De enige vraag die zeker wel mag/zal gesteld worden*…

Laten we opmerkzaam blijven en elkaar aansporen lief te hebben en goed te doen, en in plaats van weg te blijven van onze samenkomsten, zoals sommigen doen, elkaar juist bemoedigen, en dat des te meer naarmate jullie de dag van Zijn komst zien naderen.’ (Uit Hebreeën 10 de verzen 24-25)

* Tijdens een huisbezoek:
Bent u trouw in het bezoeken van de samenkomsten en het aangaan bij het Avondmaal?

Geciteerd: Uiteindelijk komt het maar op één, heel radicale, vraag aan. Die stelde de Heere Jezus aan Petrus: „Hebt gij Mij lief?” Als ambtsdrager neem ik die vraag vaak mee tijdens huisbezoeken. Het is een heel confronterende tekst. Het is ja of nee; als iemand het niet weet, betekent dat ook nee.”

De Heer zei tegen haar: “Martha, Martha, je bent zo bezorgd en je maakt je veel te druk. Er is maar één ding noodzakelijk. Maria heeft het beste deel gekozen en dat zal niet van haar worden afgenomen.‘ (Uit Lukas 10 de verzen 41-42)

Opgemerkt 1a: Maarten Luther zei het op deze manier (en ik herhaal het hier nog maar weer eens): Onze eredienst is dat we Gods weldaden (gelovig en dankbaar) aannemen. En die weldaden zijn dat God ons als Zijn kinderen liefheeft in Christus Jezus onze Heer en dat Hij ons onderwijzen wil en levenskracht geven door de Heilige Geest, Die daarvoor de bediening van Gods Woord en de sacramenten (Doop en Avondmaal) gebruikt. Dát is Gods ‘dienstwerk’ aan ons (1) dat wij als dankbare kinderen altijd weer mogen en zullen ontvangen om ons ‘dienstwerk’ – en dat is het dankbaar liefhebben van God boven alles door onze naasten lief te hebben als onszelf, en dat dus in navolging van onze Heer! (2) – te kunnen verrichten. We zullen altijd weer goed beseffen dat God onze dank- en lofliederen (als onze ‘eredienst’ aan Hem) niet eens wil aanhoren en aannemen (3) wanneer wij onze dankbare ‘ware eredienst’ niet trouw weten te verrichten (door verwijtbaar gebrek aan ‘know how’ en Geestkracht vanwege onze invulling van en/of verzuim bij de samenkomsten).

(1) Onze Heer kwam en komt tot ons om te dienen, niet om gediend te worden! En wij zullen leren hoe Hem daarin na te volgen.
(2) Onze ‘ware eredienst’ – zie Romeinen 12.
(3) Zie o.a. Psalm 50.

Opgemerkt 1b: Wat heeft de boze een grote slag geslagen door na de reformatie de blije dankbaarheid van Gods kinderen (4) weer weg te nemen en daar de ‘bevindelijke twijfelzucht’ voor in de plaats te stellen. In plaats van dat Gods gedoopte (gezalfde!) kinderen met de dichter Psalm 23 (leren) belijden ‘Mij ontbreekt niets‘, wil men ze eerst leren belijden dat hen alles ontbreekt, in de hoop dat ze dan gaan verlangen om nog eens – op grond van allerlei bevindingen – zichzelf als kinderen van God te kunnen zien/aanvaarden. M.n. door de wetsprediking en een wettisch samenleven zou bij hen dat verlangen gewekt moeten worden. Maar de wetsprediking kan ons alleen tot nut zijn wanneer wij ons kinderen van God weten door het geloof. Het werk van God wordt in de gemeente op z’n hoogst (sterkst) weerstaan wanneer we niet meer beamen dat voor alle leden van Christus gemeente – jong én oud, van baby tot grijsaard – al God beloften ‘ja en amen’ zijn in Christus Jezus, onze Heer. Hij spreekt in Zijn gemeente niet ja en nee tegelijk (zie 2 Korintiërs 1: 18-22). En daarom behoren alle leden van Christus gemeente gedoopt te zijn of alsnog gedoopt te worden. Of men moet willens en wetens God weigeren te geloven op Zijn Woord, alsof God liegen zou!

(4) Zie het belijden van Gods Woord in Zondag 1 van de Heidelbergse Catechismus.

Geciteerd 2: ‘Als het goed gaat, moet je dat vieren. Maar waar niets helpt, moet je op zoek gaan naar andere oplossingen,’ zegt Jacobs. Zij is niet de enige die het idee oppert om de zondagsdiensten te heroverwegen. Ook landsbisschop Ralf Meister, bracht het heeft al eens naar voren. Hij sprak van een ‘geloofwaardigheidscrisis in de klassieke vormen’.

Opgemerkt 2: We zien in de gemeenten/kerken nu ook nog gebeuren dat daar de ‘universitair geschoolden’ de lager/HBO geschoolden geen (gelijkwaardige) plaats gunnen als ‘klassiek gemeente-predikant’ in een gemeente en aan de andere kant zien we dat ‘HBO geschoolden’ soms ook geen plaats ambiëren als ‘klassiek gemeente-predikant. Zo wordt van twee kanten ‘gemorreld’ aan het beschikbare zijn/komen van gemeente-predikanten. Wat men daarvoor in de plaats meent te kunnen/moeten stellen is het organiseren van gemeentewerk buiten de ‘klassieke samenkomsten’ om. Van dat gebeuren moeten we echter zeggen: Als God de lampenstandaard van een gemeente ergens wegneemt, dan organiseren wij er heus geen oplossing omheen, hoe groot de toeloop naar de door ons georganiseerde bijeenkomstplekken ook mag zijn. Christus gemeente wordt alleen opgebouwd en tot navolging gebracht door de eenvoudige bediening van Gods Woord en de Sacramenten in eenvoudige bijeenkomsten van de gedoopte leden van de gemeente (waar bezoekers zeker ook altijd welkom zijn!). Zo is het vanaf de eerste gemeenten de gewoonte geweest en door de apostelen ingesteld. Lees er de brieven aan Timoteüs en Titus maar op na.

Zie ook deze (vorige) blog: ‘Een koninklijke en eeuwige gerechtigheid…

Bron citaat 1: RD Zomergesprek – ‘Ik zou graag met ds. Hellenbroek van gedachten gewisseld hebben – Roelof Bisschop (voormalig Tweede Kamerlid voor de SGP)
Bron citaat 2: ND Geloof – ‘De zondagsdienst afschaffen? Duitsland speelt met het idee. ‘Als schoktherapie is er niets mis mee’’ – door Laura Dijkhuizen.

In afwachting van mijn komst moet je je toeleggen op het voorlezen uit de Schrift, op de prediking en het onderricht.’ (…) ‘Richt je hierop, maak het je eigen, zodat voor iedereen duidelijk wordt dat je vorderingen maakt. Neem je in acht, houd je aan de leer en blijf dat doen, dan red je zowel jezelf als hen die naar je luisteren.‘ (Uit 1 Timoteüs 4 uit de verzen 11-16)

Bron afbeelding: Praises and Phrases

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Plaats een reactie