Geloof maakt de Doop (pas) volkomen?

Dwaal niet, mijn geliefde broeders! Elke goede gave en elk volmaakt geschenk is van boven en daalt neer van de Vader der lichten, bij Wie er geen verandering is, of schaduw van omkeer. (1) Overeenkomstig Zijn wil heeft Hij ons gebaard door het Woord van de waarheid, opdat wij in zeker opzicht eerstelingen van Zijn schepselen zouden zijn.’ (Uit Jakobus 1 : 16-18)

Geciteerd: De Doop zal gehouden worden zoals tot nu toe gebruikelijk is, zodat men ook de kinderen zal dopen. Namelijk omdat de Doop precies hetzelfde betekent als de besnijdenis betekend heeft. Zoals men de kleine kinderen besneden heeft, zo zal men ook de kleine kinderen dopen. En zoals God zegt dat Hij de kinderen die besneden worden onder Zijn bescherming en bewaring zal nemen, zo zal Hij ook de kinderen die gedoopt worden onder Zijn bescherming en bewaring nemen (‘de lammetjes hoeden’). Zo zegt God in Genesis: ‘Om voor u te zijn tot een God en voor uw nakomelingen na u’ (vgl. Genesis 17 : 7). Hetzelfde: ‘Ik zal hun God zijn,’ Op deze manier staan ook de kinderen die gedoopt worden onder Gods bescherming. Daarom moet God op grond van deze belofte(n) geloofd en aangeroepen en gedankt worden. (2)
Ook moeten alle mensen onderwezen worden dat de Doop deze grote weldaden met zich brengt. Dat is, dat God de Bewaarder en Beschermenr van dit kind is (veel meer nog dan zijn ouders of verzorgers) en het tot Zijn kind aanneemt. Opdat ook de omstanders (en ‘buitenstaanders’) het gebed en het woord bij de Doop goed zullen horen en begrijpen, moet alles verstaanbaar (niet prevelend) en ordelijk (goed zichtbaar) plaatsvinden. Ook zal de gemeente vermaand worden – tot het goede gebruik, ook in het leven van alledag – wanneer men over de sacramenten (Doop en Avondmaal) preekt. Namelijk dat ze over hun Doop moeten nadenken. Daarbij moeten ze horen dat de Doop niet alleen inhoudt dat God hen in hun kindsheid heeft willen aannemen, maar dat de Doop voor het hele leven geldt. Verder dat op die manier de Doop niet alleen een teken en zegel voor de kinderen is, maar dat ook de ouderen opgewekt worden tot boete, want boete, berouw en lijden – het ‘afsterven van/aan de oude mens’ – wordt door het water van de Doop aangeduid. Bovendien moet de Doop tot geloof opwekken, dat aan hen die berouw over hun zonden hebben, de zonden afgewassen en vergeven zijn. Want het geloof maakt de Doop volkomen.’
[Maarten Luther: Unterricht der Visitatoren an die Pfarrerherren, 1528, vgl WA 26, 212, 29 – 213,3]

Opgemerkt: De Doop is een volmaakte hemelse gave en wordt niet pas in haar werking volkomen door het geloof. Het geloof moet juist de middelen gebruiken om haar kracht en werking te ontvangen door de Heilige Geest, want Die wil Zijn werk niet doen, dan door de middelen. Ons geloof (en de groei daarvan) is een geschenk en werk van de Heilige Geest in de Naam en de kracht van de Vader en de Zoon. Het wederbarende werk van de Geest vangt aan wanneer een kind gedoopt wordt en dat weten en geloven wij op grond van het onderwijs van Gods Woord.

(1) Zie (o.a.) Romeinen 11 : 25-36 en 2 Timoteüs 2 : 8-13.
(2) Zoals het gereformeerde doopformulier onderwijst en in praktijk wil laten brengen.

Zie ook deze blog: ‘Op zondag voelde ik me toch weer buitengesloten…

Bron citaat: ‘Maarten Luther – Mijn enige troost – 365 dagen met de HC’ – Meditatie bij Zondag 27 vraag 74: ‘Zal men ook de jonge kinderen dopen’ – Samengesteld en vertaald door H.C. van Woerden sr. – Den Hertog uitgeverij (2015)

Wie gestorven is, is rechtens vrij van de zonde. Wanneer wij – door de Doop – met Christus zijn gestorven, geloven we dat we ook met Hem zullen leven, omdat we weten dat Hij, Die uit de dood is opgewekt, niet meer sterft. De dood heeft geen macht meer over Hem. Hij is gestorven om een einde te maken aan de zonde, voor eens en altijd; en nu Hij leeft, leeft Hij voor God. Zó moeten jullie jezelf ook zien: dood voor de zonde, maar in Christus Jezus levend voor God.‘ (Uit het Doop-onderwijs van Romeinen 6 de verzen 7-11)

Bron afbeelding: Zie afbeelding.

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

‘Op zondag voelde ik me toch weer buitengesloten’…

Er zijn dus drie getuigen: de Geest, het water en het bloed, en het getuigenis van deze drie is eensluidend. Als we het getuigenis van mensen aannemen, dan zullen we zeker het getuigenis van God Zelf aannemen…‘ (Uit 1 Johannes 5 uit de verzen 5-12 : 7-9)

Geciteerd 1a: Het kantelpunt kwam tijdens een huwelijkscrisis. ‘Door de week las ik mijn Bijbel en sprak het woord tot me. Dan was ik vol goede moed. Maar op zondag voelde ik me toch weer buitengesloten. Voor Ilona verliep de reis anders. Zij stond erbij en keek ernaar. ‘Ik zag Peters worsteling; als hij zondag naar de kerk was geweest, dan was hij bijna in een depressie. Hij geloofde dat hij ‘het’ niet had en naar de hel ging. Zelf geloofde ik nog helemaal niet, maar ik bad wel: Vader, help ons!’ Haar eigen doorbraak kwam via een evangelische cursus in Voorthuizen. ‘Ik werd ontzettend geraakt door de gelijkenis van de rijke man en de arme Lazarus. Toen dacht ik: het is nu de tijd voor mij. Ik heb de hele avond gehuild. Thuis ging ik op mijn knieën en zei: ‘Hier ben ik Heer.’ En ik heb echt een openbaring gehad over dat God zichzelf aan mij liet zien: ‘Ik ben voor jou gestorven.’’.

Geciteerd 1b: Waar andere evangelische gemeenten zoals Mozaiek, zeggen ‘kom zoals je bent’, benadrukt Doorbrekers de noodzaak van verandering. ‘Je mag komen zoals je bent, maar het is wel de bedoeling dat je verandert’, stelt Ilona Paauwe. Zij en haar man Peter zijn de oprichters en voorgangers van de evangelische gemeente Doorbrekers in Barneveld.

