Wenst u “kerken die werken”?…

‘Mijn huis is een bedehuis, maar gij hebt het tot een moordenaarskuil gemaakt’
(Lukas 19 : 46, SV)

HC Zondag 40 – Wat gebied God ons in het zesde gebod?

Pleeg geen moord. (Exodus 20 : 13)

Maar is het niet genoeg, dat wij onze naaste, zoals al eerder gezegd is, niet doden?

(…) Het is een harde uitspraak dat het bedehuis een moordenaarskuil is. Hoe durft Christus het zo te noemen, terwijl er toch geen moord in begaan is? Er wordt alleen maar gekocht en verkocht – daarbij is er ook een wisselbank, zodat er schapen gekocht kunnen worden om te offeren. Dat zijn toch juist goede werken tot eer van God? Hoe kan Christus het dan een moordenaarskuil noemen? – Daarom, omdat deze koophandel en offerdienst het volk verwaand en hoogmoedig maakte, zodat ze het Evangelie verachtten en tegen stonden. Ze waren tevreden en voldaan vanwege hun offerdienst, beroemden zich erop, en meenden dat deze dienst de gerechtigheid was waardoor Jeruzalem verlost zou worden.

Zo gaat het vandaag nog: hoe heiliger het huis is, hoe erger moordenaarskuil het wordt. Bossen en herbergen waarin roversholen en moordenaarskuilen zijn, stellen eigenlijk niet veel voor. Dát echter zijn de echte moordenaarskuilen: kerken zonder prediking van Gods Woord, waar de mensen aan het werk worden gezet (1), plaatsen waar ze God laten praten en er zich niet om bekommeren wat Hij zegt. Dat leren ze van hun predikers, en ze dekken hun zonden toe met offers en giften – daardoor worden ze onverbeterlijk en verachten Gods Woord. Ondanks de offers en de giften zijn ze doodschuldig, en omwille van hen wordt een heel rijk en land verwoest. Waar het zó met een kerk gesteld is daar is die kerk – van hoog tot laag – met bloed bevlekt en daarbinnen wordt bloed vergoten.
Hoe heiliger een plaats, hoe gruwelijker de satan die plaats maakt. Als er wordt geluisterd naar een prediker die een schadelijke prediking brengt, is deze in staat om de hele wereld te verleiden. Vergeleken met valse leraars hebben rovers en landsknechten [= soldaten, huurtroepen] niets te betekenen. Een valse leraar staat ergens en doodt met zijn tong allen die naar hem luisteren, en verder allen die zijn boeken lezen.

Maarten Luther: Predigten des Jahres 1529, vgl. WA29,509,26 – 510,21 (verkort)

Bron tekst: “Maarten Luther – Mijn enige troost – 365 dagen met de Heidelbergse Catechismus” samengesteld door H.C. van Woerden, Den Hertog uitgeverij.

(1) Ons werken behoort vrucht te zijn van een zuivere bediening van heel Gods Woord, persoonlijke omgang met Gods Woord en gebed.

(…) 7 Want Mijn ​huis​ zal een ​huis​ van ​gebed​ genoemd worden voor alle volken. (Uit Jesaja 56)

Uit Psalm 51
(…) 18 U wilt van mij geen offerdieren,
in brandoffers schept u geen behagen.
19 Het offer voor God is een gebroken geest;
een gebroken en verbrijzeld hart
zult u, God, niet verachten.
(…) 14 Red mij, geef mij de vreugde van vroeger,
de kracht van een sterke geest.
15 Dan wil ik verdwaalden uw wegen leren,
en zullen zondaars terugkeren tot u. (…)

Bron afbeelding:  Becoming Mary

Psalm 51 17 English NIV - Becoming Mary

 

 

Dit bericht werd geplaatst in Bijbel, Catechismus, Gemeente, Geschiedenis, Israël. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s