Het eerste en grote gebod: liefhebben!

Meester, wat is het grote gebod in de wet? Hij zei tegen hem: Gij zult de Here, uw God, liefhebben met geheel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw verstand. Dit is het grote en eerste gebod. Het tweede, daaraan gelijk, is: Gij zult uw naaste liefhebben als uzelf. Aan deze twee geboden hangt de ganse wet en de profeten.‘ (Uit Matteüs 22 uit de verzen 36-40)

Geciteerd 1: Wat is de missie van uw leven? „Dat is een lastige. Zijn er mensen die regelmatig denken: wat is nou de missie van mijn leven? Nou ja, als ik in de auto zit, prevel ik weleens de eerste vraag en het antwoord van de Engelse catechismus, The Westminster Shorter Catechism. De eerste vraag luidt: „What is the chief end of men?” Wat is het belangrijkste doel van de mens? En het antwoord luidt dan: „To glorify God and to enjoy Him forever.” (1) Dat is een heel mooi antwoord. Maar ik prevel het mezelf in, omdat het voor mij meer voelt als een verlangen dan als een daad.
Ik wil dus niet dat je opschrijft dat dat mijn missie is. Want ik heb het nodig om mezelf het steeds in te prevelen omdat ik hierin juist tekortschiet. Dat is denk ik een doel dat nooit volbracht zal worden. Het blijft een soort stil gebed.”

Opgemerkt: Het is zeker goed opgemerkt dat wij als mens nooit zullen kunnen zeggen dat wij dat doel – als het al ons belangrijkste levensdoel genoemd mag worden – hebben volbracht. Het is wel voor ons volbracht door onze Heer. En juist dat zal ons reden geven om God lief te hebben boven alles en onze naaste lief te hebben als onszelf, dat is: de ander die liefde te bewijzen zoals we die zelf zouden verlangen te ontvangen wanneer we in zijn of haar omstandigheden verkeerden. Maar dat doen we nooit uit eigen kracht en wij hebben elke dag opnieuw hierover schuld te belijden en om vergeving te vragen én ook anderen te vergeven die jegens ons tekort schoten in dat God liefhebben boven alles door de naaste niet lief te hebben zoals God dat van ons vraagt.

Geciteerd 2 (Onze Heer Jezus in ‘Het Hogepriesterlijk gebed’, Johannes 17): Ik heb U verheerlijkt op aarde door het werk te voleindigen dat Gij Mij te doen gegeven hebt. En nu, verheerlijk Gij Mij, Vader, bij Uzelf met de heerlijkheid die Ik bij U had, eer de wereld was.’ (…) ‘Ik bid niet dat Gij hen uit de wereld wegneemt, maar dat Gij hen bewaart voor (beschermt tegen) de boze. Zij behoren niet bij deze wereld, zoals Ik niet bij de wereld hoor. Heilig hen in Uw waarheid: Uw Woord is de waarheid. Zoals U Mij gezonden hebt in de wereld, heb Ik ook hen gezonden in de wereld, en Ik heilig Mijzelf voor hen, opdat ook zij geheiligd zullen zijn in de waarheid.’

Kinderen, ik schrijf jullie dat jullie zonden vergeven zijn omwille van Zijn Naam. Ik schrijf jullie, ouderen: jullie kennen Hem Die er is vanaf het begin. Ik schrijf jullie jongeren: jullie hebben hem die het kwaad zelf is overwonnen. Kinderen, ik schrijf jullie dus dat jullie de Vader kennen. Ouderen, jullie schrijf ik, jullie kennen Hem Die er is vanaf het begin. Jongeren, jullie schrijf ik: jullie zijn sterk, het Woord van God blijft in jullie, en jullie hebben het kwaad overwonnen. Heb de wereld en wat in de wereld is niet lief. Als iemand de wereld liefheeft, is de liefde van de Vader niet in hem (of haar), want alles wat in de wereld is – zelfzuchtige begeerte, afgunstige inhaligheid, pronkzucht (met auto’s of kleding of vakanties, etc., zelfs ‘ernstige godsdienstigheid’) -, dat alles komt niet uit de Vader voort, maar uit de wereld. De wereld met haar begeerte gaat voorbij, maar wie Gods wil doet (2) blijft tot in eeuwigheid.‘ (Uit 1 Johannes de verzen 12-17)

(1) Wanneer we de theologie van een Jonatan Edwards willen begrijpen, dan ligt hier een sleutel (in die eerste vraag en dat antwoord van de The Westminster Shorter Catechism). We zullen bij al dat diepzinnige ge-theologiseer en daaruit voortkomende ‘theologische praat’, maar eens luisteren naar wat Jesaja tegen het Godsvolk en haar leiders en profeten moest zeggen in Jesaja 29 (m.n. de verzen 13-14). Ook in de tijd van onze Heer op aarde was het onder de theologen en het volk niet anders gesteld, al had Johannes de Doper als profeet toch al mensen mogen helpen om wakker te worden uit de ‘diepe slaap’ (zie Jesaja 29 vers 10) waarin ze door de – uiterst vrome! – Farizeeën en Schriftgeleerden waren gebracht en werden gehouden.
(2) ‘Zij vroegen Hem: “Wat moeten we doen? Hoe doen we wat God wil?”. “Dit moeten jullie voor God doen: geloven in Hem Die Hij gezonden* heeft,” antwoordde Jezus.’ (Uit Johannes 6 de verzen 28-29)
Aanvullend zou je hierbij nog kunnen zeggen: Die Hij gezonden en Die Zichzelf aan ons gegeven heeft* tot een volkomen verzoening van al onze zonden, zoals we dat ook gelovig belijden wanneer we het Avondmaal vieren (zie 1 Korintiërs 11 vers 26).
* Zie Johannes 15 de verzen 12-13!

