 en Hebreeën 13.

Zie ook deze blog: ‘Krijgt de Heilige Geest wel genoeg ruimte in onze gemeente(n)?

De Boodschap die het Evangelie ons verkondigt is betrouwbaar. Voorgangers zullen hierover met overtuiging (s)preken, opdat zij die op God vertrouwen – en dat doen de leden van een gemeente van Jezus Christus toch! – zich erop toeleggen het goede voor elkaar en onze medemensen te zoeken en te doen. Dáár heeft iedereen baat bij.’ (Naar Titus 3 vers 8 )

Bron afbeelding: JeffRandleman-com

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

New Wine als ‘bijpraat-conferentie’ voor (ngk-)voorgangers?

En zij beminnen de vooraanzitting in de maaltijden, en de voorgestoelten in de synagogen; Ook de begroetingen op de markten, en van de mensen genaamd te worden: Rabbi, Rabbi! Doch gij zult niet Rabbi* genaamd worden; want Eén is uw Meester, namelijk Christus; en gij zijt allen broeders. En gij zult niemand uw vader noemen op de aarde; want Eén is uw Vader, namelijk Die in de hemelen is.’ (Uit Matteüs 23 de verzen 6-9)

* Jezus zou voor het woord rabbi in deze tijd het woord kerkleider gebruikt hebben. De apostel Paulus heeft enorm veel last gehad van dergelijke figuren in de gemeente van Korinthe en Galatië.

Vooraf: ‘De Predikantendag was er al sinds de start van New Wine in Nederland in 2003. Dit was vooral bedoeld als een netwerkdag. Vanaf 2017 kwam er een speciaal programma en drie jaar geleden werd er onder stafmedewerker Sander Ris een kerkleidersdag van gemaakt waarin ook niet-predikanten welkom zijn. In 2023 waren er nog 60 deelnemers, vorig jaar 70 en nu is het met 125 ‘ontploft’, vertelt Ris. New Wine werkt in de organisatie van deze dag samen met het Evangelisch Werkverband en de christelijke ontwikkelingshulp organisatie Tearfund.’

Geciteerd 1: Ten Brinke roept op om niet alleen te denken: hoe kan ik helpen, wat kan ik betekenen voor die ander? Maar juist op zoek te gaan naar de kracht van mensen in de omgeving. ‘Gebruik het potentieel van je wijk, vraag een schilder om te helpen of een saxofonist om te komen meespelen in de band van de kerk. Stop met helpen maar zoek naar de kracht van de mensen om je heen. Door hun te vragen om mij te helpen, schat ik hen op waarde, kunnen ze mij dienen en erken ik hen als mens.’

Opgemerkt 1: ‘Kunnen ze mij dienen’… Lees hierbij 2 Korintiërs 11 : 20-21 en Galaten 4 : 12-20. Het is ook een ontkenning van wat een samenkomst van christenen behoort te zijn, je zou daar nog liever acapella* hebben te zingen dan dat je daar muzikanten binnenhaalt, die het toneelspel op de kerkpodia alleen maar vergroten. En wanneer de leden van de gemeenten/kerken hun eigen voorgangers niet helpen (met opbouwende kritiek – zie 2 Korintiërs 13 : 9-10), dan neemt zelfs op de kansels het toneelspel de overhand.
* Acapella zingen betekent zingen zonder instrumentale begeleiding. De term komt van het Italiaanse “a cappella”, wat “in de stijl van de kapel” betekent, en verwijst naar de traditionele gewoonte van kerkkoren om zonder instrumenten te zingen.

Geciteerd 2: Biewenga waardeert in het bijzonder de ontmoetingen met collega’s. ‘Even bijpraten en vragen: hé, hoe doe jij dat nou? Dat soort gesprekjes tussendoor vind ik waardevol. Het gaat daarbij over de gemeenschap die je samen bent, over de persoon die je zelf bent en over de plek waar je kerkt. In die driehoek kun je zoeken hoe je kerk kunt zijn vandaag.’

Opgemerkt 2: Of kunnen die ngk-predikanten toch maar beter altijd weer, ook met elkaar, Gods Woord bevragen en bestuderen en dat dus niet op een conferentie van een beweging als New Wine.

