Onze Heer en Redder…

(…) 1 Geliefde broeders en zusters, dit is al de tweede brief die ik u schrijf. Met beide wil ik u tot een helder inzicht brengen, 2 en wel door u te herinneren aan de woorden die de ​heilige​ profeten destijds hebben gesproken en aan het gebod van onze ​Heer​ en redder (1) dat uw ​apostelen​ u hebben doorgegeven. (Uit 2 Petrus 1)

(…) 17 Want Hij ontving van God, de Vader, eer en luister, toen de stem van de majesteitelijke luister tegen Hem zei: ‘Dit is mijn geliefde Zoon, in hem vind ik vreugde.’ 18 Die stem hebben wij zelf uit de hemel horen klinken toen wij met hem op de ​heilige​ berg waren. 19 Ons vertrouwen in de woorden van de profeten is daardoor alleen maar toegenomen. U doet er goed aan uw aandacht altijd daarop gericht te houden, als op een ​lamp​ die in een donkere ruimte schijnt, totdat de dag aanbreekt en de ​morgenster​ opgaat in uw ​hart.

(…) 20 Besef daarbij vooral dat geen enkele ​profetie​ uit de Schrift een eigenmachtige uitleg toelaat, 21 want nooit is een ​profetie​ voortgekomen uit menselijk initiatief: mensen die namens God spraken werden daartoe altijd gedreven door de ​heilige​ Geest. (Uit 2 Petrus 1)

Het geduld van onze ​Heer​ uw redding…

Twee citaten uit artikel “”Emanuel Rutten werd gegrepen door Jezus van Nazareth” zoals dat online gepubliceerd werd op ‘RD Kerk & religie’ (24-07-2019)

  • „Als je onbevangen bent, merk je dat het christendom zoveel te bieden heeft dat je erin mee kunt gaan.”
  • „Het verhaal van Jezus is het meest sublieme verhaal dat de wereld gekend heeft. We worden geraakt in ons hart door iets hogers dat ons draagt.”

Opgemerkt AJ: We moeten hierbij steeds beseffen dat onze Heer Jezus Christus Zijn apostelen de wereld instuurde met een boodschap en verhaal dat de hoorders beslist niet subliem en ook nog eens heel ongelofelijk in de oren klonk. Voordat de apostelen een/het Nieuwe Testament ‘volgeschreven’ hadden moesten ze toch al ‘aan de bak’…
Paulus vertelt aan het begin van z’n eerste brief aan de Korintiërs hoe hij het Evangelie (want dat was en is en blijft het wel!) aan de (heiden)man bracht. Daar kwam dus geen ‘schittering van mensenwoorden’ en eigen overtuigingskracht aan te pas, want het geloof van de bekeerlingen moest niet steunen op mensenwijsheid en overtuigingskracht, maar voluit (achteraf ook nog!) gezien en erkend kunnen worden als een werk van de heilige Geest in de harten van de hoorders…
En wat moesten de bekeerlingen in Korinthe na hun (zuigelingen)doop nog veel leren!
Maar zo werkten de apostelen wel naar opdracht van hun Heer Jezus Christus: doopt hen en leert hen onderhouden al wat ik u geleerd heb… (zie slot Matteüs 28)

Heilige haast…

Jezus gebood de apostelen bij hun uitzending in het Joodse land (Markus 6):

(…) 7 En Hij riep de twaalf bij Zich en begon hen twee aan twee uit te zenden en gaf hun macht over de onreine geesten. 8 En Hij gebood hun dat zij niets mee zouden nemen voor onderweg dan alleen een staf: geen reiszak, geen brood, geen geld in de gordel; 9 maar dat zij wel sandalen zouden aanbinden en niet met twee stel onderkleren gekleed zouden zijn. 10 En Hij zei tegen hen: Waar u een huis zult binnengaan, blijf daar totdat u uit die plaats vertrekt. 11 En als er zullen zijn die u niet ontvangen en niet naar u luisteren, schud dan, als u vandaar weggaat, het stof af dat onder uw voeten zit, tot een getuigenis tegen hen. Voorwaar zeg Ik u: Het zal voor Sodom of Gomorra verdraaglijker zijn in de dag van het oordeel dan voor die stad. 12 En toen zij weggegaan waren, predikten zij dat men zich moest bekeren. 13 En zij dreven veel demonen uit en zalfden veel zieken met olie en maakten hen gezond.