Bron citaat 1: RD mens & samenleving | zomergesprek – ‘Gerjanne van Lagen-Eikelboom geniet van een diepgaand gesprek – door Mariska Dijkstra-Wolters

Want een geest van diepe slaap heeft de HEER over jullie uitgestort: Hij heeft jullie ogen, de profeten, gesloten en jullie verstand, de zieners (de mannen van de wetenschap), verduisterd.’ (Uit Jesaja 29 vers 10)

Bron afbeelding: Deliverance, Sermons and Prayers

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

‘Maar de meeste daarvan…’

Nu echter blijft geloof, hoop, liefde, deze drie, maar de liefde is daar de grootste van.’ (Uit 1 Korintiërs 13 vers 13)

Geciteerd: De hoop ontspringt uit de belofte en toezegging van God (1), uit enkel genade en barmhartigheid, die zonder enige verdienste aan mij is toegezegd en beloofd. Zodat ik wat aan mij is beloofd, met zekerheid verwacht (2).
Want hopen is niet anders dan onwankelbaar vaststaan op de Goddelijke barmhartigheid, aan ons om niet uit pure genade beloofd. Hopen betekent dat (ook) ik daarop sta, moedig en dapper, deze belofte verwacht (3) en mij door niets daarvan laat afschrikken; door geen zonde, dood, duivel, hel of wereld en ook niet door mijn eigen vlees. (4)
Zoals nu het geloof alleen op de belofte van God ziet, zo ziet hoop alleen op de pure en onverdiende barmhartigheid van God. Dat wil zeggen: op wat aan ons in en door Zijn Woord en belofte om niet is beloofd (5). Op de manier, zoals de Psalmdichter (in Psalm 26 vers 3) het zegt: ‘Uw goedheid staat mij voor ogen en ik wandel in Uw waarheid.’
Het werk en de vrucht van het geloof is een vrolijk en zeker hart en een dapper vertrouwen op God (6). De hoop evenwel houdt zich stil en wacht op de vervulling van wat God heeft beloofd, het maakt niet uit wat er gebeurt. En verder: de hoop wordt wel het meest bewezen in tegenspoed en verdrukking (7).
[Maarten Luther: Stephanus Rots Festpostille 1527, WA 17.2, 271 ff]

(1) In Christus zijn al Gods beloften ‘ja en amen’ (zie 2 Korintiërs 1 vers 20).
(2) Daarom is juist ook de zuigelingendoop (van heidenen en baby’s en jonge kinderen of ‘heel het huis’) zo’n duidelijk voorbeeld van hoe alles van Gods kant komt en komen moet in onze levens en in de gemeente(n) van Jezus Christus, onze Heer.
(3) Ook voor mijn kinderen en de broeders en zusters om mij heen in Christus’ gemeente.
(4) Zie Romeinen 8 : 31-39.
(5) En die ook aan ons zijn betekend en verzegeld bij en door onze Doop.
(6) Bedenk daarbij dat de dichter van Psalm 26 ook de dichter was van Psalm 51.
(7) Zie Psalm 27.

Bron citaat: ‘Vertroost elkaar met deze woorden – Dagboek van belofte en troost’ – Den Hertog uitgeverij (2022)

‘Doorgrond mij, HEER, en ken mij,
peil mijn hart en mijn nieren,
want Uw liefde staat mij voor ogen
en ik bewandel de weg van Uw waarheid.’
(Uit Psalm 26 vers 2-3)

Bron afbeelding: LDS Scripture of the Day (LDS = Latter Day Saint)

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

‘We hebben de heilige Geest nodig’…

Als jullie dus, ook al zijn jullie slecht, je kinderen goede gaven weet te geven, hoeveel te meer zal de Vader in de hemel dan niet de heilige Geest geven aan wie Hem erom vragen.’ (Uit Lukas 11 vers 13)

Geciteerd: Uw boek is een wetenschappelijke studie, maar toch sluit u (1) af met een persoonlijke noot: „De preken van de Marrow-men waren tegengif tegen verduisterende invloeden op de onbevangen boodschap van het heil aan zondaren zonder onderscheid.” U kon zich niet meer inhouden?
„Misschien had ik in de conclusie iets meer afstand tot het onderwerp moeten nemen. Maar inderdaad, ik kon me niet inhouden. De Marrow-theologie heeft veel voor me betekend, al durf ik niet te zeggen dat ik echt een Marrow-man ben. In het spanningsveld tussen belofte en verkiezing hebben ze in ieder geval een heel gezonde balans gevonden. God roept een ieder mens, welmenend. Dat is ook Bijbels, en daar stel ik me van harte achter.”

Hebben we een scheut Schots piëtisme nodig?
„We hebben de Heilige Geest nodig. Hij kan de Schotten gebruiken, maar zeker ook predikanten in deze tijd, met de problemen die nu op ons afkomen. Denk aan het verbondsautomatisme, de gedachte dat iedereen die gedoopt wordt ook een kind van God is. Natuurlijk, verbond en doop zijn grote zegeningen, maar we moeten blijven benadrukken dat wedergeboorte noodzakelijk blijft. Wat dat betreft voel ik me soms meer thuis bij een piëtistisch gezelschap, waar de vreze des Heeren zichtbaar is.”

Opgemerkt: We mogen toch aannemen dat deze kerkhistoricus niet ontkent dat een dopeling de heilige Geest vast en zeker toegezegd is en tevens gelovig mag/zal belijden (zoals de HC het ons leert zeggen op grond van Gods Woord): ‘dat Hij ook mij gegeven is’ (HC Zondag 20 vr/antw 53).
Een dopeling zal niet steeds moeten horen (vanaf de kansel of thuis of van nog anderen) dat hij of zij ‘natuurlijk’ eerst nog wel wedergeboren moet worden, maar (steeds weer) horen dat we zullen leven uit en door het geloof. Dat we zullen horen naar wat de Geest ook nu (nog en altijd weer) tot de gemeente(n) zegt. En dat hoeft en kan niemand te doen uit eigen kracht. Wij allen zullen wel de van God gegeven middelen (2) gelovig hebben te blijven gebruiken. En dat dagelijks en wekelijks.
En dat gaat niet zonder strijd tegen eigen wil (3) en ‘vlees’ (‘menselijke natuur’), en tegen de verleidingen van de wereld om ons heen en tegen de krachten en machten die de boze tegen ons inzet. En in die strijd lijden we zeker ook verliezen. Maar juist dan is onze Doop zo’n vast en zeker ons van God geschonken bewijs, dat Hij trouw blijft en niet zal laten varen het werk dat Hij ook middels jouw/uw doop begonnen is te doen in je/uw leven.
Via onze doop op Christus en daarmee op onze God en Vader blijven zien, dat is het volle recht van een dopeling en de heilige Geest zal dat gebruik van je Doop zeker zegenen: Onze doop was niet een werk van ‘de kerk’, maar was (en is) voluit een werk geweest van onze drie-enige God in ons leven. ‘Mochten wij ontrouw zijn (geweest), Hij blijft getrouw, want Zichzelf verloochenen kan Hij niet’ (Uit 2 Timoteüs 2 vers 13).

