‘Broeders en zusters toen ik bij jullie kwam om het geheim van God te verkondigen, beschikte ook ik niet over uitzonderlijke welsprekendheid of wijsheid. Ik had besloten jullie geen andere kennis te brengen dan die over Jezus Christus – de gekruisigde. Bovendien kwam ik bij jullie in al mijn zwakheid en was ik angstig en onzeker. De boodschap die ik verkondigde overtuigde niet door wijsheid, maar bewees zich door de (werkzame) kracht van de Geest (in jullie), want jullie geloof moest niet op menselijke wijsheid (en inspiratie!) steunen, maar op de kracht van God.’ (Uit 1 Korintiërs 2 de verzen 1-5).
Geciteerd 1a: Maarten Luther was zo’n inspirerende persoon. Zijn (!) opvattingen over God, de mens en de schepping bevatten een blijvende en aantrekkelijke dynamiek en werden verder ontwikkeld (!) door mede-hervormers. Er ontstond een nieuw en omvattend wereldbeeld en de kernwaarden van dit wereldbeeld bleken een positieve uitwerking te hebben op de samenleving als geheel.
Geciteerd 1b: Het verhaal is vrij eenvoudig te vertellen: Eén man in een afgelegen stad zocht naar God en veranderde de wereld. Die man was Maarten Luther. (…) Door de ontdekking van het individu te combineren met de verantwoordelijkheid voor de gemeenschap opende hij (!) de mogelijkheden voor de persoonlijke ontwikkeling van gaven en talenten en moedigde hij individuen en groepen aan om sociale verantwoordelijkheid te nemen. (En zo gaat de lofzang van deze professor in de theologie op de persoon en het werk van Luther nog wel even door…).
Geciteerd 2: Luther verwachtte van de reformatie in zijn tijd geen andere vooruitgang dan het woeden van de duivel die uitgedaagd is door de herontdekking (!) van het Evangelie. Met dubbele energie zal de tegenstander zich van alle kanten en met alle middelen op de kerk storten. Voordat de wereldgeschiedenis voltooid is, zal de vervolging toenemen, want een algemene reformatie – dat wist Luther sedert 1520 – is niet van de paus, niet van een concilie en ook niet van de een of andere ‘reformator’ te verwachten. Reformatie schept God doordat Hij de geschiedenis voltooit. Aan dit gebeuren zal de contra-reformatie van de duivel voorafgaan.
Het ligt voor de hand Luther ervan te verdenken dat zijn sombere beeld van de toekomst opgeroepen wordt door een pessimisme dat teruggaat op de beginjaren van de reformatie. Toen viel immers nog niet te voorzien wat eens uit de evangelische beweging zou groeien. Moeten de verrassende successen van de reformatie die toch werkelijk gekomen zijn, niet aanleiding geven tot een nieuwe, ‘optimistische’ interpretatie van de zichtbare vernieuwing van de kerk?
Een blik op de laatste fase van het leven van Luther kan hier duidelijkheid verschaffen. Opnieuw vormt het martelaarschap van een augustijnermonnik voor Luther de aanleiding zijn visie te geven op de tijd waarin hij leeft. Het gaat om Robert Barnes uit het augustijnerklooster van Cambridge, die op bevel van koning Hendrik VIII op 30 juli 1540 in Smithfield verbrand wordt.
(…) Nog in datzelfde jaar geeft Luther in Duitse vertaling de laatste geloofsbelijdenis van de veroordeelde uit. In het voorwoord daarbij maken de laatste woorden daarvan volledig duidelijk waaruit de vooruitgang en het succes van de (begonnen) reformatie bestaan: ‘Het zal nog erger worden. Amen’.
De kerk deelt in het lot van haar Heer. Tot het eind van zijn leven waarschuwt Luther dat de tegenstander in het geheel niet geïntimideerd is, de aanval op geen enkele manier schuwt en geen geweld vreest, ‘want God slaapt en verbergt zich, ja Hij is voor de zijnen op alle manieren zwak’, de duivel en zijn trawanten zijn ‘zeer moedig en achtervolgen de lijdende en vluchtende, gestorven God.’…
> Lees meer/verder in deze blog: ‘Want God slaapt en verbergt Zich…‘
> Lees eventueel ook nog deze blog: ‘De stoere en de bedeesde Luther…‘
Bron citaten 1a-b: De Waarheidsvriend, 12 maart 2026 – ‘Coram Deo: leven voor Gods aangezicht. Hoe Maarten Luther de wereld veranderde’ – door prof. dr. H.J. Selderhuis.
Bron citaat 2: ‘Luther – Mens tussen God en duivel – Hoofdstuk IX. De Christenheid tussen God en duivel’ – door Heiko A. Oberman (1930-2001).
‘Ik roep je dringend op, ten overstaan van God en Christus Jezus, Die zal oordelen over levenden en doden, ik bezweer je bij Zijn komst en heerschappij: Verkondig de Boodschap*, blijf aandringen, of het nu uitkomt of niet, wijs terecht, bestraf en vermaan met alle geduld dat het onderricht vereist. Want er komt een tijd dat de mensen de heilzame leer niet meer verdragen, maar leraren om zich heen verzamelen die aan hun verlangens tegemoet komen en hen naar de mond praten. Ze zullen niet meer naar de waarheid luisteren, maar naar verzinsels. Jij echter moet in alles nuchter zijn, je lijden aanvaarden, je werk als verkondiger (!) van het Evangelie doen, je dienende (!) taak vervullen. (Uit 2 Timoteüs 3 en 4 de verzen 1-5, van 4)
* Zie Paulus samenvattende woorden over ‘de Boodschap’ die verkondigd moet blijven worden de woorden in Titus 3 : 1-8.
Bron afbeelding: JeffRandleMan-com