Een heilige stad…

(…) “In Hem wast elk bouwwerk, goed ineensluitend, op tot een tempel, heilig in de Here, in wie ook gij mede gebouwd wordt tot een woonstede Gods in de Geest.”
(Efeziërs 2 : 21)

Vraag (1): Mag men ook bij de heiligen, of bij enige andere schepselen een eed zweren?

Christus zegt (2): ‘Ik zeg u dat u helemaal niet zult zweren, niet bij de hemel, niet bij de aarde, niet bij de heilige stad Jeruzalem’ (vgl. Mattheüs 5 : 34).

Nu weet u dat Jeruzalem zo hoog werd gehouden en geëerd, dat men ook bij haar heeft gezworen (vgl. Mattheüs 5 : 35). Dat wordt ook bevestigd doordat Jeruzalem de ‘stad Gods’ wordt genoemd, verder wordt ze ook de ‘heilige stad’ genoemd. Heilig noemde men haar echter alleen, omdat Gods Woord daar was en omdat God door Zijn Woord daar woonde.

Dit was een goede manier van spreken en zonder twijfel door voortreffelijke mensen zo ingesteld, dat men deze stad zo hoog hield – zoals ook de profeet Jesaja haar heerlijk prijst (vgl. Jesaja 31 : 9).

Dit was echter niet om deze stad of plaats, maar om het Woord van God.

Om deze reden mag men wel elke stad heilig noemen waar Gods Woord is en gepredikt wordt, en roemen dat God daar ook zeker Zelf woont. Met deze tekst (vgl. Mattheüs 5 : 34 vv) leert Hij ons echter ook dat wij niet bij de naam van enig schepsel mogen zweren, goed of kwaad, engel of mens, heilig of onheilig.

Hier moet u op twee dingen letten. In de eerste plaats dat Christus eenvoudigweg verbiedt te zweren. Mozes echter heeft het zweren wél geboden: ‘U zult bij Zijn Naam zweren’ (vgl. Deuteronomium 6 : 10 vv).

Op andere plaatsen hebben we al uitgelegd dat het gebruik van de eed tweevoudig is: het ene gebruik is dat wij in onze lichtvaardigheid voor onszelf zonder reden zweren, dit verbiedt Christus zonder meer. Het andere gebruik is dat wij om de eer van God en het heil van onze naaste uit geloof en liefde zweren, namelijk om de waarheid te bevestigen.

Dit is het wat Mozes in deze tekst gebiedt. Niet dat hij bevéélt om te zweren, maar erop aandringt: als er toch gezworen móét worden, dan mag u op geen andere manier zweren dan bij de Naam van God.

(1) HC Zondag 37 vraag 103 – derde gebod:  Het heiligen van Gods Naam.
(2) Behandelde tekst: Mattheüs 5 : 33-37

Maarten Luther: Wochenpredigten über Matth. 5-7,1530/1532, vgl. WA 32,386,7 ff (verkort)

Bron tekst: “Mijn enige troost – 365 dagen met de Heidelberger – Maarten Luther”  – samengesteld door H.C. van Woerden, Den Hertog uitgeverij.

(…) “God is geest en de ware aanbidders aanbidden in geest en waarheid.”
(Johannes 4 : 24)

Bron afbeelding:  YouTube

Efeziër 2 20-21 In Him the whole buiding - YouTube

Dit bericht werd geplaatst in Bijbel, Catechismus, Gemeente, Israël, Politiek. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s