Geciteerd slot: Tijdens de dag is er ook voor de kerkleiders een mogelijkheid een zogenoemd ‘profetisch woord’ te ontvangen, zoals dat op New Wine de gewoonte is. Dit gaat via een kaartje dat aan de deelnemer die dat wil, wordt gegeven. Voor sommige deelnemers blijkt dit bemoedigend te zijn. Soms blijkt het profetische woord echter aan de mysterieuze kant. Bij de toiletten vertelt een deelnemer dat de tekst op het kaartje verwijst naar een bijbelvers dat niet bestaat.’

> Zie ook nog (weer) deze blog(s): ‘Krijgt de Heilige Geest wel de ruimte in onze gemeente?‘ en ‘Wij hadden/hebben juist veel meer verwachting van de Heilige Geest!

Bron citaat: ND Geloof – ‘Kerkleidersdag New Wine drukker dan ooit. Wat drijft deze dominees om elkaar op te zoeken?’ – door Laura Dijkhuizen

Jullie waren zo goed op weg, wie verhinderd jullie de waarheid te blijven volgen? Niet Hij Die jullie geroepen heeft. Bedenk goed: Al een beetje desem maakt het gehele deeg zuur. De Heer geeft mij de overtuiging dat jullie en ik het daar volledig over eens zijn. Maar degenen die jullie in verwarring brengen zullen worden gestraft, wie ze ook zijn.’ (Uit Galaten 5 de verzen 7-10)

Bron afbeelding: Pinterest

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Over wedergeboorte en de Dordtse Leerregels…

Een mens kan allen ontvangen wat hem van de hemel gegeven wordt.’
(Uit Johannes 3 uit vers 27)

Opgemerkt 1: We hadden een goede dienst, afgelopen zondag. De predikant behandelde wedergeboorte aan de hand van de Dordtse Leerregels, maar daar wordt ik toch niet heel blij van. Het ligt allemaal zo eenvoudig. Bij de Doop verklaart God ons tot een kind van Hem. De Doop is het bad der wedergeboorte (Romeinen 6 en Titus 3). De Heilige Geest is het die de wedergeboorte werkt in Gods kinderen – welk kind heeft ooit zijn eigen geboorte bewerkt/gewerkt, daaraan moeten bijgedragen – en dat werk kan en wil en zal de Heilige Geest (blijven) doen – Hij zal dat werk beginnen en niet loslaten wat Gods hand begon in ons leven – en van onze kant zullen we gelovig en trouw en eerbiedig de van God gegeven middelen blijven gebruiken – dat is onze verantwoordelijkheid! Meer had er niet in de Dordtse Leerregels over wedergeboorte hoeven te staan!
En wanneer kinderen van God de Heilige Geest bedroeven door niet gelovig en trouw die middelen te gebruiken, dan weerstaan ze het werk van de Heilige Geest en bedroeven Hem en er staat ook geschreven dat we het vuur van de Geest niet moeten uitblussen – Zie Tessalonicenzen 5 : 19 en zie hierbij ook de woorden in 2 Timoteüs 2 : 8-13.

Opgemerkt 2: In Johannes 1 en 3 lezen we over het optreden en het getuigenis van Johannes de Doper en over het optreden en het getuigenis van onze Heer. Jezus zegt tegen Nicodemus: “Waarachtig, ik verzeker u: wij spreken over wat wij weten en we getuigen van wat we gezien hebben (1), maar jullie (2) accepteren ons getuigenis niet.”

