Als Godsgezanten (I): geen ruimte voor menselijke overwegingen…

Ik zend u als schapen midden onder wolven; weest dan voorzichtig als slangen
en argeloos als duiven. (Mattheüs 10 : 16)

Vergeefse pogingen en vijandschap kunnen de bode niet doen twijfelen of hij door Jezus gezonden is. Als sterk houvast en troost herhaalt Jezus: ‘Zie, Ik zend u!’ Het is geen eigen onderneming; het is zending. Daarmee belooft de Heer, dat Hij bij zijn boden zal blijven wanneer ze als schapen onder de wolven zullen zijn, weerloos, machteloos, beangstigd en in groot gevaar. Er zal hun niets overkomen wat Jezus niet weet.

‘Weest daarom voorzichtig als slangen en argeloos als duiven.’ Hoe vaak hebben dienaren van Jezus deze woorden misbruikt! Hoe moeilijk is het ook voor de gewillige bode van Jezus hier goed te begrijpen en gehoorzaam te blijven! Wie vermag altijd te onderscheiden tussen geestelijke verstandigheid en wereldse slimheid?

Omdat hier geen enkel mensenhart zich zelf echt kent en omdat Jezus zijn discipelen nooit tot de onzekerheid, maar altijd tot de hoogste zekerheid riep, daarom kan deze vermaning van Jezus de discipel tot niets anders roepen dan tot blijven bij het Woord. Waar het woord is, daar moet de discipel ook zijn; dat is de juiste verstandigheid en de juiste eenvoud van hem.

Moet het woord wijken, omdat de verwerping openlijk geworden is, zo moet de discipel wijken met het woord; blijft het woord in een open strijd, dan moet ook de discipel blijven. Hij zal in beide gevallen tegelijkertijd verstandig en argeloos handelen. Nooit mag de discipel uit ‘verstandigheid’ een weg gaan die voor het woord van Jezus niet kan bestaan. Nooit mag hij een weg rechtvaardigen die niet met het woord overeenkomt, met ‘geestelijke verstandigheid’.

Alleen de waarheid van het woord zal hem tot inzicht brengen wat verstandig is. Nooit kan het echter ‘verstandig’ zijn ter wille van een of andere menselijke kans of hoop ook maar in de geringste mate afbreuk te doen aan de waarheid.

Verstandig kan het altijd alleen maar zijn bij de waarheid van God te blijven. Hier is alleen de belofte van Gods trouw en hulp.

Bron tekst: Bonhoeffer Brevier – “De  boden” – “Voorzichtig en argeloos” (1 mei) – ©1968 Ten Have b.v. Baarn, Vijfde druk 1978

(…) 1 Omdat God ons in zijn ​barmhartigheid​ deze taak gegeven heeft, verzaken wij onze plicht niet. 2 Integendeel, we hebben ons afgekeerd van heimelijke lafheid: we gaan niet sluw te werk, vervalsen het woord van God niet, maar maken de waarheid openlijk bekend. Zo bevelen we ons ten overstaan van God aan bij ieders geweten. (Uit 2 Korintiërs 4)

Bron afbeelding:  Pinterest

 

Dit bericht werd geplaatst in Bijbel, Gemeente. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s