Paulus schrijft later aan de Romeinen (waaraan hij zelf niet het Evangelie verkondigd heeft) in hoofdstuk 15:

(…) 14 Broeders en zusters, ikzelf ben ervan overtuigd dat u inderdaad niets dan het goede wilt en dat het u niet aan kennis ontbreekt, zodat u ook in staat bent om elkaar terecht te wijzen. 15 Ik heb u hier en daar nogal vrijmoedig geschreven, maar alleen om u te herinneren aan wat u al weet. Ik doe dat vanwege de genade die God mij geschonken heeft: 16 ik moet in volledige toewijding aan zijn evangelie een dienaar van Christus Jezus voor de heidenen zijn, zodat zij een God welgevallig offer kunnen worden, geheiligd door de heilige Geest. 17 Dat ik trots kan zijn op mijn werk voor God, dank ik aan Christus Jezus. 18 Ik zal over niets anders spreken dan wat Christus door mij tot stand brengt om de heidenen tot gehoorzaamheid te brengen: door wat ik zeg en doe, 19 door Zijn macht waarmee ik tekenen en wonderen verricht door de macht van Gods Geest.

Opgemerkt AJ: Het onderwijs van onze Heer Jezus Christus en dat van de apostelen en het werk dat de heilige Geest daarmee kan en wil doen zal ons helpen om het belang van Belijdenisgeschriften en dogmatische werken zoals die in gebruik zijn geraakt in het kerkelijk leven en bij het opleiden van predikanten/theologen te relativeren!
Lees en merk op (bijvoorbeeld) hoe ‘onbevangen’ Jezus tot het Joodse volk spreekt over ‘Mijn Vader‘ en ‘jullie Vader‘ (in de hemel) en het blijkbaar helemaal niet nodig gevonden heeft om eerst (of later) eens een soort van definitie (beeld) te geven van wie God nu eigenlijk is, zoals men dat later wel nodig vond  bij het opstellen van verschillende van onze Belijdenisgeschriften (Nederlandse Geloofsbelijdenis, Westminster Confessie en andere dogmatische werken).

Lees aanvullend (nu nog) dit (in dit verband leerzame!) Digibron artikel:

Vergelijk Westminsterconfessie en Heidelbergse Catechismus.

Geciteerd uit bovengenoemd artikel:

Het meest in het ooglopende verschil met onze Heidelbergse Catechismus is, dat de Westminster geen Lutherse invloeden kent. Zonder de twee reformatoren tegen elkaar uit te spelen weten we dat het levensdevies van Calvijn was: Hoe komt God aan Zijn eer? Terwijl Luther meer de nadruk legde op: Hoe krijg ik een genadig God? Bij de opzet van onze Heidelberger is deze Lutherse invloed duidelijk te merken. Dat is al zo bij de eerste vraag: Wat is uw enige troost beide in het leven en in het sterven? In de Westminster catechismus (klein en groot) lezen we als eerste vraag: ‘Wat is het hoofddoel van de mens?’

Opgemerkt AJ (n.a.v. bovengenoemd Digibron-artikel): ‘Hoe krijg ik een genadig God?’ (Luther). Nee, Luther vond in de Bijbel een genadig God, Die ons aanspreekt als onze Redder! Dat Evangelie wilde hij weer verkondigd hebben, nadat hij dit in Gods Woord weer (tegen veel officiële kerkleer in) had mogen ontdekken. Luther’s aanpak stelt niet de mens centraal, maar wie God voor ons is: Immanuel. Dat is onze troost in leven en in sterven. De Westminster insteek is niet ‘Bijbels’ genoeg! En dat heeft z’n gevolgen gehad en nog!

(…) 13 Maar wij vertrouwen op Gods belofte en zien uit naar een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, waar ​gerechtigheid​ woont. 14 Omdat u hiernaar uitziet, geliefde broeders en zusters, moet u zich inspannen om smetteloos, onberispelijk en in ​vrede​ door hem te worden aangetroffen. 15 Bedenk dat het geduld van onze ​Heer​ uw redding is. Dat heeft ook onze geliefde broeder ​Paulus​ u geschreven met de wijsheid die hem is geschonken. (Uit 2 Petrus 3)

Bron afbeelding:  Daily Bible Quotes

Dit bericht werd geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Huwelijk en gezin, Israël. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s