(1) Johannes getuigenis over Jezus luidde: ‘Ik heb de Geest als een duif uit de hemel zien neerdalen en Hij bleef op Hem rusten. Nog wist ik niet wie Hij was, maar Hij Die mij gezonden heeft om met water te dopen (1b), zei tegen mij: “Wanneer je ziet dat de Geest op iemand neerdaalt en blijft rusten, dan is dat degene Die doopt met de Heilige Geest.” En dat heb ik gezien, en ik getuig dat Hij de Zoon van God is.’ (zie Johannes 1 : 32-34)
(1b) Johannes zegt hier wel dat hij ‘(slechts) met water doopt’, maar toch was de Heilige Geest wel degelijk aan het werk door de doop van Johannes en daarmee ook in de harten van de mensen die gehoor hadden gegeven aan zijn oproep en onderwijs tot bekering en zich door hem hadden laten dopen. Dat blijkt wel heel duidelijk uit wat we lezen in Lukas 7 : 24-30.
(2) ‘Jullie’ dat zijn de Schriftgeleerden en Farizeeën, die zich niet onder de oproep tot bekering en de doop van Johannes hadden willen laten vernederen en daarom misten (en weerstonden!) zij het werk van de Heilige Geest in hun harten (3). Die had hen de ogen willen openen voor de komst van hun lang verwachte Messias en hoe Gods gerechtigheid door Hem in vervulling zou gaan. Maar mogelijk had Nicodemus (als uitzondering onder de Farizeeën) zich al wel laten dopen en had Hij Jezus onderwijs nodig – zoals ook de andere mensen die bij Jezus kwamen om van Hem te leren – w.o. ook twee leerlingen van Johannes de Doper, die Johannes vanwege hun vragen aan hem, naar Jezus gestuurd had om van Hém antwoord te ontvangen (4) – we lezen daarover in Lukas 7 : 18-30. Dat nodige onderwijs heeft onze Heer Jezus zijn nachtelijke bezoeker Nicodemus niet willen onthouden en dat is niet zonder vrucht gebleven!
(3) Jezus woorden ‘Wees niet verbaasd dat ik zei dat jullie allemaal opnieuw geboren moeten worden‘ – uit water (Doop) en Geest, zie Johannes 3 : 5 – en ‘De wind waait waarheen Hij wil en je hoort zijn geluid, maar je weet niet waar hij vandaan komt en waar hij heen gaat. Zo is het ook met ieder die uit de Geest geboren is‘ zullen we hier toch moeten betrekken op het leven en werk Johannes de Doper en dat van Jezus Zelf. De Heilige Geest had Johannes aangedreven om Gods werk te doen in de woestijn bij de Jordaan en dus niet in het ‘theologisch centrum’ van Jeruzalem onder de hoede van de Farizeeën en Schriftgeleerden. Dat hadden de Schriftgeleerden en Farizeeën moeten opmerken, want de bijzondere geboorte en het bijzondere van het werk van Johannes was niet onopgemerkt – ‘ongehoord’, ‘je hoort zijn geluid’, God laat het niet geruisloos gebeuren! – aan hen voorbij gegaan! En het bijzondere werk dat onze Heer begonnen was om te doen, dat was aan de Farizeeën en Schriftgeleerden ook niet onopgemerkt voorbij gegaan, dat blijkt wel uit de woorden waarmee Nicodemus het gesprek opent.
(4) Zie hierover deze blog: https://jc33nl.nl/2020/03/27/johannes-de-doper-bleef-naar-jezus-verwijzen/

> Leestip: De zeven brieven aan de zeven gemeenten in Klein Azië (Openbaring 2 t/m 3) en deze blog met woorden van Dietrich Bonhoeffer: ‘Eens en voorgoed… (Christelijke zielszorg… (VI)

N.a.v. een preek over wedergeboorte aan de hand van wat we daarover kunnen lezen in de Dordtse Leerregels.

Johannes antwoordde: “Een mens kan alleen ontvangen wat hem door de hemel gegeven wordt. Jullie kunnen van mij getuigen dat ik gezegd heb: Ik ben de Messias niet, maar ik ben voor Hem uitgezonden. De bruidegom krijgt de bruid; de vriend van de bruidegom staat te luisteren en is blij dat hij de stem van de bruidegom hoort. Dat vervult mij met grote vreugde. Hij moet groter worden en ik kleiner.‘ (Uit Johannes 3 de verzen 27-30)

Bron afbeelding: SlidePlayer

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Krijgt de Heilige Geest wel de ruimte in onze gemeente(n)?

Ik dank onze God altijd voor jullie, omdat Hij jullie in Christus Jezus
Zijn genade heeft geschonken.’ (Uit 1 Korintiërs 1 vers 4)

Opgemerkt (CvW): Je kunt je ook ernstig afvragen of de Heilige Geest in bepaalde kerken wel de ruimte krijgt die Hem toekomt.
Opgemerkt (AJ): De oplossing is dan niet de New Wine beweging binnenhalen, maar de kerkleden (leden van een gemeente/kerkgemeenschap) dienen dat dan in hun eigen gemeenschap op een bescheiden manier onder de aandacht te brengen en aan de orde te stellen. Dat hebben wij en dat heb ik binnen onze eigen gemeente en kerkgemeenschap ook zo gedaan, niet altijd met de bijval (applaus?) waarop gehoopt en om gebeden werd/wordt, maar of het gehoord en toegepast wordt zullen en mogen we aan Gods beleid overlaten.