Opgemerkt: Wanneer deze echtgenoten hun Doop hadden leren verstaan door het Bijbelonderwijs in de gemeente(n) waar ze opgroeiden, dan hadden ze niet met een ‘ingebeelde hel’ leren leven en hadden ze zichzelf niet ‘buitengesloten’ en hadden ze het gevoel van ‘buitengesloten’ zijn kunnen bestrijden met Gods Woord door de wederbarende kracht van de Heilige Geest. Dan was een speciale ‘openbaring’ aan Ilona ook niet nodig geweest en zelfs – op grond van Gods Woord! – afgewezen als nodig om iemand te overtuigen van Gods uitverkiezende liefde! Dan hadden ze ook niet de zoveelste nieuwe gemeente(n) gesticht in Barneveld en elders. Helaas werd en wordt hen het bedroeven en weerstaan van de Heilige Geest in hun vroegere kerkelijke kring door de dienaren van Gods Woord aangeleerd! In één woord: allerbedroevendst!

Geciteerd 2: Daarom moeten wij met aandacht op deze teksten uit het Evangelie letten (Johannes 3 : 5 vv en 1 Johannes 5 : 5-11) voornamelijk vanwege het (ver)blinde volk, de wederdopers (maar later ook de kerken met de ‘nadere reformatie leer’), die de kinderdoop voor nutteloos en vruchteloos houden. (1) Maar hoe kan de kinderdoop nutteloos zijn, als we hier horen dat Christus het water ertoe verordent, zodat het water door de werking van de Heilige Geest tot de wedergeboorte moet (!) dienen. Wanneer nu ook de kinderen het nodig hebben dat zij opnieuw geboren worden, en anders het rijk van God niet kunnen zien (zelfs een Schriftgeleerde als Nicodemus kon het niet uit eigen kracht!) waarom wil men hen dan toch de Doop onthouden? Of het daarvoor houden dat het water hen tot wedergeboorte niet dienstig is? Is het dan niet waar dat het onderwijs van Christus ons tot de conclusie brengt dat wie wedergeboren wil worden, die moet door het water wedergeboren worden. Zodat, hoewel het water zonder de Heilige Geest niets doet, dan wil toch de Heilige Geest niet ‘on-middellijk’ werken, maar Zijn werk niet anders in ons verrichten dan ook door het (uitwendige, zichtbare) water. Daarom is het een gruwelijke dwaling (terecht gruwelijk wanneer je op de gevolgen let: je buitengesloten en naar de hel verbannen voelen, terwijl je door de Doop ingelijfd bent in het Lichaam van Christus en deel hebt aan al Zijn weldaden!). Want als de Doop goed is (Bijbels gezien goed bediend wordt) en de mens tot wedergeboorte moet komen, dan moet niet alleen het Woord, niet alleen de Geest, maar ook het water daarbij zijn. Want zo verordent Christus het hier (vgl. Johannes 3 : 5). Niemand mag deze verordening of instelling veranderen!
Het dopen met water kan men met de eigen ogen zien, maar de werking, de wedergeboorte, die de heilige Geest door de Doop in het hart werkt, zie je niet. (2) Opdat men echter vanwege deze verborgen en onzichtbare werking van de Heilige Geest het uitwendige, eenvoudige, onaanzienlijke dopen met water niet zou verachten (3), daarom spreekt de Heere nog verder tot Nicodemus: ‘Verwonder je niet, dat Ik je gezegd heb: jullie moeten opnieuw geboren worden. De wind blaast waarheen Hij wil, en jullie horen zijn geruis wel (zie Handelingen 2 : 2-4), maar jullie weten niet vanwaar Hij komt en waar Hij heengaat, zo is het ook met ieder die uit de Geest geboren is.’ (Johannes 3 : 7) (4)
[Maarten Luther: Hauspostille 1544, gepredigt zu Hause, 1530-1535, vgl WA52, 349, 39-350, 24]

(1) En niet te vergeten tegen meer dwaalleraren op dit gebied ook deze woorden: 1 Johannes 2 : 23-29!
(2) Dat de Heilige Geest door de doop heen wil werken, daarover horen/lezen we ook in Lukas 7 : 24-30! Johannes de Doper was heel bescheiden over Zijn werk, maar de Heilige Geest was vanuit Jeruzalem gewaaid naar de plaats in de woestijn waar Johannes doopte bij de Jordaan. Dat wordt met name ook bevestigd in de eerste drie hoofdstukken van het evangelie van Johannes.
(3) Onze Heer heeft zelf ook de waterdoop door Johannes niet geminacht! Zie o.a. Matteüs 3 : 13-17.
(4) Jezus zegt ook tegen Nicodemus: Maar jullie – Farizeeën en Schriftgeleerden – nemen het getuigenis van ons (dat van Johannes de Doper en onze Heer Zelf) niet aan (zie Johannes 3 : 11).

Bron citaat: ND Geloof – ‘Doorbrekers, van gereformeerde twijfel naar evangelische zekerheid. ‘Kom zoals je bent, maar verander’’ – door Laura Dijkhuizen.

Bron citaat: ‘Maarten Luther – Mijn enige troost – 365 dagen met de HC’ – Meditatie bij Zondag 27 vraag 73: ‘Waarom noemt dan de Heilige Geest de Doop het bad der wedergeboorte en afwassing der zonden?’ – Samengesteld en vertaald door H.C. van Woerden sr. – Den Hertog uitgeverij (2015)

Bron afbeelding: Pinterest

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Wie denkt hierbij niet aan de manco’s van theologie en kerkelijk samenleven*…

* i.t.t. gemeentelijk samenleven.

Ik noem jullie geen slaven meer, want een slaaf weet niet wat zijn meester doet (en wat voor plannen hij heeft); vrienden noem ik jullie, omdat alles wat ik van de Vader gehoord heb, aan jullie bekend gemaakt heb. Jullie hebben niet Mij uitgekozen (1), maar Ik jullie, en Ik heb jullie opgedragen om op weg te gaan en vrucht te dragen, blijvende vrucht (2). Wat je de Vader vraagt in Mijn Naam, zal Hij je geven (3). Dit draag ik jullie op: heb elkaar lief.’ (4)

Geciteerd: ‘Onze samenleving heeft twee gemankeerde modellen voor hoe politiek werkt’, schrijft Lubrano: politiek als commercie (de ‘marktplaats van ideeën’) en politiek als oorlog (het debat als strijdtoneel). Beide modellen gaan uit van onafhankelijk denkende, rationele burgers, die op die marktplaats of in die oorlog de beste argumenten uitkiezen.
Het punt is alleen dat mensen zelden van gedachten veranderen door te luisteren naar interviews met lijsttrekkers of te kijken naar televisiedebatten – integendeel. De afgelopen decennia hebben cognitief psychologen de vele manieren in kaart gebracht waarop wij als we geconfronteerd worden met nieuwe informatie, veel vaker aan onze overtuigingen vasthouden dan dat we ze bijstellen.

