Het kan eigenlijk alleen op zondag…

Ik ben een Joodse man, geboren te Tarsus in Cilicië, maar opgevoed in deze stad en aan de voeten van Gamaliël op de meest nauwgezette wijze onderwezen in de wet van de vaderen, een ijveraar voor God zoals u heden allemaal bent.‘ (Uit Handelingen 22 vers 3)

Geciteerd 1: ‘Maar als je bij de kinderdoop hebt beloofd om je kind op te laten groeien in het christelijk geloof, dan vraagt dat ook offers.’

Opgemerkt 1: Dit is wat van ouders (1) gevraagd wordt: ‘U moet uzelf niet aanpassen aan deze wereld, maar veranderen door uw gezindheid te vernieuwen, om zo te ontdekken en weten wat God van u wil en wat goed en volmaakt en Hem welgevallig is.’ (2) (…) ‘Wees verheugd door de hoop die u hebt, wees standvastig wanneer u tegenspoed ondervindt, en bid onophoudelijk (persoonlijk, samen in huis en in de samenkomsten van de gemeente). Bekommer u om de noden van de heiligen en wees gastvrij. Zegen uw vervolgers; zegen hen, vervloek hen niet. Wees blij met wie zich verblijdt, heb verdriet met wie verdriet heeft. Wees eensgezind; wees niet hoogmoedig, maar zet u aan tot bescheidenheid. Ga niet af op uw eigen inzicht. vergeld geen kwaad met kwaad, maar probeer voor alle mensen het goede te doen. Stel voor zover het in uw macht ligt, alles in het werk om met alle mensen in vrede te leven.’ (…) ‘Laat u niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade door goed te doen.’
(Uit de leefregels voor een christen zoals te lezen in Romeinen 12).

(1) Mijn/onze ouders en grootouders hebben ons dat ook daadwerkelijk voorgeleefd en wijzelf hebben hen daarin ook weer nagevolgd!
(2) Dat zal alleen kunnen gebeuren wanneer we trouw en eerbiedig door het geloof al de middelen blijven gebruiken die God ons ter beschikking heeft gesteld. Thuis en samen met de gemeente in de samenkomsten en waar dat nog meer past.

Geciteerd 2: ‘Zijn we soms niet te makkelijk als christelijke ouders? Als ik kijk naar mijn eigen gemeente dan is het zoeken naar een moment waarop catechisatie überhaupt kan plaatsvinden. Het kan eigenlijk alleen op zondag want doordeweeks zijn alle tieners druk. Maar christen-zijn heeft ook consequenties voor je agenda.’

Opgemerkt 2: Maar dat is toch/juist helemaal niet (zo) erg dat het alleen op zondag (nog) zou kunnen! Breng daarvoor dan de tweede dienst weer in ere en zorg dat daar de catechismus-prediking is afgestemd op jong en oud. Dan brengen we in praktijk wat ons op de zondag zo past en wat we ook belijden met de woorden ‘Aan Uw voeten Heer, is de hoogste plaats‘.* Aan Zijn voeten zullen we dan leren verstaan (begrijpen, het weten toe te passen) wat onze ‘ware eredienst‘ is, zoals Paulus ons daartoe oproept in Romeinen 12. Dan leren we – als het goed is – ook inzien dat God niet van ons verwacht dat we door de week zo druk zijn met het optuigen van de ‘erediensten’ op zondagochtenden. Onze ware eredienst vindt buiten onze gemeentelijke samenkomsten plaats!
* Opwekking 462.

Bron citaat: ND Geloof – ‘Als je kind niet naar catechisatie wil. ‘Zijn we soms niet te makkelijk als christelijke ouders?’’ – door Linda Stelma

De Heer zei tegen Martha (die druk was met de zorg voor de gasten): “Martha, Martha, jij maakt je bezorgd en druk over veel dingen, maar weinig zijn nodig of slechts één; want Maria heeft het goede deel uitgekozen, dat van haar niet zal worden weggenomen”.’ (Uit Lukas 10 de verzen 41-42).

Bron afbeelding: Upside-Down Savior

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

“Het geloof komt eerst”…

Want wij zijn Zijn maaksel, geschapen in Christus Jezus tot goede werken, welke God voorbereid heeft, opdat wij in dezelve zouden wandelen.’ (Uit Efeziërs 2 vers 10, weergave SV)

Geciteerd: Jullie hebben dikwijls gehoord dat ik gezegd heb, dat het leven van een christen twee aspecten [lett.: stukken] heeft: in de eerste plaats het geloof, en in de tweede plaats komen de goede werken. Een gelovige moet dus rechtschapen zijn en ook uitwendig een goed leven leiden. Echter, het eerste aspect is het belangrijkste, dat is het geloof. Het tweede aspect, de goede werken, die op het geloof volgen, zijn nooit zo waardevol als het geloof. Hoewel toch de hele wereld de goede werken bewondert en die belangrijker vindt dan het geloof.

Natuurlijk, het is waar dat we goede werken zullen doen en ook het belang daarvan niet mogen verachten. Maar we moeten wel voorzichtig zijn dat we de goede werken niet zó hoog verheffen, dat het geloof en Christus op de tweede plaats komen. Als wij te hoog van de goede werken opgeven, dan worden deze de grootste afgodendienst die maar denkbaar is. Dit is gebeurd, zowel binnen als buiten de christenheid.

Sommige mensen geven de goede werken zo’n belangrijke plaats, dat zij het geloof in Christus over het hoofd zien. Zij preken erover en prijzen ook hun eigen goede werken aan eenieder aan. Dat doen zij dan in plaats van Gods werken. Geloof komt eerst! Nadat het geloof is gepredikt, dán pas zullen we ook over de goede werken spreken en onderwijzen. Zonder enig goed werk en vóór enig goed werk brengt het geloof ons in de hemel. Het is alleen door het geloof dat wij tot God komen.
[Maarten Luther: WA 47, 1, 16 – 2, 21 (A), verkort]

Opgemerkt 1 (AJ): het geloof dat een geschenk is van de Heilige Geest dat onze kinderen al ontvangen, zoals Maarten Luther dat ook beleden heeft omdat hij het geloof niet aan het (volwassen) verstand toeschreef, maar aan wat de Heilige Geest in mensenharten teweeg brengt.
Zie hierbij ook Psalm 8 : 3 en Matteüs 21 : 15-16.

Opgemerkt 2 (HvW): Hoewel dit op zich mogelijk in sommige gevallen waar kan zijn, heeft Luther goed geweten dat er vele tientallen miljoenen kinderen in Europa in die dagen als zuigeling waren gedoopt … zowel Protestant als Rooms-Katholiek… maar dat het geloof toch nog steeds een zeldzame zaak was.. waarvan acte.

Opgemerkt 3 (AJ): Dat lag niet aan de Heilige Geest, Die in kinderharten het geloof al werkte, maar juist aan de volwassenen en al hun redenen om de Heilige Geest te bedroeven en te weerstaan en daarmee de kleinen (w.o. de kinderen) te ergeren. Juist ook heel geestelijke mensen deden daar aan mee!

Lezen: Efeziërs 2:1-10 (Kerntekst vers 10)

Bron citaat: Wekelijkse toezending Luthercitaten – Maandag 1 september 2025

‘… omdat jullie geloof sterk groeit en jullie liefde voor elkaar groter wordt.
(Uit 2 Thessalonicenzen uit vers 5)

Bron afbeelding: Heartlight-org

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

…’wat een arrogantie en hoogmoed’…

Gelukkig is hij die zich niet schuldig voelt/weet over zijn eigen overtuiging…’ (Uit Romeinen 14)

Opgemerkt (Paul Dekerf): Beste Anthony, je uitspraak: “Klopt van geen kant! Je hebt Gods Woord niet aan je kant!” verdient een eerlijk antwoord. Zie, als Gods Woord werkelijk slechts als wapen gebruikt kon worden om anderen te overtuigen, zouden we allemaal blindelings jouw interpretatie moeten volgen. Maar dat is precies wat de Schrift niet leert.
Wie bepaalt eigenlijk dat jij Gods Woord “aan je kant” hebt? Is het de lengte van je preek, de kracht van je stellingname, of de ijdelheid van je overtuiging? Paulus schrijft immers in 2 Timotheüs 3:16: “Heel de Schrift is door God ingegeven en is nuttig om daarmee te onderwijzen, te weerleggen, te verbeteren en op te voeden in de rechtvaardigheid.”
Wanneer ik jou weerleg, zoals ik nu doe, breng ik niets anders tot uitvoering dan de bedoeling van het Woord zelf.

Opgemerkt (AJ): Al die woorden (en veroordelingen) van jou/jullie (zie jouw eerdere commentaar en ook de woorden van Henry Luth nog weer hier onderaan), die keren zich net zo goed tegen jezelf en jullie beiden. We dienen overtuigd te zijn van hoe we de Bijbel hebben te lezen en dan zullen we ons niet boos of bang laten maken door mensen met een andere overtuiging, ook als zij menen dat wij er (faliekant) naast zitten en je daarbij ook nog eens van alles laten beweren en je van alles toeschrijven (o.a. theater) zonder dat je je daarin, vanwege wat je zelf geschreven hebt en hoe je in deze discussie staat, herkennen kan.

Opgemerkt (Henry Luth): jij maakt er een potje van, jij bent toch echt zelf degene die Gods Woord verdraait en dus zekers niet aan je kant hebt. Paul de Kerf ziet het mijns inziens veel beter dan jij…..Heb meerdere reacties nu van jou gezien waarin je gewoon stellingen poneert waar je duidelijk de volgorde die de Bijbel weergeeft omdraait. Gods Woorden verdraaien, omdraaien? Dat is wat de duivel ook steeds doet….
Daarbij: Wat jij aan Paul schrijft, dat wat hij schrijft van geen kant klopt en hij Gods Woord NIET aan zijn kant zou hebben? Daarmee impliceer jij in feite dat slechts jou visie de enig juiste is en jij dus wel Gods Woord aan je kant hebt…..wat een arrogantie en hoogmoed🤮

Zie nu eens de feiten onder ogen! Wanneer iemand er zo van overtuigd is dat hij/zij Christus dient, moet hij/zij goed bedenken dat ook wij (1) dat doen.’ (Uit 2 Korintiërs 10 : 7)

(1) Niet alleen Paulus en zijn medewerkers, maar bijvoorbeeld ook die mensen, die naar hun overtuiging, op grond van Gods Woord, kinderen dopen en belijden dat ook aan hen vanwege dit ‘bad van de wedergeboorte’ (2) de Heilige Geest blijvend (3) geschonken is.
(2) Zie Titus 3 : 3-8.
(3) Zie 1 Johannes 2 : 23-29.

Zie ook deze blog: ‘God binden aan een menselijke handeling?’

Geliefde broeders en zusters, als ons hart ons niet aanklaagt, kunnen we ons vol vertrouwen tot God wenden en ontvangen we van Hem wat we maar vragen, omdat we ons aan Zijn geboden houden en doen wat Hij wil. Dit is Zijn gebod: dat we geloven in de naam van Zijn Zoon Jezus Christus en elkaar liefhebben, zoals Hij ons heeft opgedragen. Wie zich aan Zijn geboden houdt blijft in God, en God blijft in Hem. Dat Hij in ons blijft weten we door de Geest Die Hij ons geschonken heeft.’ (Uit 1 Johannes 3 de verzen 21-24).

Bron afbeelding: LinkedIn

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

G’d schiep de wereld ter wille van Israël?

Geciteerd 1: Ik neem u mee naar het eerste woord van de Bijbel in het boek Genesis. ‘In den beginne schiep G’d de hemel en aarde’. Zo leest u het in het Nederlands. In mijn Thora wordt voor de drie woorden ‘In den beginne’ maar één Hebreeuws woord gebruikt – ‘Bereesjiet’. Onze Schriftgeleerden leggen dit woord echter niet uit als ‘In den beginne’ maar als ‘Ter wille van het begin’.
Ter wille van het begin vond de schepping plaats? Wat voor een begin? Ondubbelzinnig wordt ons dit door deze geleerden voorgehouden. ‘Ter wille van G’ds openbaring worden hemel en aarde geschapen. Zijn Openbaring is het begin van alles. Dat is één duiding.
Maar nu ga ik het een beetje bont maken, met een tweede rabbijnse duiding van ‘het begin’. Deze vinden we in de Midrasj, de verhalende uitleg achter de Bijbelteksten. ‘Ter wille van Israël wordt de wereld geschapen’. Ja, u leest het goed. Volgens deze bron bestaat er maar één reden waarom G’d besloot om onze wereld te scheppen. En dat is vanwege Israël. Israël is ‘het begin’ van alles.

De Joodse apostel Paulus geciteerd:
‘Beeld van God, de onzichtbare, is Hij,
Eerstgeborene van heel de schepping:
in Hem is alles geschapen,
alles in de hemel en alles op aarde,
het zichtbare en het onzichtbare,
vorsten en heersers, machten en krachten,
alles is door Hem en voor Hem geschapen.
Hij bestaat vóór alles en alles bestaat in Hem.
Hij is het hoofd van het lichaam, de kerk.
Oorsprong is Hij,
Eerstgeborene van de doden,
om in alles de Eerste te zijn:
in Hem heeft heel de volheid willen wonen
en door Hem en voor Hem alles met zich willen verzoenen,
alles op aarde en alles in de hemel,
door vrede te brengen met Zijn bloed aan het kruis.’
(Uit Kolossenzen 1 : 12-20)

De Joodse apostel Johannes geciteerd 1:
‘Van Hem getuigde Johannes de Doper toen hij uitriep: “Die na mij komt is meer dan ik, want Hij was er vóór mij!”. Uit Zijn overvloed zijn wij allen met goedheid overstelpt. De wet is door Mozes gegeven, maar goedheid en waarheid zijn met Jezus Christus gekomen. Niemand heeft ooit God gezien, maar de enige Zoon, Die Zelf God is, die aan het hart van de Vader rust, heeft Hem doen kennen.’ (Uit Johannes 1 : 15-18)

De Joodse apostel Johannes geciteerd 2:
‘Dit is immers wat u vanaf het begin hebt horen verkondigen: dat we elkaar moeten liefhebben en niet moeten doen zoals Kaïn, die voortkwam uit hem die het kwaad zelf is, en zijn broer doodsloeg. En waarom sloeg hij hem dood? Omdat zijn eigen daden slecht waren en die van zijn broer rechtvaardig. Wees niet verbaasd, broeders en zusters, als de wereld u haat. Wij weten dat we van de dood zijn overgegaan naar het leven omdat we elkaar liefhebben. Wie niet liefheeft blijft in de dood. Iedereen die zijn broeder of zuster haat, is een moordenaar, en u weet dat een moordenaar het eeuwige leven niet blijvend in zich heeft. Wat liefde is, hebben we geleerd van Hem die zijn leven voor ons gegeven heeft. Daarom horen ook wij ons leven te geven voor onze broeders en zusters. Hoe kan Gods liefde in iemand blijven die meer dan genoeg heeft om van te bestaan, maar zijn hart sluit voor een broeder of zuster die hij gebrek ziet lijden?
Kinderen, we moeten niet liefhebben met de mond, met woorden, maar waarachtig, met daden. Dan weten we dat we voortkomen uit de waarheid en kunnen we met een gerust hart voor God staan. En zelfs als ons hart ons aanklaagt: God is groter dan ons hart, hij weet alles. Geliefde broeders en zusters, als ons hart ons niet aanklaagt, kunnen we ons vol vertrouwen tot God wenden en ontvangen we van hem wat we maar vragen, omdat we ons aan zijn geboden houden en doen wat hij wil. Dit is zijn gebod: dat we geloven in de naam van zijn Zoon Jezus Christus en elkaar liefhebben, zoals hij ons heeft opgedragen. Wie zich aan zijn geboden houdt blijft in God, en God blijft in hem. Dat Hij in ons blijft, weten we door de Geest die Hij ons heeft gegeven. (Uit 1 Johannes 3 : 11-24)

Bron citaat 1: ND Opinie – ‘Opeens zag ik waarom Israël zo belangrijk is en alle Nederlandse problemen opzij worden geschoven’ – Column van Lody van de Kamp (Rabbijn)

Bron afbeelding: Pinterest

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

God binden aan een menselijke handeling?

Jullie allen die door de Doop één met Christus bent geworden – opgenomen in Zijn dood én in Zijn opstanding – hebben jullie met Christus omkleed.’ (Uit Galaten 3 : 27)

Opgemerkt (Paul Dekerf): Hoort u uzelf spreken? U zegt dat de Doop een magisch werktuig is, een instrument waarmee God gedwongen zou worden Zich te verbinden aan een kind! Ik vraag u, ik roep u toe: waar staat dat in de Schrift? Waar zegt Christus dat een teken genade overbrengt zonder levend geloof? Waar schrijft Paulus dat rituelen meer zijn dan een getuigenis van gehoorzaamheid? Nee, Janse! Paulus waarschuwt ons: rituelen zonder een levend hart zijn leeg, hol als een trom (Kolossenzen 2:20-23)! Denkt u echt dat God gebonden kan worden aan een menselijke handeling? Denkt u echt dat een ritueel krachtiger is dan Zijn Woord?
(…) En ik zeg u nogmaals: wie de Doop verheft boven het levende geloof, maakt van het teken een schijn en van Gods genade een masker! Maar wie de Doop ziet zoals Christus het bedoelde – als teken van gehoorzaamheid, als getuigenis van geloof, als gemeenschap met Hem – die wandelt in het licht, en God wordt verheerlijkt door hart en daad!
Kiest u voor de ceremoniële schijn, of voor het levende Woord? Kiest u voor de angst van menselijke dreiging, of voor de vrijheid van Gods Geest? Kiest u wijs, want de tijd is kort! Het Woord is duidelijk: de levende God wacht niet op rituelen, maar op harten die Hem werkelijk volgen!

Antwoord 1: Wat laat deze broeder Paul Dekerf mij toch dingen beweren die ik niet heb gezegd. Maakt zijn betoog er niet geloofwaardiger op! Toch zal ik nog weer proberen hem te helpen mijn verstaan van de Schrift, en wat ik daarover daadwerkelijk gezegd heb en te zeggen heb, uit mijn woorden te vernemen.

Antwoord 2: Wanneer wij in Christus gemeente onze kinderen willen/durven opvoeden bij het Woord van God, dan dienen zij net als al die zuigeling-dopelingen waarover we horen in het boek Handelingen gedoopt te zijn. De apostelen durfden dat op grond van Christus opdracht ook. Zij vroegen niet van die mensen, die na een verkondiging van ‘Christus en Die gekruisigd’ door Paulus (of een andere apostel of een van hun medewerkers), de oproep om zich te laten dopen opdat ze de Heilige Geest zouden ontvangen, eerst nog vooraf te laten gaan door een langere tijd van catechese. Nee, zij mochten weten dat een dopeling de Heilige Geest zou ontvangen en dat niet vanwege hun verstandige besluit, niet vanwege de overtuigende verkondiging, niet omdat ze al begrepen wat ‘bekering’ voor hen zou inhouden nu ze door de doop ingelijfd werden/waren bij de gemeente van Jezus Christus, niet omdat ze door de Heilige Geest direct al in staat werden gesteld om geestelijk te denken (zie 1 Korintiërs 3 : 1-4), maar omdat God Zelf Zich verbonden heeft aan de Doop, zoals Hij die aan Zijn apostelen bevolen had en zoals zij die weer mochten doorgeven aan de gemeenten om daar mee door te gaan. De bediening van Woord en sacramenten Doop en Avondmaal werden aan de gestichte gemeenten toevertrouwd. Dus de apostelen en later de voorgangers en oudsten in de gemeenten gebruikten bij het dopen van kinderen de Doop niet als een werktuig om God te ‘dwingen’ Zich te verbinden aan een kind, maar zij doopten nieuwe leden (w.o. kinderen) in opdracht van God en dat zonder een verstands/wilsbeslissing grondleggend te vinden. Alleen de Heilige Geest kan hart en verstand openen en de dopeling gewillig maken om Jezus te volgen. En de Heilige Geest gebruikt daarvoor het onderwijs van Gods Woord, zoals dat in die eerste/vroege gemeenten vooral (of alleen) tijdens de samenkomsten gelezen en verkondigd werd. Zie voor het bewijs 1 Timoteüs 3 : 11-16, waar te lezen valt dat wanneer een voorganger dat werk trouw doet, hij daarmee zowel zichzelf, als de gedoopte gemeente die naar hem luistert, redt. Wanneer ze dat werk niet meer doen of wanneer de gemeente verzuimt om naar de samenkomsten te gaan, dan onttrekken ze zich aan het werk van de Geest en horen ze/we dat Christus hen niet langer welgezind is (vgl. Hebreeën 10 : 32-39).

Antwoord 3: Wij lezen in de brieven van Paulus aan de Korintiërs dat deze gang van zaken voor een aantal van hen helemaal niet aanvaardbaar was. Kon je zomaar al die dopelingen rekenen tot de gemeente van Jezus Christus. Ze keken daarom neer op Paulus, die stelde dat dit toch wel het geval was (1 Korintiërs 3). Die mensen accepteerden dat echter niet en maakten zich tot koningen (zie 1 Korintiërs 4 : 6-8), die heel wat van en over zichzelf te vertellen hadden. Later zal Paulus daarom zelfs een boekje moeten opendoen over wat hij de gemeente voor bijzonders vertellen kan, maar vreemd genoeg gaat hij het eerst en vooral over allerlei zwakheden en vernederingen hebben voordat hij toekomt aan spreken in tongen en bijzondere visioenen, maar laat hij dan weten, dat ik me tot deze dwaasheid verlaag, dat komt door die ‘geweldige apostelen’ van jullie. Later schrijft Johannes in zijn eerste brief in het tweede hoofdstuk ook over zulke mensen (in zijn geval gnostici), die ook meenden dat er eerst veel meer gekend en geweten en ervaren moest zijn voor je jezelf een waar kind van God kon noemen. Maar Johannes schrijft: Jullie zalving (met de Heilige Geest) is vast en zeker (door jullie Doop) en blijvend, jullie hebben wat dat betreft geen leraren nodig om te weten dat de Heilige Geest (en niet die hoogmoedige leraren) jullie zal leiden in de Waarheid, wanneer je blijft bij/onder het onderwijs van de (OT) profeten en de apostelen.

Opgemerkt slot: Waarom plaatste onze Heer een kind in het midden van Zijn discipelen toen zij aan het twisten waren over wie van hen wel de meeste was in het koninkrijk van de hemel? Omdat een kind nog niets van en over zichzelf te vertellen heeft (wat het burgerschap van het koninkrijk van de hemel betreft), maar helemaal moet afgaan op wat hem of haar door anderen daarover onderwezen wordt. En dat onderwijs over het burgerschap van de hemel, dat is onderwezen worden in Gods waarheid. En dan zegt onze Heer: zoals dat kind zullen jullie moeten worden willen jullie er binnengaan. Onze Heer geeft ons dus geen enkele reden om de kinderen in Zijn gemeente hun de Doop te onthouden.

Dus wie in Christus Jezus zijn, worden niet meer veroordeeld.‘ (…) ‘Wie zich door zijn eigen wil laat leiden, kan God niet behagen. Maar jullie leven niet zo. Jullie (dopelingen, oud en jong) laten jullie leiden door de Geest, want de Geest van God woont in jullie. Iemand die zich niet laat leiden door de Geest van Christus behoort Christus ook niet toe. Als Christus echter in jullie leeft, zijn jullie door de zonde weliswaar nog altijd sterfelijk, maar de Geest schenkt jullie leven, omdat jullie door God – in Jezus Christus! – als rechtvaardigen zijn aangenomen. Want als de Geest van Hem Die Jezus uit de dood heeft opgewekt in jullie woont, zal Hij Die Christus heeft opgewekt ook jullie die sterfelijk zijn, levend maken door Zijn Geest Die in jullie leeft.* ‘ (Uit Romeinen 8 vers 1 en de verzen 8-11)
* Paulus zet er niet bij: Deze woorden hier gelden natuurlijk nog niet voor onze kinderen/jongeren die nog niet gedoopt zijn, die moeten nog wachten tot ze ook gedoopt willen worden, dan pas worden deze woorden ook van toepassing op hen.

Bron afbeelding: Heartlight-org

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

‘Want in de vreugde die de HEER ons geeft, ligt onze kracht’…

… ‘maak een feestmaal klaar‘ … (Uit Nehemia 8 uit vers 10)

“De Levieten (1) lazen het boek met de wet van God duidelijk voor en gaven er uitleg bij: zo verschaften zij inzicht in het gelezene.
Nehemia – hij was de landvoogd – Ezra, de priester en schrijver, en de Levieten die het volk uitleg gaven, zeiden tegen iedereen: “Deze dag is gewijd aan de HEER, uw God; rouw dus niet, en huil niet!” Het hele volk was namelijk in tranen uitgebarsten toen het de woorden van de wet hoorde. Ezra zei tegen hen: “Maak een feestmaal klaar met lekker eten en drinken en deel ervan uit (2) aan wie niets heeft, want deze dag is gewijd aan onze Heer. Wees niet bedroefd, want in de vreugde die de HEER ons geeft, ligt onze kracht. De Levieten maanden het volk tot stilte. Ze zeiden: ‘Wees stil, dit is een heilige dag, wees dus niet bedroefd.’
Toen ging iedereen eten en drinken. Ze deelden alles met elkaar en maakten er een vrolijk feest van. Ze hadden namelijk begrepen wat hen was verteld.’ (3)

(1) Merk op dat het hier nog de Levieten zijn – en niet een ‘selecte’ groep van Wetgeleerden en Farizeeën – die het volk onderwijzen.
(2) Alles wat wij hebben (in bezit kregen aan gezondheid, goederen en geestelijke gaven) ontvingen we van onze God en Hij wil dat we daarvan uitdelen, ook in die zin zullen/mogen wij in deze wereld zijn ‘als Jezus’ (zie o.a. Johannes 8 : 37-39, 1 Korintiërs 4 : 7 en de verzen uit 1 Johannes 4 : 16-21).
(3) Wanneer we Gods Woord – het Evangelie! – begrepen hebben, dan zullen vreugde, dankbaarheid, barmhartigheid en vergevingsgezindheid en medelijden en mededeelzaamheid ons leven stempelen. En dat niet uit eigen kracht!

N.a.v. lezen in Nehemia met Dag in dag uit 2025.

En wij hebben de liefde die God tot ons heeft, gekend en geloofd. God is liefde en wie in de liefde blijft, blijft in God, en God in hem. Hierin is de liefde bij ons volmaakt geworden, opdat wij vrijmoedigheid mogen hebben op de dag van het oordeel. Want zoals Hij is, zijn ook wij in deze wereld. Er is in de liefde geen vrees, maar de volmaakte liefde drijft de vrees uit. De vrees houdt immers straf in, en wie vreest, is niet volmaakt in de liefde. Wij hebben Hem lief, omdat Hij ons eerst liefgehad heeft.
Als iemand zou zeggen: Ik heb God lief, en hij zou zijn broeder haten, dan is hij een leugenaar. Want wie zijn broeder, die hij ziet, niet liefheeft, hoe kan hij God liefhebben, Die hij niet gezien heeft? En dit gebod hebben wij van Hem, dat wie God liefheeft, ook zijn broeder moet liefhebben
.’ (Uit 1 Johannes 4 de verzen 16-21)

Bron afbeelding: Knowing Jesus

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

De vreugde van het samen Bijbellezen in een gedoopt gezin…

‘Wees de Rots waarop wij wonen,
waar wij altijd heen kunnen gaan.
U hebt onze redding bevolen.
Onze Rots en onze Burcht, dat bent U’
(Naar Psalm 71 vers 3)

Opgemerkt: Wij konden en kunnen met onze gedoopte kinderen Kolossenzen 2 : 11-15 en 3 : 1-4 zó met elkaar lezen en het Evangelie in die woorden op ons allemaal van toepassing achten: ‘In Hem zijn wij (meervoud, wij en onze gedoopte kinderen) ook besneden, niet door mensenhanden – zoals indertijd de Joodse jongetjes na acht dagen – maar met de besnijdenis van Christus. Toen je (en wij allemaal hier in ons gezin) gedoopt werd, werd je immers met Hem begraven, en met Hem zijn we ook tot leven gewekt, omdat wij (hier bij ons thuis allemaal) geloven in de kracht van God Die Hém uit de dood heeft opgewekt. Wij waren dood door onze zonden en onze onbesneden staat, maar God heeft ons samen met Christus levend gemaakt toen Hij ons al onze zonden kwijtschold. Hij heeft het document met voorschriften waarin wij werden aangeklaagd (de Wet van Mozes) uitgewist en vernietigd door deze aan het kruis te nagelen (daar waren wij toe niet bij, maar dat geldt dus voor ons allemaal). Hij heeft Zich ontdaan van de machte en krachten, Hij heeft hen openlijk te schande gemaakt en in Christus over hen getriomfeerd. (…) Wanneer wij dus met Christus opgewekt zijn uit de dood, dan behoren we te streven naar wat boven is, waar Christus, onze Heer, zit aan de rechterhand van God. Laten we ons daarom allemaal richten op wat boven is, niet wat op de aarde is. We zijn immers allemaal gestorven, en ons leven ligt met Christus verborgen in God. En wanneer Christus, óns leven, verschijnt, zullen wij allen, samen met Hem in luister verschijnen.’

En ook: Hij is het Hoofd van het Lichaam de Kerk (de ‘Ecclesia’, waar wij allemaal ook bij ‘ingelijfd’ zijn door de Doop). Oorsprong is Hij, Eerstgeborene van de doden, om in alles de Eerste te zijn: in Hem heeft de Volheid willen wonen en door Hem en voor Hem alles met Zich willen verzoenen, alles op aarde en alles in de hemel door vrede te brengen met Zijn bloed aan het kruis. Eerst waren wij van Hem vervreemd en waren wij Hem in al het kwaad wat we deden vijandig gezind (zie ook Titus 3 : 3), maar nu heeft Hij ons door de dood van Zijn aardse lichaam met Zich verzoend om ons heilig en onberispelijk bij Zich te brengen. Maar dan moeten we blijven geloven, onwrikbaar gegrondvest zijn in de hoop die het Evangelie ons brengt, dat ook wij gehoord hebben en dat aan alle schepselen onder de hemel verkondigd is, en waarvan de apostel Paulus een dienaar is geweest, ook tot ons heil. (Uit Kolossenzen 1 : 18-23)

> Leestip: Psalm 71.

N.a.v. pleidooien voor alleen het dopen van volwassenen door Henry Luth en Paul Dekerf.

Als wij delen in Zijn dood, zullen we ook delen in Zijn opstanding.’
(Uit Romeinen 6 vers 5)

Bron afbeelding: Knowing Jesus

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Kinderlijke ontvankelijkheid – een kado van God! *

Hij riep een kind bij zich, zette het in hun midden en zei: “Ik verzeker jullie: als je niet verandert en (ontvankelijk) wordt als een kind, dan zul je het Koninkrijk van de hemel zeker niet binnengaan.”‘ (Uit Matteüs 18 uit de verzen 1-8 : 2-3)

Bij Lydia lezen we wel heel duidelijk dat Gód haar een kado gaf: Hij opende haar hart – ze was zich dat niet bewust, maar de Heilige Geest heeft het voor ons laten optekenen – en daarom wilde ze op aanraden van de apostelen zich laten dopen om de Heilige Geest te mogen ontvangen. En dat kado van God – een door de Geest ontvankelijk gemaakt hart – mocht ze (verder) gaan (laten!) openen en leren gebruiken. Allereerst door zich te laten dopen en door voortaan trouw te gaan samenleven in een gemeente van onze Heer Jezus Christus en door juist ook daar gebruik te maken van de middelen die onze Heer daarvoor (voor een blijvend ontvankelijk hart!) heeft ingesteld.
Voor de kinderen in de gemeente van Jezus Christus ligt en gaat het niet anders. God stelt hun kinderlijke ontvankelijkheid – een kado van God en ook door de Geest geschonken en gewerkt! – ons (gevorderde) gelovigen zelfs ten voorbeeld! En onze kinderen worden gedoopt opdat ook zij de Heilige Geest zullen ontvangen in het midden van Christus’ gemeente en vanwege het samenleven daar. Door daar ook trouw ‘de middelen’ te gebruiken zullen ze gaan groeien in hun geloof.

* Onze kinderen zijn ‘van nature’ geen nestvlieders en daar zullen we niet minachtend over doen! Langs die weg wil God Zijn kinderen opvoeden bij het geloof. Ze moeten niet eerst door ons tot onafhankelijke kinderen opgevoed worden, die dan later zelfstandig en vanuit eigen verstand en ervaring zullen moeten beslissen of ze de Waarheid zullen aanvaarden of niet. Ze zullen juist altijd weer – dankbaar voor de kinderlijke ontvankelijkheid die God hen schonk en gebruiken wilde – zich openstellen en beschikbaar stellen voor het werk dat de Heilige Geest door het gebruik van ‘de middelen’ in hun leven begon en ook wil blijven doen. En dat dus ook bij alle strijd en moeite en struikelen en vallen, want ons eigen ‘vlees’, de wereld en de boze laten kinderen van God niet ‘ongemoeid’! Ze zullen alle zeilen moeten bijzetten om het werk dat de Geest in hun leven wil doen voortgang te laten vinden. En dat kan alleen door trouw en eerbiedig volhardend in het Lichaam van Christus de middelen te blijven ontvangen en gebruiken.

Paulus en Silas verlieten de gevangenis en gingen naar het huis van Lydia, waar ze de gelovigen aantroffen. Na hen bemoedigend te hebben toegesproken, vertrokken ze uit Filippi (vanwege het verzoek van de stadsbestuurders).’ (Uit Handelingen 16 vers 40)

Geliefde broeders en zusters in Filippi, leef in overeenstemming met het Evangelie, zodat ik kan horen en straks zelf kan zien, dat jullie één van Geest zijn en ook samen voor het geloof in het Evangelie strijden. Laat je op geen enkele manier door jullie tegenstanders angst aanjagen, want dat is een teken van God: voor hen dat ze ten onder gaan, voor jullie dat jullie worden gered. Aan jullie is de genade geschonken niet alleen in Christus te geloven, maar ook omwille van Hem te lijden. Jullie voeren dezelfde strijd die jullie mij vroeger hebben zien voeren en die ik, zoals jullie horen, nog steeds voer.‘ (Uit Filippenzen 1 de verzen 27-30)

Bron afbeelding: Do Not Depart

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Het wordt ons heel druk gemaakt in ons hoofd…

Vraag om de vrede van Jeruzalem: Dat rust hebben wie van je houden, dat vrede heerst binnen je muren en rust binnen je vesting.’ (Uit Psalm 122 de verzen 6-7)
* Zie Psalm 87 : 5-7.

Geciteerd: Aan boord van marineschepen heb je, net als bij de kapper, een heuse leesmap. Niet zo uitgebreid helaas: de bemanning mag hun voorkeur opgeven voor drie tijdschriften. Aan boord van mijn eigen schepen (mijnenjagers) zijn dat de Power Unlimited (voor de game-fanaten, en die zijn er veel aan boord), de AutoVisie (het zuurverdiende geld moet ergens aan op) en de Panorama (hetzij voor de journalistiek danwel voor de vrouwenposter in het midden). De rest van het nieuws wordt geput uit de televisiejournaals, Nu.nl, en (niet in de laatste plaats) een grote hoeveelheid websites en sociale media.

Een collega-geestelijk verzorger bij de marine vertelde me laatst dat we, als het aankomt op prikkels en informatie, eigenlijk zeven levens leven. Met andere woorden: de informatie en de verhalen die we als mens te verstouwen krijgen, is de laatste jaren verzevenvoudigd. Onze grootouders hadden het in die zin veel makkelijker. Rustiger vooral. Dat is nu compleet anders: Gaza, Rode-Lijn-trekkers, Oekraïne, Soedan, het klimaat, Trump, Ajax, en dáárnaast nog eens je gezin, je huwelijk, je werk en je geloof. Het wordt heel druk in ons hoofd.

Te veel informatie en prikkels putten je uit en stompen je af. En niemand vraagt van je om over alles een gedegen mening over te hebben. Kies. Selecteer. Pak aan wat je aan wilt pakken. Maak ruimte in je hoofd. Een krant, een papieren versie bij voorkeur, kan zo maar eens het begin zijn.

Opgemerkt: Een rustige zondag met samenkomsten van de (eigen, je bekende) gemeente, waar rust (over)heerst en waar je gelegenheid geschonken wordt om je te concentreren op wat je hoort en zingt en op wat er ontvangen wordt door de bediening van Gods Woord en de sacramenten (Doop en Avondmaal), en met dan verder ook op de zondag de rust om dat te verwerken – onze hersenen doen dat zonder dat we ons dat bewust zijn, wanneer we ze er de rust/gelegenheid voor geven – en om je daar ook op te bezinnen, daarover mag je Gods zegen vragen en ook vragen om de liefde en de wijsheid om, van dat wat ontvangen werd, ook weer te mogen delen met anderen, de betreffende zondag al (o.a. in je gezin of met familie en vrienden) en ook later in de nieuwe week.

NB. Laat de tv, op zondagmiddag en avond, met de topsport en andere zaken waar de wereld zich mee vermaken moet, dus maar niet de verdere zondag (na de ochtenddienst) vullen en bepalen!

Bron citaten: Petrus Magazine – ‘Mijd het nieuws niet, doseer het wel’ – Column Sjoerd Muller (vlootpredikant bij de Koninklijke Marine)

‘Om mijn verwanten en vrienden**
zeg ik: “Vrede zij in jou”
Om het huis van de HEER***, onze God,
wens ik je al het goede.’
(Uit Psalm 122 de verzen 8-9)
** Zie de woorden van onze Heer in Matteüs 12 : 46-50
*** Zie de woorden van Paulus in 1 Korintiërs 3 : 16-23.

Bron afbeelding: A Reason for Hope with Don Patterson

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie

Over terugkeren en Iemand (daarmee) de rug toekeren…

Dit zei God, de HEER, de Heilige van Israël: ‘In rust en inkeer ligt jullie redding, in geduld en vertrouwen ligt jullie kracht.’ (Uit Jesaja 30 vers 15)

Geciteerd 1: Voortdurend vermeerdert koning Salomo het aantal strijdwagens en ruiters. Daarvoor heeft hij uiteraard paarden nodig – en dus moet hij in Egypte zijn. Opvallend dat dit heel concreet benoemd wordt in Deuteronomium 17 : 16. Ook het gevolg van deze uitbouw van het bezit aan (destijds) indrukwekkend wapentuig wordt ontdekkend beschreven. Salomo’s handelaren trekken naar Egypte om daar op de markten de beste paarden aan te schaffen.

Deze weg naar Egypte is Israël ooit in omgekeerde richting gegaan. De Heere had Israël juist uit Egypte geleid. Uitgerekend dit woord ‘uitgeleid’ wordt in 1 Koningen 10 : 28-29 gebruikt in verband met deze paarden. Terwijl Israël nooit meer mocht terugkeren, noemt de schrijver met profetische kracht dit terugkeren als waarschuwing zoals we daarover lezen in Deuteronomium.

In de oren van Israël klinkt het woord ‘terugkeren’ geladen. Heel de Schrift roept Israël (en ons) op om terug te keren tot de Heere. Nu laat Salomo zijn handelaren terugkeren naar Egypte. Hoewel Israël in de jaren van Salomo een groot en onafhankelijk land geworden was – onder Gods genade en zegen -, wordt hier nu een indirecte afhankelijkheid van Egypte gecreëerd.

Zo brengt Salomo zijn volk (beter: Gods volk) weer onder de invloedsfeer van Egypte. Had de Heere hen dan voor niets bevrijd? Salomo stond bekend als messiaanse koning van zijn tijd, maar kon aan deze roeping niet beantwoorden. Aan een ezel heeft hij niet genoeg…

Geciteerd 2: Verdrietig als je tot je laat doordringen hoe het toch kan dat een (eerst) diepgelovige koning zo in verval raakt met zijn leven met God. De goden van welvaart en genot, macht en pracht weten alleen het duistere antwoord.
De wijze Salomo is/blijkt – net zo goed als veel anderen – ook een kind van zijn tijd en raakt met duizend banden (mee door zijn ‘huwelijken’) gebonden aan zijn cultuur. Achter dit verval zit echter ook een diepere wens van het volk om een koning te hebben zoals de andere volken: een alleenheerser met alle pracht en praal en luister waarmee gepronkt kan worden. (1)
Salomo merkt dit op en wil aan dat verlangen beantwoorden. Maar het raadsel van zijn eigen arglistige hart heeft hij niet kunnen ontrafelen. Hij verliest zijn (op Gods Woord gefundeerde) wijsheid, zijn status en zijn eer (als beeld van de Messiaanse Koning). Verliest deze ‘Jedidja’ (‘lieveling van de Heer’, 2 Samuël 12 : 25) ook zijn behoud? Daarover lezen we geen woord. Wat ons resteert is de spiegel die ons wordt voorgehouden…

(1) Is dat niet ook altijd weer het verlangen binnen veel kerken/kerkgemeenschappen? Voorgangers (w.o. theologen) te hebben die in de kerkwereld en daarbuiten veel indruk weten te maken en daardoor veel mensen naar hun kerk(en)/megakerk(en) weten te trekken?

Geciteerd slot: Toen de Israëlieten in het beloofde land kwamen merkten ze dat de Kanaänieten ijzeren wagens hadden, die bespannen waren met paarden. Jozua kreeg opdracht om de wagens van de overwonnen vijanden te verbranden en de paarden te verlammen, zodat ze niet meer bruikbaar waren in de strijd. Ook in de tijd van de Richteren (hoofdstuk 5:22) lezen we dat er strijdwagens met paarden werden gebruikt in de oorlog.
Het lijkt wel of men paarden in die tijd speciaal uit Egypte haalde. Want God had de Israëlieten verboden om naar Egypte te gaan om van daaruit paarden te importeren (Deut. 17:16). En ook in hetzelfde vers beval God dat een toekomstige koning niet veel paarden mocht hebben. Het zal ook een schok voor David zijn geweest toen hij vernam dat Absalom gebruik maakte van paarden (2 Samuel 15:1). En hetzelfde gebeurde later bij de staatsgreep van Adonia.

Leestip: Jesaja 30 : 15-21.

Bron citaten 1-2: De Waarheidsvriend 34/35, 21 augustus 2025 – ‘De oude Salomo (2, slot)’ – door ds. J. Snaterse.
Bron slotcitaat: https://www.onderwijsenisrael.nl/land-van-de-bijbel/dieren/paard

Korte tijd later kocht Absalom een wagen met paarden. Ook nam hij vijftig mannen in dienst om hem te beschermen.’ (Uit 2 Samuël 15 vers 1)

Bron afbeelding: Bible Art

Geplaatst in Geen categorie | Plaats een reactie