Opgemerkt (HR): Het is geen doel op zich. New Wine is ontstaan vanuit het verlangen om (leden van) kerken en geloofsgemeenschappen toe te rusten en te versterken in hun geloof, met name door de rol van de Heilige Geest te benadrukken die vaak onderbelicht is in (van oorsprong) wat meer traditionele gemeenschappen.

Opgemerkt (AJ): Nee, dat is niet realistisch (waarheidsgetrouw) voorgesteld op deze manier! (1) Laten we een voorbeeld nemen aan Paulus, die zijn eerste brief aan de gemeente in Korinthe begint met God te danken dat in deze jonge gemeente ‘Jezus en Die gekruisigd‘ en ook ‘opgestaan uit de dood voor onze rechtvaardiging‘ als het ‘het (apostolisch) getuigenis over Christus‘ in deze gemeente ‘verankerd‘ is en daardoor is het dat het in deze gemeente aan geen enkele gave van de Geest ontbreekt – zie Paulus woorden in 1 Korintiërs 1 : 4-9. Dat laatste is een geloofsuitspraak van de apostel. De Heilige Geest doet zo’n belijdende gemeente (dat is nog wat anders dan een pretenderende gemeente!) niet tekort. Dat staat vast. Maar die ‘om niet’ geschonken gaven ook goed weten te gebruiken, dat moest nog geleerd worden met hulp van het doorgaande onderwijs van de apostelen. Dat blijkt wel heel duidelijk uit beide brieven aan deze gemeente. In die gemeente waren er blijkbaar ook al snel ‘kerkleiders’ die hoog opgaven over wat de Geest hen had toebedeeld en die meenden dat anderen nog wel wat meer van de Geest mochten leren ontvangen om op het niveau van henzelf te komen. Maar Paulus snoert zulke grootsprekers direct de mond, zoals we kunnen lezen in 1 Korintiërs 3 en 4 en later ook nog weer in de tweede brief (2 Korintiërs 10 : 12 t/m 13 tot het slot).

(1) Het gaat bij de manier van New Wine toch beslist niet in het spoor dat de apostelen ons gewezen/onderwezen hebben.

> Zie ook deze blog over New Wine 2025: ‘Het Evangelie aan de hele wereld brengen.‘ en deze blog over New Wine 2024; ‘Moeten leken het (weer) leren van (ingehuurde) professionals?

N.a.v. ‘New Wine wil de Geest centraal stellen in de kerk. ‘We hebben het vaak óver God alsof Hij er niet bij is’’ (ND Geloof, Maaike Legemaat)

Bron afbeelding: Bible-com

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Een (kerk)dienst wordt afgesloten met een lofzang!

‘Juich de HEER toe, heel de aarde,
dien de HEER met vreugde,
kom tot Hem met jubelzang.’
(Uit Psalm 100 uit de verzen 1-2)

Geciteerd: Hierbij moeten we overwegen dat er zowel in de Stadskerk als in de Slotkerk diensten (a) werden belegd en dat daar meerdere predikers bij betrokken waren. Aan doctors in de Theologie was er in Wittenberg geen gebrek. Dr. Johannes Bugenhagen (Wollin, 24 juni 1485 – Wittenberg, 20 april 1558) was de vaste predikant van de Stadskerk. Als vriend van Maarten Luther was hij niet alleen zijn vertrouweling en biechtvader, maar sloot hij ook Luthers huwelijk met Katharina von Bora, doopte hun kinderen en sprak hij Luthers grafrede uit.
Behalve de vele kerkdiensten (a) was er nog Bijbels en christelijk onderwijs voor de jeugd. Luther zag schoolgaan als een dure plicht, vooral gericht op het leren kennen van Gods Woord en het vormen van christelijke burgers. Voor hem was onderwijs geen neutraal terrein, maar een geestelijke zaak, waarin het Evangelie centraal stond. Daarom drong hij aan op een breed en Bijbels schoolonderwijs onder verantwoordelijkheid van de overheid. Opmerkelijk voor zijn tijd is dat Luther ook aandringt op onderwijs voor meisjes. Hij vond dat meisjes net zo goed de Schrift moesten kunnen lezen en begrijpen als jongens.

