‘In uw hand leg ik mijn leven,
HEER, trouwe God, U verlost mij.
Wie armzalige goden vereren – ik haat ze,
Ik vertrouw op de HEER.’
(Uit Psalm 31 de verzen 6-7)
Opgemerkt 1: Dankbaar voor de Woordverkondiging en ook voor wat de predikant liet zingen in de dienst van vanochtend (zondagochtend, 30 juli, NGK, JFC-Barneveld), waar ds. Arie Reitsema (emeritus) ons Gods Woord verkondigde uit Psalm 73. We horen in deze Psalm een psalmdichter, die eerlijk durfde bekennen dat hij in zijn leven als gelovige in dienst van God – en dat nog wel in de functie van zangmeester (koorleider) van David – een moeilijke strijd had moeten voeren om op de goede weg te blijven en om door zijn manier van doen en laten (w.o. spreken en zwijgen) geen verraad te plegen aan de (ware) ‘kinderen van God’, die in hun leven ook wel een vergelijkbaar soort strijd te voeren hadden of hebben (al overkomt dat niet iedereen in gelijke mate). Hij was een Leviet (behoorde dus tot de priesters) en wordt (o.a) in ook als profeet genoemd (zie Matteüs 13 vers 34, waar Psalm 78 wordt geciteerd).
Wat me vanochtend bij het zingen van Psalm 16 in de berijming van Psalmen voor Nu, opviel, dat is dat de eerlijke schuldbelijdenis van David (onberijmd vinden we die in de verzen 3-4) in de betreffende berijming juist helemaal ontbreekt. We zingen met die berijming:
‘De mensen hebben andere idolen
En wringen zich voor hen in honderd bochten
Maar dat zal ik nooit doen. En zelfs hun naam niet noemen.’
Wel moet hierbij dan ook (eerlijkheidshalve) vermeld worden, dat we die schuldbelijdenis ook niet ‘horen’ in de berijmingen van 1773 en 1967. Toch wel opvallend vind ik!
Opgemerkt 2: Maar daarom wil ik voor die schuldbelijdenis in deze Psalm – en het belang daarvan, dat we die óók overnemen in onze berijmingen en in ons zingen én ook in onze manier van leven als kinderen van de levende God – hier nog wat extra aandacht vragen, want juist de woorden van deze Psalm hebben in 2014 (het jaar waarin ook weer het WK-voetbal werd gespeeld) een bijzondere rol gespeeld in mijn verwerping door echtgenote en kinderen. Want ik heb in die voetbalmaanden (wedstrijden Nederland van 13 juni t/m zondag 12 juli) – waar wij voorafgaand in maart ons 35-jarig huwelijksjubileum samen met onze kinderen dankbaar en ook feestelijk hebben gevierd – in ons gezin (toen nog weer) aandacht gevraagd voor wat wij met de woorden van Psalm 16 belijden en daarbij ook gevraagd hoe zich dat verhoudt tot de aandacht en tijd voor het Nederlandse topvoetbal (zelfs op zondag op bezoek bij ons tijdens het eten wilde de kinderen de wedstrijden nog zien en op zondagavond de nabeschouwingen) en de gekte zoals die ontstaat rondom het topvoetbal van het WK. Op zondagmiddag 12 juli (wedstrijd Nederland-Brazilië) gingen wij ook mee voetbal kijken bij een van de kinderen, waar ook alle andere kinderen aanwezig waren en waarbij ze vrijwel allemaal zich op de een of andere manier in het oranje hadden gestoken en de kleinkinderen ook met die kleur geschminkt waren. Vanwege die wedstrijd zouden wij de tweede dienst (van onze gemeente) missen en tijdens de wedstrijd was er zoveel opwinding en kabaal, dat ik het toch nodig vond om er na de wedstrijd daar nog even op te wijzen. Was het dát allemaal waard op zondag?
