Je (opnieuw) een slavenbestaan laten aanmeten?

Voorwaar, voorwaar, ik zeg u: wie niet opnieuw geboren wordt, kan het koninkrijk van God niet zien.’ (Uit Johannes 3 uit de verzen 1-13 : 3)

Geciteerd: Deze woorden doen grote afbreuk aan goede werken en het tweede deel van de leer: de verkondiging van goede werken. Dit betekent niet dat Christus werken volledig verwerpt, want ook die zijn prijzenswaardig; maar ze moeten binnen hun voorgeschreven kader en sfeer blijven.

Vergeleken met de leer die ik nu bespreek, namelijk geloof en wedergeboorte, zijn ze zeer onbeduidend. Ze kunnen een mens niet naar de hemel brengen of hem zo ver brengen dat hij ernaar verlangt de hemel te aanschouwen of het eeuwige leven binnen te gaan. Nee, men moet opnieuw geboren worden. Zonder deze wedergeboorte kan er geen lidmaatschap van de Kerk zijn. Deze woorden van Christus zijn helder en duidelijk. Nicodemus is vroom genoeg; hij is rijk aan goede werken, en nu vernedert hij zichzelf en komt tot de Heer Christus. Annas en Kajafas zouden dit niet hebben gedaan.

Nicodemus belijdt dat Christus een leraar van de waarheid is. Toch zegt de Heer tegen hem: “Uw nederigheid en vroomheid betekenen niets, en u zult de hemel niet binnengaan tenzij u wedergeboren wordt.” Hier staat geschreven: “U moet wedergeboren worden.” Dit komt neer op zeggen: “Nu bent u dood, met al uw werken, gedrag en leven. U bent verdoemd en waardeloos met uw schijnheilige en farizeïsche rechtvaardigheid.”

Laat ik het illustreren. Een kind dat over twee jaar geboren zal worden, bestaat nog niet. Op dit moment is het meisje dat het kind zal dragen en baren nog ongehuwd. Het kind dat uit haar geboren zal worden, is niets en kan niets doen. Iedereen moet erkennen dat men niets kan doen totdat men leven heeft. Daarom zijn alle werken, hoe kostbaar en goed ze ook mogen zijn, absoluut niets waard als ze vóór de wedergeboorte worden verricht; ze zijn niets dan zonde en dood. Bijgevolg oordeelt de Heer Christus dat Nicodemus en alle Farizeeën – ja, het hele Joodse volk dat Christus niet aanvaardt en niet in Hem gelooft – helemaal niets waard zijn; want zij zijn nog niet wedergeboren.

Als dit waar is, wat moeten we dan denken van degenen die werken verrichten die veel minderwaardig zijn aan die van Nicodemus, zoals de monniken, de nonnen en alle katholieken, wier werken in het niet vallen vergeleken met die van hem? Ook zij zijn niet in staat goede werken te verrichten, omdat ze niet wedergeboren zijn. Hoewel ze de mensen belasten met vele zogenaamd goede en waardevolle werken, is het toch tevergeefs. Dit wil niet zeggen dat we goede werken veroordelen; integendeel, we stellen dat de mens eerst geschikt gemaakt en wedergeboren moet worden voordat hij in staat is goede werken te verrichten.”

[Dr. Martin Luthers Werke (Weimarer Ausgabe) WA 46, 541 e.v. – (vertaling gebruikt: Luthers Works, American Edition, Concordia Publishing House, vol. 22, p. 277/278 e.v.)]

Opgemerkt 1: Zou onze Heer Jezus bedoeld hebben dat Nicodemus nu eerst maar eens moet gaan zitten wachten op zijn wedergeboorte of zou Hij hem de raad hebben gegeven om zich te laten dopen door een van Zijn discipelen? Of had hij zich misschien al laten dopen door Johannes de Doper? Lukas legt een duidelijk verband tussen je (nederig) hebben laten dopen door Johannes de Doper en het aanvaarden van Jezus Christus als van God gezonden – zie Lukas 7 : 29-30.

Opgemerkt 2: Zouden die gedoopte monniken en nonnen werkelijk geen goede werken hebben kunnen verrichten omdat ze (blijkbaar allemaal nog) niet wedergeboren waren? Of kunnen zelfs ook wedergeborenen het ware (‘Bijbelse’) zicht op wat goede werken zijn kwijtraken door een verkeerde kerkleer. Waarom hameren de apostelen toch zo op goed onderwijs en blijven bij de ‘gezonde’ leer? Is dat niet juist omdat ook wedergeborenen het juiste (‘Bijbelse’) zicht op wat goede werken zijn en waarom we goede werken doen en welke goede werken we zullen doen kunnen kwijtraken of nooit aangeleerd krijgen. Want de Doop is toch het bad der wedergeboorte en de Heilige Geest wordt ons vast en zeker beloofd, maar wanneer we dan toch allerlei mensenwijsheid en mensenleer in de kerk de boventoon laten voeren, dan worden veel schapen en lammetjes misleid , maar dat wil nog niet zeggen dat de Goede Herder ze verloren laat gaan – zie o.a. Matteüs 18 : 1-14.

Zie ook deze vervolg blog:Jullie nemen ons getuigenis niet aan…

Bron citaat: maartenluther-com – Engelstalig Luthercitaat van 1 april 2026 – ‘Luther’s sermons on the gospel of st. John (50)’

Jullie zijn (door jullie Doop, zie Galaten 3 : 27-29) geen slaven meer, jullie zijn kinderen van God en als zijn kinderen zijn jullie erfgenamen door de wil van God. Toen jullie God nog niet kenden, waren jullie onderworpen aan goden die helemaal geen goden zijn. Hoe is het dan toch mogelijk dat jullie die God hebben leren kennen, meer nog, door God gekend bent, jullie je opnieuw tot die zwakke, armzalige machten wenden en jullie daaraan als slaven onderwerpen wilt. Jullie houden je – inmiddels, m.n. vanwege bepaalde leidende figuren in de gemeente (zie Galaten 4 : 16-20 en 5 : 7-12) – werkelijk aan vaste feestdagen, maanden, seizoenen en jaren? Ik vrees dat al mijn inspanningen voor jullie volkomen zinloos zijn geweest. (Uit Galaten 4 uit de verzen 4-20 : 7-11)

Bron afbeelding: Biblia-com

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Plaats een reactie