Diotrefes, en de voorrang van liefde en dienstbetoon… (I)

“De oude. Aan mijn geliefde broeder Gajus, die ik werkelijk liefheb.” (3 Johannes 1 : 1) (1)

(…) Diotrefes behoort nu niet bepaald tot de meest bekende Bijbelse figuren, maar zijn naam komt toch in de Schrift voor, en wie tot de “Bijbelvasten” behoort, zoekt die naam direct in de derde brief van Johannes, een heel kort briefje, geschreven aan een zekere Gajus, van wie wij verder niet zo heel veel weten, maar waar we straks nog even op terugkomen. In bedoeld briefje dan heeft de apostel het ook over onze Diotrefes.

Wie was Diotrefes?

(…) Ik weet wel, dat er veel christenen zijn, waarvan op hun christelijke levenswandel veel aan te merken valt. In zekere zin geldt dat voor ons allemaal. En wij schamen ons daar diep over, want we begrijpen heel goed dat we daarmee geen aanbeveling zijn voor Christus en “het christendom”. Maar dat wil lang nog niet altijd zeggen, dat ons daarom de naam „christen” moet worden ontzegd.
Bij Diotrefes kijk ik evenwel tegen die titulatuur „christen” wat vreemd aan. Ik zet er in elk geval een groot vraagteken achter. Wat van zijn doen en laten openbaar wordt, is eerder anti-christelijk te noemen. Oh, zeker, Diotrefes droeg een mooie naam, die zoveel betekent als „kind van God”. Voorts was de man ook lid van de christelijke kerk. Wat meer zegt: hij was ouderling.

Diotrefes was in de gemeente waar hij woonde een man van groot gezag en enorme invloed, zo zelfs, dat een gewoon gemeentelid zoals Gajus (1), geen kwaad vermoedt en geen kwaad denkt, en als gewoon gemeentelid veel hoogachting en eerbied koestert voor ouderling Diotrefes, voorzitter van de kerkenraad, en die daardoor gevaar loopt onder zijn verkeerde invloed te komen, en daarom is het nodig dat Gajus door Johannes gewaarschuwd wordt.

Het boekje dat Johannes over Diotrefes open doet, ziet er niet bepaald gunstig uit. Er blijkt uit, dat deze ouderling een gemene, geniepige, achterbakse man was, voorts een lasteraar, een door en door eerzuchtig man, die het alleen te zeggen wou hebben, en een liefdeloos type. En dan toch maar ouderling wezen, en mooie vrome woorden zeggen, dat kan dus blijkbaar samengaan.

Maar laten we beginnen, al deze dingen in orde te verhalen.
(wordt vervolgd…)

(1) De derde brief van Johannes is gericht aan Gajus, een “gewoon gemeentelid” van de gemeente waar ook Diotrefes lid van is en “voorzitter van de kerkenraad”.

Bron tekst: Gedeelten uit “Hoofdstuk XIV – Diotrefes” uit “Dubieuze posten – figuren uit de Bijbel” van ds. H. Veldkamp (1895-1956)

(…) Nu u door ​Christus​ zozeer bemoedigd wordt en liefdevol getroost, nu er onder u zo’n grote verbondenheid met de Geest is, zo veel ontferming en medelijden, 2 maak mij dan volmaakt gelukkig door eensgezind te zijn, één in ​liefde, één in streven, één van geest. 3 Handel niet uit geldingsdrang of eigenwaan, maar acht in alle bescheidenheid de ander belangrijker dan uzelf. 4 Heb niet alleen uw eigen belangen voor ogen, maar ook die van de ander. 5 Laat onder u de gezindheid heersen die ​Christus​ ​Jezus​ had.  (Uit Filippenzen 2)

Bron afbeelding:   Bijbelse Feesten – TOV Training (1 Korintiërs 5 : 6-8)

Uw roem is niet goed - Oud zuurdeeg - Bijbelse Feesten - TOV Training

 

Dit bericht werd geplaatst in Bijbel, Gemeente. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s