Zien en niet zien: het teken van Jona…

(…) 29 Toen er steeds meer mensen toestroomden, zei hij: ‘Dit is een verdorven generatie! Ze verlangt een teken, maar zal geen ander teken krijgen dan dat van ​Jona. (…) 32 Op de dag van het oordeel zullen de Ninevieten samen met deze generatie opstaan en haar veroordelen; want zij hadden zich bekeerd na de prediking van ​Jona, en hier zien jullie iemand die meer is dan ​Jona! (Uit Lukas 11)

(…) Maar nu is Jezus in de wereld gekomen. Hij die het licht is. God laat zich niet onbetuigd. Hij geeft zeker in de Zoon van Zijn liefde een teken uit de hemel. Het teken van Zijn genadige heerschappij. Maar het wordt niet onderkend. Niet omdat het een onduidelijk teken is, maar omdat het oog van dit geslacht boos is. Het gezonde oog reageert op het licht en dat heeft effect op het hele lichaam. We zeggen immers: niet mijn oog ziet, maar ik zie. Wat kan het je diep raken wanneer je iets verblijdends ziet. Waarom worden de mensen van dit geslacht niet diep geraakt in de ontmoeting met Jezus? Hun oog is boos. Was het maar anders. Was hun oog maar gezond, eenvoudig. Dan zouden ze het zien. De oorzaak van hun ongeloof ligt niet in de verborgenheid van God, maar in hun niet willen zien van Zijn teken in Christus.

(…) Een boos oog interpreteert alles negatief. Men kan in de duisternis wandelen doordat er geen licht schijnt, maar ook omdat men de ogen dicht heeft of de andere kant uitkijkt, afgewend van het licht.

In de kerken wordt terecht gebeden om de opening van de Schriften en verlichting met de heilige Geest. De openbaring van God en ons zicht ervoor. Het teken bij uitstek van Gods bemoeienis met deze wereld en ons leven is het teken van de meerdere Jona. Het teken van kruis en opstanding. Het teken van de doop, van brood en wijn. Waar we dat niet zien moeten we God niet de schuld geven, maar bij onszelf te rade gaan. Is ons oog, ons hart wel eenvoudig, oprecht?

Jezus eindigt met een bemoedigende belofte voor de discipelen. Aangezien zij het licht van de openbaring in geloof aanvaarden zullen zíj meer en meer dat licht verspreiden. Ik ben niet de bondgenoot van Beëlzebul, zegt Jezus. Maar in Mij is het rijk van God verschenen. Door mij te verzoeken om een teken bewijzen jullie alleen maar dat jullie hart duister is. Wanneer jullie oog eenvoudig was zouden jullie het zien en van dat licht iets doorgeven.

Zou u ook niet graag een teken uit de hemel willen zien? Voor uzelf of voor de ander? Nu, daar mag u best om vragen. Nee, niet hoogmoedig en dwingerig, maar ootmoedig. En als u het niet ontvangt? Het teken van Jona: Christus gekruisigd en opgestaan, dat is alles. Het teken bij uitstek van Gods ontferming met deze wereld, met uw en mijn leven.

Aan Hem ons toevertrouwend mogen we iets van dat licht verspreiden.

(…) 33 Wie een ​lamp​ aansteekt, zet hem niet weg in een donkere nis, maar plaatst hem op de standaard, zodat degenen die binnenkomen het licht kunnen zien. 34 Het oog is de ​lamp​ van het lichaam. Als je oog helder is, is je hele lichaam verlicht. Maar als het troebel is, verkeert je lichaam in duisternis. 35 Let dus op of het licht dat in je is, niet verduisterd is. 36 Als je hele lichaam verlicht is, zonder dat ook maar een deel in duisternis verkeert, dan is het zo licht als wanneer een ​lamp​ je met zijn stralen verlicht.’ (Uit Lukas 11)

Bron tekst: Lukas – deel 2  “Op de berg” van ds. D.M. van de Linde (Voorhoeve, NUGI 632)
Bron afbeeldingDailyVerses.net

Matteus-5-15-16 - Licht schijnen voor de mensen - DailyVerses.net

Dit bericht werd geplaatst in Bijbel, Gemeente, Geschiedenis, Israël. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s