Zo zijn we allemaal behept met een ‘confirmation bias’: nieuwe informatie die ons wereldbeeld bevestigt, laten we zwaarder wegen dan informatie die dat wereldbeeld weerspreekt. Ook zijn we heel goed in ‘rationaliseren’: we bedenken allerlei redenen waarom onze overtuigingen tóch kloppen, ondanks bewijs voor het tegendeel. ‘Wetenschappers zeggen dat roken slecht voor je is, maar mijn kettingrokende oma is 96 geworden, dus ik mag gewoon blijven roken’ – dat werk.
Zeker in een debat, waarbij verschillende ideeën tegenover elkaar worden geplaatst en er maar één kan ‘winnen’, graven we ons eerder dieper in onze overtuigingen in dan dat we ons door de ander laten overtuigen.

Wie een kind krijgt, gaat anders nadenken over zelfstandigheid. Wie een geliefde verliest, krijgt een nieuw perspectief op rouw. Wie voor een naaste zorgt, krijgt nieuwe ideeën over afhankelijkheid en verbondenheid. We denken vaak, schrijft Lubrano, ‘dat denken en doen verschillende, zelfs tegengestelde activiteiten zijn. Maar wat politiek betreft is actie een cruciaal onderdeel van nadenken.’
Ook onze relaties zijn cruciaal voor hoe en wat we denken. Betekenisvolle vriendschappen kunnen ervoor zorgen dat we vooroordelen laten varen en onze gedachten bijstellen over grote onderwerpen, blijkt uit onderzoek.

We zijn gewend om het brein te zien als dé plek waar denken plaatsvindt, innerlijk en individueel, maar denken vindt dus ook, en misschien wel vooral, plaats in de ruimte tússen individuen. (Veel van mijn vriendschappen voelen als een doorlopend gesprek waarin we soms decennialang samen nadenken – zodat mijn kijk op de wereld en de keuzes die ik maak net zozeer in het hoofd van mijn vrienden tot stand komen als in mijn eigen kop.)

Maar bovenal hebben we meer ‘sociale infrastructuur’ (4) nodig: organisaties, plekken en ruimtes waar mensen relaties met elkaar kunnen aangaan en onderhouden.

(1) Niet Hem uitgekozen als hun Meester om daar samen mee op te trekken, nee Jezus had hén geroepen om voortaan met Hem door het leven te gaan!
(2) Zoals Hij dat zou bewerken door Zijn Woord en Geest.
(3) Wanneer we geleerd hebben ons bidden in dienst te stellen van het ‘eerst zoeken van het koninkrijk van God’, dan zullen we ons dankbaar verbazen over de gebedsverhoring die we ontvangen – zie Matteüs 6 : 30-34.
(4) Schonk onze Heer middels Zijn Woord en het werk van ‘Zijn vrienden’ ons niet ook het samenleven met Hem (onder Zijn hoede) in de gemeenten van onze Heer Jezus Christus?! – Zie Handelingen 2 : 41-47 en wat er verder nog meer in dit Bijbelboek en de brieven van de apostelen daarover te lezen valt.

Bron citaat: De Correspondent – ‘Het recept voor een gezonde democratie: minder lullen, meer samen poetsen’ – door Lynn Berger (Correspondent Zorg)

Bij de foto: In het Britse dorp Moorhaven legt Frankie Mills vast hoe Oekraïense vluchtelingen en hun gastgezinnen samenleven, en hoe dit, ondanks de uitdagingen, leidt tot meer solidariteit. Samenwonen was een grote uitdaging voor beide partijen: Oekraïners die net gevlucht waren voor een oorlog, en Britten die dat nog nooit hadden meegemaakt. De confrontatie met elkaars verschillende ervaringen vergde veel geduld. Maar het vergrootte ook begrip en empathie, en bood zo een onverwachte weg naar integratie.

Bron foto: Frankie Mills (foto geplaats bij dit artikel van Lynn Berger).

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Levensgevaarlijk (werk)tuig…

Wie oprecht van hart en zin (woorden) is, prijst zich gelukkig.’
(Psalm 64 vers 11)

Geciteerd: Met woorden kun je iemand opbouwen of afbreken. Je kunt er medemensen (zwaar/dodelijk) mee verwonden en hen langdurige (zelfs levenslang) schade toebrengen. Dat heeft de dichter van deze psalm ervaren. De tong van hen die hem vijandig gezind zijn is als een zwaard en een pijl die ze onverwachts op hem afschoten en schieten. Levensgevaarlijk dus.
Ook in onze tijd kunnen we wijzen op de vreselijke werking van roddel en laster. Daarmee kun je zoveel schade aanrichten en samenlevingen (waaronder huwelijk, gezinnen en christelijke gemeenten/kerken) vernietigende slagen toebrengen. Wat ventileren mensen tegenwoordig niet allemaal op de sociale media over anderen. Jongeren komen daardoor tot wanhoopsdaden.
Heeft God iets te zeggen over en doet God iets aan al dat onrecht dat door ons mensen elkaar wordt aangedaan, kun je je afvragen. Deze Psalm is er duidelijk over: vroeg of laat komt Gods oordeel over deze praktijken (1). Bij Hem schuilen is wat je altijd weer zult doen en het is ook het beste wat je kunt doen. Hij neemt het zeker weten (2) voor je op en met Hém kom je nooit verkeerd uit. Leugen, roddel en laster hebben niet het laatste woord!

(1) ‘”De rechtvaardige zal leven door geloof.” (a) En vanuit de hemel openbaart Gods toorn (b) zich over al het kwaad en onrecht aan hen die met hun onrechtvaardigheid (in woorden en daden) de waarheid geweld aandoen.’ (Uit Romeinen 1 vers 17b en 18).
(a) Zie Jezus woorden in Lukas 18 over het recht verschaffen aan zijn uitverkorenen – dat zijn de gelovigen hier op aarde, die onder alles alle hoop op Hem gevestigd hebben en houden en – die dag en nacht tot Hem roepen over het onrecht hier op aarde.
(b) We zullen de toenemende verwarring en het geweld (met woorden en daden, ook binnen de gemeenten/kerken) van onze huidige wereldtijd beslist ook vanuit deze woorden duiden! Na enige verademing na WO II heeft men de tijd niet uitgebuit om God te zoeken en Zijn koninkrijk te dienen, maar hebben de belangen en de ‘koninkrijkjes’ die wij hier wilden en willen stichten (ook op het ‘kerkelijk/gemeentelijk erf’!) ons doen en laten eerst en vooral bepaald.
(2) Het ‘zeker weten’ van het geloof dat door de Heilige Geest gewerkt wordt en groeit wanneer wij trouw en eerbiedig de van God gegeven middelen volhardend blijven gebruiken.

