Van de rechtvaardigen… (I)

(…) want mijn volk heeft twee boze daden bedreven: Mij, de bron van levend water, hebben zij verlaten, om zichzelf bakken uit te houwen, gebroken bakken, die geen water houden. (Jeremia 2 : 13)

Eén van de meest verbazingwekkende ervaringen in de jaren, toen alles wat christelijk was in het gedrang kwam, is wel deze, dat het beroep op de menselijke rede tegenover de vergoddelijking van het bloed, het instinct en het roofdier in de mens, dat het beroep op beschaving en humaniteit tegenover de barbarij, het beroep op vrijheid en tolerantie en de rechten van de mens tegenover de verkrachting van het recht en de menselijke waardigheid, dat de verwijzing naar de autonomie van de verschillende levensterreinen tegenover de verpolitisering van wetenschap en kunst, voldoende waren om het bewustzijn te wekken van een soort bondgenootschap tussen de verdedigers van deze in diskrediet gebrachte waarden en de christenen.

Menselijke rede, beschaving, humaniteit, tolerantie, autonomie – al deze begrippen, die tot voor kort hadden gediend als strijdleuzen tegen de kerk, tegen het christendom, tegen Jezus Christus zelf, bleken plotseling met dat zelfde christendom heel nauw verwant.

Bovendien was duidelijk, dat de kerk geen bescherming en geen bondgenoten zocht, maar dat deze ontheemde begrippen hun toevlucht zochten bij het christendom. De zelfstandig geworden en weggelopen kinderen van de kerk keerden in de ure van gevaar naar hun moeder terug. En al waren zij in de tijd van de scheiding sterk veranderd en spraken zij een andere taal, op het beslissende moment herkenden moeder en kinderen elkaar weer.

In Solowjews verhaal over de antichrist bespreken de leiders van de vervolgde kerken in de laatste dagen voor de wederkomst de vraag, wat ieder van hen het kostbaarste vindt in het christendom. Het duidelijke antwoord luidt: Jezus Christus zelf.

Daarmee wordt gezegd, dat niets bestand is tegen de antichrist tenzij Christus zelf. Alleen wie aan Hem deel heeft, kan bestaan en overwinnen. Hij is het centrum en de krachtbron van bijbel, kerk en theologie, maar ook van humaniteit, menselijke rede, recht en beschaving. Tot Hem moet alles terugkeren (1), alleen onder zijn bescherming kan het leven.

Misschien wordt dit goeddeels onbewust geweten en neemt daarom alles,
wat niet de prooi wil worden van de antichrist, in het uiterste gevaar
zijn toevlucht tot Christus.

Bron tekst: Bonhoeffer Brevier – “Wie niet tegen ons is, is voor ons” – “Terug naar de Bron” (1 oktober) – ©1968 Ten Have b.v. Baarn, Vijfde druk 1978

Opgemerkt AJ:
(1) En Christus laat zich alleen “middelijk” vinden en kennen door het dagelijks luisteren naar God’s Woord, door gebed en gebruik van de Sacramenten. Alleen zo stellen we werkelijk ons leven en samenleven onder de hoede van Jezus Christus en daarmee onder God’s beschermende Vaderhanden.

Bron afbeelding:  blog.biblia.com

Jeremia 2 13 - They have forsaken Me - blog biblia com

 

Dit bericht werd geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s