De hoop waarmee Luther schreef…

Vestigt uw aandacht dan op Hem… (Uit Hebreeën 12 : 3)

Reformatie 1517 – 2017 (4): Luther de schrijver

De akelig krassende ganzenveer (in een onbeduidend klooster te Wittenberg) die in de hand van Luther de 95 stellingen tegen de aflaat schreef, heeft al schrijvend en krassend een theologische en geestelijke aardbeving veroorzaakt die in Rome en in de hele wereld voor eeuwen gehoord en gevoeld werd! Hoe? Dat werd hoe langer hoe duidelijker. Anno 1530 zegt Luther: ‘De boekdrukkunst is de laatste en ook de grootste gave van God, want daardoor wil Hij, nabij het einde van de wereld [!], de ware religie bekendmaken en verspreiden in alle talen en landen op de aardbodem.’

In het jaar 1522 schrijft Luther: Ik had gehoopt dat de mensen voortaan in de Heilige Schrift zouden lezen, en mijn boeken nadat ze hun doel hadden bereikt – namelijk om mensenharten tot de Schrift te leiden – in vergetelheid zouden raken. Dit was de enige reden waarom ik mijn boeken schreef. Waarom zoveel boeken gemaakt en toch voor altijd buiten het enige echte belangrijke Boek gebleven?’

Ook zegt hij: ‘Ik heb altijd met grote aarzeling en tegen mijn wil boeken laten drukken. Het is nooit mijn bedoeling geweest om publiciteit te zoeken. Alles wat ik heb geschreven, heb ik geschreven omdat ik onder druk van anderen ertoe gedwongen werd. Bovendien alleen vanwege de verdachtmaking [van het evangelie] en de misleidende [godsdienstige] opinies [van andere schrijvers]. Ik heb nooit méér oprecht naar iets gewenst en verlangd dan om ergens in een hoekje verborgen en onbekend te blijven – als een man die zich geheel teruggetrokken heeft uit deze wereld.

Deze is heel humoristisch: ‘Ik moet helemaal in m’n eentje drie drukpersen aan de gang houden.’

Er zijn wel meer dan honderd citaten bekend waarin Luther zich zowel positief (zelden!) als negatief (dikwijls!) uitlaat over zijn eigen schrijfkunst.

Dit is ook een bijzondere uitspraak (1534): ‘Ik noem iets goed geschreven als een paar mensen er blij van worden en het tot grote ergernis is van velen. Dit moet wel een zeker teken van iets goeds zijn! Ja, bijna zo zeker als de verachtelijk kribbe en de ellendige doeken betrouwbare tekenen waren voor de herders om het Kind te vinden. Als mijn boeken echter bij iedereen in de smaak zouden vallen, dan was wat ik gedaan heb, zonder twijfel een schandelijk en verfoeilijk stukje werk geweest.’

Denk nu echter niet dat Luther schrijven geen vermoeiende bezigheid vond: ‘Hij die niets van schrijven weet en bovendien denkt dat het geen arbeid is, die weet er niets van. Je schrijft met drie vingers, maar je hele lichaam en geest zijn er bij betrokken. Het is een groot en prijswaardig werk tenminste voor hem die schrijft voor de goede reden.’

Echte goede boeken zijn er nooit genoeg: ‘Nooit eerder (en ook nu niet) waren er teveel goede boeken.’

Deze is ook humoristisch! Aan de keurvorst: ‘Voor uw keurvorstelijke genade [afkorting Dts.: E.K.F.G] moet ik mij nu excuseren. Ik zou wel graag willen dat ik meer tijd had om aan u te schrijven, maar dat is helaas onmogelijk – ik moet mijzelf dood schrijven!

Luther had het inderdaad wel erg druk zoals hij schrijft aan ene Brisger: ‘Behalve de onnoemelijk vele zaken die dagelijks van mij vereist worden, ben ik ook visitator, professor, predikant, schrijver, luisteraar, verzorger van armen, loopjongen, voorspreker en rechtsgeleerde – en wat verder nog?’

Aan Amsdorf: ‘Ik ben boven mijn krachten bezet met schrijven en spreken, zodat ik daarvoor driemaal meer tijd nodig zou hebben’

In een brief aan Spalatin ondertekent hij: ‘Martin Luther, honderdvoudig bezet met werk.’

(…) (NB. Dit Luthercitaat is wat ingekort!)

Wilt u deze Luthercitaten ter kennismaking doorsturen aan uw vrienden. Er zijn geen kosten aan verbonden. Voor het aanmelden/afmelden van deze wekelijkse citaten kunt u gebruikmaken van dit e-mailadres info@maartenluther.com en van deze website: www.maartenluther.com

1 Daarom dan, laten ook wij, nu wij zulk een grote wolk van getuigen rondom ons hebben, afleggen alle last en de ​zonde, die ons zo licht in de weg staat, en met volharding de wedloop lopen, die vóór ons ligt. 2 Laat ons oog daarbij (alleen) gericht zijn op ​Jezus, dé Leidsman en Voleinder des geloofs, die, om de vreugde, welke vóór Hem lag, het ​kruis​ op Zich genomen heeft, de schande niet achtende, en gezeten is ter rechterzijde van de troon Gods. 3 Vestigt uw aandacht dan op Hem, die zulk een tegenspraak van de zondaren tegen Zich heeft verdragen, opdat gij niet door matheid van ziel verslapt. (Uit Hebreeën 3)

Bron afbeelding:  RD.nl

Handschrift Luther - RD.nl

Dit bericht werd geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Politiek, Wetenschap. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s