Bron citaat: Dag in dag uit 2025 – Meditatie van woensdag 25 juni – Leger des Heils | Ark Media

Zo is ook de tong een klein orgaan, maar wat voor grote woorden en grootspraak kan hij voortbrengen. Bedenk eens hoe zelfs al een klein vlammetje een enorme bosbrand kan veroorzaken. Onze tong is net zo’n vlammetje: een wereld van onrecht, die onze lichaamsdelen (c) in brand steekt. Want hij besmet het hele lichaam, hij steekt het rad van het leven in brand, met vuur van de hel.’ (Uit Jakobus 3 de verzen 5-6)
(c) Denk hierbij ook aan het door een huwelijk verenigde lichaam van man en vrouw of denk aan het door het geloof verenigde leden van het lichaam van Christus (een christelijke gemeente/kerk) of aan bevolkingsgroepen die met elkaar samenleven in een land.

Bron afbeelding: Pinterest

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Sterven en begraven ook zichtbaar dooponderwijs? *

[Sermoen over de Doop: 1519]

Geciteerd: De Doop is een uitwendig teken of zegel [of waarmerk, parool, wapen, banier] dat ons afzondert van alle ongedoopte mensen. Wij moeten daaraan herkend worden als volk van Christus (1), onze Vorst, onder Wiens banier – dat is het heilige kruis – wij standvastig tegen de zonde strijden. Daarom moeten we bij dit heilig sacrament op drie dingen letten: het teken, de betekenis en het geloof. Het teken bestaat daarin, dat men de mensen in de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige geest in het water doet ondergaan. Men laat ze daar echter niet in blijven, maar men haalt hen er weer uit. (2) Daarom zegt men ook: uit de doop geheven. (3) Daarom moeten beide delen in het teken aanwezig zijn (of daarbij genoemd/begrepen worden): het ondergaan én het opheffen.
De betekenis van de Doop is een zaligmakend sterven aan de zonde en een opstaan in de genade van God. Hier wordt de oude mens, in zonden ontvangen en geboren, verdronken, en een nieuwe mens komt tevoorschijn en staat op – in genade geboren. (4) Daaarom noemt Paulus de Doop een bad der wedergeboorte, omdat men in dit bad – onder het Doopwoord en door het werk van de Heilige Geest – opnieuw geboren en vernieuwd wordt (vgl. Titus 3 : 5). Christus zegt het ook zo: ‘Tenzij dan dat een mens opnieuw geboren wordt uit het water en de Geest (der genade), kan hij of zij het Hemelrijk niet binnengaan’ (vgl. Johannes 3 : 3 vv). Want zoals een kind uit het lichaam van de moeder getild en geboren wordt, waarbij het door deze geboorte een zondig mens en een ‘kind des toorns’ is (5), zo wordt de mens op een geestelijke manier uit de doop getild en geboren, en wordt door deze geboorte een kind der genade en een gerechtvaardigd mens. Op deze manier verdrinken de zonden in de Doop en komt er Gods gerechtigheid voor in de plaats.
De Doop betekent dus het sterven of verdrinken van de zonde. Dat gebeurt echter in het leven van een mens hier op aarde niet volkomen, maar pas als de mens sterft en geheel tot stof vergaat. (6) Het sacrament van de Doop is gauw gegeven, zoals wij dat voor onze ogen zien gebeuren. Maar wat de Doop betekent, wat de Geest werk/bewerkt naar Gods belofte, het verdrinken van de zonde, dat duurt zolang wij leven (zie o.a. Efeziërs 4 : 22-24), en wordt pas in de dood helemaal voltooid. Want pas dan gaat de mens echt helemaal onder in de Doop, en gebeurt wat de Doop betekent (ons voor ogen stelt).
[Maarten Luther: Ein Sermon von dem heiligen Hochwirdigen Sacrament der Taufe, 1519, vgl. WA 2, 727, 20 – 728, 16]

* Ja dus, dat mag al wat wij mensen over iemands leven (van een dopeling) denken en zeggen wel tot zwijgen brengen: ook dan zien we – en horen en belijden we dan toch ook? – het Evangelie zoals dat tot ons kwam met en door de Doop en dat dan beslist niet op z’n minst!

(1) Vandaar ook dat alle aanwezigen in het van Cornelius (jong en oud) nog gedoopt moesten worden nadat ook op hen de Heilige Geest was uitgestort en ook Paulus moest nog gedoopt worden na zijn bijzondere ontmoeting met de verhoogde Jezus – zie resp. Handelingen 10 : 44-48 en 22 : 12-16.
(2) Daarom is de kinderdoop nog de beste illustratie van de Doop in wezen is. Het is een gebeuren waarbij de mens zelf niets heeft in te brengen. We verdrinken in het water én we worden eruit gered. De vroege doop van de heidenen (vaak al na één preek) is ook een belijdenis van onze afhankelijkheid van het werk dat de Heilige Geest wil en moet doen in het harte en leven van een mens – lees 1 Korintiërs 1 t/m 3 erop na.
(3) Denk aan een verloskundige die na de geboorte de baby opheft om deze aan moeder en vader te laten zien en hem of haar daarna aan de op de moederbuik en aan moederborst te leggen. De doop wordt in Titus 3 ‘het bad der wedergeboorte’ genoemd. In de Naam van de Vader en de Zoon zal de Heilige Geest zorg dragen voor de dopeling die door de Doop aan Hem is toevertrouwd.
(4) Lees nog weer eens na wat de gezalfde koning David bidt en belijdt in Psalm 51.
(5) Woorden uit het gereformeerde doopformulier waarin beleden wordt wat ‘de kerk’ in Gods Woord gelezen en daaruit begrepen heeft.
(6) Lees hierbij ook de woorden van 1 Korintiërs 15 de verzen 35-58 m.n. de verzen 42-57.

Leestip: Kolossenzen 2 : 6-15, kerntekst vers 12 en 1 Korintiërs 15 (geheel).

