Wie bespeelt de harp…

(…) 2 Mijn ​hart​ is gerust, o God, ik wil zingen en spelen. Mijn ziel,
3 ontwaak met ​harp​ en ​lier, ik wil het morgenrood wekken.
(Uit Psalm 108, van David)

Die Gods Woord liefhebben, hebben zich nooit laten weerhouden, het te sieren met het schoonste dat zij bezaten. Het mooiste kan niets anders zijn dan een gehoorzaam hart; maar uit het gehoorzame hart ontsproot het zichtbare werk, het hoorbare lied ter ere van God en Jezus Christus.

De ziel van een mens is een harp

Er bestaan onechte, mislukte, maar ook onvergelijkelijk edele melodieën. Hoe vinden wij een criterium, het echte en goede van het onechte en mislukte te onderscheiden? Wij antwoorden met een gelijkenis: De ziel van een mens is een harp, en het Woord Gods dat deze ziel aanraakt, is de harpist.

Hoe zuiverder de harp gestemd is, hoe zuiverder het lied klinkt. Maar hoe vaak zijn de snaren ontstemd, hoe vaak klinkt de harp vals. Hoe vaak komt uit onze mond alleen maar een wild, lijdend, gekweld of onwelluidend schreeuwen, als waren alle snaren gesprongen.

Het kan ook zijn, dat een storm de snaren doet trillen en klinken, hartstocht, opstandigheid, verbittering, misschien ook een zacht klagen en wenen; het lied dat dan opklinkt verheerlijkt ons zelf, onze hartstocht, onze liefde, onze haat, onze vertwijfeling, onze droefheid en ons gevoel van eigen kracht.

De grote vraag is wie de harp bespeelt, God zelf of ons lijden en onze hartstochten; wil ons zingen en musiceren alleen de eer van God en Jezus Christus verkondigen of is de mens haar maat en middelpunt.

Bach heeft boven al zijn stukken geschreven: Soli Deo Gloria; en het is of zijn muziek niets anders is dan één onvermoeibare lofprijzing van deze God. Beethovens muziek daarentegen manifesteert zich als de onvergankelijke expressie van menselijk lijden en menselijke hartstochten.

Bach kunnen wij in de kerk horen, Beethoven niet.

Tolstoi heeft eens gezegd, dat de Tsaar zou moeten verbieden dat Beethoven voor goede mensen gespeeld werd, want, zo zei hij, hij wekt de diepste hartstochten en brengt de mensen in gevaar. Luther heeft aan de andere kant dikwijls gezegd, dat de muziek na het Woord Gods het kostbaarste bezit van de mens is. Zij hebben beiden iets anders op het oog: Beethoven de muziek ter ere van de mens, Luther de muziek ter ere van God.

Van deze muziek ter ere Gods wist Luther, dat zij oneindig veel tranen gedroogd, bedrukten vrolijk gemaakt, begeerten onderdrukt, terneergeslagenen opgericht, aanvochtenen gesterkt heeft, dat zij ook menig verstokt hart weer tranen heeft afgedwongen en menig zondaar tot boete voor Gods goedheid heeft gedreven.

(…) 4 U, HEER, zal ik loven in heel de wereld, over u zingen voor alle volken.
5 Hemelhoog is uw ​liefde, tot aan de wolken reikt uw trouw.
(Uit Psalm 108, van David)

Bron tekst: Bonhoeffer Brevier – “Zingt de Here een nieuw lied” – “Ter ere Gods of ter ere van de mensen” (6 mei) – ©1968 Ten Have b.v. Baarn, Vijfde druk 1978

Bron afbeelding:  Pinterest

Dit bericht werd geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Israël, Persoonlijk. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s