Orde van de kerkdiensten in de Wittenberg (1526)

Omdat van de gehele godsdienst (a) het hoogste en voornaamste stuk is Gods Woord prediken en onderwijzen, daarom willen wij dat dit onder ons ook wordt onderhouden door prediken en lezen. Op de heilige dag of zondag laten we de gewone Brief- en Evangelievoorlezingen onveranderd blijven bestaan en worden er drie preken gehouden. In de vroege dienst om vijf of zes uur zingt men ook enige Psalmen als morgengebed; zoals vroeger de Metten [of het Nachtgebed]. Daarna predikt men verder uit de Apostolische Brieven, allermeest voor het personeel (1), zodat zij ook geestelijke verzorging krijgen en toch Gods Woord horen, als ze naar de andere prediking niet hebben kunnen komen.

Na de diensten zingen we een Antifoon [als antwoord op de prediking] en het Te Deum Laudamus [oudchristelijk loflied] of het Benedictus [Lofzang van Zacharias] afgewisseld met het Onze Vader en de Collecten [oude liturgische gezangen met een offerthema]. De dienst wordt afgesloten met het Benedicamus domino [Laten wij de Heere loven] (2) (b). In de dienst van acht of negen uur preekt men uit het Evangelie volgens de bekende jaarlijkse volgorde.

(a) Als we een samenkomst van de gemeente (persé) een (ere)dienst willen noemen, laten we dan goed beseffen dat het op zondag een rustdag voor ons is – ten bate van alle mensen*, ook voor de dienstknechten/dienstmeiden en de ‘werkdieren’ (denk aan de werkpaarden) – net zoals de sabbat dat was voor de Israëlieten in de woestijn. Ze mochten dan eten van het manna dat ze de dag ervoor verzameld hadden (zo verzamelen de predikanten het Woord om er op zondag van uit te delen).
* Zie Jezus woorden over de sabbat in Markus 2 : 23-28 en ook de overdenking bij (c)
(b) Lijkt me ook voor onze samenkomsten/diensten een gouden regel. Het ons (weer) verkondigde Evangelie verdient onze dankbaarheid als antwoord.

(1) Het personeel (in dienst van de adellijke families of knechten van boeren) dat (toen nog) niet de hele zondag vrij was/kreeg.
(2) Later zouden berijmde Psalmen en andere geestelijke liederen in de volkstaal een grotere plaats in de eredienst innemen, zodat, op de uitgesproken wens van Luther, de gemeente meer bij het zingen betrokken zou zijn.

(c) https://classisgroningendrenthe.nl/de-sabbat-voor-de-mens-niet-de-mens-voor-de-sabbat/

Bron citaat: Wekelijks toegezonden Luthercitaat van maandag 21 juli 2025 – aan/afmelden via info@maartenluther-citaten.nl of homepage van www.maartenluther.com

‘De HEER heeft zijn overwinning bekend gemaakt
voor de ogen van de volken Zijn gerechtigheid onthuld’ (d)
(Uit Psalm 98 vers 2)

(d) Zie Kolossenzen 2 : 15.

Bron afbeelding: Versaday

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

‘Het Evangelie aan de hele wereld brengen’…

Zo heb ik vanuit Jeruzalem en helemaal tot aan Illyrië het evangelie van Christus verspreid, maar ik heb er een eer in gesteld het niet op plaatsen te (gaan) verkondigen waar Christus al bekend (gemaakt) was. Ik wilde niet op het fundament dat een ander gelegd had (zie 1 Korintiërs 3 : 10-15 vv) bouwen, want er staat geschreven: “Zij aan wie Hij niet verkondigd is, zullen zien; zie die niet over Hem hebben gehoord, zullen tot inzicht komen”.’ (Uit Romeinen 15 uit de verzen 18-24 : 19-21)

Geciteerd: De New Wine Zomerconferentie, die zaterdag in Liempde begint en een hele week duurt, legt dit jaar de nadruk op kerk-zijn. ‘We hebben heel de kerk nodig om het hele evangelie aan de hele wereld te brengen.’