Bron citaat: ‘Maarten Luther – Mijn enige troost – 365 dagen met de HC’ – Meditatie bij Zondag 26 vraag 69: ‘Hoe wordt gij in en door de Heilige Doop vermand en verzekerd dat de enige offerande van Christus aan het kruis geschied u/jou ten goede komt’ – Samengesteld en vertaald door H.C. van Woerden sr. – Den Hertog uitgeverij (2015)

Ik zal jullie een geheim onthullen: wij zullen niet allemaal eerst sterven – toch zullen wij allemaal (definitief) veranderd worden, in een ondeelbaar ogenblijk, in een oogwenk, wanneer de bazuin het einde inluidt. Wanneer de bazuin weerklinkt, zullen de doden worden opgewekt met een onvergankelijk lichaam en zullen ook wij veranderen.’ (Uit 1 Korintiërs 15 uit de verzen 50-57 : 51-52)

Bron afbeelding: King James Bible Scipture Pictures

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

‘Nederlandse christenen kunnen nog wat leren’…

‘Of je het nu wilt of niet: Amerika is een gidsland’… *
* Is dat zelfs voor christelijke gemeenten/kerken onvermijdelijk?

Maar profeteert iedereen (van degene die deze gave hebben en de gelegenheid gegeven wordt, zie vers 29), dan zal een ongelovige buitenstaander door ieder die profeteert worden beoordeeld en terechtgewezen (vanwege van het geschreven Woord dat verkondigd en toegepast wordt, zie 1 Korintiërs 4 : 6 en Matteüs 18 : 18). Dan zal zo’n buitenstaander ontdekt worden aan wat hem of haar heimelijk beweegt – wanneer het licht van het verkondigde Evangelie daarover schijnt – en dan zal hij of zij zich ter aarde werpen (figuurlijk en misschien ook letterlijk), God aanbidden en belijden (vroeger of later): “Werkelijk, God is in jullie midden“.’
(Naar 1 Korintiërs 14 de verzen 24-25).

Geciteerd 1: Zeker, Nederlandse christenen kunnen van hun overzeese geloofsgenoten leren, zegt Segers (1). ‘Er is daar geen kerk zonder spandoek buiten, zonder een warm welkom.’ Amerikaanse kerken weten volgens hem dat een eerste indruk cruciaal is. ‘Ze weten dat het misschien de enige keer is dat iemand een voet over de drempel zet. En dat dat het begin kan zijn van een levensveranderende ervaring.’

Die gastvrijheid komt voort uit de Amerikaanse context van een land zonder staatskerk. ‘Elke kerk heeft iedere keer hard moeten werken om iedereen binnen te halen en binnen te houden. Dus er is ook veel marktwerking in religieus opzicht. Maar dat is ook gezond.’

Ook de sociale rol van kerken spreekt Segers aan. Door de kleinere verzorgingsstaat hebben veel kerken ‘heel veel diaconale projecten, veel sociale projecten’ opgezet. ‘Kerken gaan na: wat betekenen wij voor onze wijk en hoe kunnen wij een zegen zijn voor onze wijk?’

Opgemerkt 1a:De eerste indruk cruciaal‘. Zullen we toch maar wat meer vertrouwen hebben in Gods leiding en werk in iemands leven? Lees hoe Paulus zichzelf relativeert en hoe hij het niet nodig vind om toch vooral een ‘geweldige’ indruk te maken. Lees de brieven aan de Korintiërs, die daarover ook nog heel werelds dachten, er maar weer op na. Ook wij moeten oppassen dat we kerkleden van Christus’ gemeente niet tot slaven maken van de leiders van een lokale gemeente of kerk…
Opgemerkt 1b:Maar dat is ook gezond‘. Zullen we bij dit ‘hard moeten werken’ toch ook maar oppassen voor gemeentelijke/kerkelijke slavernij en mee ook n.a.v. de woorden van Paulus in 2 Korintiërs 11 : 19 en Galaten 4 : 17.
Opgemerkt 1c: ‘kerken gaan na…’: Overdenk hierbij ook de vorige opmerkingen en verwijzingen naar het onderwijs in de twee Korinthe-brieven..

Geciteerd 2: Een voorbeeld daarvan zag hij bij een presbyteriaanse kerk. Voordat Trump president werd, schreef die een brief aan de regering omdat ze zich zorgen maakte over de geslachtstransitie van tieners. ‘Het ging over 104 tieners in drie jaar in Amerika. Maar toen USAID met één pennenstreek geschrapt werd, zweeg de kerk. Terwijl daarmee 60 miljard hulp aan de allerarmsten wordt geblokkeerd, waardoor 1,6 miljoen mensen elders op de wereld zullen sterven.’
Kerken zwijgen omdat ze zijn verlamd door de angst voor interne verdeeldheid, ziet Segers. ‘Op de momenten dat je eigenlijk zou moeten spreken, ga je maar zwijgen.’
Voor Nederlandse kerken is dat een waarschuwing, zegt Segers. ‘Houd je waarden overeind.’ Kerken moeten volgens hem durven spreken in situaties van evident menselijk lijden, maar tegelijk oppassen niet te politiek te worden. ‘Het vraagt onderscheidingsvermogen om op het juiste moment het juiste te zeggen.’

Opgemerkt slot: Het vraagt onderscheidingsvermogen‘. Amen. Maar dat leren we niet van (het tekort daaraan in) de Amerikaanse kerken, maar Nederlandse christenen mogen dat dagelijks en wekelijks leren uit Gods Woord en ontvangen op het gebed waarbij we vragen om de liefde en de wijsheid van de Heilige Geest en dat kunnen/zullen we dagelijks doen met de eenvoudige woorden van het ‘Onze vader’. Een gebed dat vast en zeker verhoord wordt. Elke dag weer!

(1) Voormalig ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers bracht vijf maanden door in de Verenigde Staten en sprak er christenen. Zijn conclusie: er valt veel te leren, maar ook te vrezen.

Bron citaat: ND Geloof – ‘Gert-Jan Segers waarschuwt voor ‘weerzinwekkende’ politisering van het geloof in Amerika’ – door Maaike Legemaat

Kortom, geliefde broeders en zusters, wees standvastig en onwankelbaar in uw geloofsvertrouwen en zet je daarom altijd volledig in – niet als slaven, maar als vrije mensen** – voor het werk van de Heer, in het besef dat door de Heer (!) onze inspanningen nooit tevergeefs zijn.’ (Uit 1 Korintiërs 15 het slotvers 58).
** Zie Galaten 4 : 17-20.

Bron afbeelding: SlideServe

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Leren en onthouden we het dan nooit?

‘Jullie moeten uit ons voorbeeld leren: houd jullie aan wat geschreven is. Je mag jezelf niet belangrijk maken door de een te verheerlijken boven de ander.‘ (Uit 1 Korintiërs 4 vers 6)

Geciteerd: ‘Het was een zondag in april, in het jaar 2000, toen we een gewone theaterzaal binnen gingen. Met twee vrienden had ik een paar maanden door de Verenigde Staten gereisd en we sloten af met een weekend in New York. Daar werkte dominee Timothy Keller als predikant van de Redeemer Presbyterian Church.
In Nederland was hij nog amper bekend, in New York was hij enorm populair. Op zondag organiseerden ze meerdere diensten en vanwege Kellers populariteit werd er vooraf niet verteld in welke dienst hij zou voorgaan. Zouden wij hem te horen krijgen? Heel misschien zelfs kunnen spreken? Vol verwachting gingen we zitten.

