(…) ‘Nederig komt Hij aanrijden op een ezel,
op een hengstveulen, het jong van een ezelin.
Ik zal de strijdwagens uit Efraïm verjagen
en de paarden uit Jeruzalem;
de bogen worden gebroken.
Hij zal vrede stichten tussen de volken.
Zijn heerschappij strekt zich uit van zee tot zee,
van de Rivier tot de einden der aarde.
Want, Sion omwille van Mijn Verbond met jou,
met offerbloed bekrachtigd,
zal ik de gevangenen weer vrijlaten
uit de put zonder water.’
‘Wanneer het voorjaar wordt, vraag dan de HEER om regen.
Hij is het die de onweerswolken maakt,
Hij schenkt de mensen stortregens
en gewas op het veld.
Orakels zijn bedrog
en waarzeggers vertellen leugens;
wat zij dromen komt niet uit,
hun troost bestaat uit holle woorden
De mensen dolen rond als schapen,
ontredderd, want een herder is er niet.
Woedend ben ik op de herders,
en de bokken zal ik weten te vinden.
De Heer van de hemelse machten
zal Zich ontfermen over het volk van Juda,
Zijn kudde,
en het tot Zijn prachtige strijdros maken.
Uit dit volk komt de Hoeksteen voort,
de Tentpin en de Oorlogsboog,
Uit dit volk komen alle overwinnaars.
Ze zullen overwinnen want de HEER staat hen bij,
maar zij die hoog te paard zitten
gaan roemloos ten onder.’
(Uit Zacharia 9 : 9b-11 en 10 : 1-5)
Bron afbeelding: Scripture Media – Savior Connect