(1) De Dordtse kerkhistoricus Leen J. van Valen (76).
(2) En tot die ‘middelen’ behoort (dus) ook het ‘Onze Vader’ gebed, dat onze Heer Zijn discipelen leerde en hen daarover het onderwijs gaf dat we vinden in Lukas 11 : 5-13.
(3) Zie Galaten 5 : 16-17.
(Aanvullend) Wellicht ten overvloede. Dat onze Heer zegt dat wij we wedergeboren moeten worden uit water en Geest (zie Zijn gesprek met Nicodemus, Johannes 3 vers 5), maakt duidelijk dat God onze wedergeboorte beslist (ook) langs de middellijke weg wil laten aanvangen en bewerken/voortzetten. Net zo goed als dat de Heilige Geest de Woordbediening en het vieren van het Avondmaal daartoe gebruiken wil.

Bron citaat: RD Cultuur & boeken – ‘Hoe Schotse theologen de Nederlandse boekenmarkt veroverden’- Maarten Stolk.

Daarom zeg ik jullie: vraag en er zal je gegeven worden, zoek en je zult vinden, klop en er zal voor je worden open gedaan.’ (Uit Lukas 11 vers 10)

Bron afbeelding: Catholic Daily Readings

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

‘Wie kent ze niet…’

Die anderen doen alles voor jullie, maar hun bedoelingen zijn slecht: ze drijven een wig tussen jullie en mij, en dan moeten (!) jullie alles voor hén doen.*” (Paulus in Galaten 4 vers 17)
* In plaats van omgekeerd, maar dan naar voorbeeld van onze Heer en de apostelen.

Geciteerd: Het zou helpen in debatten als we ons bewust zijn dat je alleen maar goede theologie kunt bedrijven in het besef dat wat je zegt, jóúw theologische stem is. En – een andere toepassing – het zou helpen in preken: dat je als hoorder merkt dat wat er wordt gezegd, écht uit het innerlijk van deze voorganger komt.
De waarheid van de Schrift wordt daar niet relatief van. Overigens, wat ik als waarheid presenteer is wél wat relatief. Het houdt de theoloog als mens een beetje nederig.

Opgemerkt 1: ‘écht uit het innerlijk van de voorganger komt’. Ja, hoe kun je zoiets (objectief) vaststellen? Je zou kunnen zeggen: dat kan alleen waar mensen werkelijk met elkaar samenleven. In een gemeente dus. Onze Heer deed dat met Zijn discipelen. En de apostelen die mochten dat doen in hun nauwe samenleven met de gemeenten. De apostel Paulus kwam ook pas ‘goed uit de verf’, door hoe hij omging met de moeiten in een gemeente als Korinthe bijvoorbeeld. En ook door wat hij schreef over hoe hij zijn gevangenschap ervaren en gebruikt heeft.

Opgemerkt 2: Daarom zullen we maar niet teveel steunen op het schrijfwerk van theologen. We hebben toch Gods Woord ons ter beschikking staan! En dat is door het werk van de Geest altijd weer levend en krachtig en Hij is ook machtig genoeg om niet alleen voorgangers, maar ook politici (bijv.), of wie dan ook de wijsheid te schenken die nodig is voor het leven ‘vandaag-de-dag’.

Opgemerkt slot: ‘Nederige theologen, wie kent ze niet?’ – Of spelen ze hun rol altijd weer net zo goed als Sint (als heilige met de staf) en Piet (als zondaars-straffer met de roe)?
NB. Maarten Luther draagt/krijgt nog altijd de ‘eervolle vermelding’ dat hij ons geen (echte) theologie geleverd heeft, blijkbaar was hij tot zulke ‘streken’ niet bereid.

Bron citaat: De Waarheidsvriend – ‘Column – In subjecto’ – door dr. T.T.J. Pleizier

Kinderen, zolang Christus geen gestalte in jullie krijgt, doorsta ik telkens weer barensweeën om jullie. Hoe graag zou ik nu bij jullie willen zijn en op een andere toon met jullie spreken, want ik maak me zorgen over jullie.‘ (Vervolg van Paulus woorden – Galaten 4, de verzen 19-20)

Bron afbeelding: agodman-com

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Ken jij/u een grotere zondaar dan jezelf/uzelf?

Dit is een getrouw woord en alle aanneming waard dat Jezus Christus gekomen is om zondaren te behouden, onder welke ik en eerste plaats inneem. ‘ (…) ‘Want ik ben de geringste van de apostelen, niet waard om een apostel genoemd te worden, omdat ik de gemeente van God vervolgd heb.’ (Paulus in 1 Timoteüs 1 vers 15 en in 1 Korintiërs 15 vers 10)

Geciteerd 1: Ik kan me moeilijk voorstellen (maar dat zegt op zich niets) dat Paulus de grootste van alle zondaars uit de hele wereldgeschiedenis is. Ik kan grotere joden – of vervolgers van christenen opnoemen: Hitler b.v. of Diocletianus. In 1 Timoteüs zegt Paulus er niet bij waarom hij zich de grootste van alle zondaars noemt. In 1 Korintiërs 15 geeft hij echter wel aan waarom hij de geringste van alle apostelen is en eigenlijk niet waard om een apostel genoemd te worden, namelijk omdat hij de gemeente Gods vervolgd heeft. We zullen dit argument dan ook wel moeten aanvoeren in verband met zijn beschouwing van zichzelf als de voornaamste van de zondaars.

Opgemerkt 1: Kunnen/mogen we Hitler en Stalin (bijv.) plaatsen in de categorie van ‘de grootste zondaars’ of van ‘grotere zondaars dan anderen’, w.o. Paulus? En zo ja, wat kunnen we daarvoor dan aanvoeren aan (Bijbelse) argumenten?
Opgemerkt 2: Laten we Hitler eens als voorbeeld nemen van een (mogelijk) grotere zondaar dan anderen en/of onszelf. Hebben we enig idee wat Hitler in WO I als soldaat aan het front heeft moeten meemaken. Wie waren toen de ‘hoofdschuldigen’ voor dat toch zinloos gebleken laten afslachten van vele jonge mannen en vaders en dat ook met alle gevolgen voor hun families en latere generaties? Wat doet dat met een mens en wat deed dat met zo’n jonge man als Hitler. Welke verantwoordelijkheid draagt een man als Darwin en alle gevolgen die dat had voor het denken over de mens en de mensheid in de wetenschap en in de samenleving van die tijd. Heeft dat Darwinistisch denken juist niet ook Hitler sterk beïnvloed?! En hielpen niet allerlei mensen Hitler aan de gedachte dat hij inderdaad een ‘bijzondere taak/opdracht’ had te volbrengen in en voor het ‘nieuwe Duitsland’. Stemden zelfs niet veel christenen in Duitsland op deze man? En tenslotte: Hoe zouden wij ons met zo’n levensgang als die van de mens Adolf Hitler hebben ontwikkeld?
Opgemerkt 3: Laten wij christenen Paulus voorbeeld maar navolgen en onszelf (ook) de grootste zondaar noemen. Want alleen wijzelf kennen ons eigen leven van binnenuit (1) en wij weten – mogelijk opgegroeid onder zoveel beter condities dan een Adolf Hitler – hoeveel goeds dat we konden doen hebben nagelaten en welk kwaad dat we niet behoorden te doen, toch wel hebben gedaan. En ook het goeds dat we deden, is dat vaak ook niet nogal ‘bevlekt’ vanwege (onderliggend) eigen belang (2): werken aan eigen eer en reputatie, etcetera, etc.?!

