De ander helpen… (III)

Belijdt daarom elkaar uw ​zonden​ en ​bidt​ voor elkaar… (Uit Jakobus 5 : 16)

Schuldbelijdenis doorbraak naar de gemeenschap?

In de biecht vindt de doorbraak naar de gemeenschap plaats. De zonde wil met de mens alleen zijn. Zij onttrekt hem aan de gemeenschap. Hoe eenzamer een mens wordt, des te verwoestender wordt de macht van de zonde over hem, en naarmate de binding aan de zonde sterker wordt, wordt de eenzaamheid steeds wanhopiger.

Zonde wil onbekend blijven. Ze schuwt het licht. In het duister van het niet-uitgesprokene vergiftigt zij het hele karakter van de mens. Dat kan gebeuren, midden in de vrome gemeenschap.

Maar in de biecht breekt het licht van het evangelie door in de duisternis en de afgeslotenheid van het hart. De zonde moet aan de dag komen. Het niet-uitgesprokene wordt openlijk gezegd en beleden. Alles wat geheim was en verborgen komt nu te voorschijn.

Het kost een harde strijd voor de zonde in de bekentenis over de lippen komt. Maar God verbreekt bronzen deuren en ijzeren grendels (Psalm 107 : 16).

Doordat de belijdenis van schuld geschiedt voor het aangezicht van de broeder in Christus, wordt de laatste burcht der zelfrechtvaardiging prijsgegeven. De zondaar levert zich zelf uit (1), laat al zijn kwaad los, geeft zijn hart aan God en vindt de vergeving voor al zijn zonde in de gemeenschap met Jezus Christus en de broeder.

De uitgesproken, beleden zonde, heeft alle macht verloren. Ze is als zonde openbaar geworden en veroordeeld. Ze kan nu de gemeenschap niet meer doen uiteenvallen. (1)

Nu draagt de gemeenschap de zonde van de broeder. (1) Hij is met zijn kwaad niet meer alleen, maar heeft door zijn biecht het kwade ‘afgelegd’ en aan God overgegeven. Het is van hem afgenomen.

Nu staat hij in de gemeenschap van de zondaren, die leven van de genade van God in het kruis van Jezus Christus. (1) Nu mag hij zondaar zijn en zich toch verheugen over de genade van God. Hij mag zijn zonden belijden en juist daarin pas gemeenschap vinden.

De verborgen zonde scheidde hem van de gemeenschap,
maakte alle schijnbare gemeenschap onwaarachtig,
maar de beleden zonde hielp hem te komen tot de
werkelijke gemeenschap met de broeders in Jezus Christus.

(1) Opgemerkt AJ: Deze woorden van Dietrich Bonhoeffer zijn waar (en blijken steeds weer waar), tenminste wanneer de broeder of zuster aan wie de zonde beleden wordt in ware gemeenschap met Jezus Christus leeft; En ze wordt alleen daar gedragen door de gemeenschap (gemeente) en kan deze niet schaden en doen uiteenvallen waar die gemeenschap leeft bij de zuivere verkondiging van Gods Woord. Alleen bij het zuivere water van deze Goddelijke Bron zal de vrucht van de waarachtige gemeenschap gevonden worden.

Bron tekst: Bonhoeffer Brevier – “Is er geen koning onder u?” – “De laatste burcht wordt prijsgegeven” (5 december) – ©1968 Ten Have b.v. Baarn, Vijfde druk 1978

Als u in Mijn woord blijft, bent u werkelijk Mijn discipelen,
u zult de waarheid kennen, en de Waarheid zal u vrijmaken.

(Uit Johannes 8 : 31-32)

(…) 17 Wat jullie betreft, mijn schapen, dit zegt God, de HEER: Ik zal rechtspreken tussen het ene schaap en het andere, tussen rammen en bokken. 18 Is het jullie niet genoeg dat jullie op de beste weide grazen? En dat jullie vertrappen wat er van het gras nog over is? Dat jullie het heldere water opdrinken en de rest met jullie poten troebel maken? 19 Mijn schapen moeten eten van wat jullie hebben vertrapt, en drinken van wat jullie met je poten troebel hebben gemaakt. 20 Daarom – dit zegt God, de HEER, over jullie: Ik zal rechtspreken tussen de vette en de magere schapen. 21 Jullie dringen alle zwakke dieren met je flank en schouder weg, jullie stoten ze met je horens om ze te verjagen, 22 en daarom zal Ik mijn schapen te hulp komen; ze zullen niet langer worden weggeroofd. Ik zal rechtspreken tussen de schapen.
23 Ik zal een andere ​herder over ze aanstellen, een die ze wél zal weiden: ​David, mijn dienaar. Hij zal ze weiden, hij zal hun ​Herder​ zijn. 24 Ik, de HEER, zal hun God zijn, en mijn dienaar ​David​ hun vorst. Ik, de HEER, heb gesproken
. (Uit Ezechiël 34)

Bron afbeeldingPinterest

Dit bericht werd geplaatst in Bijbel, Gemeente, Huwelijk en gezin, Persoonlijk. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s