Vergeven (IV): maken we het ons te moeilijk?

Toen kwam Petrus bij Hem en zei: Here, hoeveel maal zal mijn broeder tegen mij zondigen en moet ik hem vergeven? Tot zevenmaal toe? (Uit Matteüs 18 : 21-35)

Wie weet niet, hoe moeilijk het is te vergeven? Wie heeft nooit eens verzucht: Nu kan ik niet meer, nu verdraag ik het niet langer. Het kan niet blijven duren. Hoe lang moet ik nog verdragen, dat hij zo hard voor mij is, zo ruw en meedogenloos, dat hij mij diep beledigt en krenkt – ‘Here, hoeveel maal…? Tot zeven maal toe?’

Wij glimlachen om Petrus, zeven’ maal dat lijkt ons weinig. Hoe vaak hebben wij al vergeven en door de vingers gezien! Maar glimlachen is hier niet op zijn plaats.

Zeven maal vergeven, werkelijk vergeven, dat wil zeggen het onrecht dat ons is aangedaan ten goede keren, kwaad met goed vergelden, de ander blijven aanvaarden als was hij altijd onze beste vriend geweest, dat is geen kleinigheid. Ja, wat wij ‘vergeven en vergeten’ noemen: de ene kraai pikt de andere de ogen niet uit! Het is een pijnlijke zaak dit vragen: hoeveel maal?

Laten wij met deze vraag altijd naar Jezus gaan. Want gaan wij naar een ander, of vragen wij het ons zelf, dan worden wij niet of slecht geholpen: maar Jezus helpt, al doet Hij het heel anders dan wij zouden verwachten. Niet zeven maal Petrus, maar zeventig maal zeven maal, zegt Jezus; en Hij weet, dat Hij hem zo alleen helpt.

Niet tellen, Petrus, maar vergeven zonder tellen; kwel je niet met de vraag hoe lang; eindeloos, Petrus, eindeloos: dat is vergeven – en dat is voor jou genade, alleen dat maakt je vrij.

Je telt, één maal, twee maal, drie maal en het vergeven valt je steeds zwaarder, de verhouding tot je broeder wordt steeds moeilijker; maar merk je dan niet dat zolang je blijft tellen, je steeds weer de ander zijn oude zonden voorrekent en hem dus eigenlijk nog nietnog niet één maal!vergeven hebt? Bevrijd je, Petrus, van het tellen.

Vergeven geschiedt zonder te tellen en steeds weer; je behoeft je geen zorgen te maken over je eigen recht, laat dat Gods zaak zijn, bij Hem is het in goede handen; jij mag steeds weer vergeven!

Vergeven kent begin noch einde,
het geschiedt dagelijks zonder ophouden,

want het komt van God.

Bron tekst: Bonhoeffer Brevier – “Over het vergeven” – “Niet tellen maar steeds opnieuw vergeven” (29 september) – ©1968 Ten Have b.v. Baarn, Vijfde druk 1978

Bron afbeelding:  YouTube

Psalm 130 v2 - Oude berijming - YouTube groot

 

Dit bericht werd geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Persoonlijk. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s