Opgemerkt slot: Zouden wij werkelijk ooit oprecht God kunnen danken met woorden als: God ik dank U dat ik niet ben zoals een Hitler of een Poetin of nog wel andere (veel) groter zondaars dan ik (3).
‘Bijbels gezien’ is het m.i. niet juist geweest dat Dietrich Bonhoeffer een tijd lang meende en zei dat iedereen in Duitsland (inclusief hijzelf, die toch in het ambt van predikant en pastor stond) het recht had om Adolf Hitler om het leven te brengen, wanneer iemand daar de kans voor kreeg. Zó gesteld is dat toch een naar het zwaard grijpen en het eigen recht in handen nemen dat onze Heer Zijn discipelen verbood. Het is dan tevens een aanmerking op Gods beleid, want Hij heeft toch altijd nog de regie over het wereldgebeuren en het optreden van wereldleiders (4). David wilde en durfde niet – ondanks zijn zalving – de kortste weg naar het koningschap over Israël bewerken door koning Saul eigenhandig om te brengen. Hij brengt door zijn nederig en genadig optreden koning Saul zelfs tot een schuldbelijdenis: lees hierover in 1 Samuël 24.

(1) Zie bijv. 1 Korintiërs 2 vers 11.
(2) Al was het alleen al vanwege de gedachte ons toch ‘een plaatsje in de hemel’ nog wat waard te maken (t.o.v. anderen). Terwijl onze Heer niet meer verlangt dan een gelovig en dankbaar hart vanwege alles wat Hij voor ons heeft gedaan. Laten we daar – aan dat verkrijgen en behouden van een gelovig en dankbaar hart – maar aan werken: door dagelijkse dankzegging en lofzegging en door het biddend lezen van Gods Woord, met het verlangen om dat te mogen verstaan en toepassen, zodat we een dankbaar leven zullen (kunnen) leiden in de dag die ons vandaag gegeven wordt. Daar zullen alle mensen (inclusief wijzelf) baat van hebben (zie Titus 3). En dat alles hoeven we dus niet te doen in en uit eigen kracht, want als we eenvoudig de van God geschonken middelen blijven gebruiken, dan weten we dat we dat doen met en door de kracht van de heilige Geest, Die ons – naar Gods belofte! – geschonken is en wordt.
(3) Zie Jezus woorden over het gebed van een Farizeeër en een tollenaar in Lukas 18 : 9-14.
(4) Zou bijv. de staat Israël er ooit gekomen zijn, wanneer de volken na WO II niet zo enorm ‘murw en beduusd’ waren geweest van alle gevolgen van deze oorlog in heel Europa, Noord-Afrika en Midden-Oosten en Azië en ook vanwege het Duitse antisemitisme en alle gevolgen die dat heeft gehad voor de Joden in de aanloop naar en gedurende heel WO II. Lees hier meer over in deze blog (o.a.) over woorden en houding van mijn grootvader in WO II.

Leestip: Titus 3

Bron citaat 1: jaapfijnvandraat-nl – ‘Paulus de grootste van alle zondaars?

Maar toen zijn de goedheid en de mensenliefde van God, onze Redder, openbaar geworden en heeft Hij ons gered, niet vanwege onze rechtvaardige daden, maar uit barmhartigheid. ‘ (Uit Titus 3 uit de verzen 4-5)

Bron afbeelding: Knowing Jesus

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Reuzen (en dwergen?) in Christus gemeente?

Er staat namelijk geschreven: Ik zal de wijsheid van de wijzen vernietigen, het verstand van de verstandigen zal ik tenietdoen. Waar is de wijze (Griek), waar is de (Joodse) Schriftgeleerde, waar de redenaar (Augustinus) van deze wereld? (…) Zo kan geen mens zich tegenover God op iets (ook niet op de Schriftgeleerdheid van een ander mens!) beroemen. Door Hem bent u één met Jezus Christus, Die dankzij God onze wijsheid is geworden. Door Christus worden wij rechtvaardig en heilig en door Hem worden wij verlost, opdat het zal zijn zoals geschreven staat: “‘Wil iemand zich op iets beroemen, laat zo iemand zich op de Heer beroemen.”‘ (verzen uit 1 Korintiërs 1)

Geciteerd 1: Bij Calvijn blijft er onrust: de aanklachten van de wet en de aanvechtingen van de boze. Het geloof is steeds weer het buiten zichzelf vluchten tot Christus. Typerend is dat Romeinen 7 bij Edwards niet zo veel aandacht krijgt. Hij is geen perfectionist, maar spreekt over de heiliging optimistischer dan Calvijn. Calvijn hinkt, Edwards wandelt.
Geciteerd 2: Blijft staan dat Edwards een reus was, geestelijk en intellectueel. Niemand kan zo diep en hoog over de heerlijkheid en glorie van de drie-enige God schrijven als hij. En niemand die zo scherpzinnig over geestelijke ervaringen heeft geschreven. Op bijna elke bladzijde wordt ons toegeroepen: Smaakt en ziet dat de Heere goed is!

Opgemerkt 1: Het is voor mij werkelijk ongelofelijk (en zelfs weerzinwekkend!) dat iemand met het onderwijs van onze Heer en de apostelen ‘in handen’ zulke woorden kan spreken (schrijven) en zo’n uitspraak wil doen over een mens van vlees en bloed en dan nog wel een studeerkamer theoloog*.
* Edwards besteedde veel tijd aan studie, gemiddeld zo’n 13 uur op een dag.
Opgemerkt 2: De schrijver maakt ook nog eens duidelijk dat Edwards met zijn schrijven en spreken blijkbaar boven de Schrift is uitgegaan, want niemand (eerder, ook de Schrift zelf niet) heeft zo hoog en diep over de glorie van God geschreven…
Opgemerkt 3: Paulus moet zich dus vergist hebben met dat weigeren om te roemen in en over mensen. Hij had moeten zeggen: als straks het Oude en het Nieuw Testament in drukvorm aan de gemeente(n) ter beschikking gekomen zijn, ja, dan zal het tijdperk van de intellectuele en geestelijke reuzen aantreden in de kerk, maar wij moeten voorlopig nog maar wat geduld oefenen, helaas, maar er komen betere tijden.
Opgemerkt 4: Maarten Luther is verwaardigd om het Woord van God (en de verkondiging daarvan) weer terug te geven aan de gemeenten (niet: aan de georganiseerde kerk of nog weer te organiseren kerk!) en het is in feite uiterst verdrietig geweest dat Johannes Calvijn de kerk toch weer een ander dik boek (eerst maar) te lezen gaf: De hele kerkelijke leer en traditie nu uit de pen van één paus.

