Alles aan Hem onderworpen…

(…) 10 Hij was in de wereld en de wereld is door Hem ontstaan (1) en de wereld heeft Hem niet gekend. 11 Hij kwam tot het Zijne, maar de Zijnen hebben Hem niet aangenomen. 12 Maar allen die Hem aangenomen hebben, hun heeft Hij macht gegeven ​kinderen​ van God te worden, namelijk die in Zijn Naam geloven; 13 die niet uit bloed, niet uit de wil van vlees en ook niet uit de wil van een man, maar uit God geboren zijn. 14 En het Woord is vlees geworden en heeft onder ons gewoond (en wij hebben Zijn heerlijkheid gezien, een heerlijkheid als van de Eniggeborene van de Vader), vol van ​genade​ en waarheid. (Uit Johannes 1)

Zondag 19 HC – Waarom wordt daarbij gezet: Zittende ter rechterhand Gods?

[Behandelde tekst: Psalm 110 : 1]

Christus zegt Zelf: ‘Want Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde’ (vgl. Mattheüs 28 : 18). Als Hij echter alle macht heeft ontvangen, niet alleen over alles wat op aarde is, maar ook over wat in de hemel is, dan moet Hij ook macht hebben over de engelen en verder over alles wat schepsel is en onder God staat (1). Vandaar dat ook Paulus zegt: ‘God heeft Hem een Naam gegeven die boven alle naam is, opdat in de Naam van Jezus zich zullen buigen alle knieën, die in de hemel en op aarde en onder de aarde zijn’ (vgl. Filippenzen 2 : 9 vv).

Petrus zegt hetzelfde: ‘Hij is opgevaren naar de rechterhand van God in de hemel, en de engelen, en machten en krachten zijn Hem onderdanig’ (vgl. 1 Petrus 3 : 22). Deze macht echter zou aan Hem niet zijn gegeven als Hij niet aan God gelijk en niet Zelf God zou zijn.  (1) En hoewel in deze teksten over de Mens Christus gesproken wordt, nadat Hij in Zijn menselijke natuur uit de doden is opgestaan en naar de hemel is gevaren, toch is dat alleen zo omdat Hij van nature waarachtig God is van eeuwigheid.

Zoals Paulus zegt: dat Christus ‘krachtig bewijst de Zoon van God te zijn, omdat Hij opgestaan is uit de dood’ (vgl. Romeinen 1 : 4). En ook als er gezegd wordt: ‘Zet U aan Mijn rechterhand’ (vgl. Psalm 110 : 1), dan wordt daardoor aan Hem de Godheid niet gegeven, maar deze wordt nader verklaard. Namelijk dat Hij waarachtig, eeuwig God is met de Vader, en nu ook in de menselijke natuur tot dezelfde heerlijkheid is verheven. Zodat men moet geloven en belijden: Christus, de Mens, zit aan de rechterhand van God en heeft macht over de engelen, en er is niets in hemel en op aarde dat niet aan Hem onderworpen is. (1)

Nogmaals: Hij is nu waarachtig Mens én waarachtig God, zittend aan de rechterhand van de Vader, Heere over alle schepselen, Die in Goddelijke majesteit en toch óók in de menselijke natuur ons machtig regeert als onze Heere en Koning in eeuwigheid. Zodat wij van en door Hem alles hebben. (1) Want omdat Hij van nature Gods Zoon is, heeft Hij alle macht en kracht met de Vader. Omdat Hij echter ook waarachtig Mens is, en Hij ons toebehoort en evenzo Adams Kind is als wij – maar zonder zonde – gebruikt Hij deze macht ons ten goede, als voor Zijn broeders en mede-erfgenamen.

Maarten Luther: Predigten des Jahres 1535, vgl. WA 41,90,29-91,21

(1) Opgemerkt AJ: Wanneer we belijden en beseffen dat alle krachten en machten in de Schepping, dus ook bijvoorbeeld de werking van de voedingsstoffen en de energie die ons lichaam ontvangt uit “het dagelijks brood” onder het beheer van Jezus Christus staan (a) en werkelijk niets daarvan buiten Zijn bestuur ons toevalt, dan zal het ons toch niet heel moeilijk vallen om tot het besef te komen, dat deze Christus ook in brood en wijn van het Avondmaal daadwerkelijk aanwezig is (b) en zó door Zijn kracht die daarin werkzaam is naar ons toekomt en niet alleen ons lichaam maar ook ons geloof daarmee en daardoor versterkt. En dan gaan we ook inzien en begrijpen waarom de bede om ons dagelijks brood, de bede is om ook daaruit de kracht (en wijsheid!) van het ware Brood uit de hemel te ontvangen. We bidden dan om niets anders dan dat onze Vader, Die de ware, volmaakt goede Vader voor Zijn kinderen is (o.a. Lukas 11 : 10-13), dat ons in en om en door Christus schenken wil, namelijk om in alle dagelijks werk en ontspanning gelovig bezig te kunnen zijn in en voor Zijn koninkrijk .
(a) Zie bijv. ook het reinigingswater-wijn-wonder te Kana.
(b) Zie ook “Luther en het Avondmaal“.

Uit Psalm 145

(…) 17 Rechtvaardig​ is de HEER in alles wat hij doet,
zijn schepselen blijft hij trouw.
18 Allen die Hem aanroepen is de HEER nabij,
die tot Hem roepen in vast vertrouwen.
19 Hij vervult het verlangen van wie Hem eren,
Hij hoort hun klacht en komt te hulp.
20 De HEER waakt over wie hem ​liefhebben,
maar wie hem afwijzen, vaagt Hij weg.’
21 Laat zó mijn mond de lof spreken van de HEER,
en alles wat leeft Zijn ​heilige​ Naam​ prijzen,
tot in eeuwigheid.

Bron afbeelding:  DailyVerses.net

Psalm-145 3 - Great is the Lord and most worthy of praise - DailyVerses.net

Dit bericht werd geplaatst in Bijbel, Catechismus, Gemeente, Israël, Politiek, Wetenschap. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s