En allen die nog verre zijn…

“Want voor u is de belofte en voor uw ​kinderen​ en voor allen die nog veraf zijn,
zovelen als de Heere, onze God, ertoe roepen zal.” (Handelingen 2 : 39)

(…) Er is nog iets wat opvalt. Terwijl die jongste zoon nog ver was, zag zijn vader hem, zegt Jezus. Op het zien van de vader valt de nadruk. Zijn vader zag hem dus op een afstandje aankomen en liep hem tegemoet? Maar zo moet je het niet verstaan. Het is niet zo dat die vader zijn zoon, omdat hij al een heel stuk gevorderd was op de weg naar huis, het laatste stukje tegemoet komt. Terwijl hij nog ver was. Hetzelfde woord als dat verre land. Dat wil zeggen: als die vader hem niet had gezien, was hij nooit uit dat verre land thuisgekomen. Het zien van de Vader is het dat de zoon thuis brengt. Zijn vader redt hem met die ogen waarin de ontferming van zijn hart schijnt. Al het redden gaat van de vader uit.


Dat is enorm troostvol.
Voor mensen die denken: ik vorder niet erg. Ik moet nog een heel eind. Hoe kom ik waar ik moet zijn, hoe kom ik thuis? Bij het geringste, dat de hemelse Vader zelf nog gewerkt heeft, snelt Hij je tegemoet. Daarvan is het zich ophouden van Jezus bij tollenaars en zondaars het bewijs.

Bemoedigend is dat, als we denken aan al die gedoopte zonen en dochters die ver weg zijn. Uw kinderen en kleinkinderen wellicht. U hebt ze verteld van de liefde van God. Dat moeten we als onze kinderen klein zijn vooral doen. Volgens de statistieken moet je tot de conclusie komen dat er een zeer kleine kans bestaat dat verloren zonen en dochters ooit weer komen waar ze horen. Maar we mogen weten dat de heilige Geest in het verre land toegang heeft waar wij geen toegang meer hebben; dat Hij verlorenen tot zichzelf kan doen komen, de liefde van de Vader te binnen kan brengen, opdat ze opstaan en terugkeren. Thuiskomen door de liefdevolle, genadige ogen van God, die in Christus oneindig ver uitgaat. Tot op het kruis.

(…) 3 Jezus​ vertelde hun toen deze ​gelijkenis: 4 ‘Als iemand van u honderd schapen heeft waarvan er één verloren is geraakt, laat hij dan niet de negenennegentig andere in de woestijn achter om naar het verdwaalde dier op zoek te gaan tot hij het gevonden heeft? (1) 5 En als hij het gevonden heeft, legt hij het vol vreugde op zijn schouders 6 en gaat hij naar ​huis. Daar roept hij zijn vrienden en buren bijeen en zegt tegen hen: “Deel in mijn vreugde, want ik heb het schaap gevonden dat verdwaald was.” 7 Ik zeg u: zo zal er in de hemel meer vreugde zijn over één zondaar die tot inkeer komt dan over negenennegentig rechtvaardigen die geen inkeer nodig hebben. (Uit Lukas 15)

(1) Zo kan alleen God dat doen, de kudde achterlaten en op zoek gaan naar wat verloren is. Het is geen voorbeeld voor predikanten en andere leden van de kerkenraad. Deze laatsten hebben ook de kudde voortdurend voor te houden dat zij dagelijks inkeer/bekering nodig hebben en hen daar voortdurend en met aandrang toe oproepen (Zie o.a. Handelingen 20 : 17-31 en 2 Timoteüs 3 : 16 – 4 : 6).

Bron tekst: Lukas – deel 2 – “Thuisbrengende blik” van ds. D.M. van de Linde (Voorhoeve, NUGI 632)

Bron afbeelding:  DailyVerses.net

Mark-10-27 - all things possible fort God - DailyVerses.net

 

Dit bericht werd geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Israël. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s