Jullie, die zo verstandig zijn, verdragen dwazen toch met gemak. Tenslotte verdragen jullie het dat men jullie (geestelijk!) tiranniseert, uitzuigt, onderwerpt en u beledigt (1). Nu moet ik tot mijn schande bekennen dat wij daarvoor te zwak zijn geweest.’ (Uit 2 Korintiërs 11 de verzen 19-21)

Leestips: 1 Korintiërs 1 en 2 Korintiërs 10 (vanaf vers 12) en 11 (geheel).

(1) In 1744 maakte Edwards tijdens een kerksamenkomst de namen bekend van een aantal jongeren, leden van de kerk, die ervan verdacht werden niet-fatsoenlijke boeken te hebben gelezen. Ook de namen van getuigen in deze zaak werden bekendgemaakt. Dit incident zorgde voor een verdere verwijdering tussen Edwards en zijn gemeenteleden.

Bron citaat: RD Kerk & religie – ‘Jonathan Edwards over het christelijke leven’ – Ds. P. den Ouden.

Bron afbeelding: SlidePlayer

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Schrikken en schikken in onze kerkdiensten…

Laat van hen die (kunnen) profeteren er telkens twee of drie spreken; daarna moeten de anderen het beoordelen. Wanneer iemand die nog op zijn plaats zit iets geopenbaard (duidelijk) wordt, moet degene die op dat moment spreekt verder zwijgen. Jullie kunnen ieder op jullie beurt profeteren, zodat allen die aanwezig zijn worden onderwezen en bemoedigd.’ (Uit 1 Korintiërs 14 de verzen 30)

Geciteerd: Er is steeds meer wetenschappelijk bewijs dat empathie niet automatisch ontstaat en afhankelijk is van factoren zoals groepsbinding. In andere woorden: het vermogen om emoties van anderen te delen of een emotionele reactie te tonen, blijkt ingewikkeld te worden als het om mensen gaat die we niet zien als behorend tot ons eigen groep. (…) Het goede nieuws is dat de mate van empathie meer een gevolg is van cultuur dan van natuur. We worden niet aangeboren met een voorkeur voor mensen. De empathiekloof maakt waarschijnlijk eerder deel uit van (culturele) vooroordelen. Dus wat we van huis uit meekrijgen. Dit betekent ook: je kunt je empathische vermogen vergroten. Bijvoorbeeld door je open te stellen voor de geschiedenis, levensverhalen en ervaringen van anderen. Zo kun je de pijn, het perspectief en ervaringen door de bril van de ander zien, voelen en ervaren. Dit stimuleert nabijheid in ons brein.

Opgemerkt 1: De ‘aangifte-bij-politie-brief’ (opgesteld door één of meer leden van onze kerkenraad) moet wel een hamerstuk zijn geweest tijdens de kerkenraadsvergadering van donderdag 29 juli j.l. Blijkbaar was iedereen het er zonder meer mee eens dat er (weer) maatregelen genomen moesten worden tegen broeder Janse en dat een aangifte bij de politie nu een eerste, maar zeker (weer) noodzakelijke stap was. Wat er precies allemaal in deze brief geschreven/beweerd was, daar bekommerde men zich verder blijkbaar niet om – zo bleek mij zondag na de dienst in een gesprek met een lid van ‘onze’ kerkenraad. Eén van de beweringen in de aangiftebrief is echter dat in de dienst aanwezige kinderen en gasten ‘enorm schrikken’ wanneer broeder Janse opstaat en (even) van zich laat horen…

Opgemerkt 2: Laat ik dan mijn laatste ‘schrikbarende’ optreden tijdens de ochtenddienst van 25 juni jl. nog weer onder de loep nemen, de dienst waarin onze predikant bijna aan het slot van zijn preek gekomen, vroeg of ieder van de aanwezigen (jong en oud), die meer over de Here Jezus zou willen leren, zou willen gaan staan.
(NB. Wat hier verder volgt is niet waarheidsgetrouw maar humoristisch!)
Gelukkig wist ik me te bedwingen en ging ik niet staan, want ik dacht: dan ben ik vast en zeker de enige, en wanneer ik dan in m’n eentje ga staan, wat zullen de gasten en de kinderen daar (weer) van schrikken. Dus: niet doen, Anthony! Maar, geloof het of niet, voor mij werd het schrikken! Zowat de hele gemeente ging staan! En dáár had ik dus niet op gerekend! Wat een tumult om me heen – blijkbaar is in alle stilte opstaan er tegenwoordig ook niet meer bij 🙂. Ik zat werkelijk verstijfd op m’n stoel en had niet de tegenwoordigheid van geest om bij vertoon van zoveel ‘goodwill’, dan toch zelf ook niet achter te blijven…

Opgemerkt 3: Onze predikant zei kort daarna (gelukkig maar) dat iedereen weer (rustig) mocht gaan zitten, maar hij had nog wel een verrassing voor ons in petto (er kwam nog een aap uit de mouw), hij zei namelijk: jullie hebben nu ‘A’ gezegd, maar dan zal ook ‘B’ zeggen er op moeten volgen: Jullie volwassenen zullen dan toch heus ook vaste kost tot jullie moeten gaan nemen. Of dat schrikken was? I.e.g. ontstond door die woorden wel weer enig rumoer, al kan dat mogelijk alleen maar wat hilariteit zijn geweest, maar in mijn oren klonken de woorden van onze predikant toch als uiterst serieus bedoeld!

Opgemerkt 4: Een geluk voor de jeugd was dat zij hoorden dat ze voorlopig bij Youth Alpha (1) terecht kunnen (moeten zelfs, tenminste, als ze belijdenis van hun geloof willen afleggen in onze gemeente) om dan voorlopig daar melkprodukten te gebruiken om te groeien, maar volwassenen moeten leren groeien van andere kost. O.a. door bijv. deel te nemen aan New Wine (1) kunnen ze mogelijk vast wat gaan wennen aan dat opdienen en gebruiken en verlangen naar meer vast voedsel, dat straks dus blijkbaar ook in onze diensten opgedist zal gaan worden. Wij (volwassenen) zullen dan wel kunnen/moeten begrijpen, dat we dan de jeugd er helemaal niet (meer) bij kunnen hebben (mee opzadelen) in onze diensten (het zijn tenslotte nog geen volwassen ezels) en dat daarom voortaan de ‘Joyn-diensten’ wel vaste (ezeltje?)prik zullen (moeten) worden voor hen…

Opgemerkt 4: Na het amen op de preek schrok ik nog weer een keer (klaarwakker), toen bleek dat er iemand op het podium werd genodigd om ons een getuigenis te laten horen. Als ik me goed herinner (het goed verstaan heb) vertelde hij dat hij van allerlei verslavingen verlost was geworden (dat was namelijk het thema van de preek geweest: verslavingen) en hij kon het anderen aanbevelen om net als hij Jezus te beter te leren kennen en volgen. Hij kreeg er een luid applaus voor, maar voor mij was het allemaal bij elkaar toch wel schrikken/schikken, want toch wel een afwijkend en wat verstorend verloop van het einde van een dienst wat mij betreft. En dan dat applaus (al)weer…

Opgemerkt 5: Dat iemand gelegenheid gegeven werd om de gemeente vanaf het podium even toe te spreken, dat bracht mij op de gedachte om dan gelijk maar te vragen of mij die mogelijkheid ook even gegund zou worden. Iemand die al bijna veertig jaar lid is van deze gemeente, die zullen ze dat toch niet weigeren, dacht ik eerst nog in al mijn naïviteit.. Vandaar dat ik tijdens het applaus al naar voren liep en toen dat wegebde, meldde ik ook nog wat op het hart te hebben aan het einde van deze dienst. Dat leidde niet direct tot instemmend applaus, maar – nog even doorlopend – voegde ik eraan toe, dat ik de gemeente zelfs wat ‘vaste kost’ wilde voorschotelen. Maar helaas bleek onze predikant onverbiddelijk met zijn nee, en daarom beëindigde ik mijn opmars naar het katheder onder het uitspreken van de woorden: Goed, dan leg ik me daarbij neer, al lijkt het me toch niet (helemaal) eerlijk.

Opgemerkt slot: Nog altijd weer schrik ik me een hoedje (geen ongeluk hoor), wanneer net voor het einde van de dienst de kinderen uit de Bijbelklas de kerkzaal weer in komen ‘racen’. Maar, vrees niet, ik zal me daarover heus niet gaan beklagen bij de kerkenraad. Ik ben juist blij dat ze er toch weer bij zijn aan het slot van de dienst.

(1) NB. Ik ben van plan om ook nog serieus te schrijven over het nut van inzet/deelname aan Youth Alpha en New Wine.

Bron citaat: ND Opinie & columns – ‘Het slechte nieuws: we zijn niet met iedereen empathisch. Het goede nieuws: daar valt iets aan te doen’ – door Sahar Noor

Jaag de liefde na en streef naar de gaven van de Geest, vooral naar die van de profetie.‘ (…) ‘Iemand die profeteert spreekt tot de aanwezige hoorders, en wat hij zegt is opbouwend, troostend en bemoedigend.‘ (…) Iemand die profeteert doet dat ten bate van de gemeente.‘ (Uit 1 Korintiërs 14 uit de verzen 1-5)

Bron afbeelding: Bible Portal

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Aan het hoofd van de politie te Barneveld

Lunteren, 1 juli 2023

Geachte burgemeester J. van der Tak,

Hierbij stuurt ondergetekende onderstaand schrijven aan u en dat niet alleen vanwege uw functie als burgervader maar zeker ook vanwege uw functie als hoofd van de politie in de gemeente Barneveld.

Hoewel ondergetekende momenteel in Lunteren woont, heeft ondergetekende van oktober 1983 tot juli 2018 in Barneveld gewoond en dat samen met vrouw en zes kinderen. Al die jaren (en ook nu nog) is ondergetekende ook lid geweest van de Nederlands Gereformeerde Kerk Voorthuizen-Barneveld (nu NGK ‘De Ontmoeting’) en gingen onze kinderen in Barneveld naar (GKV) basisschool ‘De Bron’ en later (vanwege hun schoolvrienden, het was hun keus, niet naar het JFC) in het middelbaar onderwijs naar het (GKV) ‘Guido de Brès’ in Amersfoort.
Helaas is sinds de jaren 2014-15 door m.n. één broeder uit de NGK-gemeente een hetze tegen mijn persoon gestart en helaas is het pastoraat van de NGK hem daarin gevolgd en dat heeft heel ernstige gevolgen gehad voor ons gezin (o.a. echtscheiding, ‘schandzitting/zetting’ in het gemeentehuis van Barneveld*, uit huis gezet door deurwaarder en nog altijd dáárdoor een zeer verstoorde verhoudingen met vrouw en kinderen, broeders en zusters en familie).

* Helaas is het me in 2018 niet gelukt om voor deze ‘schandzitting/zetting’ in het gemeentehuis daarvoor nog in gesprek te komen met onze burgemeester. De broeders van het pastoraat hadden alles weten ‘dicht te timmeren’ en dus bleek/bleef ‘onze burgervader’ (van destijds) onbereikbaar voor ondergetekende (wat toch zeer uitzonderlijk genoemd moet worden, schending van burgerrecht zelfs!).

Refererend aan woorden van u (1) doe ik nu aan u het verzoek om met mij gesprek te voeren over de aangifte (zie bijlagen) die door de kerkenraad van onze gemeente op 29 juni 2023 gedaan is bij de politie in Barneveld.

(1) Te lezen op ‘Politieke ambtsdragers-Actueel-Nieuws (Nieuwsbericht van 14 februari 2023): “Ik wil een burgemeester zijn voor wie ieder mens telt. Een burgemeester van én voor iedereen. Graag ga ik gesprek met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Om te luisteren naar pijn die er wellicht is uit het verleden of welke hoop mensen hebben voor de toekomst. Oog hebben voor de menselijke maat, initiatief vanuit de samenleving en gemeenschapszin.”

Vanwege uw functie en m.n. ook vanwege deze woorden van u heb ik nu goede hoop op (wel) een gesprek met de (huidige) burgemeester van Barneveld (tevens hoofd van de politie), een gesprek dat indertijd zeer gewenst en noodzakelijk en passend was geweest (ondergetekende had er zelfs recht op om eerst ook gehoord te worden), maar toen niet mogelijk bleek.

Met dank voor uw aandacht en rekenend op een gesprek met u, verblijf ik.

Hoogachtend,
Anthony Janse

Bijlagen (reactie op aangiftebrief en aangifte bij politie van onze kerkenraad)

Bijlage 1

Goedenavond* broeder, vdm, ds. Atze Buursema,

Graag wil ik deze brief van de kerkenraad met u delen en ook met een aantal anderen (zie ook cc van deze email).
Helaas worden er – bewust, de zaak moet blijkbaar opgeklopt worden – onjuistheden vermeld over de toedracht van mijn (spontane) reageren op wat er (na de ‘eredienst’) gezegd was (!) door de eerste spreker (ds. Atze Buursema), die naar zijn plaats terugkeerde en applaus kreeg. Na dat applaus heb ik het volgende gezegd: Tegen wat zojuist gezegd is, daartegen teken ik bezwaar aan. Dat is niet mijn ervaring met deze predikant. Ik vertrek.
En in de dienst op 25 juni reageerde ik op het verzoek van ds. Reinier Drop – op zijn vraag wie er in de zaal de Here Jezus beter zouden willen leren kennen – niet met het opsteken van mijn hand en met opstaan van mijn stoel, maar met de woorden: Maar dominee, daarom zijn we hier toch?!
Toen na het amen van de woordverkondiging iemand een getuigenis kwam/mocht geven en hij daarmee klaar was en daarvoor applaus kreeg, toen ben ik tijdens dat applaus opgestaan en naar voren naar het podium gelopen en tijdens dat naar het podium lopen gevraagd of ik ook even wat zou mogen zeggen. Er werd door ds. Reinier Drop, (iets van) nee geroepen (moet terug te zien en horen zijn in de video van de dienst), maar ik liep nog even door tot op het podium, en vroeg, kan dat echt niet, ik heb toch wel wat ‘vaste kost’ voor de gemeente, daarmee tevens reagerend op wat onze predikant even eerder zei aan het eind van zijn verkondiging, namelijk dat we ook moeten leren ‘vaste kost’ te gebruiken. Toen ds. Reinier Drop zijn ‘nee’ herhaalde, heb ik rustig gezegd: Goed, dan leg ik me daarbij neer, al lijkt het me niet eerlijk. En toen ben ik rustig teruggelopen en weer op mijn plaats gaan zitten.
Dat was het. Meer niet. Gewoon het reageren van iemand met hart voor de gemeente en m.n. ook voor de jeugd van de gemeente, die een gemeente van onze Heer Jezus Christus is! Niet van ‘onze’ kerkenraad, ook niet van broeder Anthony Janse
* 30 juni 2023

Met christelijke broedergroet,
Anthony Janse.

Bijlage 2

Barneveld, 30 juni 2023

Dag broeder Anthony Janse,

Op 18 juni 2023 nam ds. Henk van der Velde afscheid in verband met zijn naderende emeritaat. Zoals je op voorhand bekend was, waren er veel gasten aanwezig. Ook jij was aanwezig. Tijdens één van de toespraken verstoorde je de orde door de spreker in de rede te vallen. Je wilde commentaar geven op wat hij vertelde. Afgelopen zondag, 25 juni 2023, was het opnieuw raak. Dit keer betrad je zelfs, en zonder dat je daarvoor toestemming had gekregen, het podium en ging met ds. Reinier Drop in discussie.

Dit is ongewenst en dat is je ook bekend. Het is daarom verdrietig dat we je opnieuw een brief als deze moeten sturen. Dat gebeurde eerder in 2019 en in juni 2022.

Gisteren is namens de kerkenraad bij de politie melding gedaan van deze beide verstoringen van de eredienst door jou. We schreven vorig jaar dat we, indien je opnieuw voor verstoring van de eredienst zou zorgen, zouden overwegen je een bezoekverbod op te leggen dat door de politie wordt gehandhaafd. Na de eerste verstoring op 18 juni namen we dat besluit niet. Het komt nu wel dichtbij. Verstoor je de dienst nog een keer, dan zullen we je per direct de toegang tot de diensten ontzeggen.

We hopen oprecht dat je niet opnieuw tot verstoring overgaat. Zoals je bekend is, worden de diensten ook bezocht door kinderen en gasten. Zij schrikken enorm. Ook bereiken ons met enige regelmaat vragen en irritaties over je gedrag: het wordt niet op prijs gesteld.

Mocht je toch opnieuw de orde verstoren dan is het goed dat je weet dat er namens de kerkenraad een bericht in de gemeente zal worden verspreid waarin we een toelichting zullen geven op wat je doet én wat wij daaraan doen.

Je blijft welkom, maar alleen indien je de diensten in rust en harmonie met ons meeviert.

Indien je een gesprek met ds. Reinier Drop wilt en/of hem feedback wilt geven, kun je via de scriba een afspraak maken.

Hoogachtend,
Namens de kerkenraad van NGK De Ontmoeting

Carin Oltvoort – Voorzitter
Ronald Plenter – Scriba

Bron afbeelding: Het Kontakt

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Die ene koffer die ons te zwaar is…

Laten we daarom het goede doen, zonder op te geven, want als we niet verzwakken zullen we oogsten wanneer de tijd daarvoor gekomen is. Laten we dus in de tijd die ons nog rest, voor iedereen het goede doen, vooral voor onze geloofsgenoten.‘ (Paulus in Galaten 6 de verzen 9-10)

Geciteerd: Wat zit er in uw levenskoffer? Ik bedoel: wat neemt u iedere dag op uw levensweg mee? Welke bagage hebt u in de loop van de jaren verzameld? Welke dingen hebben u gevormd tot wie u nu bent? Veel mensen vinden het niet nodig, of misschien te confronterend, om in die levenskoffer te kijken. Misschien zegt u ook wel: „moet dat nu, dat wroeten in het verleden? Wat geweest is, is voorbij.” Nee, stop, sta even stil. Om het heden te begrijpen, moeten we het verleden kennen. Dat geldt zeker hier.

Opgemerkt 1: De Heidelbergse Catechismus heeft het niet voor niets allereerst over onze enige troost. Ieder die die troost aanvaardt (gelooft!) en wil vasthouden die zal o.a. heel wat ‘welvaartskoffers’ (waarmee we druk zijn om die te vullen met ‘leuke herinneringen’) moeten wegdoen (of anders strak achterlaten) en de koffer die ons het zwaarst is, die mogen we leren dragen samen met onze Heer, Zijn draagvermogen is zo groot, dat die zware koffer toch een lichte last voor ons blijkt te zijn, maar dan moeten we Hem die koffer wel toevertrouwen en Hem die niet alsnog weer uit handen nemen, want dan halen we de eindstreep niet ongeschonden – zie 2 Timoteüs 4 vers 7.
NB. Wanneer wij – net als Paulus – zelf zwak durven zijn vanwege het overtuigd zijn van het genoeg van Gods genade, dan kijken we niet achterom (‘in de koffer’), maar vergeten we wat achter ons ligt en strekken ons uit naar wat ons beloofd is.