Opgemerkt 3: Het zijn zonder meer (beslist!) mijn woorden en opstelling tegenover het Nederlandse en het WK-topvoetbal en de hele geldwereld (die daarbij een hoofdrol speelt) geweest, die in die maanden van 2014 zoveel kwaad bloed hebben gezet, dat een broeder (met wie ik over dit onderwerp ook uitgebreid sprak in een gesprekswandeling, begin mei 2014) na dit gesprek op een ijzige manier afstand van mij nam (hij was het niet met me eens en meende zelfs mij een verbod op te moeten leggen om met de kinderen hierover nog te communiceren! (1)) en die even later mij nog meer meende te moeten vernederen, door mijn ootmoedige en vriendelijke bedankbrief (2) af te wijzen. Deze afwijzing was er de oorzaak van dat Yvonne alle normale contact met mij in huis verbrak (ze wilde zelfs niet meer met mij Bijbellezen en bidden) en dat de kinderen hierin hun moeder (en deze broeder) alle gelijk gaven, hun vader ‘lieten vallen’ en kozen voor de opstelling van die ‘(al)wijze broeder’ en hun moeder. En alhoewel die broeder goed op de hoogte was en bleef van de gevolgen van zijn opstelling en afwijzing, heeft hij geen enkele moeite gedaan om deze broeder van hem, in zijn positie van ‘zwakte en gevaar’, in ere te herstellen, maar hij heeft juist alle moeite gedaan om die broeder nog verder ‘af te branden’. En dat terwijl deze broeder zelf onbedreigd (t.a.v. eigen huwelijk en gezin en ‘huis en haard’ en ere bij broeders en zusters) altijd weer zijn eigen ‘vrije gang’ kon en mocht gaan, zelfs nog toen hij zijn huis openstelde om daar een (werkelijk absurde) ‘huwelijksdwangbrief’ op te stellen tegen zijn broeder, werd hij daarin nóg niet tegengesproken en weerhouden door ‘het pastoraat’ van onze gemeente. Maar die hadden – vonden ze – zelf ook nog een ‘appeltje te schillen’ met deze broeder…
(1) De jongste van onze in 2014 nog thuiswonende kinderen was 21 jaar en de één na jongste 26 en ik sprak dus met en tot allemaal volwassen kinderen!
(2) Vanwege het ‘ijzige afscheid’ geschreven om hem en zijn echtgenote te bedanken voor hun (manier van) bijdragen aan het herstel van ondergetekende in periode(n) van mentale/geestelijke moeite/strijd (aanvechtingen!). Zie hierbij ook het PS onder de afbeelding.
Opgemerkt slot: Zie hierbij ook deze blog: ‘Overleven en over léven in de kerk(en)…‘
Leestip: Psalm 31.
‘Getrouwen van de HEER, heb Hem lief.
De HEER behoedt de standvastigen,
voorgoed rekent Hij af met de hoogmoedigen.
Allen die jullie hoop vestigen op de HEER:
wees sterk en houd moed.
(Uit Psalm 31 de verzen 24-25)
Bron afbeelding: Pictorem-com
PS. Wat dat anderen bedanken betreft zou ik in 2014-2015 vooral/veel(m)eer de volgende mensen hebben willen/zullen bedanken:
- De dame van reïntegratie kantoor die voor het UWV samen met mij het reïntegratie plan opstelde en wat ik in goede en prettige samenspraak met haar in de jaren 2011-2013 ten uitvoer bracht en dat ook naar beider (volle) tevredenheid tot een afronding werd gebracht. Mee dankzij haar inzet kreeg ik gelegenheid om drie basiscursussen op administratief gebied te volgen en rondde deze ook alle drie af met een examen waarbij het diploma werd behaald.
- De bedrijfsleider van een Tuincentrum in Amersfoort die in zijn bedrijf altijd een plek had voor mensen die weer op gang moesten komen en waar ik twee dagen in de week terecht kon.
- De bedrijfsleidster van de Biologische Tuinderij de Elzenkamp in Voorthuizen waar ik alle gelegenheid kreeg om in eigen tempo bezig te zijn en weer naar huis te kunnen gaan als het (me weer) genoeg was geweest.
De GGZ-afdeling in Amersfoort waar ik terecht kon voor het leren werken met bepaalde software-pakketten (o.a. Photoshop). - Stichting Parousie in Scherpenzeel waar ik gelegenheid kreeg één middag in de week bewoners te begeleiden bij het op een laptop (leren) werken met Word, Email en Excel.
- De bedrijfsleiders van Streetseniors die mij eind 2013 een betaalde aanstelling gaven als fondswerver voor Bartimeüs.
- De leden van de Zendingscommisie in Kampen die mij in februari 2014 accepteerden als lid van deze commissie en mij de taak gaven om de website (Mayibongwe) te beheren en uit te bouwen.
- De teamleidster van het Vluchtelingenwerk (Anja Schutrupp), die mij medio 2015 gelegenheid gaf om als taal-assisent en als spreekuurmedewerker aan de slag te gaan bij het Vluchtelingenwerk in Barneveld. Dat heb ik tot de corona-uitbraak graag en met veel plezier – ook met de teamleden en stagiaires – mogen doen.
- De teamleiding van Automaatje in Barneveld die mij in 2015 gelegenheid gaven om als vrijwillig chauffeur voor Automaatje ritten te gaan rijden voor (m.n.) oudere mensen in Barneveld en omgeving.
- De teamleiding van Domus+ Batelaar (Leger des Heils) die mij als vrijwillig chauffeur ritten lieten rijden (m.n. met de volkswagenbus of soms een kleine Skoda ‘Up’) voor bewoners van deze instelling.
- Daarnaast heb ik veel goeds ondervonden van het lidmaatschap (gestart in januari 2014) van mannenkoor Euterpe (Voorthuizen) op aanraden van broeder Fred de Vries en door mee te doen (vanaf 2012) in de schilderclub (in Lunteren) onder leiding van schilderdocent Richard Eek.