Bestemd tot plaatsbekleding…

(…) 22 Dit zegt de HEER: De wijze moet zich niet beroemen op zijn wijsheid, de sterke niet op zijn kracht, de rijke niet op zijn rijkdom. 23 Wil iemand zich op iets beroemen, laat hij zich erop beroemen dat hij Mij kent, inziet dat ik, de HEER, dit land ​liefde​ schenk, rechtvaardigheid​ en recht, want daar schep ik behagen in – ​spreekt de HEER. (Uit Jeremia 9)

Omdat Jezus als de mensgeworden Zoon van God plaatsbekledend voor ons geleefd heeft, is alle menselijk leven op grond van Hem in wezen plaatsbekledend leven.

Jezus was geen enkeling, die zijn eigen volmaaktheid wilde bereiken, maar leefde uitsluitend als degene, die in zijn persoon het Ik van alle mensen heeft opgenomen en draagt. Zijn hele leven, handelen en sterven was plaatsbekleding. Wat de mensen moesten doen en lijden en leven, voltrok zich in Hem. In deze reële plaatsbekleding, die zijn menselijke existentie is en kenmerkt, is Jezus het volstrekte zich-verantwoordelijk-weten.

Omdat Hij het leven is, is door Hem alle leven bestemd tot plaatsbekleding. Onverschillig of het zich daartegen verzet, het blijft plaatsbekledend, ten dode of ten leven, zoals een vader vader blijft, ten goede of ten kwade.

Plaatsbekleding en dus zich-verantwoordelijk-weten is alleen mogelijk in de volkomen overgave van het eigen leven aan de ander. Alleen de onzelfzuchtige leeft verantwoordelijk en dat betekent: alleen de onzelfzuchtige leeft.

Het ontbreken van iedere zelfzucht daarin is zo volstrekt, dat hier het woord van Goethe, dat hij die handelt altijd gewetenloos is, volledig van toepassing is. Misbruik van het plaatsbekledende leven dreigt van twee kanten: door het verabsoluteren van het eigen ik en door het verabsoluteren van de ander.

In het eerste geval leidt zich-verantwoordelijk-weten tot machtsmisbruik en tirannie. Men verliest uit het oog, dat alleen de onzelfzuchtige verantwoordelijk handelen kan. In het tweede geval wordt het welzijn van degene, voor wie ik mij verantwoordelijk weet, met verachting van al mijn andere verantwoordelijkheden, absoluut gesteld, en er komt een willekeur in mijn handelen die spot met de verantwoordelijkheid tegenover God, die in Jezus Christus de God van alle mensen is.

In beide gevallen is geloochend, dat het leven in de verantwoordelijkheid zijn oorsprong, zin en doel heeft in Jezus Christus, en is het zich-verantwoordelijk-weten tot een zelfgemaakte, abstracte afgod geworden.

Bron tekst: Bonhoeffer Brevier – “Bestemd tot plaatsbekleding” – “Verantwoordelijk” (17 juli) – ©1968 Ten Have b.v. Baarn, Vijfde druk 1978

Bron afbeelding:  SlidePlayer

Jeremia 9 23-24 - glory & joy that we know God - SlidePlayer

Dit bericht werd geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Israël, Persoonlijk. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s