Opgemerkt: Alleen al dit citaat moet ons doen beseffen dat we hier op een zeer afkeurenswaardig spoor zitten of worden gezet, tenminste wanneer we het onderwijs van Gods Woord serieus nemen. Je kunt dat weten op basis van het onderwijs in de eerste 4 hoofdstukken van de eerste Korinthebrief en dat van de laatste drie hoofdstukken van de tweede brief (en er is ook nog heel wat te vinden in de andere hoofstukken). De gemeenten hier in Nederland hebben allemaal Gods Woord ‘in huis’ en die predikanten zullen dat Evangelie in alle eenvoud aan de gemeenten hebben te brengen. Hoe wij het Evangelie zullen lezen en toepassen in onze tijd is helemaal niet afhankelijk van ‘geweldige’ mannen/predikers als Tim Keller (of wie we daar maar voor aan zouden willen wijzen). Hoe de hoorders het Evangelie zullen toepassen in de praktijk van het dagelijks bestaan, daarvoor zullen wij allen de Heilige Geest bevragen om liefde en wijsheid (zie o.a. Jakobus 1 : 5-8). Dit geldt zowel voor het persoonlijk leven in familie, huwelijk en gezin als voor hoe we als leden van Christus gemeente(n) met elkaar om zullen gaan (ook binnen het eigen kerkverband) en hoe we ons op het werk en in de samenleving en in de politiek zullen gedragen. De Heilige Geest wil daar iedereen op de eigen van God gegeven plek en de talenten/gaven die hem of haar geschonken zijn de nodige wijsheid voor geven. En dat zullen we elke dag weer gelovig aanvaarden en naar leven!
Hoeveel (ook synodale) ellende zullen we ons besparen wanneer we in de gemeenten van Jezus Christus zulk soort ‘mannetjesmakerij’ afleren!

Bron citaat: ND Geloof -‘Wat gebeurt er als je het werk van dominee Tim Keller in een chatbot stopt? ‘Mooi gezegd, Tim! Amen!’’ door Peter Knol.

Hij heeft zich voor ons gegeven om ons van alle zonden vrij te kopen, ons te reinigen en ons tot Zijn volk te maken, dat vol ijver is om het goede te doen. Gebruik het ambtelijk gezag dat je verleend is om dit te verkondigen, moedig aan en wijs terecht. Niemand mag op je neerzien.’ (Uit Titus 2 : 14-15)

Bron afbeelding: BiblePortal

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Waaraan gemeenten van onze Heer te (her)kennen zijn…

Dan weet je hoe men zich moet gedragen in het huis van God, dat wil zeggen de kerk (ecclesia, gemeente/gemeenschap) van onze levende Heer, fundament en pijler van de waarheid in deze wereld.‘ (Uit 1 Timoteüs 3 de vers 15)

[Over concilies (synodes) en kerken, 1539]

Geciteerd: In de eerste plaats kent men Gods volk, of het christelijke, heilige volk (1) daaraan, dat zij de prediking van Gods Woord heeft (aan haar is toevertrouwd door onze Heer). (…)
In de tweede plaats kent men Gods volk, of het christelijke, heilige volk aan het heilig sacrament van de doop, in zoverre het goed, volgens Christus’ instelling geleerd, geloofd en gebruikt wordt. Want dat is ook een openbaar teken en kostbaar geneesmiddel (2), waardoor Gods volk geheiligd wordt. Het is immers het heilig bad van de nieuwe geboorte door de Heilige Geest, waarin wij baden en door de Heilige Geest gewassen worden van zonde en dood, als in het onschuldige, heilige bloed van het Lam van God (zie Titus 3 : 5). Waar we dit teken zien, weet dan dat daar zeker de kerk of het heilige christelijke volk moet zijn. (3) Het mag ons ook niet in verwarring brengen wie de doper [of dienaar] is. De doop is niet van de doper – of van de dopeling die meent nu eindelijk recht op de doop (zijn/haar) verworven te hebben – maar wordt geschonken aan degene die gedoopt wordt (zie 1 Korintiërs 4 : 7!). Zoals ook het Woord van God niet van de prediker is (behalve dan in zoverre hij zelf ook altijd weer hoort en gelooft), maar aan de leerling die hoort en gelooft – aan hem of haar is het gegeven. (4)
In de derde plaats kent men Gods volk, of het christelijke, heilige volk aan het heilige sacrament van het avondmaal, in zoverre het goed, volgens Christus’ instelling uitgereikt, geloofd en ontvangen wordt. Want dat is ook een openbaar teken en kostbaar geneesmiddel door Christus ‘achtergelaten’, waardoor Zijn volk geheiligd wordt. Daarmee tonen en belijden we openlijk (naar elkaar) dat we Christus’ volk zijn en van Wie onze hoop en verwachting is in deze aan het kwaad en zinloosheid overgeven wereld (zie 1 Korintiërs 11 : 26!).
We hebben bij de viering van het Avondmaal niet te vragen of we man of vrouw zijn, jong of oud, net zomin als dat we naar dit alles bij de doop en de prediking vragen (zie o.a. 1 Timoteüs 4 : 11-16). Laat het ons maar om het even zijn hoe heilig (hier: hoe eerzaam en geacht, etc.) de dienaar die het uitreikt (in onze ogen) is. Want het sacrament is niet gegeven aan degene die het uitreikt, maar aan hem of haar aan wie het uitgereikt wordt. (5)
[Von den Konziliis und Kirchen, 1539, vgl. WA 50, 630, 21 – 631, 31 (verkort).

Opgemerkt: Wat een domper voor allen die zich zo uitgesloofd hebben om ‘hun kerk’ of ‘hun gemeente(n)’ boven alle andere kerken/gemeenten te verheffen (tot op concilies en synodes toe) voor wie en waarvoor bovengenoemde toch ook allemaal geldt. Lees er de kerkelijke bladen en websites en (vroeger en huidig) promotiemateriaal eens op na om te zien hoe (on)bescheiden wij hebben leren zijn en of en hoe wij op gemeentelijk/kerkelijk gebied de ander(en) beslist minder uitnemend verklaren dan ‘onszelf’ (als gemeente(n) en/of kerken) en hoe wij trots zijn (zie 1 Korintiërs 4 : 8!) op wat wij ervan gemaakt hebben en weten te maken…

(1) Apart gezet (door de doop geheiligd!) in deze wereld voor de verkondiging – met Woord en daad – van Gods mensenliefde en trouw aan heel Zijn schepping. Daar – voor dat apart zetten (‘heiligen’) hoeven we dus niets voor te doen, het wordt ons geschonken in een gemeente die door het werk van de Heilige Geest tot vandaag bewaard is bij het Woord – zie hierbij ook 1 Korintiërs 4 : 7!
(2) Met een geneesmiddel wacht je niet tot de zieke zelf ontdekt heeft dat hij ziek is. Zo genadig is onze Geneesheer, dat Hij niemand die in Zijn Ziekenhuis geboren wordt, laat wachten om eerst zelf te ontdekken waarom hij of zij daarin opgenomen is en leven mag tussen de andere zieken die dankbaar gebruikmaken van de geneesmiddelen die de Geneesheer daar uitdeelt (zonder deze ‘in rekening’ te brengen!).
(3) Laten de leden van synodes (en m.n. ook de huidige ‘kerkrechtelingen’* dit maar goed in de oren knopen).
(4) We kunnen hier beter toch maar over een gezamenlijk aan ons geschonken Woord en Doop blijven spreken. En zowel het geschonken Woord als Doop en Avondmaal zijn ‘geloofsstukken’* voor heel de gemeente.
* Deze term is van prof. dr. K.J. Popma (1903-1986).
(5) Zoals een geneesmiddel van onze Geneesheer nooit het eigendom wordt van de uitreikers (ambtsdragers) van de geneesmiddelen, want die hebben ze net zo hard nodig als al de anderen!

Leestip: 1 Korintiërs 4 (m.n. ook de verzen 7-8)

Bron citaat: ‘Maarten Luther – Mijn enige troost – 365 dagen met de HC’ – Meditatie bij Zondag 25 vraag 68: ‘Hoeveel Sacramenten heeft Christus in het Nieuwe Verbond of Testament ingezet’ – Samengesteld en vertaald door H.C. van Woerden sr. – Den Hertog uitgeverij (2015)

Wees waakzaam, volhardt in het geloof, wees moedig en sterk. Alles wat jullie doen, moeten jullie met liefde** doen.’ (Uit 1 Korintiërs 16 vers 13).
** De liefde zoals beschreven in 1 Korintiërs 13!

Bron afbeelding: Pinterest

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Over het ‘zeker weten’ van het geloof…

‘Zijn dan beide het (ons verkondigde!) Woord en de – door onze Heer aan Zijn gemeente(n) toevertrouwde – sacramenten (Doop en Avondmaal) daarheen gericht en daartoe verordend, dat zij ons geloof bij de offerande van Jezus Christus aan het kruis, als de enige grond van onze zaligheid bepalen?’ (1)

[Behandelde tekst Johannes 15 : 15)

Geciteerd: Christus zegt hier (in vers 15): ‘Ik zeg voortaan niet dat jullie knechten zijn, want de knecht weet niet wat zijn heer doet. Ik heb tegen jullie gezegd dat jullie vrienden zijn, want alles wat Ik van Mijn Vader gehoord heb, dat heb Ik jullie bekend gemaakt‘. (…)
Willen wij weten wat de Vader in de hemel wil en denkt? Dat weten jullie, want ‘dat heb Ik jullie bekend gemaakt.’
Daarom kan elke christen – op grond van het door de apostelen verkondigde Evangelie – vrijmoedig zeggen: Ik weet alles wat God wil en denkt, en er is voor mij niets verborgen, namelijk wat tot mijn zaligheid nodig is (2) (3). Wij weten dus heel goed (alles ‘wat nodig is’) wat Gods gedachten over ons zijn en hoe Zijn hart ten aanzien van ons gesteld is. (4)
Daarom, willen wij zeker weten wat God in de hemel over ons (mij) denkt, en of Hij ons (ook u/jou) genade wil bewijzen? Dan moeten we ons niet in een hoek(je) afzonderen (5) of dat door (veel) mediteren en het doen van goede werken gaan zoeken. Doe al deze dingen weg en luister alleen naar wat deze Christus in Zijn Woord en Evangelie zegt, want alles is aan Hem geopenbaard.
Daarom zegt Hij: ‘Ik ben door de Vader tot jullie gezonden, opdat Ik Mijn bloed voor jullie zou vergieten en voor jullie zou sterven (vgl. o.a. Lukas 22 : 20). Tot verzekering hiervan geef ik jullie als teken en zegel de Doop en het Avondmaal – en ik beveel jullie om dit te geloven. Daarin vinden jullie alles wat Ik weet en wat Ik van de Vader heb gehoord. (6)
Daaruit kunnen we met zekerheid concluderen dat de Vader niets anders denkt of met ons voor heeft, dan dat we Christus geloven – dan zullen wij zalig zijn. Want kijk nu eens hoe lief Hij ons heeft en wat voor vriendschap en heerlijkheid, vreugde, troost en vrede wij hebben door Christus, onze Heer. Die kunnen wij verder nergens anders (7) verkrijgen of ontvangen. In de hemel en op de aarde kunnen we die niet vinden: alleen in het verkondigde Woord en Doop en Avondmaal. Geen leraar en geen profeet, ook geen kerkvader, monnik of geestdrijver die zich daarnaar uitstrekt en met zijn gedachten opklimt, of een bijzondere, verborgen openbaring van God zoekt, kan dat (die zekerheid) verkrijgen of aan anderen schenken.
[Maarten Luther: Das XIV. und XV. Kapitel S. Johannis, 1537 (1538), WA 45, 696, 7-30]

(1) Naar vraag 67 van HC Zondag 25. Zie hierbij ook Kolossenzen 2 : 9-15!
(2) Namelijk geloof en dat geloof dat de Heilige Geest in ons werken wil door het trouw gebruik van de ons daartoe geschonken middelen en dat ontvangen we met en door het samenleven in een christelijke gemeente. De apostelen hebben dit Evangelie van ‘Jezus Christus en Die gekruisigd’ aan de hele wereld mogen verkondigen en zij doen dat nog altijd, overal waar het Evangelie verkondigd wordt. De gemeenten van onze Heer mogen dat iedere dag ‘uitleven’ (en daarmee ook voorleven en doorgeven) in hun levenspraktijk.
(3) Het Evangelie van Gods mensenliefde, zoals die gebleken is in en door het leven en sterven én de opstanding van onze Heer Jezus Christus (en onze wedergeboorte!) is zo eenvoudig dat Paulus die kon samenvatten met woorden zoals we die vinden in Titus 3 : 1-8. Hij wilde dat Titus die boodschap met overtuiging bracht. Moet ons dat niet helpen om het belang van allerlei ‘gereformeerde’ belijdenisgeschriften (w.o. de Dordtse leerregels) maar flink te relativeren!
(4) We zullen de boze daarbij niet in de kaart spelen met aan de gedoopte voor te houden: ‘Maar er is toch uitverkiezing’ en nog allerlei teksten uit Gods Woord (de boze bleek daar goed in toen Hij onze Heer aansprak in de woestijn) die daarvoor te gebruiken zijn en gebruikt worden om de eenvoudige gelovigen (w.o. de kinderen) in onzekerheid te brengen. Zie ook de woorden bij (3).
(5) Jezus wil dat we dat wel doen wanneer we gelovig ook persoonlijk tot onze hemelse Vader willen bidden (zie het gebedsonderwijs in Matteüs 6 : 5-14 en Lukas 11 : 1-13).
(6) Dus zul je dit niet voor jezelf of voor een ander tegenspreken en daarmee de Heilige Geest bedroeven en weerstaan.
(7 ) Zie 1 Timoteüs 3 : 14-16 en 4 : 11-16!

Bron citaat: ‘Maarten Luther – Mijn enige troost – 365 dagen met de HC’ – Meditatie bij Zondag 24 vraag 65: ‘Aangezien dan alleen het geloof ons Christus en al Zijn weldaden deelachtig maakt, vanwaar komt dat geloof?’ – Samengesteld en vertaald door H.C. van Woerden sr. – Den Hertog uitgeverij (2015)

Deze Boodschap is betrouwbaar. Ik wil dat je met overtuiging hierover spreekt, opdat zij die op God vertrouwen zich erop toeleggen het goede te doen.‘ (Uit Titus 3 : 8 )

Bron afbeelding: Facebook

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

‘In welke harten God Zich woning maken wil’…*

Welzalig is een mens die voortdurend diep ontzag heeft [voor de HEERE], maar wie zijn hart verhardt, valt in het kwaad.‘ (Uit Spreuken 28 : 14)

Geciteerd 1: De ene mens kan het hart van de andere mens niet kennen. Hij of zij kan niet weten of iemand gelooft of niet gelooft. Hoe kan ik weten of u of jij gelooft of niet gelooft dat Christus in uw/jouw plaats treedt en alles wat Hij heeft – zelfs Zijn bloed – aan u/jou geeft? Dat Hij tot u/jou zegt: ‘Kom onbevreesd [tot het Avondmaal], er is geen reden voor vrees, want al uw/jouw vijanden kunnen u/jou geen kwaad doen. Laat duivel, dood, zonde, hel en alle schepselen maar tegenover u/jou staan; als u/jij Mij hebt, kunnen zij niets tegenover u/jou beginnen. Vertrouw slechts op Mij en houdt u/je aan Mij vast, Ik zal u/jou door alles heen helpen.’
Wie dit gelooft (1), die behoort tot het Avondmaal te komen en ontvangt het sacrament waardig [=het tegenovergestelde van onwaardig, met een ongelovig hart], tot versterking, als een verzegeling of waarteken, waardoor hij/zij van de Goddelijke toezegging en belofte weer verzekerd wordt en is. (…)
Toch zullen we hier voorzichtig handelen en er geen algemene regel van maken: wanneer en hoe dikwijls men moet aangaan, ook niet dat iedereen zonder onderscheid tot het Avondmaal moet komen. Want zulke onuitsprekelijke schatten waarmee God ons heeft begenadigd, kunnen niet voor iedereen [nuttig] zijn, maar alleen voor hen die zich in aanvechting, vervolging en tegenspoed bevinden. Het maakt niet uit of het lichamelijk of geestelijk , uitwendig of inwendig, door de mensen of door de duivel is. Wanneer nu de duivel uw/jouw hart zwak, bevreesd en wanhopig maakt, als we niet meer weten hoe het tussen ons en God staat en Hij onze zonden ons voorhoudt en ons doet beven en sidderen, dan moeten we zien dat we deze kostbare schat deelachtig worden. Ja, wees zelfs verzekerd dat je de schat al hebt, want in zulke verschrikte en verslagen harten wil God wonen en rusten, zoals Jesaja en David zeggen (Jesaja 57 : 15 en Psalm 51 : 19). Want wie anders begeert een Beschermer, Bewaarder en Verdediger, dan die bevreesd is een aangevallen wordt en geen hulp van mensen verwachten kan. (2)

Geciteerd 2: Daarom, wil u of jij en wij de gaven van de Heilige Geest ontvangen? Dan moeten we voor alle dingen zulke gaven in de Naam van Jezus van de Vader bidden en ons ook vlijtig aan het Woord houden, aan onze Doop met ernst denken, namelijk wat God ons daar beloofd heeft en wat voor verbond Hij met ieder van ons heeft opgericht, daarbij ook voortdurend tot het avondmaal van onze Heer gaan (3) en de vrijspraak zoeken enzovoort. Want door de bediening van het Woord en Doop en Avondmaal wil de Heilige Geest in onze harten het nieuwe licht van het geloof ontsteken (4), zodat wij het Woord niet alleen zullen horen, maar ook steeds beter begrijpen (en toepassen, in praktijk brengen) en daardoor andere mensen worden met harten waarin Gods Geest Zich steeds meer woning maakt.

* Zie Openbaring 3 : 19-22.
(1) Het geloof mag zo klein zijn als wat, als het er maar is: Lukas 17 : 1-6!
(2) Denk hierbij ook aan de woorden van onze Heer over de gebedshouding en woorden van de biddende tollenaar in de tempel tegenover die van de Farizeeër, die daar ook altijd weer kwam om te danken en te bidden.
(3) 1 Korintiërs 11 : 26 – Avondmaal vieren is ook jezelf en elkaar het Evangelie voorhouden en verkondigen.
(4) Lees en overdenk Petrus woorden in 2 Petrus 1 : 12-21.

Zie ook deze blogs:
Hij zal komen om te oordelen de levenden en de doden‘ – ds. Bram Beute
Geef ons een klein geloof – Lukas 17 : 1-6‘ – preach-it-nl
Spreuken 28 overdacht‘ – kingcomments-com

Bron citaat: ‘Maarten Luther – Mijn enige troost – 365 dagen met de HC’ – Meditatie bij Zondag 25 vraag 65 en 66′ – Samengesteld en vertaald door H.C. van Woerden sr. – Den Hertog uitgeverij (2015)

Het is de Heer die over mij/ons oordeelt. Houd dus op met oordelen – en daarmee de één te verheffen boven de ander – en wacht de tijd af dat de Heer komt, omdat Hij het is die aan het licht zal brengen wat in het duister verborgen is en zal onthullen wat er in de harten van mensen omgaat. En dan zal God het zijn die ieder de lof geeft die hem of haar toekomt’ (1 Korintiërs 4 de verzen 4b-5).

Bron afbeelding: Zie afbeelding

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie