Over het ‘wie weet wil God ons nog genadig zijn’…

Daarom – spreekt de HEER – , keer nu terug naar Mij met heel je hart en begin te vasten, te treuren en te rouwen. Scheur je hart en niet je kleren en bekeer je tot de HEERE, jullie God. Want genadig en barmhartig is Hij, lankmoedig en groot van goedertierenheid, berouw hebbende over het onheil. Wie weet (1), of Hij Zich niet wendt en berouw heeft en een zegen achter Zich laat overblijven…’ (Uit Joël 2 : 13-14)

Geciteerd (uit eerdere blog van AJ):
(…) In de jaren voor en tijdens WO II is er geen sprake geweest van een “algemene geest van verootmoediging en bekering” die door de kerken waaide. In de jaren 40-45 laaide er in de Gereformeerde kerken zelfs een kerk-twist op, die aan het einde van WO II tot een hoogtepunt kwam en leidde tot een breuk in deze kerken…

“Wie weet” (1) was er vanwege (veel) meer verootmoediging en bekering in de kerken een eerdere overwinning “afgeroepen” voor de troepen van de geallieerden, die in 1944 door een zeer strenge winter en onverwacht sterke tegenstand lange tijd werden gehinderd in de Ardennen en eerder werd een sterke troepenmacht teruggeslagen bij Arnhem, waardoor het doorstoten van geallieerde leger verder Duitsland en Nederland in maandenlang werd vertraagd. In Nederland leidde dat in de hongerwinter tot verzwakking van de gezondheid van veel mensen (soms met levenslange gevolgen) en er vielen veel doden en hoeveel duizenden (misschien zelfs wel meer dan een miljoen?!) Joden hadden nog kunnen worden gered uit de concentratiekampen, wanneer deze maanden eerder al waren bereikt. En hoeveel minder ver hadden de Russen hun macht kunnen uitbreiden met alle kwalijke gevolgen voor veel mensenlevens van dien…
En wanneer we die (mogelijke/denkbare aantallen) nu eens afzetten tegen het aantal levens die door het optreden van het verzet zijn gered… (2)

(1) “Wie weet…“, wat een opmerkelijke zinswending, aldus ds. De Jong. Hij ging zoeken in de Schrift en vond nog andere plaatsen in de Bijbel waar je een dergelijk woordgebruik tegenkomt en waar het is of Gods genade onder een voorbehoud geplaatst wordt: wie weet… of ook: misschien. Ze staan alleen in het Oude Testament: Exodus 32 : 30, Klaagliederen 3 : 29, Amos 5 : 15, Joël 2 : 14 en Zefanja 2:3. Ook in het boekje Jona komt genoemd woordgebruik tweemaal voor maar dan in de mond van de heidenen. Die waren gewend aan de willekeur van hun goden. Ds. De Jong schrijft: “Ik vind het nogal wat dat de Bijbel bij zijn aansporing om de Here te zoeken in gebed en verootmoediging niet royaal zegt dat de Here God zich dan onder alle omstandigheden laat vinden, maar dat hij situaties kent waarin het zuinig klinkt: wie weet… of: misschien”.
(Bron: Artikel van ds. J. Maasland, maart 2004, waarin ds. H. de Jong wordt geciteerd)
(2) Natuurlijk wordt de vergelijking hier niet gemaakt om het (goede) verzet in WO II in diskrediet te brengen.

Haat het kwade en hebt het goede lief, en bestelt het recht in de poort; misschien zal de HEERE, de God van de legermachten, het overblijfsel van Jozef genadig zijn.” (Amos 5 : 15)

Bij de afbeelding: Gebed: Dat er in onze kerkenraadskamers en rechtszalen nog rechtvaardige vonnissen geveld zullen (mogen) worden.

Bron afbeelding: Prayables

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Plaats een reactie