Over de verborgen bedoeling(en) van God…

De verborgen dingen zijn voor den HEERE onzen God, maar de geopenbaarde zijn voor ons en voor onze kinderen tot in eeuwigheid, om te doen al de woorden dezer wet.’ (Uit Deuteronomium 29 vers 29)

Geciteerd 1: Hoe veranderen kinderen in volwassen mensen? Dat gebeurt meestal niet zonder conflict met de ouders. Ouders hebben de taak hun kinderen beschermende grenzen te stellen. Maar hebben kinderen niet ook de taak om die grenzen op enig moment te tarten? Door het conflict heen vernieuwt de relatie tussen ouders en kinderen zich tot een relatie tussen volwassenen. In de puberteit vindt vaak het zwaartepunt van het conflict plaats.
Gaat ‘volwassen worden’ niet altijd gepaard met schaamtegevoelens en verwarring? Je bent je onschuld kwijt, en dat is niet leuk. Is God in Genesis 3 niet die goede ouder die door het conflict heen zijn kinderen zoekt, hun schaamte liefdevol bedekt, en zich op een nieuwe manier aan hen verbindt?

Geciteerd 2: Als ik niet van de vrucht gegeten zou hebben, zou ik op afstand zijn gebleven van dit soort vragen. Ik zou me teruggetrokken hebben in mijn kerkelijke paradijsje, waar alles goed en mooi is. Maar was dat dan Gods bedoeling? Het leven buiten de tuin van Eden is veel verwarrender en gevaarlijker dan het leven daarbinnen. Je kunt er niet leven zonder vuile handen te maken. En toch ligt onze roeping als mensen buiten het paradijs.
Ik heb van de verboden vrucht gegeten. Het waren trouwens vrouwen die mij daarin voorgingen. En ik denk dat het goed was. Ik ben er volwassener van geworden.

Opgemerkt 1: Wanneer ouders kinderen iets verbieden, mag/zal zo’n kind dan denken: Ja, dat verbieden mijn ouders wel, maar ze bedoelen natuurlijk niet dat ik mij aan die door hen gestelde grenzen moet houden, maar dat ik moet leren mijn grenzen te verleggen en dus zal ik mij beter maar niet houden aan hun verbod. Of zal dat kind z’n ouders geloven (vertrouwen!) en beseffen dat zij dit gebod met een goede reden hem of haar hebben opgelegd ook al kan hij of zij als kind de reden ervan zelf (nog) niet inzien.

Opgemerkt 2: Dietrich Bonhoeffer heeft dit conflict heel scherp uitgewerkt in zijn ‘Navolging’ en wel in het hoofdstuk ‘De oproep tot navolging’ waar hij schrijft over de ‘vluchtpogingen’ van de rijke jongeling, die aan de gehoorzaamheid wil ontkomen door zich terug te trekken ‘naar de interessante, onbetwist menselijke situatie van het “ethische conflict”‘. (…) ‘De slang in het paradijs legde dit conflict in het hart van de eerste mens. ‘Zou God gezegd hebben?’ Van het duidelijke gebod en van de kinderlijke gehoorzaamheid wordt de mens afgetrokken door ethische twijfel, door erop te wijzen, dat het gebod nog helemaal uitgelegd en verklaard moet worden. ‘Zou God gezegd hebben?’ De mens moet zelf daarover beslissen, krachtens zijn/haar (!) kennis van goed en kwaad, krachtens zijn/haar geweten, wat of het goede is. Het gebod kan op velerlei wijze uitgelegd worden, God wil dat de mens het uitlegt en verklaard en in vrijheid beslist.’

Opgemerkt 3: Toch is er met de komst van onze Heer en met de uitstorting van de heilige Geest een nieuwe situatie ingetreden! Want nu horen wij deze woorden: ‘Een mens die de Geest niet bezit, aanvaardt niet wat van de Geest van God komt, want voor hem is het dwaasheid. Hij kan het ook niet begrijpen, omdat het geestelijk (met en door de Geest) moet worden beoordeeld. Maar een mens die de Geest wel bezit, kan alles beoordelen, en zelf wordt hij door niemand beoordeeld. Er staat immers geschreven: “Wie kent de gedachten van de HEER, zodat hij Hem zou kunnen onderwijzen?” Welnu, onze gedachten zijn die van Christus. (Uit 1 Korintiërs 2 de verzen 14-16)

Opgemerkt 4: Er is dus voor ons christenen een situatie van vrijheid ingetreden waar Paulus ook nog weer over spreekt later in deze brief: ‘Vrij als ik ben ten opzichte van iedereen, ben ik slaaf van iedereen geworden om zoveel mogelijk mensen te winnen. Voor de Joden ben ik als Jood geworden om hen te winnen. Ikzelf sta niet onder de Joodse wet, maar toch heb ik me eraan onderworpen om hen die er wel onderstaan te winnen. En voor hen die niet onder de Joodse wet staan, ben ik geworden als iemand die de wet niet heeft, om hen te winnen. Dit betekent niet dat ik de wet van God heb losgelaten, maar dat ik mij heb onderworpen aan de wet van Christus (1). Voor de zwakken ben ik zwak geworden om hen te winnen. Ik ben voor iedereen wel iets geworden, om in elke situatie althans enkelen te redden. Ik doe alles voor het Evangelie om ook zelf aan de beloften deel te krijgen.’ (Uit 1 Korintiërs 9 de verzen 19-23)

Opgemerkt slot: Deze laatst geciteerde woorden geven ons reden om de woorden van Paulus in 1 Korintiërs 14 over de ‘zwijgplicht’ van vrouwen in het licht van de eerder geciteerde woorden (dus die uit 1 Korintiërs 2 : 14-16 en 9 : 19-23) te bezien. Niet zijn beroep op de wet maar de zorg van Paulus voor deze gemeente en het behoud van allen daar (Joden zowel als niet-Joden) is van doorslaggevend belang geweest bij wat hij in 1 Korintiërs 14 de verzen 34-40 aan hen geschreven heeft en de Geest heeft hem daarvoor de nodige liefde en wijsheid geschonken op het gebed.

(1) De wet van de vrijheid – zie Jakobus 2 : 8-13 en 3 : 13-18 en zie ook Galaten 5 en 6.

Bron citaten 1-2: ND Opinie & Columns – ‘Vrouwen toelaten in het ambt was een duivels dilemma, maar Albert Balk heeft er geen spijt van’ – door Albert Balk (2)

(2) De Bijbel lezen en uitleggen doe je altijd binnen je eigen biografie. Mijn bouwjaar is 1975 en ik groeide op in de jaren tachtig, het laatste decennium waarin de vrijgemaakt-gereformeerde zuil fier en ongeschonden overeind stond. Voor mij had die kerk trekken van het paradijs in Genesis 2, een veilige, heilige en beschutte plaats. Zo voelde ik dat, en ik ben er nog dankbaar voor. Er was een duidelijke grens tussen kerk en wereld.
Later ben ik gaan zien dat er midden in die vrijgemaakte hof ook een boom van kennis van goed en kwaad stond. Al was deze boom niet door God, maar door mensen neergezet. De veiligheid had een andere kant. Voor wie afweek van de standaard in opvattingen of gedrag, was het klimaat al gauw beklemmend. De kwestie ‘vrouw in het ambt’ had daadwerkelijk trekken van de verboden vrucht. Het was lange tijd zelfs taboe om het er ook maar over te hebben. Zoals de vrouw in Genesis 3 over de verboden vrucht zegt dat ze die ‘zelfs niet mochten aanraken’.

Bron afbeelding: Scripture Media

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s