Opgemerkt 1: De enige plek waar wij leren om het licht van het Evangelie te laten schijnen op de plaats die ons – als gedoopte leden van Christus gemeente(n) – gegeven is, dat is in het samenleven van de plaatselijke gemeente met haar samenkomsten rondom Woord en Sacrament (Doop en Avondmaal). Aan die plaats heeft onze Drie-enige God zijn beloften verbonden en alleen daar in dat eenvoudige gebeuren wil de Geest aanwezig zijn en werken. Op plaatsen waar wij de Geest op sleeptouw nemen – en dat kan zelfs gaan gebeuren in een plaatselijke gemeente hebben wij ondervonden! – zoals gebeurd op het soort van opwekkingsconferenties als New Wine, daar trekt Hij Zich terug en geeft Hij graag de mensen daar de gelegenheid om zich te beroemen op al dat mensenwerk wat daar gebeurd om Woord en Geest ‘aan de man’ te brengen.

Opgemerkt 2: Het Evangelie aan ‘heel de wereld’ verkondigen dat hebben (in feite) de apostelen al voor ons gedaan en we worden niet opgeroepen om nu overal mensen klaar te stomen om het Evangelie aan de hele wereld te brengen. Wanneer ieder op zijn of haar plek in deze wereld het Evangelie leert léven in de ‘praktijk van alledag’ (dat eerst) en zó doende het Evangelie uitdraagt met woord en daad (en ‘nalaat’!) – zonder de evangelist te moeten ‘uit te hangen’ wegens een opgelegd ‘God wil het’ (en dat kan heel slinks gebeuren!), dan kan de Heilige Geest Zijn werk in en door ons (gaan) doen in deze wereld, zonder dat wij Hem met wat wij zo graag willen in de weg lopen. Maar dat gebeurd niet op zo’n manier dat je dat op conferenties kunt leren of dat je daarmee op conferenties voor de dag kunt komen. Zelfs een gemeenteavond is voor dat laatste vaak al niet goed geschikt…

Geld of kleding (onderscheidende apostelkleding?) heb ik van jullie niet verlangd; Jullie weten wel dat ik eigenhandig heb voorzien in mijn levensonderhoud en dat van mijn metgezellen. In alles heb ik jullie getoond dat jullie de zwakken zo, door hard te werken (met het oog op hen), moet steunen, indachtig de woorden van de Heer…’ (…) ‘Ik zal mijn werk (bij en voor jullie, Korintiërs) op dezelfde manier blijven doen om die ‘apostelen’ (onder jullie) de kans te ontnemen dezelfde roem te oogsten als wij. Schijnapostelen zijn het…’ (Uit Handelingen 20 uit de verzen 32-35 en 2 Korintiërs 11 uit de verzen 5-21 : 12-13).

Bron citaat: ND Geloof – ‘Zomerconferentie New Wine zoomt in op de kerk. ‘Verdeeldheid helpt het evangelie niet’’ – door Hilbert Meijer.

Ik heb me aangesteld als een dwaas (zie 11 : 22-33 en 12 : 1-10), maar jullie hebben me ertoe gedwongen. Jullie hadden mij zullen aanbevelen…’ (Uit 2 Korintiërs 12 : 11 vv)

Bron afbeelding: SlidePlayer

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Eenzaam aan de Avondmaalstafel je uitverkiezing overpeinzen en verkondigen?

Het loon van de zonde is de dood, maar het geschenk van God is het eeuwige leven in Christus Jezus, onze Heer.’ (Uit het doop-onderwijs van Romeinen 6 vers 23)

Geciteerd: De blinde en dolle geest weet niet dat de verdienste en de verkondiging van de verdienste van Christus twee verschillende dingen zijn; en hij roert die door elkaar (1). Christus heeft éénmaal de vergeving van de zonden aan het kruis verdiend en voor ons verworven, maar deze verkondigt Hij waar Hij is, altijd en op alle plaatsen. Zoals Lukas aan het slot van zijn evangelie schrijft: ‘Zo staat geschreven dat Christus moest lijden en op de derde dag uit de dood opstaan (dit gaat over Zijn verdienste), en in Zijn Naam heeft laten prediken boete en vergeving van zonden‘ (dit gaat over de verkondiging van Zijn verdienste, zie Lukas 24 : 46 vv). Daarom zeggen wij dat in het Avondmaal de vergeving der zonden niet is omwille van het eten en drinken (en overpeinzen), of dat Christus daar Zelf de vergeving der zonden (nog weer) verdient of verwerft, maar omwille van het Woord, waardoor Hij deze vergeving van zonden aan ons verkondigt en zegt: ‘Dit is Mijn lichaam, dat voor u/jou wordt gegeven.’ Hier horen we dat wij het lichaam, als voor ons gegeven, eten en dit ook horen en geloven ín (en door) het eten. Daarom wordt de vergeving, die voor ons aan het kruis verworven is, daar – aan de Avondmaalstafel – verkondigd. (2)
[Maarten Luther: Wieder die himmlischen Propheten, von den Bildern und Sakrament, 1525, vgl. WA 18, 203, 27-38, Abendmahl Christi, Bekenntnis, 1528, vgl. WA 26, 294, 23-36]

(1) Zie hierbij deze blog: ‘Alles tevergeefs als het Woord niet zou komen en het mij verkondigde…
(2) En door deel te nemen belijden en verkondigen wij het ons verkondigde Evangelie ook aan elkaar en hebben (‘oefenen’) wij daar door de Geest gemeenschap met elkaar – zie 1 Korintiërs 11 : 26 en 12 : 12-14.

Bron citaat: ‘Maarten Luther – Mijn enige troost – 365 dagen met de HC’ – Meditatie bij Zondag 29 vraag 79: ‘Waarom noemt dan Christus het brood Zijn lichaam en de drinkbeker Zijn bloed of het Nieuwe testament in Zijn bloed, en Paulus de gemeenschap des lichaams en bloeds van Christus?’ – Samengesteld en vertaald door H.C. van Woerden sr. – Den Hertog uitgeverij (2015)

Bron afbeelding: Inspirational Bible Verse Images

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

‘Alles tevergeefs als het Woord niet zou komen en het mij verkondigde.’

‘Wij zijn allen gedoopt in één Geest en zijn daardoor één Lichaam geworden, wij zijn allen van één Geest doordrenkt, of we nu uit het Joodse volk of uit een ander volk afkomstig zijn, of we nu slaven of vrijen zijn. Immers, een lichaam bestaat niet uit één deel, maar uit vele.’ (Uit 1 Korintiërs 12 de verzen 13-14)

Geciteerd: Jij ellendige geest, waarom bestrijd je niet de hoofdzaken? Waarom bestraf je onze leer niet? Je beschuldigt ons ervan een vreemde leer te brengen, die je ons aanwrijft en toedicht en die onze leer niet is. Wat is gemakkelijker: een leugen verzinnen en erover uitweiden óf erover strijden en de overwinning behalen? Dít is echter onze leer: dat brood en wijn niets helpen. Ja, dat ook het lichaam en bloed in brood en wijn niets helpen. Ik wil nog meer zeggen: dat Christus aan het kruis met al Zijn lijden en dood niets helpt, zelfs niet wanneer dat ook – zoals jij leert – op het aller begeerlijkste, warmste en hartelijkste verstaan en overdacht zou worden. Er is voornamelijk nog iets anders nodig. Wat dan? Het Woord, het Woord, het Woord! Hoor je dat goed, leugengeest! Het Woord moet het doen en doet het! Want of Christus duizendmaal voor ons gegeven en gekruisigd zou zijn, dan was het alles tevergeefs als het Woord niet zou komen en het mij verkondigde en schonk en tot mij sprak: ‘Dit is voor jou, neem het en heb het voor jezelf.’ (1)

Ook dit nog: als ik volgens de leringen van Karlstadt (2) de gedachtenis en de erkentenis van Christus in het avondmaal met zo’n groot verlangen en eerbied zou oefenen dat ik er bloed van zweette of mijzelf erom liet verbranden, dan zou dit alles nog tevergeefs en geheel verloren zijn. Dan was het immers nog maar enkel en alleen werk en gebod. Het is dan geen ‘geschenk’ of Gods Woord, waardoor Christus’ lichaam en bloed aan mij wordt aangeboden en geschonken.

Er gebeurt met mij niets anders dan dat er voor mij ergens een kist met guldens of een grote schat was begraven of werd bewaard. Dan zou ik dat tot aan mijn dood kunnen ‘gedenken’ en mij met alle ‘erkentenis’ daarover kunnen verblijden. Bovendien, zou ik daarbij zo’n groot verlangen en hevig begeren naar deze schat kunnen ondervinden dat ik er ziek van zou worden. Maar wat zou mij dit alles baten als deze schat nooit voor mij geopend, nooit aan mij gegeven, nooit bij mij gebracht en nooit aan mij in eigendom werd gegeven?

[Maarten Luther: Wieder die himmlischen Propheten, von den Bildern und Sakrament, 1525, vgl. WA 18, 202, 28 – 203, 13]

(1) Bedenk hoe Jezus het Evangelie aan de discipelen liet verkondigen door de vrouwen die als eersten bij het graf waren geweest en hoe onze opgestane Heer Zich openbaarde aan de Emmaüsgangers.
(2) Luther stond al spoedig na de reformatie als het ware tussen twee vuren: aan de ene kant was er de toen heersende kerk waar hij zich tegen moest verdedigen en aan de ander kant waren er de geestdrijvers en enthousiasten – Luther noemt ze hier ‘de hemelse profeten’ – waar hij heel wat mee te stellen had. Het onderstaande citaat komt uit een geschrift uit 1525: ‘Wieder die himmlischen Propheten, von den Bildern und Sakrament’. Dr. Andreas Karlstadt (1486-1541) die in het citaat met name wordt genoemd, was aanvankelijk een collega en vriend van Luther. Tijdens Luthers verblijf op de Wartburg (1521/22) wilde Karlstadt, mede onder invloed van de ‘Zwickauer profeten’, de juist begonnen reformatie radicaliseren. Luther en Karlstadt zijn in theologisch opzicht steeds verder uit elkaar gegroeid. De onderlinge verschillen liepen voornamelijk over het goede gebruik van de middelen der genade: Woord en sacramenten (Doop en Avondmaal).

Zie ook deze blog: ‘Eenzaam aan de Avondmaalstafel je uitverkiezing over peinzen en verkondigen?

Bron citaat: ‘Maarten Luther – Mijn enige troost – 365 dagen met de HC’ – Meditatie bij Zondag 29 vraag 79: ‘Waarom noemt dan Christus het brood Zijn lichaam en de drinkbeker Zijn bloed of het Nieuwe testament in Zijn bloed, en Paulus de gemeenschap des lichaams en bloeds van Christus?’ – Samengesteld en vertaald door H.C. van Woerden sr. – Den Hertog uitgeverij (2015)

Jezus​ antwoordde en zei tegen hem: Als iemand Mij liefheeft, zal hij Mijn woord in acht nemen; en Mijn Vader zal hem ​liefhebben, en Wij zullen naar hem toe komen en bij hem intrek nemen. Wie Mij niet liefheeft, neemt Mijn woorden niet in acht; en het woord dat u hoort, is niet van Mij, maar van de Vader, Die Mij gezonden heeft. Deze dingen heb Ik tot u gesproken, terwijl Ik bij u verblijf. Maar de Trooster, de ​Heilige​ ​Geest, Die de Vader zenden zal in Mijn Naam, Die zal u in alles onderwijzen en u in herinnering brengen alles wat Ik u gezegd heb.’ (Uit Johannes 14 de verzen 23- 26)

En Hij zei tegen hen: O onverstandigen en tragen van ​hart! Dat u niet gelooft al wat de profeten gesproken hebben! Moest de ​Christus​ dit niet lijden en zo in Zijn heerlijkheid ingaan? En Hij begon bij ​Mozes​ en al de profeten en legde hun uit wat in al de Schriften over Hem geschreven was.’ (Uit Lucas 24 de verzen 25-27)

Iedereen die Ik liefheb wijs Ik terecht en bestraf* Ik. Zet je dus volledig in en breek met het leven dat je nu leidt. Ik sta voor de deur en ik klop aan. Als iemand Mijn stem hoort en de deur opent, zal Ik binnenkomen, en wij zullen samen eten, Ik met hem/haar en hij/zij met Mij.‘ (…) ‘Wie oren heeft moet horen wat de Geest tegen de gemeenten zegt.‘ (Uit Openbaring 3 de verzen 19-20 en 22)
* Lees hierbij Hebreeën 12!

Bron afbeelding: Pinterest

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie