Wij zullen God nog loven!

Wie in woede tegen u opstond, zal u loven, wie ontkwam aan uw woede,
omgordt zich met gejuich. (Psalm 76 : 11)

Er worden ons in deze tekst (1) mensen voor ogen gesteld die door hun ernst, hun kracht, hun overgave, hun ijver en hun vroomheid tot diegenen behoren op wie wij trots zijn; van wie wij menen dat de Schepper zelf trots op hen zou mogen zijn; naar wie wij opzien in eerbied en verering; voor wie wij ons onvoorwaardelijk buigen – mensen op wie wij geen enkele kritiek zouden durven hebben; mensen op eenzame hoogte, mensen van uniek formaat.

En nu gebeurt er iets ongelofelijks: deze hoogstaande mensen van een ongeëvenaarde ernst en vroomheid worden aangevallen en ten val gebracht door één enkel woord: ‘maar had de liefde niet’; zij schenen alles te zijn en zij worden tot niets, tot niets tegenover God die het licht van de waarheid over hen uitgiet en voor wie niet verborgen blijft dat zij onder al hun hoogheid en kracht een koud, stenen hart verbergen.

‘Al ware het, dat ik met de tongen der mensen en der engelen sprak’. Waarover? Over alles wat voor mij heilig en belangrijk is in het leven. Tot wie? Natuurlijk tot hem, op wie ik deze dingen wil overdragen, die ik wil winnen voor de heilige zaak.

Gesteld dus, wij zouden inderdaad de unieke gave hebben meegekregen te zeggen, onder woorden te brengen, wat wij ondervinden en wat er in de ziel van anderen moet omgaan, gesteld, wij deden dat in alle oprechtheid en overgave – ‘maar had de liefde niet, ik ware schallend koper of een rinkelende cimbaal’.

Dat slaat in als een verlammende en vernietigende bliksem. Met die mogelijkheid hadden wij geen rekening gehouden, dat ook ons heiligste woord onheilig, goddeloos en gemeen zou kunnen worden, wanneer ons hart er niet bij is, wanneer het zonder liefde wordt gesproken.

Dat is dus mogelijk, dat het Woord/woord, ons mensen gegeven ter wille van onze persoonlijkste contacten, ontheiligd wordt, doordat het van de liefde losgemaakt zich zelf dient, zichzelf liefheeft. Een holle echo, loos gebabbel zonder hart of ziel, dat kunnen onze woorden worden, dat zijn zelfs onze heiligste, ernstigste en eerlijkste verzekeringen, ook wanneer het verzekeringen van onze liefde zijn — wanneer zij niet zelf liefde zijn.

(1) 1 Korintiërs 13, over de liefde.

Bron tekst: Bonhoeffer Brevier – “Val uit de hoogte” – “Had ik de liefde niet” (8 juli) – ©1968 Ten Have b.v. Baarn, Vijfde druk 1978

(..) Indien dan de Zoon u zal vrijgemaakt hebben, zo zult gij waarlijk vrij zijn.
(Johannes 8 : 36)

Bron afbeelding:  Nathan Driskell – Bible Verses

Wat buigt gij u neder, o mijn ziel, en wat zijt gij onrustig in mij?
Hoop op God, want ik zal Hem nog loven,
mijn Verlosser en mijn God!
(Psalm 42 : 12)

Psalm 42 12 - Why are you so discouraged - Pinterest

 

 

Dit bericht werd geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Huwelijk en gezin, Israël, Persoonlijk, Politiek. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s