Opgemerkt 2: Wanneer we het gewicht van die voor ons te zware koffer door Hem laten dragen, dan is het ook niet nodig (en het wordt ook niet door Hém van ons gevraagd!) om anderen steeds weer gelegenheid te geven om in die koffer te kijken, zodat ze kunnen zien en bepalen hoeveel gewicht jij uit handen hebt gegeven. Augustinus deed dat wel (en graag blijkbaar) en heeft daar zelfs heel wat eer mee behaald. (1) Paulus deed dat niet, alleen een enkel keertje wanneer hem dat echt nodig leek zei hij er wat over en dan nog met weinig woorden.

Opgemerkt 3: Het kan wel nodig lijken om die koffer toch te openen voor anderen en wel omdat die kunnen roepen, dat jij die volle koffer van jou niet zwaar genoeg neemt, omdat ze jou er niet (meer) mee zien zeulen of heulen. Maar die verleiding kun je maar beter weerstaan, want het kan gebeuren, wanneer je die koffer zelfs maar voor een beetje voor hen opent, dat ze dan tegen je gaan gebruiken wat ze nog niet voor de helft gezien hebben en geven daar zo’n gewicht aan, dat ze zelfs beweren durven dat de Heer zo’n zwaar beladen koffer heus niet zomaar dragen kan of wil. Ok, dat zo’n vrome Augustinus van een heel zware koffer bevrijdt werd, dat zal waar wezen, maar die was (naar eigen zeggen) dan ook echt ‘bekeerd’ geworden. Maar jij bent Augustinus nog niet! Wat denk je wel! Of heb jij ons soms ook zo’n bijzonder bekeringsverhaal te vertellen als hij?

(1) ‘Wie zijn overtredingen bedekt, zal niet voorspoedig zijn; maar wie ze belijdt en nalaat, die vindt ontferming.’ (Uit Spreuken 28 vers 13). Het was genoeg geweest wanneer Augustinus zijn schuld beleden had bij één of meer broeders van de gemeente waar hij lid van was of werd. Daar had hij het bij kunnen en moeten houden. Alleen wanneer deze broeders (met aanzien in de gemeente) misbruik zouden hebben gemaakt van wat ze van hem gehoord hadden en er hun eigen (wilde) verhalen van hadden gemaakt en waren gaan roepen ‘eens een dief, altijd een dief’, om daarmee Augustinus in diskrediet te brengen in de gemeente(n), dan was het misschien nodig geweest om anderen duidelijk te maken wat er nu werkelijk in zijn leven was voorgevallen en hoe hij zich daaarvan had bekeerd. Maar of hem dat in dat geval nog gelukt was? Denk zelf van niet.

Bron citaat: RD Column: Hennie Zwanenburg: Welke bagage hebt u in de loop van de jaren verzameld?

Broeders, ik voor mij acht niet, dat ik het reeds gegrepen heb, maar één ding (doe ik): vergetende hetgeen achter mij ligt en mij uitstrekkende naar hetgeen vóór mij ligt, jaag ik naar het doel, om de prijs der roeping Gods, die van boven is, in Christus Jezus.‘ (Paulus in Filippenzen 3 de verzen 13-14)

Bron afbeelding: bol-com

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

In de ontmoeting zag hij iets van de Ander…

Kunnen wij ons dan nog ergens op laten voorstaan? Dat is uitgesloten. En door welke wet komt dat? Door de wet die eist dat je hem naleeft? Nee, door de wet die eist dat je gelooft!’ (Paulus in Romeinen 3 vers 27)

Vooraf: Met een vuistdikke biografie ontrukte Mart van Lieburg neuroloog Abraham Gans (1885-1971) aan de vergetelheid.

Geciteerd 1: Behalve door de filosoof Heidegger moet hij door vele anderen zijn gevormd, maar hij laat zich daar niet over uit. Alle invloeden brachten hem uiteindelijk bij Micha 6 vers 8. Die tekst zag hij als een allesomvattende leefregel. We worden geroepen om recht te doen, lief te hebben en in deemoed te wandelen met God. Hij kwam tot die ontdekking toen hij eenzaam zat opgesloten in een cel van het huis van bewaring in Scheveningen, destijds bekend als het Oranjehotel.

In ’t sombre slavenhuis kroont Gij mij koning,
Gij maakt tot hoog paleis zijn wrede woning.
Vernederend geboeid, op barre steen gezeten,
Omhult me uw licht als stralende ereketen.
Meedogenloos gekweld vervult mij blijheid,
Verkoren tot uw dienst leef ik in eed’le vrijheid.

Geciteerd 2: Gans bezag Paulus als een Jood met afwijkende maar rijke gedachten. Dat geeft een heel andere blik. Hetzelfde geldt voor zijn boekjes over Jona en Job. Net als Job wist Gans zich verlaten door zijn vrouw, beroofd van kinderen en gesmaad door zijn vrienden. Juist daardoor raakte zijn oog gericht op God. In de woorden van Gans zelf: „Job gaat van wanhoop door vertwijfelend geloof over weifelend inzicht en opstandige vroomheid tot juichend berouw.” Dit vind ik woorden van een diepgang die je van weinig reformatorische kansels hoort.”

Geciteerd 3: „Hij zat op de brokstukken van zijn bestaan, zowel maatschappelijk als privé. Door die omstandigheden, maar ook door zijn nieuwe blik op het leven, ontwikkelde hij zich tot een psychotherapeut met een profetische boodschap. In zijn grote pand aan het Rapenburg in Leiden ontving hij zijn patiënten. In de ontmoeting met hen zag hij iets van de Ander met een hoofdletter. Daarin doet hij denken aan de Frans-Joodse filosoof Levinas en de bekende Belgische psychiater Dirk De Wachter.

Ik zal niet vreezen, niet versagen,
als duizend haters mij belagen;
Mij dekt een ondoordringbaar schild;
Ik heb het recht gewild,
Ik wilde van mijn vroegst beginnen
Slechts liefde beminnen,
Ik kende slechts één baan:
Met God in deemoed gaan.

Bron citaten: RD kerk & religie – ‘Abraham Gans ontwikkelde zich van neuroloog tot profetisch psychotherapeut’ – door Huib de Vries

‘Gelukkig wie de God van Jakob tot hulp heeft,
wie zijn hoop vestigt op de HEER, zijn God,
Die hemel en aarde gemaakt heeft,
de zee en alles wat daarin leeft,
Hij, Die trouw is tot in eeuwigheid.’
(Uit Psalm 46 de verzen 5-6)

Bron afbeelding: Caravan Sonnet

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie