Redenen genoeg om te wanhopen en te vertwijfelen…

Want een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven, en de heerschappij is op Zijn schouder. En men noemt Zijn Naam: Wonderlijk, Raad, Kracht, sterke God, Vader der eeuwigheid, Vredevorst.’ (Uit Jesaja 9:5, weergave SV)

Geciteerd: Denk er slechts aan hoeveel sterkte en kracht dit Kind en deze Zoon in Zich verborgen heeft. Als Hij niet meer dan een mens zou zijn, dan had Hij zelfs niet één mens met zijn zondelast kunnen dragen. Want de zonde en de daaropvolgende dood is voor de mens te zwaar en geheel niet te dragen. Nu echter zegt Jesaja duidelijk: ‘Dit Kind draagt niet slechts één mens, maar Hij draagt Zijn hele heerschappij op Zijn schouder.’

Dat is wat Johannes ook zegt: ‘Hij draagt de zonden der gehele wereld’ (o.a. 1 Johannes 2:2). Dat houdt in dat dit Kind ook eeuwig God is, anders moest Hij deze last wel laten liggen. Er is immers geen enkel mens – zoals de ondervinding wel leert – die zich vrij heeft kunnen maken van de zonde of zichzelf heeft kunnen beschermen tegen de dood, laat staan dat hij dit voor anderen heeft kunnen doen.

Dat alles zou vol troost zijn als wij dit maar in ons hart zouden kunnen inprenten en vast konden geloven. Want dat wij zondaren zijn, kunnen wij niet ontkennen; daarom hebben wij ook redenen genoeg om te wanhopen en te vertwijfelen. (1) Maar wat is onze troost? Niets anders dan dat God dit zalige Kind aan óns heeft gegeven en deze Zoon voor óns heeft laten geboren worden.

Hij zal Zijn heerschappij – dat is: Hij zal ons, arme mensen die wij zijn, niet laten dwalen, maar zal ons opzoeken en tot Gods genade en tot Gods Rijk dragen. Dat wil zeggen: Hij zal ons tot het eeuwige leven dragen. Met deze ‘Drager’ zullen wij ons vertroosten en daarbij God voor deze genade danken. Wij zullen Hem ook bidden dat Hij ons in dit geloof voor eeuwig zal behouden, zoals Hij ook graag wil doen.”
[Maarten Luther: Ein Predigt auf den heiligen Christtag, 1533, Druck Hauspostille 1544, WA 52, 582, 21‑38]

(1) De dichters van de boetpsalmen en de ook woorden van de profeten zijn ons geschonken om ons te doen weten en beseffen dat zelfs (en juist) de meest geliefde kinderen van Hem deze wanhoop en vertwijfeling hebben gekend.

Leestip: Psalm 25 en 40.

Bron citaat: http://www.maartenluther-com – “Profetie over de komende Messias” (1)” – Wekelijks toegezonden Luthercitaat van maandag 1 december 2025

‘Uw gerechtigheid* verberg ik niet diep in mijn hart,
Uw waarheid en Uw heil verkondig ik.
Uw goedertierenheid en Uw trouw
verzwijg ik niet in de grote gemeente.’
(Uit Psalm 40 vers 11)
* Wij hebben/hoeven niets bijzonders over onszelf te vertellen, maar wel over onze Heer en Heiland! (Zie o.a. 2 Korintiërs 10 : 12- 18 en 11-12)

Bron afbeelding: Bible Quotes (in.pinterest-com)

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Plaats een reactie