De camper en het cultuurmandaat…

Ze (w.o. Abraham&Sara) zeiden van zichzelf dat ze op aarde leefden als vreemdelingen en gasten. Door zo te spreken lieten zij weten op doorreis te zijn naar een vaderland. En daarmee bedoelden ze niet het vaderland waaruit ,ze waren weggetrokken, anders waren ze daarheen wel teruggekeerd. Nee, ze keken reikhalzend uit naar een beter vaderland: het hemelse. Daarom schaamt God zich er niet voor hun God genoemd te worden en heeft Hij voor hen een stad gereedgemaakt.’ (Uit Hebreeën 11 uit de verzen 8-16 : 13-16)

Vraag: Is een camper* niet het summum van de ‘christelijke’ invulling van het cultuurmandaat? **
* Toeristisch vliegreizen komen in de buurt, maar de camper stijgt daar nog ver bovenuit.
** Terwijl na Abraham ‘het Godsvolk’ toch niet meer dan een liefdesmandaat meekreeg en de belofte daarmee tot zegen van alle volken te zijn/worden.

Geciteerd: In het verleden werd de christelijke levensstijl vaak verbonden met het missionaire karakter van de kerk, maar de kerkgeschiedenis na de Tweede Wereldoorlog heeft het failliet van dat streven aangetoond. ‘Het was niet herkerstening maar ontkerstening die het tijdperk kenmerkte’, schrijft Dekker. De kerk kan niet als functie van de zending worden gezien; het is omgekeerd: de zending is een van de vele functies van de kerk. ‘Levensstijl kan dus niet primair missionair zijn. Niet het transformeren, maar het blijven bij het geheimenis is de uitdaging.’
> Het gebod van Christus is geen wet, maar een geschenk: vrij te mogen zijn van de wereld en haar onderdrukkende systemen. De ware christelijke levensstijl stelt niet het leven met het uitzicht op de hemel tegenover het leven met het oog op de ‘vrede op aarde’, maar is een gerichtheid op de Verborgene die tegelijk de Komende is.’
> De positie van de gelovigen in het evangelie naar Matteüs is niet wezenlijk anders: de gemeente is het ‘verstrooide zout, het samenraapsel van armoedzaaiers, dat zich op de smalle weg, in de wereld van de wereld onderscheidt en zijn eigen simchat Thora (vreugde der wet, red.) beleeft.’ In de apocalyptische tijd, ‘aan de rand van de tijd en de kosmos, op de drempel naar het absoluut nieuwe, het Rijk Gods’, leeft de christen vrij, vrij van de angst en vrij van het gebod, ook van het gebod: ‘Gij zult genieten!’ of ‘Gij zult gelukkig zijn!’
> Een christelijke levensstijl in een postchristelijke tijd is ‘de vorm die vreugde aanneemt in ballingschap’.

Opgemerkt: Een camper verschaft de eigenaar de luxe om met een product – dat gebouwd is op basis van overal ter wereld gewonnen grondstoffen en geproduceerde materialen – zo’n beetje alle landen van deze wereld te bereizen/bezoeken en daar een luxe bestaan te leiden waar veel bewoners van de bezochte landen niet aan tippen kunnen en waar ze eerder nadeel dan voordeel van ondervinden. Is de camper niet het eindproduct van alle westerse (christelijke) streven om in heel deze wereld de christelijke superioriteit op alle gebied te doen gelden? Reizen senioren straks ook met een camper naar en op Mars?

Lees evt. ook deze rede van dr. M.J. Paul: ‘Cultuurmandaat en vreemdelingschap, 1989‘:
Dr. M.J. Paul is hoogleraar Oude Testament aan de Evangelische Theologische Faculteit te Leuven

Bron citaat: ND Nieuws – Theoloog Willem Maarten Dekker, predikant van de Hervormde Gemeente Waddinxveen, schetst in het tijdschrift Wapenveld de contouren van een christelijke levensstijl in een postchristelijke tijd.’ – door Koos van Noppen.

Bij de afbeelding: Over het idee achter het schilderij vertelt Marius van Dokkum: “Er komen steeds meer campers op onze wegen. We willen zoveel mogelijk van de wereld zien. Op internet zie je prachtige foto’s van Mars. Je krijgt bijna de indruk dat het helemaal niet zo ver weg is. Dat bracht me op het idee voor een weekendje Mars.”

Bron afbeelding: Marius van Dokkum Museum (Harderwijk)

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Plaats een reactie